
Rachid Ghannouchi leider van het islamistische Ennahda
In het meest westers-gerichte Noord-Afrikaanse land Tunesië worden de onderhuidse spanningen voelbaar. Langs de ene kant zijn er de pragmatici die zich realiseren dat een radicaal moslimland niet zal kunnen rekenen op de terugkeer van toeristen of van investeerders-ondernemers – langs de andere kant zijn er de fanatici, die de onderste lagen van de bevolking willen stuwen naar een puur islamitische staat.
Rond Pasen werd duidelijk hoe erg de toeristische sector lijdt onder de speldenprikken van het georkestreerde straatgeweld. De internationale media verslaan slechts dat wat politiek-correct en opwindend genoeg is om aandacht te trekken. De modale Tunesiër, die met lede ogen aanziet hoe zijn land – tot verleden jaar een oase in de islamwoestijn – afglijdt naar het moslimbarbarisme, heeft het moeilijk. De doorsnee toerist, die slechts de opgeklopte “woede-uitbarstingen” tijdens het journaal in beeld krijgt, zoekt elders de stranden op.
De voorlopige regering had beslist dat “betogingen”, d.w.z. puur straatgeweld, niet meer zouden geduld worden. Hiermee wou men aan de toeristische sector en de industrie duidelijk maken dat het land op een ordentelijke manier geleid wordt en dat Tunesië opnieuw – nog steeds – het vakantieparadijs is dat zich in een politieke overgangsfase bevindt. De geplande verkiezingen van juli werden onder druk van de inmiddels meer dan 60 partijen uitgesteld tot 23 oktober omdat men vreesde dat er bij een stembusgang in juli slechts een herhaling van de overgangsregering zou uit de bus komen. Dat was de eerste slag die de islamieten thuis gehaald hebben. En ze gaan steeds verder. Na enkele weken van relatieve stilte, nadat ze merkten dat de rust weerkeerde, dat de toeristen druppelsgewijs terugkwamen, begonnen ze weer met hun straatacties. Telkens opnieuw: speldenprikken, die moeten leiden tot een explosief verkiezingsklimaat in oktober.
Die speldenprikken bestaan o.a. uit: een brandbom in een politiebureau, een aanval op een bioscoop waar een film voorgesteld werd over het secularisme, hier en daar een betoging van “jongeren” die eisen dat de overgangsregering maatregelen neemt – een bevoegdheid die ze niet heeft – om het land te kneden volgens het moslimideaalbeeld. De revolutie voor de democratie moet en zal leiden naar de onderworpenheid van een totalitaire moslimstaat. Dàt is wat ze willen bereiken. Volgens de laatste bevraging naar de kiesintenties zou de Ennahda, de partij die tijdens Ben Ali verboden was, de partij van de radicale islamieten, aan de winnende hand zijn. Echter heeft 2/3 van de kiesgerechtigden nog geen keuze gemaakt. Dus moet de druk opgevoerd worden…
De jongste berichtgeving in onze contreien over de dood van een 14-jarige jongen in Sidi Bouzid, niet toevallig het stadje waar de vermeende hooggekwalificeerde groentenverkoper zich naar verluidt in de fik stak, was even tendentieus als het nieuws over de democratiewens van de moslimlanden in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Hij nam deel aan een verboden betoging, die gepaard ging met het branden van autobanden en het gooien van brandbommen en stenen naar de politie. Uit zelfverdediging en om de horde uiteen te drijven schoten de ordediensten in de lucht; een kogel ketste af en doodde de jongen. Zes politieagenten raakten ernstig gewond; negen personen werden gearresteerd. Heel het weekeinde werden er her en der protestrellen georganiseerd.
Terwijl het nieuws over de dood van de jongen zich door het land verspreidde, waarschuwde premier Beji Caid Essebsi het volk maandag in een toespraak dat “extremistische religieuze stromingen en andere extremisten van links en rechts” onrust proberen te stoken om de verkiezingen in oktober te dwarsbomen. De verkiezingen moeten een volksvergadering opleveren die een nieuwe grondwet moet opstellen. "Deze partijen betwijfelen of zij de verkiezingen zullen winnen en vrezen dat door de stemming hun ware gewicht op het politieke toneel wordt onthuld", zei hij. De premier verzekerde dat de verkiezingen, die al een keer zijn uitgesteld, niet nog eens worden verschoven.
En – zoals gebruikelijk bij de belijders van de godsdienst van de vrede – wordt Israël nog maar eens ten tonele gevoerd als reden voor het geweld. Want de islamieten willen dat de grondwet herschreven wordt volgens de leer van Allah. Israël is nog maar eens de zondenbok. Een eerste voorontwerp dat de bevoegde expertencommissie voorlegde verbiedt expliciet elke normalisering van de betrekkingen met Israël. Pragmatici willen dit eruit gooien, maar de radicale moslims en de links-extremen willen dit absoluut erin opgenomen zien. De verstandhouding Tunesië-Israël staat al lang op een laag pitje. Van 1982 tot 1994 gaf Tunesië onderdak aan de PLO, die daarvoor uit Libanon verdreven was. Hun hoofdkwartier in Tunis werd in 1985 door een Israëlische luchtaanval in puin gelegd. Tussen 1996 en 2000 trad er weliswaar een lichte dooi op met diplomatische contactpunten in beide hoofdsteden, maar die werd na de tweede intifada in 2000 door Tunesië opgeheven.
Een steen des aanstoots zijn de Tunesische Joden. Daar waar er in 1972 nog ca. 25.000 Joden waren, blijven er nu minder dan 1.500 over. In 2002 was de eeuwenoude synagoge op Djerba het mikpunt van een bomaanslag waarbij 21 mensen het leven lieten. Sindsdien werd het bezoek aan de synagoge van de toeristische lijst der bezienswaardigheden geschrapt tot … dit voorjaar. Plotseling stond de synagoge met foto prominent aanwezig bij de mogelijke uitstappen, kwestie van aan te tonen hoe veilig Tunesië wel was. Dat Israël einde maart financiële steun beloofde aan de Tunesische Joden, die eventueel zouden overwegen naar Israël te emigreren, heeft een verontwaardigde reactie uitgelokt. Het Tunesisch ministerie voor Buitenlandse zaken beschouwt dit als “een inmenging in de binnenlandse aangelegenheden” en hij voegde eraan toe dat Israël daarmee probeert “het postrevolutionaire aanzien van het land te besmeuren”.
Noteer dat de moslimextremisten wel zo verstandig zijn de toeristische sector zelf niet te bedreigen. Ze realiseren zich dat ze daarmee in eigen voet zouden kunnen schieten: niet omdat ze de buitenlandse toeristen in hun hart dragen, maar wel omdat ze zich realiseren dat dit wel eens tot een omgekeerd resultaat zou kunnen leiden.
Als het kalf verdronken is, wordt het niet tot leven gebracht door het dempen van de put.
Floriaan Terbeke
Bron: AP, Novum/AP
2 reacties op dit bericht
@Lucky9
En dat is ook te vinden bij de Tijd, de staatsschuld.
Ik meen dat uw slotconclusie, enigszinds aangepast, in deze ook van toepassing is.
salaam
http://www.tijd.be/nieuws/geld_-_beleggen_algemeen/Hoe_wordt_de_overheidsschuld_berekend-.9001519-3467.art?ckc=1
Op de 13495 respondenten antwoordde maar liefst 80% dat ze "niet akkoord zijn met het ja van de CD NV."
Van de 20% die wel akkoord zijn met het "ja" is niet geweten of het masochisten zijn, debielen of senielen.