Men had niet verwacht dat deze oorlog een statisch gevecht zou worden, maar al snel bleek dat beide partijen sterk aan elkaar gewaagd waren. Er ontstond dus een patstelling. Omdat het op open terrein levensgevaarlijk was voor de soldaten begonnen beide partijen loopgraven aan te leggen. Zo zorgden ze ervoor dat de soldaten veiliger zaten voor de krachtige langeafstandsartillerie en snelvuurmachinegeweren.
De eerste loopgraven werden aangelegd in oktober 1914 door de manschappen van de 2nd Scots Guards. Het waren greppels die slechts minimale bescherming boden. De loopgraven waren ondiep omdat men dacht dat het slechts tijdelijk was en dat de 'normale' oorlogsbewegingen zich in het voorjaar weer zouden hervatten. Maar tegen december 1914 was er reeds een netwerk van loopgraven gevormd vanaf de Belgische kust, dwars door het oosten van Frankrijk tot aan de Zwitserse grens. Tegen 1917 was het in theorie zelfs bijna mogelijk om door de loopgraven langs bijna heel het front te lopen.
Elke soldaat had een zogenaamde pioniersschop waarmee hij greppels kon graven of eventuele beschadigingen aan loopgraven kon herstellen. In het begin wisten men niet hoe de loopgraven moesten worden aangelegd, maar geleidelijk aan werden ze steeds ingenieuzer.
Een loopgravenstelsel was erg complex. Daarom had elke loopgraaf een naam zodat de soldaten niet verloren konden lopen. Het loopgravenstelsel bestond uit een reeks loopgraven, ongeveer evenwijdig aan die van de vijand. Vooraan had men de frontlinieloopgraaf, die zigzag werd aangelegd om eventuele aanvallen beter te kunnen opvangen. In deze loopgraaf vond men schieterkers van waaruit de soldaten konden schieten. Hierachter vond je verbindings- en ondersteunende loopgraven, de officiersonderkomens, de latrines, de granaatloopgraven, enz.
De manier waarop de loopgraven van de geallieerden werden aangelegd verschilde van de manier die de Duitsers gebruikten. De Duitsers legden erg ingewikkelde loopgraven aan omdat ze meenden dat deze loopgraven de nieuwe grens van het Duitse rijk zouden vormen. Daarom hadden hun loopgraven vaak ramen met luiken, en soms zelfs deurmatten.
Duitse loopgraven werden meestal heel diep gemaakt om de manschappen te beschermen tegen artilleriebeschietingen.
De loopgraven van de Fransen en de Britten daarentegen waren veel eenvoudiger omdat zij verwachtten het bezette gebied te heroveren. De twee frontlinies werden gescheiden door een stuk open land tussen de 70 en de 700 m breed. Dit stuk land werd "Niemandsland" genoemd . Hier sneuvelden honderdduizenden soldaten.
Het leven in de loopgraven
Het leven in de loopgraven verliep erg moeilijk en was erg vuil. Het bestond meestal uit lange perioden van verveling die slechts sporadisch werden afgewisseld door korte perioden van doodsangst. Het meeste werk werd 's nachts gedaan; dan stuurde men patrouilles op pad om de vijand te observeren en aan te vallen. Ook werd er tijd vrij gemaakt om de loopgraven te herstellen.
Tijdens de ochtend- en avondschemering waren alle manschappen paraat omdat de kans op een aanval dan het grootst was. Voordat een aanval begon vuurden artilleristen granaten in de vijandelijke loopgraven, wat voor afschuwelijke verwondingen en doden zorgde. Troepen die bij een aanval uit de loopgraven klommen kregen te maken met machinegeweervuur en nog meer granaten. Geleidelijk aan werd dit wapenarsenaal ook aangevuld met gas en tanks.
Overdag was het gewoonlijk rustig en hadden de manschappen tijd om slaap in te halen, te lezen, brieven te schrijven of op te ruimen. Ze bedachten allerhande strategieën om het hoofd te beiden aan hun grimmige leven. Ze sloten hechte vriendschappen, maakten grappen, zongen en werden soms erg bijgelovig of religieus. Veel gewone soldaten kregen ook een sterk gevoel van kameraadschap met hun vijanden, die ze zagen als medeslachtoffers in een oorlog die door officieren en politici was bedacht.
Sommige soldaten gebruikten hun vrije tijd om gedichten te schrijven of een dagboek bij te houden. Deze verslagen kunnen ons een beeld geven hoe het leven er in de loopgraven aan toe ging. Vanaf 1916 begon de Britse regering zelfs professionele oorlogskunstenaars naar het front te sturen (Bv. Paul Nash). Deze moesten oorlogstaferelen vastleggen op doek zodat de gruwel van de oorlog niet verloren ging.
Om de verveling te verlichten verbleven de soldaten meestal een week in de frontlinieloopgraven om daarna overgeplaatst te worden naar de reservelinies en naar een gebied in het achterland. Hier kregen ze een bad en schone kleren en hadden ze tijd om uit te rusten voor ze weer naar de loopgraven gingen.
@ http://members.lycos.nl/wo1/index.php?id=loopgraven
2 reacties op dit bericht
VRT: DE schandvlek voor Vlaanderen
De VRT is een schandvlek voor Vlaanderen en niet het Vlaams Belang, zoals ze zo graag wil laten uitschijnen.
De VRT heeft Vlaanderen niets te bieden, buiten tendentieuze berichtgeving en het in stand houden en voeden van het eigen kringetje. En het eindeloos, maar dan eindeloos herhalen van de herhalingen over Hitler en de zijnen. Wat een verering zou ik zo zeggen.
Zelfs bij de dood van Wannes Van de Velde konden ze het niet laten om aan lijkenpikkerei te doen. Zo kennen we ze.
Zich vastklampend aan hun ambtenaar statuut, gefinancierd door de Vlaamse belastingbetaler die ze op alle manieren schofferen en discrimineren zouden ze op de privé markt niet eens aan een job geraken. Ze hebben nooit leren vissen, als de vis niet op hun bord komt, komen ze om van de honger.
BRTee weg ermee. Opgeruimd staat netjes.
a- 300.000.000€ besparing aan waardeloos links gespuis.
b- 100% idiote waanzin minder in de huiskamer.
c- een massa minder domme grieten tussen elk programma te moeten aanschouwen, het gaat van kwaad naar erger, straks nog een kopvod!
d- geen extreem linkse propaganda's want de rotzooi begint ons mateloos te irriteren.
e- personeel wat respect heeft voor de uitgenodigde sprekers, momenteel een zootje die altijd en overal tussen zitten, onderbreken, nooit sprekers hun zin laten afmaken als het antwoord niet strookt met hun extreem linkse rotzooi, en dat op een verschrikkelijke brutale wijze door een stelletje oerdomme ganzen, het is degoutant én irriterend geworden.
De BRT mag op één voorwaarde blijven bestaan:
a- géén staatsomroep met overbodige ambetantenaren, gewoon werknemers met een normaal werknemerscontrakt, niet bekwaam, weg ermee.
b- alle politieke partijen hebben zendtijd, afhankelijk van hun aantal 'bewezen' leden.
c- totale neutraliteit en 100% objectieve berichtgeving.
d- budget met 65% minder t.o.v. het huidige.
e- op de Vlaamse vleugel géén waals/franstalig gepuis meer, zeker geen franskiljonse zwarte lola's, om kotsmisselijk van te worden.
Conclusie: het beste voor Vlaanderen is deze waardeloze volgepropte, met een extreem links zootje, staatsomroep definitief te sluiten, geeft een massa ergernis minder én.......opgeruimd staat netjes.