AUTEUR : Lut de Block

AUTEUR : Lut de Block
.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
AUTEUR : Gerda de Preter .
.
Er woont een minnaar in mijn tuin,
een kompel met fluwelen handen,
Hij klopt, betast en streelt de rulle
wanden, breekt met zachte vingers
de vochtige aarde aan. Zij laat begaan.
Zoals hij stijgt en daalt, hardnekkig al
haar gangen gaat, lichtvoetig kruipdier
van genot dat in haar bekken sluipt,
kleine doodgraver van verlangen,
blindganger van geluk die in haar huid
zijn tekens weeft, dan huiverig naar
adem snakt en wegvlucht uit haar schoot.
Zij meet de schade, wist zijn sporen,
sluit zich onbewogen, als hij boven haar
de handen strekt, het nekvel spant
en stil het hoofd buigt voor de spade.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN
.
AUTEUR : Geert De Kockere
.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
AUTEUR : Rutger Kopland
. Er waren twee kabouters, At en Ot,
zo klein dat zij niet in mens
geloofden, alleen een beetje in god.
Op een dag naar het leek als altijd
kwam een prinsesje voorbij. Ze zei kijk
dat is aardig, bukte en alsof zij bloemetjes
plukte, pakte zij Ot en At en stak
zoals alle prinsesjes de hele zaak in haar zak.
Zo kwamen zij in het paleis, de avond
viel, dat hou je niet tegen, maar terstond
ontstak het prinsesje opnieuw de zon,
zodat Ot en At ineens wisten dat
zij waren in het paradijs en god bestond.
Dat was de eerste dag. Zij sliepen die nacht
In luciferdoosjes van de koning onder zacht
geurende zakdoekjes van de koningin.
En de volgende dag vroeg het prinsesje, wat
zal ik eens voor jullie kopen, waarin
hebben jullie nu de meeste zin.
En Ot en At wilden natuurlijk dat
het kermis was met chocola, een reuzenrad,
draaimolens en heel veel limonade.
Toen ging het prinsesje naar de stad
en wat bracht zij wel mee?
Vliegtuigjes, botsauto’tjes, geweertjes
een draaiorgeltje van jesterdee
slagroomijs en mooie rooie kleertjes.
En het werd alle dagen kermis in ‘t paleis
want At en Ot konden de trappen eerst
niet op of af en nooit alleen naar de w.c.
maar met het vliegtuigje ging het van een twee
drie en was het prinsesje van de wijs
dan draaiden zij het orgeltje van jesterdee.
Maar ook moesten de kabouters leren.
En Ot telde op en At trok af.
Ze kregen boeken met gouden woorden,
zo groot dat zij uren langs de blad-
zijden moesten lopen en ze zere
voeten kregen van het leren begrijpen
wat er stond en de potloden waren
zo zwaar dat ze alleen maar samen
en dan nog hele korte brieven konden
schrijven, bijvoorbeeld alleen hun namen.
En toen de dagen voorbij waren in het paleis
gingen zij weer weg, het was een lange reis
terug naar het bos en hun huisje stond
er als altijd. Hoe het prinsesje dat wel vond?
Ze huilde zoals ze nog nooit had gehuild,
totdat zij op een dag aan het paleisraam stond
en uit de bomen van het park een duif
verscheen met een klein briefje in zijn mond,
zo klein dat zij het haast niet lezen kon.
Er stond: dag god een zoen van At en Ot.
.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
AUTEUR : Pom Wolff
.
een oud
en lastig wijf
arm bovendien
en ook nog hulp behoevend
goed ingevoerd
in de materie die ziekte heet
het strompelt wat
het klaagt het mompelt
nooit is iets goed
daar is ze weer
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
AUTEUR :: JOS Witteman .
.
Misschien heb ik wel teveel gedronken,
en ben ik blind, blind voor het heden.
Ik droom weg, droom van het verleden,
zit ik zwijgend in gedachten verzonken.
Stoor me niet, laat me vannacht alleen,
laat me met mezelf zijn deze lange uren.
Vannacht zit ik voor mezelf uit te turen,
vannacht ga ik nergens, nergens heen.
Mijn jeugd trekt voorbij aan mijn ogen,
het lijkt allemaal alweer zo lang geleden,
zo veel anders dan nu, dan het heden.
In mijn jeugd was er zoveel mededogen.
Ik voel de harde pijn van vandaag,
het vele jachten, de stress, het jagen.
We rennen mee, zonder iets vragen,
we klimmen omhoog, vallen omlaag.
Ik kan niet zijn zoals men dat graag wil,
ik ben een dichter, ik ben rustig en stil.
Ben geen streber zoals de anderen zijn,
ik leef, voel verdriet, vreugde en pijn.
Ik denk terug, terug aan vroeger tijden,
aan het leven met een ander soort lijden.
Het leven waarin de mens nog genoot,
maar dat leven is begraven … dood.
Misschien heb ik wel teveel gedronken,
en ben ik blind, blind voor het heden.
Ik droom weg, droom van het verleden,
zit ik zwijgend in gedachten verzonken.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
WirWar : ZONDAG' S EIGEN WERKJE

DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
AUTEUR : Geert De Kockere
.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
AUTEUR : TOON TELLEGEN
.|
'Kom terug.' en als iemand dan terug zou zeggen |
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
AUTEUR : Judith Herzberg uit : Bijvangst 1999

DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
.
.
1 reactie op dit bericht
Gezellig weekend