Naar de inhoud

een lief okerkleurig scharminkel

akke.beakke.be
literatuur, cultuur, small talk

Archief

het hoofdkussenboek

mijn schatje, zingt ze

misschien, misschien, ooit zal het

nooit zal het zo zijn


(janis joplin)






Sei Shonagon, drawing by
Kikuchi Yosai (1788–1878)



1.

ademvraag voor alle literatuurliefhebsters (‘freaks’ for gentlemen):

hebben jullie ook een hoofdkussenboek un livre de chevet een lievelingsboek waar je elke avond voor het slapengaan noodgedwongen in moet lezen anders is het niet goed geweest je stopt het onder je hoofdkussen dan is het een hoofdkussenboek je stopt het in je dekbedovertrek dan is het een dekbedovertrekboek je legt het pal onder je bed dan is het een onderbedboek je legt het op je cdbox dan is het een cdboxboek je legt het naast je nieuwe topcom butler 3450 wandelende telefoon dan is het een wandelendetelefoonboek ach je verlangt zo naar het samensmelten met je favoriete personages je wil dansen in wervelende landschappen in vreemde huizen en settings en je wil eindelijk ook eens beginnen schrijven aan je langoureus droomscenario zodanig zelfs dat je je kamer met je oude en nieuwe hoofdkussenboekjes wil bemeubelen zes flinke opeengestapelde romans lichtjes beneveld met heerlijk zomerparfum van kenzo haha dat wordt een geurig theetafeltje een zakwoordenboek kan dienen als presse-papier om je krullende nota’s bij te houden en welke fragiele ondraaglijk lichte bouwsels maak je niet met verhalen of gedichten

heb geprobeerd bovenstaande zin zonder punten of komma’s  te schrijven, als in een wervelende gedachtenstroom, omdat ik zo mijn liefde voor rendez-vous wil uitdrukken, het boek van de franse schrijfster christine angot*,  dat nu al een hele tijd mijn eigen superhoofdkussenboek is.

wat ik in bovenstaande zin beschrijf heb ik ook met dit boek gedaan. ik heb het voortdurend gemanipuleerd en verplaatst en zelfs overal meegesleurd, zo verknocht was ik aan het verlangen van het hoofdpersonage (de schrijfster zelf) naar eric estenoza, ‘un acteur avec un regard qui devenait opaque a n’ importe quel moment’, een man dus waarop zij op gevaarlijke wijze verliefd wordt en met wie zij van p. 34 tot p. 379 probeert amoureuze afspraken te maken en dit lukt maar niet.

christine angot schrijft onwaarschijnlijk pittig, nerveus frans, in een verrukkelijke verhaalstijl doorweven met innerlijke monoloogjes, korte stukjes in directe rede en onverwachte flashbacks. daarbij strooit zij in het rond met nonchalante details over typisch franse –zeg maar: parijse- decors en settings. zij hopt en zapt van het café de la madeleine naar brasserie wepler, van het theater naar het restaurant, van het quartier du marais naar belleville, van montpellier naar toulouse en avignon en van le var naar la presqu’ile de giens.  

alles draait om haar onmogelijke, obsessionele en vooral imaginaire liefde voor eric, waaraan zij alles ondergeschikt maakt. zij belt voortdurend en stuurt smsjes en laat berichten achter op het antwoordapparaat. soms slaagt zij erin om eric voor een afspraak te strikken, maar telkens is de ontmoeting in de realiteit anders dan zij het zich in haar fragiele, door de liefde aangetaste fantasie heeft voorgesteld. zij stapelt ontgoocheling op ontgoocheling en verlangt en verlangt en slaapt bijna niet meer en op elke bladzijde voegt zij een kwetsuur toe aan haar getourmenteerde, amoureuze ziel.

in het verhaal zelf schrijft christine dan ook nog tegelijkertijd deze roman, waarbij zij regelmatig stukjes manuscript laat lezen aan eric. zij worden zelfs beiden gevraagd op literaire avonden om publiekelijk stukjes uit rendez-vous voor te lezen. zo wordt de liefde nog pijnlijker. het is alsof christine openlijk toelaat dat elk stukje huid dat haar nog zou beschermen tegen de 'vrije val' (niet voor niets is verliefd worden in het frans een 'val', tomber amoureux. in het engels zeggen ze zelfs falling in love, in liefde vallende) door eric langzaam wordt afgepeld, schub voor schub en met een heel scherp mes.

puur vrouwelijk masochisme!

maar toch is dit een heerlijk boek, zo frans als het maar zijn kan. bij het lezen kroop ik helemaal in de huid van christine, ik was christine. wat heerlijk te lezen dat iemand anders dan ik nog meer liefdespijn kon ervaren dan ikzelf, wat een katharsis ervaarde ik bij het lezen van christines bijna ziekelijk-romantische dagdromerijen. joepie, ik was toen het jaren geleden ook allemaal met mij gebeurde helemaal niet gek, alleen maar o zo indringend amoureus! en ik geloof nu echt dat het waar is dat de fransen de liefde hebben uitgevonden! 

tot slot nog een (verrukkelijk zuchtend) fragmentje:

Eric ne rappelait pas. Il fallait pas que je rappelle tout de suite….. Je ne pense pas qu’il m’appellera demain….. Peut-être qu’íl ne veut plus me parler. Peut-être qu’il ne veut plus me voir. J’appellerai après-demain, je lui laisse encore la possibilté de m’appeler demain, même si je n‎’y crois pas. Mais si son portable est fermé, comment je vais faire, je ne vais pas encore laisser un message? C’est dur, c’est dur.

Je fermais les yeux, je les rouvrais. Je poussais un soupir pratiquement entre chaque phrase et je disais: ahhh. Je n’espérait qu’une chose, c’était de m’endormir. Ce qui ne voulait pas dire que je ne croyais plus à l’histoire. Mais le manque était dur à vivre…

* Angot, Christine, Rendez-vous, Flammarion, Paris, 2006


2..


Sei Shonagon, blogster avant-la-lettre??

 
Hehe, altijd gedacht dat het woord ‘hoofdkussenboek’ afkomstig was uit Japan!

Sei Shōnagon (清少納言), (965-1010s?), een Japanse hofdame die deel uitmaakte van het gevolg van Keizerin Teishi (Heian periode) is namelijk de auteur van het wereldberoemde hoofdkussenboek (The Pillow Book, 枕草子 makura no sōshi)!*

Dit hoofdkussenboek was eigenlijk een soort dagboek en Sei Shonagon noteerde tien jaar lang anekdotes, opinies en observaties. Zij maakte ook 164 lijstjes met verrukkelijke titels als:

‘When I make myself imaging’,

(Wanneer ik mezelf doe verbeelden)

‘Distressing Things’,

(Verdrietige dingen)

‘Elegant Things’,

(Elegante dingen)

‘Outstandingly Splended Things’.

(Uitzonderlijk wonderlijke zaken)


In haar introductie schreef zij over haar dagboek:

I set about filling the notebooks with odd facts, stories from the past, and all sorts of other things, often including the most trivial material. On the whole I concentrated on things and people that I found charming and splendid; my notes are full of poems and observations on trees and plants, birds and insects. I was sure that when people saw my book they would say, “It’s even worse than I expected. Now one can tell what she is really like.” After all, it is written entirely for my own amusement and I put things down exactly as they came to me.*


Dametjes, dametjes, aan het werk!

Laten we de eeuwenoude traditie van hoofdkussenboekjes maken voortzetten....

Begin aan een dagboek, NU!!!


* Terwijl Europa nog in de duistere middeleeuwen leefde, kende Japan toen reeds een rijke hofcultuur. Over Sei Shõnagon is echter weinig bekend. Uit haar eigen, aanvankelijk geheime, dagboek, en uit dat van anderen komt zij naar voren als iemand die wordt aanbeden en gevreesd om haar scherpe tong, die over een grote parate kennis van de Chinese poëzie beschikt en een grote schare aanbidders heeft.

* Otto, Whitney, A Collection of Beauties at the Height of their Popularity, Random House, New York, 2002, P. 275


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door nicole2 om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

nog films









twee opeenvolgende zondagen toevallig twee films over china gezien. hehe, wat is internet toch praktisch! eerst download ik gezwind de korte inhoud (van de website van bioscoop arenberg) van deze films, daarna noteer ik mijn indrukken:


1. Still Life

Still Life ontving de Gouden Leeuw op de laatste editie van Mostra in Venetië. De film vertelt twee verhalen van eenzaamheid: dat van een mijnwerker uit Noord China die zijn vrouw opzoekt en dat van een verpleegster die wil scheiden van haar man. De mijnwerker wordt in dienst genomen op een afbraakwerf in Fengjie, waar de echtgenoot van de verpleegster rijk wordt van maffioze praktijken. De regisseur onthult via de warboel, veroorzaakt door een stuwdamproject, de vele transformaties van zijn land. "Wanneer men de realiteit van het China van vandaag toont, stoot men vlug op de lange lijst van verboden zaken. Maar hoe meer men daarmee bezig is, hoe meer onze vrijheid toeneemt.” bevestigt hij. “Er is een ontzettend snelle ontwikkeling in China, te snel. Dit is niet zozeer een politiek afkeuren. De scènes in de film gebeuren echt en het symbolisme en de beeldspraak maken deel uit van de realiteit ginds. Ik heb niets uitgevonden, ik heb enkel de beelden van het ogenblik opgeslagen."

Still Life van Jia Zhang Ke, met Han Sanming, Zhao Tao, Huang Yong

Chine - 1u 48min.

en

2. La Stella che non c'è

Cineast Amelio trekt via China de lijn met het verhaal van de wereld, de al of niet trieste gang van zaken. De film is losjes gebaseerd op een roman van Danilo Rea (La Dismissione) en start met de landing van een delegatie Chinezen die de hoogoven van een Italiaanse staalfabriek komen demonteren. De Italiaanse verantwoordelijke van de installatie, Vincenzo Buonavolontà (Sergio Castelitto) probeert aan de nieuwe Chinese bedrijfsleider uit te leggen dat de machine een defect heeft dat zware ongelukken kan veroorzaken. Maar tot zijn grote ergernis, vertrekken de Chinezen mét hoogoven, om deze te herinstalleren in een afgelegen industriezone. Vincenzo verliest zijn job en beslist tegen iedereens wil om ter plekke te gaan om een catastrofe te vermijden. Gianni Amelio filmt China als een vreemde, hij bekijkt het land zonder het te begrijpen en nét daar zit de sterkte van deze film.

La Stella che non c'è van Gianni Amelio, met Sergio Castellitto, Ling Tai, Angelo Costabile

Italie, Switzerland, Frankrijk - 1u 44min.

 
ooooh! als ik terugdenk aan deze films stromen beelden met mensenmassa's mijn geest voorbij, mensenmassa's die samenhokken in reusachtige bouwvallige woonblokken. ik zie ook prachtige berglandschappen, omgeven door groene mist en ik zie eindeloze steenwoestijnen, waar pezige kleine chinezen slavenarbeid verrichten in de gloedhete zon.

de eerste film, Still Life is veel chineser dan de tweede,
La Stella che non c'è (= de ontbrekende ster). de intense, ingetogen en trage - dus zeer oosterse - communicatiestijl van de personages zetten ons, druk babbelende en oppervlakkig agerende westerlingen aan het denken. praten wij eigenlijk nog echt met elkaar, luisteren wij nog naar elkaar, doen woorden er nog toe, laten wij de tijd aan onze emoties, beleven wij nog zoiets als vreugde en pijn???

tijdens een ogenschijnlijk 'gewoon' gesprek duurde het in deze film soms minutenlang voor er geantwoord of gereageerd werd. dit werkte eerlijk gezegd erg op de zenuwen van m en n, mijn jeugdig gezelschap. maar zelf vond ik deze spreekstijl overheerlijk. want tijdens deze stiltes werden innerlijke spanningen opgebouwd, emoties kregen vanzelf de nodige tijd om te ontstaan en de diepgang van de communicatie was grandioos.

in de tweede film, zien we hoe het hoofdpersonage van de film, de italiaanse ingenieur Vincenzo Buonavolontà verbouwereerd kijkt naar de vreemde wereld waarin hij terechtkomt. hij snapt er geen jota van, beleeft de ene onmogelijke ervaring na de andere en loopt reddeloos verloren in de chinese samenleving, die duizendmaal complexer en ondoorzichtiger is dan wij ons ooit zouden kunnen voorstellen.

en hoe moedig die chinezen zijn, hoe verdraagzaam en gedisciplineerd ze naast en met elkaar bewegen, eten, slapen, werken! wij, verwende westerlingen, zouden het geen week uithouden in die omstandigheden! zo gewoon zijn wij aan ruimte en vrijheid, wij kunnen het ons (nog) veroorloven bijvoorbeeld de momenten uit te kiezen om te gaan shoppen: als het niet te druk is, op ochtenden in de week of op zondagen. in china is er altijd, altijd veel volk, je moet daar oefenen geloof ik in het handig ontwijken van lichamen, lichamen, lichamen.....

in een van de slotscènes van La Stella che non c'è, als hij op een schamele schuit de blauwe rivier afvaart op weg naar shangai, huilt vincenzo buonavolontà plots tranen met tuiten. weent hij omdat hij doodmoe is van zijn zeker niet zo comfortabele queeste (zelf zou ik geradbraakt zijn geweest), weent hij om al de verschrikkingen die hij heeft gezien, weent hij om het lot van zijn kranige en mooie chinese vriendin, een ongehuwde moeder(schande, o schande in china) die haar studies niet heeft kunnen afmaken en rotbaantjes aanneemt om te kunnen overleven?

mooi, mooi toch, een latijnse man die huilt?

maar ach, ook deze film kent een happy end, of laat een happy end vemoeden. in het station wacht ling tai (dit is de naam van de actrice, ik ben haar echte naam vergeten) hem op. zij kibbelen om een koekje. vincenzo belooft een nieuw speeltje te kopen voor het zoontje van zijn vriendin.

neemt vincenzo ling tai en haar zoontje mee naar het zonnige italië

? weg, mensenmassa's, weg, armoedig bestaan? en wij maar raden.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door nicole2 om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

monika

 


Caspar David Friedrich (1774-1840)
Der Watzmann
1824/1825
© Staatliche Museen zu Berlin, Nationalgalerie, Inv.-Nr. A II 895


1.

seringen

(droom nummer 6)

het was een leuk huis.

het leukst vond ik de glazen deuren, die openden op een reusachtige, verwilderde tuin.

takken, zwaar van seringen, tikten geheimzinnig tegen het raam.

(29 april 1994)


2.

mijn vriendin betsy had vrijkaarten voor de tentoonstelling 'Kijk op Europa, Duitse schilderkunst uit de 19de eeuw' in bozar in brussel en wij daar naartoe. we kregen een audiotoestelletje en een koptelefoon en terwijl we rondwandelden vertelde een lieve dame ons wat er te bekijken viel en ook hoe we de tentoongestelde werken moesten bekijken.
knopjesgedoe is gewoonlijk niet aan mij besteed, maar nu vond ik het toch leuk het toestelletje te bedienen (het was simpeler dan een gsm) en te luisteren naar de verhalen omtrent de kunstwerken. waw! nooit gedacht dat duitsland zulke meesters had voortgebracht.

we leerden op school reeds in de lessen kunstgeschiedenis genieten van vlaamse, franse en italiaanse schilderkunst, maar steevast vergaten onze leerkrachten onze buren uit het oosten te vermelden, heb ik de indruk. zou dit nu komen omdat wij nog altijd denken aan de nazi's als we het over duitsland hebben? een volkomen onterecht vooroordeel: duitsland mag niet alleen trots zijn op zijn kunstschilders, ook duitse schrijvers, filmmakers en componisten zijn altijd aanwezig geweest in de europese en internationale artistieke wereld.

maar we zijn er ons hoogstwaarschijnlijk te weinig van bewust. en ja, ook ik heb me indertijd meer franse en engelse literaire werken aangeschaft dan duitse. misschien ook omdat ik de duitse taal absoluut niet beheers. toch bezit ik een schitterende poëziebundel van bertold brecht en lees ik in vertaling günter grass en elfriede jelenek.

maar groot is nu mijn bewondering voor schilders als de mystieke casper david friedrich en de romantische adrian ludwig richter bijvoorbeeld. ach, ik noem hier maar twee namen, maar ik moet bekennen dat ik een beetje overdonderd ben door wat ik gisteren op de tentoonstelling gezien heb. van talloze andere werken ben ik de namen van de schilders en de titels van de schilderijen vergeten, maar als ik mijn ogen dichtknijp komen tot mijn grote verrukking de beelden terug. zij zitten voor altijd opgeslagen in mijn geheugen.


3.

een paar keer per jaar heb ik een tea-time afspraak met monika detter, mijn oostenrijkse vriendin. zij kwam als ukkie tijdens de oorlogsjaren in belgië terecht en groeide op bij adoptieouders. monika werkte later als bediende op de redactie van het rijk der vrouw, heeft een zus in guatemala en woont nu zelf in molenbeek, waar ze een koket appartementje betrekt.

mijn vriendin is een zeer correcte en welopgevoede dame, die houdt van muziek en poëzie. ik zal het nooit vergeten: de eerste keer toen ik bij monika op bezoek kwam werd ik gastvrij onthaald op koffie met taart, de taart netjes geschikt op een schattige antieke porseleinen étagère. ik voelde mij plots teruggestuurd in de tijd, op de koffie bij mijn lieve bobonne, die ook hield van soortgelijke taartentorens en ook bekend stond om haar warm onthaal.

monika is een kruising van ouderwetse maar daarom ook zo charmante degelijkheid (die deutsche grundligheid? en een licht frivole hang naar fantasie - want ze houdt van sjieke kleding, bezoekt op haar eentje de brocantemarkt in namur en heeft een japanse pennevriendin uit okinawa die deze zomer op bezoek komt. daarbij schrijft monika enthousiast gedichten en draagt deze met heel veel overtuiging en panache voor.

ik vind het echt bewonderenswaardig: ondanks het feit dat monika's moedertaal duits is en zij vroeger ook heel veel frans heeft gesproken in haar werkomgeving, schrijft zij haar gedichten in het nederlands. zij is er zich echter van bewust dat haar taal hier en daar schoonheidsfoutjes bevat, maar is ook niet te trots om mij, specialiste nederlands (ahum), om raad te vragen. zo zijn onze gesprekken altijd doorspekt met taalperikelen, poëzieanalyses en verhalen vol nostalgie over vroeger. tja, al doende leert men: monika's gedichten worden altijd maar beter, ze mag trots zijn op zichzelf, op haar vastberadenheid en inzet, echt waar!

hieronder een goed voorbeeld van wat monika bezielt als zij haar pen doopt in virtuele inkt: 


Ouderlijk huis

 
Een onzichtbare macht zweeft rond

de witte muren van mijn kinderhuis,

in een straat bekend

en toch zo onbekend


als hongerige schilder rust ik

uitgeblust in het plantsoen,

zorgeloos vliegen mussen op,

landen speels in de

oude eik ontdaan van zijn bast

 

het schemerlicht spreidt zich rond

mijn schorsjasje,

geuren met veel herinneringen,

met wonden die in de nacht

als spoken door de kamers dwalen,

luiken die niet meer gesloten worden.


dit gedicht is romantisch: de dichteres drukt haar nostalgie uit naar een kindertijd die zij eigenlijk heeft gemist. de aanblik van haar geboortehuis oefent een geheimzinnige macht over haar uit. als zij even uitrust in een plantsoen vertoont de natuur zich van zijn frivole kant - de mussen vliegen zorgeloos op en landen speels in een naakte oude eik.

deze eik, bevrijd van zijn bast, zou een beetje symbool kunnen staan voor het gevoel van vrijheid die men op een bepaalde leeftijd ervaart, als men alles loslaat. maar bij monika doemen de spoken uit het verleden nog op in de schemering. haar wonden zijn nog niet volledig geheeld en zullen dit misschien nooit zijn: de luiken van haar ouderhuis worden niet meer gesloten, er is niemand aanwezig die haar kan helpen deze periode uit haar leven (= haar toch redelijk getourmenteerde jeugd) volledig af te sluiten.

schitterend vind ik toch dat zij in dit gedicht een schorsjasje draagt: stel je voor, hoe simpel en puur natuurlijk, een jasje gemaakt van boomschors! berkenschors bijvoorbeeld, met subtiele tinten grijs en oker en een fragiel krisperig aanvoelen. hoe mooi kan ik dit beeld in mijn fantasie oproepen, grote modeontwerpers zouden dit textielidee eens moeten uitproberen!!!

tja, monika heeft duidelijk een mystieke band met de natuur.

deze opmerking is natuurlijk een understatement, maar toch: ik ken monika voldoende om te weten dat zij heel erg van de natuur houdt (haar oostenrijkse roots fluisteren haar deze liefde in) en zij weet ook dat de zintuiglijke ervaring van de schoonheid van de natuur een louterend effect heeft op gekwetste zielen!

voorts wil ik hier in dit bericht geen verdere analyse maken van de vormeigenschappen van monika's gedicht (interpunctie enz...), noch van bijvoorbeeld de inhoudelijke logica betreffende de syntaxis, want ik wil mij in dit medium ( = mijn blog) beperken tot eenvoud en soberheid.

feit is echter dat dit stukje poëzie geselecteerd werd voor de 13de poëzieprijs van de culturele centrale boontje in sint-niklaas* en bijgevolg ook opgenomen werd in een poëziebundel uitgegeven door dezelfde organisatie!

bravo, monika!

* www.poezieprijsboontje.be.
Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door nicole2 om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

merel
















foto van athea
https://blog.seniorennet.be/athea/



verbijsterd ben ik en tegelijk heel gelukkig, wanneer ik op de blogs van seniorennet.be zoveel mensen tegenkom die van gedichten houden. ik tel 192
poëzieblogs en 77 literatuurblogs. andere bloggers, die bijvoorbeeld aan beeldverwerking doen, schrijven daar ook mooie verzen bij. ach, soms zijn het karamellenverzen, luchtige rijmpjes, nonchalante krabbels over vriendschap en liefde.

maar mooi vind ik dit!

in het o zo bekrompen kringetje van vlaamse dichters en schrijvers wordt al eens meesmuilend gedaan over deze tekstjes en over de schrijvers ervan. maar ik breek een lans voor deze poëzie ! het zijn hartekreten en ik voel totaal geen hoogmoed en pretentie, alleen het plezier en de noodzaak te communiceren. authenticiteit dus. daar kunnen we toch niet tegen zijn zeker? iedereen in deze wereld heeft het recht zijn gevoelens en gedachten hoe dan ook te uiten!*

een blogster die duidelijk plezier heeft in schrijven is merel*. tot mijn grote verbazing en verrukking vloeit bijna elke dag een tekst uit haar toetsenbord. een waaier van onderwerpen vindt zij de moeite waard om over te schrijven. de ene keer cre
ëert zij een speelse tekst over een opwaaiend zomerjurkje, de andere keer schrijft ze over mensen die pijn ervaren en doodongelukkig zijn.

opvallend is echter dat zij het dikwijls heeft over dromen, over dansen, vliegen, wegwaaien als het ware. hehe, gebruikt deze dame ook de techniek van het loslaten (zie mijn vorig stukje over pijn) om even de dagelijkse beslommeringen te ontvluchten en zich te verliezen in een verrukkelijke droom?

ik heb hieronder een selectie gemaakt van de gedichten van merel die beantwoorden aan mijn huidige smaak en die, zoals ik zo dikwijls al heb benadrukt, perfect de ondraaglijke lichtheid van het bestaan illustreren:


Het jurkje

weet je wat ik zie
de zomer die weldra komt
een zondagochtend
vogels fluiten hun concert
en ik
ik voel geluk in mij
trek mijn oogverblindend frivole jurkje aan
blote benen
voelen zomerwindje
en tenen
die gevaarlijk dansen
in mijn open schoentjes

dan ren ik naar buiten
loop je tegemoet
we plukken van de zonnestralen
en walsen in het vroege licht

tot we uitgeput zien
hoe boven onze vijver van verlangen
ons spiegelbeeld in alle hevigheid hunkert
en jij met een ruk
mijn frivole jurk
in het dauwgras gooit

dit gedicht bulkt van sensualiteit en jeugdig enthousiasme, merel! heel mysterieus vind ik dat de geliefden eerst hun spiegelbeeld zien boven de vijver van verlangen en zich dan verliezen in de liefdesdaad. wat zou dit te betekenen hebben???

Kom merel

kom Merel
je mag gaan
laat je oude vleugels rusten
ze geven je slechts pijn
hier zijn vleugels van ontdekken
voor je vlucht hoog in de lucht

vlieg maar boven alles uit
langs de verlaten straten
tot voorbij de kleuren van de regenboog

vlieg voorbij jezelf
spring uit je veilig nest
laat eenzaam tot je komen
rust maar op de hoogste bergtop
kijk mijmerend naar beneden
je bent een stipje van het groots geheel
ik zie je knikken van begrijpen
zo dankbaar dat je er mag zijn


merel wil duidelijk ontsnappen aan een onmogelijke, piijnlijke situatie. mooi is dat zij haar eigen grenzen wil overstijgen: dit is misschien wat zij nodig heeft, het besef dat zij veel meer aankan dan ze tot nu dacht, het besef dat ze sterk is en niet in te tomen. maar tegelijk weet ze dat ze maar een onooglijk stipje is in het heelal.

Een oogje

ze liet een oogje vallen
stuurde het
totaal van de wijs
richting knappe kerel

het oogje begon
zo waar te blozen
stamelde woorden
voelde zich verlegen
wou zo graag versieren

ze flirtte met de kijkers
van die stoere vent
keek diep in zijn ogen
kon het niet geloven
een knipoog
sprong haar tegemoet

samen rolderbolderden ze
twee oogjes
zagen passie groeien
en kregen een verliefd gevoel

dit vind ik een supergrappig, bijna puberaal gedicht. graaft merel in haar verleden en is zij weer verliefd?

Het meisje

het meisje danste met de droom
ze had haar nieuwe schoentjes aan
en met haar kobalt jurk
voelde ze zich de prinses
van het galabal
ze dronk voor het eerst
van de beker van geluk
zag sterren fonkelen en
proefde van haar stoutste dromen
nog even en wie weet misschien
vloog ze in de armen van de prins
die haar teder kuste

ze zweefde met het gevoel
van lopen op de wolken
en vroeg zich af
hoe lang zo iets kon duren

want morgen
wist ze te vertellen
is alles weer zo doodgewoon

 
om van een anticlimax te spreken! merel komt uiteindelijk op haar poten terecht!!


mijn wiegendroom

mijn wiegendroom
je bent mijn veilige haven
bij jou voel ik me thuis
je bent mijn redding in de donkere nacht
de boei die ik met beide handen
omklem om nooit meer los te laten

mijn wiegendroom
jou wereld is mijn eerste leven
de schoonheid streelt mijn kijkers
een rilling kruipt heel diep in mij
ik voel koud en toch ook warm
en leef in de verleden tijd
ik droom je droom zo heel intens
je loslaten lukt me niet
zonder jou ben ik verloren
een ziel die botst tegen de harde werkelijkheid
er is geen nevel en geen enge ruimte
alleen een open veld zonder horizon

mijn wiegendroom
in je wereld wil ik verder dromen
laat je beelden voor altijd leven

mijn wiegendroom
in jou zie ik wat ik niet meer zie


dit vind ik het mooiste, meest doorleefde gedicht. een aandachtige lezer weet dat merel de pijnlijke werkelijkheid wil wegwiegen, zij wil verder blijven dromen omdat in een ver verleden (= haar eerste jeugd, toen ze nog een kind was en veilig in een wiegje in slaap viel) het leven duidelijk minder pijnlijk was.

ik zou zo zeggen: droom maar, merel, ondertussen gaat het leven verder en straks word je wakker met nieuwe inzichten en een frisse kijk op de dingen!



* natuurlijk zou ik (als ex- leerkracht nederlands) in sommige gevallen kunnen opmerken: ach, ach, mensen, leer eerst behoorlijk spellen, leer eerst je taal te gebruiken. maar alle grote uitgeverijen hebben correctors. wie slaagt erin volkomen foutloos te schrijven? in nederland is manuscriptenbeoordeling een must, niemand publiceert officieel zonder zjn werkstukken te laten nalezen op fouten en onregelmatigheden.


* https://blog.seniorennet.be/begrijphetnietje/


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door nicole2 om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

pijn

intens

(droom nummer 17)

ik stopte de lijkjes
met grote volwaardig volwassen hoofden
in kartonnen dozen

hoe intens en vol schaamte
hun glimlach, hun grimas

de doden

 

(1995, bewerkt op 26 mei 2001)


ik beken het eerlijk: mijn voorkeur voor kunst die schoonheid, geluk, genoegen, kortom: het licht brengt, is uiteindelijk een reactie op - jawel - ervaring van pijn, niet alleen in mijn persoonlijk leven, maar ook in het leven van mensen die ik liefheb. ach ja, je moet pijn beleven en verwerken, zeggen de psychologen. maar de beleving en ervaring van schoonheid kan hierbij helpen, is zelfs een fantastisch tegengewicht.


zei oscar wilde niet:

nothing can cure the senses but the soul,
just as nothing can cure the soul by the senses.


de zintuiglijke ervaring van pijn kan worden gelouterd door de ziel, de gekwetste ziel echter kan echter ook worden gered door beroep te doen op de zintuigen. het bekijken, het beluisteren, het aanvoelen van schoonheid bevordert de genezing.

soms echter is het verwerkingsproces van pijn puur tijdverlies, want door alle drama's te beleven en te herbeleven (in de kunst bijvoorbeeld, in verontrustende, dramatische vormen van kunst) wordt de pijn bevestigd en ze verergert zelfs in bepaalde gevallen, ze wordt gecultiveerd.

daarom sta ik bij mezelf en anderen de droom toe. dromen mag, dromen moet zelfs. zonder het gevoel voor de werkelijkheid te verliezen (want er bestaat ook zoiets als het dagelijks leven, la vie quotidienne) laat ik de pijn de tijd om te leven en te sterven. ondertussen neem ik wat afstand en vertoef ik veilig in de wereld van de droom.


ach, ik weet: er bestaat geen simpel recept om de grote drama's die in elk mensenleven voorkomen op te vangen. pijn maakt integraal deel uit van het leven, evenals geluk. maar soms kan pijn een heel leven ontwrichten, soms is pijn de overheersende factor.

een japanse therapeut, waar ik indertijd enkele sessies acapressuur heb gevolgd, sprak ooit de gevleugelde woorden:


de tijd is de grootste genezer.

niet de therapie dus, niet de medicijnen, niet de verwerking, niet de katharsis door het bekijken van een koningsdrama (zoals bij de griekse treurspelen), niet de sublieme ervaring van schoonheid bevat de oplossing, maar het voortschrijden van de de allesoverwinnende tijd.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door nicole2 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

moet kunst verontrusten???





(Masriera, liggende jonge vrouw, coll. Museo de Arte Moderna, Madrid)



interiors

 


kussens zacht en geurig, als rozen van satijn

zetels bekleed met het velours van luxueuze treinen

 

mijn langoureuze, onwezenlijke droom

mijn intieme boudoir, mijn gracieus geheim




zondag een interessante discussie gehad met johan (we zaten gezellig op een zonnig terrasje, na een gitaarconcert in bozar, jan depreter met werk van johann sebastian bach, armand coeck en isaac albeniz). we stelden ons de vraag of kunst nu moet verontrusten (dat wil zeggen: angst verwekken, verdriet uitbeelden, demonisch zijn) of schoonheid, genoegen, licht brengen.

johan zei dat in vele muziekstukken, in de
matthäus passion van bach bijvoorbeeld, het licht het einddoel is. het opgaan in het eeuwige leven, de verrijzenis van christus, staat symbool voor de ultieme schoonheid in het leven, het eeuwige licht. hij voegde er aan toe dat hij het een beetje beu was, al dat licht. wat natuurlijk een indirect antwoord was op mijn vraag.

ja, ik weet het: zelfs in de literatuur vindt men het gehalte aan verontrusting een eigenschap. tirza, de bekroonde roman van arnon grunberg wordt alsnog op die manier omschreven ('een indrukwekkende, verontrustende roman') en behaalt alle prijzen.

maar voor mezelf kan ik heel duidelijk zijn: ik wil nu, in deze periode van mijn leven, vooral (in de literatuur, de muziek, de schilderkunst...) intense schoonheid ervaren - de dagelijkse realiteit is (vind ik) verontrustend genoeg.

leve de langoureuze, onwezenlijke droom, leve de mystiek.


nb: reactie van johan*:

'Kunst die het Licht zoekt vervalt soms makkelijker in clichés. Dat ik lichtvolle kunst beu ben klopt niet echt... Eigenlijk zoek ik ook vooral schoonheid en originaliteit... Vandaag de dag is de pure schoonheid soms niet meer spannend of origineel genoeg...  Misschien is het daar om te doen in de Kunst : evenwicht tussen originaliteit en schoonheid... ?'

* johan, zelf een getalenteerd en orgineel gitaarspeler, is te beluisteren en te bekijken op volgende links:

http://jovdbo.spaces.live.com
http://www.soundclick.com/bands/pagemusic.cfm?bandID=665088
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door nicole2 om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

claire







so dark and quiet
and distant and silent and sad as you are

why are you always folding up yourself into the hell

of those untouchable bunch of feelings and thoughts

into that black soul
of the deep


dit bizarre en duistere engelstalig gedicht schreef ik midden jaren '80. zei ik onlangs nog tegen ward (een fantastische jongeman van 24), dat ik - hoe vreemd dit ook klinkt - in het begin mijn gedichten in het engels schreef
.

hijzelf heeft een muziekblog in het engels, heel leuk.

ben dus, lieve bezoekers en bezoeksters van mijn blog, al heel mijn bewuste (en onbewuste) leven doordrongen van
poëzie. goed zo. toch ben ik absoluut niet tevreden. eergisteren zei ik nog tegen monika: het komt er niet op aan een mooi gedicht te schrijven, een echte dichteres schrijft er een bundel vol van.

en tja teveel
geëxperimenteerd heb ik wel. ik schreef dromerige gedichten, heel compacte gedichten, lange gedichten, korte gedichten, prozagedichten, surrealistische, postmodernistische, enz. ik probeer nu wel enige eenvormigheid na te streven, verzamel notities en oude en nieuwe verzenkrabbels en probeer deze bij elkaar te puzzelen tot een sluitend geheel.

in de loop der jaren heb ik een kleine verzameling dichtbundels aangelegd. eerst en vooral heb ik me boekjes van vlaamse dichteressen (in een breed spectrum, gaande van christine d'haen tot claire vanden abbeele tot officieel redelijk onbekende dichteressen als monika detter) aangeschaft.

naast gedichten in het nederlands heb ik natuurlijk ook het
vrouwelijke poë
tische landschap in andere talen verkend. anna achmatova, wislawa szymborska, sylvia plath, djuna barnes, andrée sodenkamp, liliane wouters, emily dickinson, zoë valdès: de verzen van deze dames heb ik indertijd met hongerige, intense aandacht en met heel veel genot opgelepeld, als waren het heerlijke dessertjes, schuimende shakes, smeuïge sabayons en koele granités.

maar ook mannen schrijven heerlijke gedichten: natuurlijk! een hele brede boekenplank heb ik volgestouwd met de pennenvruchten van de heren dichters. alhoewel ik voortdurend in mijn handelingen en gesprekken vrouwen positief discrimineer, toch voeg ik er altijd glimlachend en met binnenpretjes aan toe: kom maar, lieve dichters, schrijf de mooiste gedichten, vermaak me en doe me met jullie verzen een intens genoegen!

(ondertussen is het zachtjes beginnen regenen. sinds enige dagen is de stralende, premature zomer verdwenen. het is winderig, bewolkt, met af en toe een fikse regenbui - heerlijk en stemmig vind ik dat. vroeg in de ochtend doe ik niets liever dan naar het ritmisch geluid van roffelende regendruppels luisteren, bij de openstaande keukendeur. want al bij al blijft de temperatuur zacht en aangenaam.)

op dit ogenblik ligt aan de linkerkant van mijn oude, ronkende pc mijn nieuwste aanwinst: het verrukkelijke dieprode dichtbundeltje van claire vanden abeele,  'als vrouwen beminnen'*.

wat heb ik toch met claire vanden abbeele? toen ik indertijd in boekhandels of op beurzen de dichtbundels van deze dame doorbladerde, vond ik haar te licht wegen. maar nu groei ik naar haar dichtkunst toe. wellicht omdat zij zo goed kan schrijven over liefde en verlangen, in eenvoudige verzen die door heel veel mensen kunnen worden gesmaakt. niks verontrusting in taal of inhoud: de gedichten van claire vanden abbeele vloeien zo je lijf binnen en laten je achter met een gevoel van vreugde en lichtheid.

kijk maar, lees maar, voel maar dames en heren, dit is claire:


Hoe zacht dit opgaan

in de onbevattelijke lichtheid van het bestaan
zonder wensen, zonder geheugen, zonder tijd
alleen maar dit opgaan
overgeleverd aan handen die glijden als satijnen vezels.
Hoe vreemd bevrijdend deze zalvende uren
zo onvoorspelbaar veranderlijk
zalig jouw adem die golvend vloeit over heuvels en huid.
Hoe bevreemdend deze hunker
die de luister van het oude zijn doorploegt,
een spiegelende wereld die zaait en wachtend waakt
tot lange seizoenen korte dagen worden.
Hoe zaligmakend wij
als hartslag van een ondoorgrondelijk licht.


 
* claire vanden abbeele, als vrouwen beminnen, lannoo, 2006
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door nicole2 om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

filmpje gezien








gisteren met n. in cinema arenberg in brussel een kunstzinnige film gezien: red road van andrea arnold, een schotse cineaste. schitterende en mooie acteurs (kate dickie en tony curran), een bevreemdende setting (de grauwe voorstad van glasgow) en een nog vreemder, erg spannend scenario met een onverwacht en toch diepmenselijk einde.

ik wil hier het verhaal niet kwijt, noch een recensie schrijven. ik wil alleen aanstippen wat een bijzondere ervaring het bekijken van deze film voor me is geweest. op bepaalde ogenblikken werd ik bijna onwel van de spanning, die ontzettend traag maar gestadig en krachtig werd opgebouwd.

de kleur rood en dieporanje was omni aanwezig: in de luchten, op de gevels van de gigantische woonblokken, in het plastic, het lamplicht, het haardvuur, de whisky, het bier, de vrouwenlippen.

een film om een gedicht over te schrijven, zomaar...


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door nicole2 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

els moors: zomer

hoogblonde
zwaarbebrilde
zwaarberingde
spitsneuzige
francofone
kwene
aan welk dier verdomme
doe jij me denken???




literair dagboek, januari 1992



zomer in april. nog nooit meegemaakt! wel immense regenbuien en poedersneeuw in de paasvakantie. maar een azuurblauwe lucht en de noodzaak van zonnemelk op een doordeweeks terrasje???


ongehoord, spiksplinternieuw klimaat!

maar natuurlijk is dit overheerlijk. mijn zonnejurken uit de kleerkast gehaald en aan een fiks dieetje begonnen, met behulp van een weight-watchers gidsje. boterhammekes niet meer gul besmeren met boterklonten, maar alles afmeten met een koffielepeltje. hehe, vanmorgen ontdekt dat brusselse kaas o% koolhydraten en 0,02 % vet bevat. goede dieetkaas dus, dat stinkerdje!

mijn doel is mijn imago van sproeterige, volronde russische baboesjka om te vormen in een flinke scandinavisch-bleke schone. ahum, op mijn witte sproetenhuid ben ik wel trots! zonnebaden is niks voor mij, hoogstens wil ik een lichtroze blos. een bruine huid staat mooi bij latijnse types, maar niet bij mij, foei!!

so, let's be serious: ondertussen vernomen dat een eveneens blonde vlaamse dichteres, els moors, in de literaire pers met complimentjes wordt omringd (door de heren critici, natuurlijk). heb een bundeltje van haar in mijn bezit: er hangt een hoge lucht boven ons*. wit boekje met blauwe stippeltjes (in vierkantjes geschikt) en zwarte en rode letters versierd.

ach, ach, de gedichten van els moors worden vreemd en verontrustend genoemd. ik lees en ik lees en ik lees en vind haar gedichten knap surrealistisch, omdat ze plotseling, met grote abstracte sprongen, compleet vreemde elementen in haar ogenschijnlijk gewone verhalen inbreit.

een voorbeeld:



het water is het voorbijdrijvende water

dat ik zie
de boot waarop ik lig deint
met mijn benen over de rand
vaar ik bijna tegen een oever

er staat een boom op een vlakte achter me
er hangt een hoge lucht boven ons

met het hoofd in de nek
wacht ik op een echo
tegen de muren van de huizen
waar ik aan voorbijga
waar zij samen voor de ramen zullen staan

waar rode en groene pijlen een voor een

naar boven worden gesleept




de bevreemdende elementen in dit gedicht zijn natuurlijk de rode en groene pijlen die naar boven worden gesleept en verontrustend is wel dat de dichteres zich bespied voelt door personages die voor de ramen van de huizen waar zij aan voorbijgaat staan. opvallend is wel dat nergens leestekens of hoofdletters staan, in geen enkel gedicht. daarom alleen al toch wel een heel ingenieus geschreven bundel, vind ik.

dit gedicht doet me trouwens aan een van mijn prilste eigen gedichten denken, nooit gepubliceerd trouwens, maar onlangs teruggevonden en overgepend:


zwemmen is
ruggelings liggen

zachtjes dobberen
op een bed van anemonen

het donzig groene heelal
bevindt zich pal onder mij

veilig en volkomen geruisloos
bereik ik de buitenste kringen.

makkelijk is dit, zonder twijfel

maar wie zinkt daar
pijlsnel naar beneden -

dode meermin te pletter
op de bodem van de zee?



tja, surrealistisch is dat ik niet lig op het water, maar op een bed van anemonen en dat het heelal (bij els moors de hoge lucht boven haar) hier donzig groen is en zich eigenlijk onder mij bevindt. ik verlies mezelf in de hemel en de zee. els moors wekt in haar gedicht een vaag gevoel van angst en verlatenheid op (de bijna botsende boot, het wachten op de echo, de stalkers achter de ramen, de rode en groene pijlen) maar mijn gedicht is liever, vind ik, ondanks de dode meermin.

natuurlijk is het ergens fout gedichten te vergelijken: elke dichter en elk gedicht is anders. maar ik wil hier wel wijzen op een soort verwantschap, een gelijksoortig aanvoelen van de werkelijkheid. ik was trouwens ook een puber toen ik deze verzen schreef en els is ook nog erg jong.

zo, ik wil me blijkbaar nog altijd plaatsen in het dichteressenlandschap. op wie lijk ik, welke gedichten zou ik ook eens willen geschreven hebben, welke gedichten van me kunnen best de vergelijking met de grote namen doorstaan enz....  a. zegt dat ik een beetje meer zelfvertrouwen moet hebben, wat meer geloven in mezelf zou me deugd doen, zegt hij. daarom ben ik misschien deze blog begonnen!

maar ach, ik ben nooit of nooit tevreden en tja, liever gedichten schrijven in plaats van dringend de ramen te poetsen, is dat op mijn leeftijd niet een beetje verontrustend?

*
els moors, er hangt een hoge lucht boven ons, nieuw amsterdam, 2006

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door nicole2 om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

bloggen

als wind heb ik je lief, als water






wat zo leuk is aan bloggen: de ene dag wil je keuvelen, de andere dag schrijf je een diepzinnig gedicht, dan weer noteer je wat je gezien hebt, wat je hebt meegemaakt tijdens een uitstapje bijvoorbeeld. een echt dagboekje dus.


en vooral: zeer vrij en persoonlijk!

komt daarbij de aandacht die je krijgt van de vele bezoekers: supertof!  ik hou van kitch, zelfs als het literatuur betreft. fantasie en plezier wonen in mijn hart - en vrede.

ach, tijdens mijn surftocht betreffende de dactylische hexameter (ahum, zie vorige berichten!) kwam ik op een pagina terecht van een zekere
VincentHunink.nl,
die de opdracht had gekregen een hexametrische Latijnse tekst van 444 regels te vertalen.

het betrof geen klassieke, maar een middeleeuwse Latijnse tekst, van de hand van Walafried Strabo (808-849), de abt van het klooster Reichenau (op het gelijknamige eiland in de Bodensee). hij schreef een beroemd geworden gedicht over zijn kloostertuin en de daarin groeiende soorten planten, vruchten en kruiden. dit gedicht wordt algemeen aangeduid als de Hortulus ('tuintje').

oh, verrukking. toen ik de vertaling van dit gedicht begon te lezen, om het even of het nu in een nederlandse hexameter of in het zogenaamde blanke vers (rijmloze jambische verzen van vijf heffingen) was gesteld - ik werd er bij het lezen vrolijk en gelukkig van.

dat iemand zoveel eeuwen geleden op zo'n lieve en aandachtige manier over zijn tuintje kon schrijven: wel, ik ben er nu, terwijl ik erover schrijf, nog van in de wolken!

hier komt de tekst:


DE NIJVERE TUINDER EN DE VRUCHT VAN ZIJN WERK

 

En dan sproeit soms een voorjaarsregen zacht

op het klein gewas en laat de maan zijn schijnsel

weldadig vallen op het prille groen.

Maar soms, wanneer het droog en dauwloos blijft,

draag ik, bezorgd om dorheid en benauwd

voor schade aan de tere weefsels, liefdevol

emmers helder water aan en giet ze

eigenhandig druppelsgewijze uit:

ik wil geen grote gutsen vocht, waardoor

het aangebrachte zaad weer weg zou spoelen!

 

En zo bekleedt het tuintje zich al snel

met kleine kiemen. En hoewel het deels

verstoft, bij het afdak, lucht- en regenloos,

en deels verregent en de zon verjaagt

waar een hoge muur het sterrenlicht blokkeert,

toch heeft het nooit het toevertrouwde zaad

beschaamd en zonder hoop op bloei verborgen.

Integendeel, wat vrijwel droog in kuiltjes

wordt gestopt schiet als herboren weer

omhoog, draagt vrucht, met nieuwe kracht bezield.

 

Nu komt het aan op dichtergaven, kennis

en bevlogen taal, om alles van die oogst

met name te noemen, in alle geuren en kleuren:

dan krijgt het kleine goed een grote eer.


nb: ik stel me wel de vraag, of een vrouw op dezelfde manier over haar tuintje zou schrijven. van middeleeuwse dichteressen ken ik trouwens vooral de mystieke dames, hadewych bijvoorbeeld. of zij zich heeft beziggehouden met tuinieren? daar ben ik nog niet zo zeker van!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door nicole2 om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van een lief okerkleurig scharminkel

↑ Terug naar de berichten