Naar de inhoud

Blauwe brieven

Voor m'n poëzie kan je terecht bij Pp. Naam van het Weblog: Ik kan niet schrijven zoals jij leest ...
akke.beakke.be

Berichten van 3 juli 2006 tot 9 juli 2006

Papavers bloeien blauw ...


Papavers bloeien blauw ...





Beste lezer,


Je zal je mondhoeken krullen, je wenkbrauwen optrekken, je voorhoofd rimpelen ...
Al naargelang de lichaamstaal die je spreekt. En ik zal je begrijpen.
Want jij denkt vanuit de armoede van je overvloed (*). De vanzelfsprekendheid.
Ik schrijf je vanuit de soberheid van het gemis en de rijkdom van het verlangen.


Een leeg kopje. Het blijft daar staan.
Zonder nut. Zonder reden.  Voor een buitenstaander.
Voor een toevallige passant zelfs hinderlijk slordig. Een getuige van luiheid.
Misschien zelfs een bewijs van gebrek aan hygiëne.
Maar toch laat ik het daar onaangetast op tafel. Geledigd en gevuld.

Voor mij staat er meer dan een kopje.
Binnenin bruingedroogd als gebarsten aarde.
Buiten blank als een lelie. Ovaal als een krimpende maan.

Het bewaart geduldig een herinnering. Aan de avond voordien.
Als ik passeer dan zie ik iemand zitten. Een beeld.
Geraakt door vingers. Gekust door een mond.
Een vol kopje zonder koffie.






Pp








(*) Voetnoot.
Beste lezer, mijn woorden zijn geen vakbondsafgevaardigden van de Waarheid.
Lees hen bijgevolg nooit als een aanklacht, een bezetting of staking van gedachten.
Ik tracht alleen woorden als papavers te vinden. Ik durf ze zelfs geen klaprozen te noemen.
Ze staan daar gewoon langs de kant van mijn leven. Mooi te wezen.
Clochards de luxe. Tot iemand ze bekijkt ... en mee naar huis neemt...


Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door uvi - un voyageur immobile om 22:01 Reageer op dit bericht Stuur door

Ochtendgestamel.




Ochtendgestamel.

Heb jij je nooit afgevraagd waarvan het komt?
Die onbewingbare dwang om geruisloze gedachten in je hoofd
om te zetten tot gedrukte letters. Vertalende vingers. Visuele transcendentie.

Vastgeklonken op papier. Als gevangenen. Blauwwit plunje.
Woorden zichtbaar geboren. Ze liggen daar weerloos.
Te kijk voor iedere vreemde lezer.
Gluren naar gedachten van een ander. Voyeur. Zomaar. Gratuit.

Dat dacht ik vanmorgen toen ik begon aan een nieuwe turf

van Sándor Márai: "Kentering van een huwelijk".
Wat een titel.  Zo vol als een boek. Zo leeg als de eenzaamheid.

Geef toe, nooit zoiets in je eigen hoofd gedacht? Zo'n titel bijvoorbeeld.
En hoe zag je dat dan?

Waarom schrijf ik "zag"? Kun je 'zien' in je "gedachten"? Of 'hoor' jij ze?
Ik kan je gedachten lezen. Tja, soms zegt men dat wel.
Als je lichaam taal spreekt. Als een open boek. Zelfs in kleur. Rood worden.

Geloof me, het is soms moeilijk wonen in mijn hoofd.
Als je door dit soort gedachten al geplaagd wordt op een slaperige ochtend.
Confrontatie van die denker en die schrijver op de harde schijf
van z'n hersenen.

Ik wens jullie een rustige dag. In je hoofd.


Uvi

en

Pp
petit penseur



Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door uvi - un voyageur immobile om 09:43 Reageer op dit bericht Stuur door

De geur van gisteren






Gesloten?
Toch nog even het gordijntje weg schuiven ...






De pen van gisteren in de inktpot van vandaag.

Er zijn ouderen die blijven kleven aan het verleden.
De geur van gisteren. Ze ruiken een beetje naar heimwee.
Hun gedachten gedrapeerd over "toen".

'Vroeger' is hun houvast, hun credo en hun bijbel.
'Later' kan enkel bestaan uit de schaduw van wat ooit was.
De religie van de nostalgie. Herinnering waarin het steeds herfst is.

Zelf tracht ik 'het' eerder te laten inslapen.
Ik ben een priester van het heden. Vandaag is mijn tabernakel.
Zonder het altaar van het verleden te vergeten.

Dàt ondervind ik bij het schrijven, maar ook bij het lezen.
Een auteur van de vorige eeuw kan me nog net boeien.
Als hij van na de oorlog is. Maar daarvoor verlies ik contact.
Ben ik niet meer compatibel.

Je merkt het aan mijn zinnen. Kort.
Niet altijd versierd met een werkwoord. Of onderwerp.
Geen hoofdzinnen meer met bijzinnen als obligate ornamenten.
Dan nog liever: één woord dat een zin vervangt.

Lieve lezer-es,
dit is geen pleidooi, noch een verdediging pro domo.
Gewoon een vaststelling. Voor mezelf. Een verhitte introspectie.
Wat doe je immers met deze onbarmhartige temperaturen?

Gisteren deed ik "Een schitterend gebrek" van Arthur Japin dicht.
Een schitterend boek.
Daarin vertelt Lucia, een geliefde van Giacomo Casanova, haar tragische liefde.
Heerlijke hedendaagse taal voor een oud verhaal. Lucia spreekt de lezer aan in de ik-vorm en de tegenwoordige tijd.

Vandaag ben ik begonnen aan "Gloed" van Sándor Márai .
Bezongen en bejubeld.
Ik heb het er wat moeilijk mee. Toch de eerste hoofdstukken.
Lange zinnen, Overbodige beschrijvingen.

Het verhaal loopt in de derde persoon. En is geschreven in de verleden tijd.
Voor mij dus afstandelijker. Het gaat over de vriendschap van twee mannen.

Maar toegegeven, ik word nieuwsgieriger naarmate de pagina's stijgen.

Hopelijk nog een frisse nacht. En laat je commentaren maar los.

uvi



Met een toemaatje :




Leeslint van verlangen


Als een wilde rozelaar
zou ik me willen ranken
rondom het blauwe raam
van je bedauwde ogen.

Letters zou ik bloeien
als vingers aan je handen
en woorden om te stoeien
in de takken van je haren.

Maan en nacht, bewakers van begeerte,
zou ik kronkelend verleiden
om mij met hun bleke stralen
langoureus op jouw bed te spreiden.



Uvi









Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door uvi - un voyageur immobile om 14:47 3 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Blauwe brieven

↑ Terug naar de berichten