Zaterdag 24 maart 2007
honden in Plopsaland?

honden in Plopsaland?
Klein ventje
Ja, zo noem ik hem: mijn klein ventje. Zijn naam is Fluk, hij is acht jaar. Hij lijkt een beetje op Arnold Schwarzenegger, maar dan met meer haar. Hij maakt even veel lawaai... god, wat kan hij blaffen. Hij is ook een beetje krom. Want de spieren, hij is geweldig gespierd... Dat komt volgens mij van het constant in en uit de sofa springen. Een beetje te vergelijken met het hoogspringen van ons. Zijn bilspieren zijn dan ook geweldig ontwikkeld. Elke ochtend, na mijn ontbijt, ga ik de rolluiken in de woonkamer ophijsen. Hij ligt dan nog te slapen, veel te vroeg. Maar toch, één oog gaat open en als hij ziet dat ik het ben, doet hij zelfs de moeite om te bewegen. Dat wil zeggen: hij draait van van buiklig naar ruglig, een hele onderneming zo vroeg in de ochtend. Ik mag dan, en dat is een privelege, zijn buik en bilspieren masseren. Ik voel me net de masseur van Tom Boonen, voor een grote wedstrijd. Let wel: de massage moet vakkundig worden uitgevoerd anders gaan we terug naar de buiklig en wordt er voor de rest van de dag geen knuffel meer toegestaan. Als de spieren zijn opgewarmd, kan de dag beginnen. Hij verlaagd zich niet tot stressgevoelens. Gaat eerst uitgebreid ontbijten, daarna even een plasje doen. Dat is, als er geen jagers in de buurt zijn. Tijdens het jachtseizoen gaat hij namelijk niet plassen. Het geluid van geweerschoten in de verte herrinerd hem aan zijn voorvaderen en hoe hard die moesten lopen achter het opgejaagde wild. En dat is iets wat mijn ventje niet doet, hij rent niet. Hij struint, wandelt, kuiert door zijn tuin. Ook nooit daarbuiten. Nooit op straat. Zijn straat. Een auto die te dicht bij het huis komt? Zijn huis. Een fietser die passeert op straat? Zijn straat. En dat laat hij merken ook. Hij blaft, keft en gromt. Iedereen mag weten dat hij er is ... de hele buurt weet het dan ook. 
Sarah Mclachlan: In the arms of an angel
De engel
Gasthuisberg, vier jaar geleden. Het verdict is gevallen, de dag voor mijn verjaardag. Blind... niks meer aan te doen, ook geen operatie kan het nog veranderen. Ik lijk het allemaal niet te beseffen, moet zelfs lachen als mijn kinderen met cadeautjes komen en belletjes om aan mijn bed te hangen. Het valt allemaal best mee, troost ik mezelf., kon veel erger. Maar de volgende dag komen de muren op me af. Ik zie ze niet, maar voel hoe ze steeds dichter bij komen, me verstikken. Ik vertel de verpleegster dat ik weg moet, even een sigaretje roken of wat dan ook. Ze heeft geen tijd, veel te druk ... Ok, dan ga ik wel alleen ... Ze helpt me naar de lift, toont op welke knop ik moet drukken en daar ga ik. Beneden moet ik mijn plan trekken. Al ooit in Gasthuisberg geweest? Zelfs al ziende loop je verloren ... ik dus ook. Maar ik geef niet op, een paar keer per dag doe ik hetzelfde traject en ja hoor, ik leer het.
Op kot
Als blinde moet je voorbereid zijn. je kan niet zomaar snel even dit of dat gaan doen. Nee, je moet plannen, bus vast leggen, trein uren opzoeken, begeleider contacteren...
Gary Moore & Phil Lynot : Parisienne Walkways (live)
Blindenplaboy
Oude vlam
Hij is een buurjongen van in mijn jeugd. We waren altijd samen, als klein kind al. Hij was degene die me leerde rolschatsen, verstoppertje met me speelde en net geen doktertje wou zijn. Hij was ook degene die me verdedigde tegen de boze wereld, maar vooral tegen die rotjongens van de straat. Hij was toen al agressief, maar nooit tegen mij. Toen we ouder werden, was hij degene die me mee nam naar de disco, maar evengoed naar een rustige zaak waar we urenlang zaten te filosoferen. Over de wereld en hoe we die zouden veranderen. over onze studie en over de liefde. Hij was galant, plaatste mij op een voetstuk. Voor hem was ik zijn prinsesje al heeft hij me dat nooit gezegd. Nee, dat kon je als man niet toegeven, niet als je een echte man was. Hij vocht nog altijd voor me, troostte me als ik weer een hopeloos was en met zijn rustige stem zong hij liedjes voor me.
Zwakke plek
Ik heb het nooit geweten, tot een paar dagen geleden, maar ik heb een zwakke plek. Andere mensen sukkelen met hun lever, gal, oren of verstand. Ik niet. Alhoewel, dat sukkelen met mijn verstand ... daar willen sommigen nog wel eens aan twijfelen. Nee, mijn zwakke plek zit lager, veel lager. Ik heb wat met voeten. Niet dat die van mij zo anders zijn, helemaal niet. Mijn voeten zijn van normale grootte en met alle tien de tenen eraan hangend. Ze zijn ook heel normaal gevormd, al moet ik toegeven dat mijn teentjes wat klein zijn uitgevallen. Nee, je zou denken dat er helemaal niets mis is met mijn onderdanen. En toch ...
Geleidehond
Ik heb al heel mijn leven honden gehad. In alle maten en kleuren. Mijn honden zijn mijn kindjes, mijn beste vrienden. Maar nu ik blind ben is het opvoeden van een hond niet meer zo evident. Momenteel heb ik nog een hondje: Fluk. Hij is acht jaar en een Yorkshire Terrier. Ik noem hem mijn stoere bink. Maar het is geen geleidehond, natuurlijk. Blijkbaar heeft hij wel door dat ik blind ben, want hij blaft om me duidelijk te maken waar ik ben. En als ik iets laat vallen, gaat hij erbij staan en blaft. Ik moet dan alleen maar bukken en het oppakken. Maar hij wandelt niet, wil zelfs niet in de tuin komen ...