Wat en hoe ...
| Wat en hoe ... | |
De ochtend is weer grandioos. Het licht ademt flou artistique. De daken berijmd. De auto's aangevroren. Ik moet niet krabben. De buurvrouw studeert piano. Geen ochtend zonder noten. In mijn brievenbus zit een mailtje. Mijn geliefde sloot de nacht af met woorden. Machines en mensen. Zij hield ze in leven. Nu mag ze slapen in de armen van de ochtend. Terwijl ik ronddwaal in woorden. La vie en rose, een exuberant sjiek tijdschrift. Een interview met Ellen Vogel, grote dame, Nederlandse actrice. Monsieur Hawarden. Is ze nog altijd een beetje. Soms wordt een actrice een rol. Ik citeer : "De oude Grieken zijn voor mij absoluut de kenners van de menselijke ziel, ze schrapen over de bodem ervan. Men zegt dan maar die rare goden. Ik zeg die goden zijn de waan van de dag, dat moet je vertalen in wat de mensen doen, dàt zijn de goden. Vorm is de passie én de beheersing van die passie." Hier voel ik me thuis. In het eeuwige dilemma: vorm en inhoud. Ik kies voor de vorm. Het "hoe". Want het "wat" is onveranderlijk hetzelfde. Het is de vorm die het "wat" uniek en eigentijds maakt. En vertaalt naar vandaag. Verstaanbaar. Waarin verschillen jij en ik? Leven en dood. Alpha en omega. En het "wat" ligt daartussen. Enkel het "hoe" begrijpen we. Ruusbroec en Beatrijs. Ook zij schreven over "dood en liefde". Mystiek of werelds. In en taal die we zelfs niet meer kunnen lezen. Mijn buurvrouw vertrekt. Zonder te krabben. Ze is te laat, vrees ik. Zij oefende te lang het "wat" op de piano. Want het "hoe" wil ze perfectioneren. | |

