(On)veiligheid bij openbaar vervoer

Het geduld van Jan Penris over de onveiligheid op tram en bus is op
Vlaams Volksvertegenwoordiger Jan Penris ondervroeg eens te meer de bevoegde Minister Van Brempt (vervangen door Minister Vandenbroucke) over de al te trage uitvoering van het Veiligheidsplan van De Lijn, dit naar aanleiding van het zoveelste incident in Antwerpen. Maandag werd daar op risicolijn 14 een vrouwelijke buschauffeur in elkaar geslagen met zeven dagen werkonbekwaamheid tot gevolg. Hierna volgde eens te meer een spontane 24 urenstaking van het personeel van de stelplaats Zurenborg.
Naar aanleiding van de moord op Guido Demoor had de Vlaamse Regering in juli 2006 een aantal maatregelen (een Veiligheidsplan) aangekondigd om de veiligheid op het openbaar vervoer in het algemeen en in Antwerpen in het bijzonder te verhogen. Die maatregelen omvatten onder meer het installeren van camera's, in het bijzonder op de risicolijnen, en het aanwerven van bijkomend veiligheidspersoneel. Vlaams Volksvertegenwoordiger Jan Penris stelde zowel in 2006 als in 2007 verschillende vragen over de uitvoering van het plan : “Ik heb toen steeds begrip voor de door haar aangehaalde argumenten getoond. Ze heeft toen verklaard dat de plannen zouden worden uitgevoerd, dat de complexiteit van het dossier tot achterstanden had geleid, dat er budgettaire problemen waren en dat het om een bijzonder moeilijk Europees aanbestedingsdossier ging. Vandaag is mijn geduld en het geduld van de werknemers van De Lijn op. Vandaag wil ik horen hoe het zit met de goede voornemens die minister Van Brempt in juli 2006 heeft verkondigd. Hoe staat het met de maatregelen die zouden worden genomen om de veiligheid op De Lijn te verhogen?”. Minister Vandenbroucke die Minister Van Brempt verving antwoordde dat de Raad van Bestuur van de Lijn op 19 december 2007 de opdracht voor de plaatsing van de resterende 720 camera’s heeft toegewezen en dat deze tegen juni 2008 zullen geïnstalleerd zijn. Er werden volgens de minister ook al 65 bijkomende controleurs aangeworven en in februari 2008 zouden er nog 17 controleurs aan hun opleiding tot veiligheidsagent beginnen en halfweg 2008 op het terrein operationeel zijn. De minister vond het vervolgens echter nodig om wat hout op het vuur te werpen en verklaarde over de agressiegebonden ongevallen : “Als men naar 2007 kijkt, liggen de cijfers niet hoger dan in 2006. Het aantal agressiegebonden arbeidsongevallen, 99 in 2006, 96 in 2007, wijzen eigenlijk op een stabilisatie. Als je weet dat het aantal kilometers dat door De Lijn wor dt afgelegd, zeer aanzienlijk toeneemt, en het aantal chauffeurs en passagiers eveneens zeer aanzienlijk toeneemt, kan men stellen dat we als samenleving met de maatschappij De Lijn de agressie in 2007 nog in de hand hebben gehouden”. Jan Penris vond deze reactie totaal ongepast en verwees, naast de betreurenswaardige afwikkeling van de zaak Demoor, naar het weggestemde Vlaams Belang-voorstel rond zerotolerantie : “U begint met de incidenten te minimaliseren in functie van het aantal kilometers dat werd afgelegd en het aantal reizigers dat werd vervoerd en zegt dat het al bij al nogal meevalt. Elk incident is er een te veel. Ik denk dat we onze kop niet in het zand moeten steken. Ten aanzien van misdrijven gepleegd op het openbaar vervoer moeten wij als verantwoordelijke politici een nultolerantiebeleid hanteren. Vanmorgen en gisteren hebben we er in de commissie Openbare Werken over gedebatteerd. We hebben een voorstel ingediend om een zerotolerantiebeleid in te voeren. Uw meerderheid heeft gemeend dat voorstel te moeten afschieten, natuurlijk omdat het van ons kwam en om geen enkele andere reden. En voorts bestaat er in dit land de scheiding der machten. Ik ben ook blij dat ik in een rechtsstaat leef waar de scheiding der machten bestaat. De rechterlijke macht mag wel eens een lesje krijgen. Als zij met incidenten, met misdrijven, met moord te maken krijgen - ik spreek hier over de zaak Demoor - moet de rechterlijke macht toch eens beseffen dat ze met haar uitspraken een bijzonder zware maatschappelijke verantwoordelijkheid begint te dragen. Zowel de rechters die het vonnis hebben geveld als de raadsheren die uiteindelijk dat vonnis hebben verzwaard, dragen hierin een verpletterende verantwoordelijkheid, want op de duur krijgen sommige gebruikers van de openbaar vervoer de indruk dat alles kan en alles mag.
Ik richt me nu niet langer tot u als vervanger van de minister van Openbaar Vervoer, maar tot u als minister van Onderwijs. We vervullen hier toch een heel belangrijke maatschappelijke opdracht. U schrijft eindtermen in alle richtingen. Zou het niet nuttig en wenselijk zijn om onze jongeren op te voeden, in die zin dat als ze gebruik maken van het openbaar vervoer en alle andere faciliteiten die wij hun ter beschikking stellen, ze ook respect opbrengen voor degenen die gebruik maken van die faciliteiten en die dat openbaar vervoer mee dragen. Ik denk dan aan onze chauffeurs, onze 'wattmannen' en onze 'wattvrouwen'. “
------------------------------------------------------------

Jan Penris is een Antwerpenaar en een bijzonder vlot prater, goed gedocumenteerd, een zeer redelijk man die steeds op een hoffelijke manier met begrip en humor de zaken voorstelt. Weet iedereen echter wat een "wattman" is ? Is dit Algemeen Nederlands ? Ik weet het echt niet, vandaar de vraag. Jan, ik schiet niet naar je, hoor, want het is een prima tussenkomst.
Ray
















2 reacties op dit bericht
wattman
Een wattman is een trambestuurder. In het woord wattman zit "Watt" dat is
een benaming van electrisch vermogen (P= UxI).Vandaar dit gebruik.
bob et bobbete
"Watmann"