appelboom


dammie
appelboom

heimweeIk ben verhuisd; ik woon nu al tien maanden in een nieuwe omgeving.
Mijn lichaam en mijn verstand wonen hier, maar mijn ziel dwaalt nog steeds door de duinen, langs het strand, over de zee.
Mijn ziel is nog daar waar ik vandaan kwam.
Daar waar mijn ziel dwaalt, is het altijd mooi weer, de zon schijnt aan een strakblauwe hemel, de lente is daar net ontsproten, of het is een prachtige zomerdag aan het strand, ofwel een mooie dag vol herfstpracht, ofwel zijn de takken van de kale bomen berijpt en ligt er een dik pak sneeuw.
Daar waar mijn ziel dwaalt, is de hemel nooit betrokken, is er geen storm en regen.
Soms roep ik mijn ziel terug en wijs haar op de pracht van de omgeving waar ik nu woon, mijn ziel kijkt rond en beaamt dat het hier ook mooi is, maar dan vliedt zij weer weg van mij, naar de duinen, het strand en de zee van weleer.
Dammie
ballonvaart

Het is een mooie najaarsdag.
Ik vertel je dat ik een verrassing voor je heb.
Je bent heel nieuwgierig, maar ik verklap nog niets, behalve dat het twee uur voor zonsondergang gaat plaatsvinden en dat we er voor naar Sint Niklaas gaan rijden.
Heel de dag draai je om mij heen, en tracht je uit te vinden wát je te wachten staat.
Eindelijk is het zover, we stappen in de auto en na een uurke komen we aan op de plaats van bestemming...........
Wanneer je merkt dat we ballon gaan varen, glanst je gezicht van blijdschap, zoiets tofs heb je niet eerder gedaan.
Dolgelukkig stappen we beiden in de gondel.
We genieten van het landschap..........van de zon die bijna ondergaat en alles in een heel romantisch licht plaatst.
Je staat dicht tegen me aan, ik voel je lieve lijf tegen het mijne......
Ik neem je teder in mijn armen, fluister lieve woordjes in je oor, vertel hoeveel je voor me betekent, hoeveel ik van je hou
en dan, vlak voor het moment waarop de zon achter de horizon gaat verdwijnen, vraag ik je ten huwelijk.............
Je kijkt me intens gelukkig aan, je ogen verdrinken in de mijne terwijl je JA, ik wil, zegt......
Nooit eerder in mijn leven ben ik zó gelukkig geweest, als op dat gouden moment........
Dammie
ophieuw bloeien de seringen

Het was lente.
De bloesems bloeiden aan de bomen en ik wachtte elke dag op je onder de seringenboom.
Jij was meestal te laat en je had altijd een reden om snel weer weg te gaan.
Toch bleef ik op je wachten, alle dagen weer.
De sering raakte uitgebloeid en jij zei tegen me, dat je mij niet meer wilde ontmoeten.
Ik weende.............
Opnieuw is het lente; er is een jaar voorbijgegaan.
Daarnet liep ik langs de seringenboom.
Ik zag je staan, alleen.
Je weende........
Dammie
boswandeling

op gouden vleugeltjesVannacht kom ik op gouden engelenvleugels naar je toevliegen.
Ik maak me mooi, speciaal voor jou.
Ik land op het terras, de deur staat op een kiertje
zachtjes loop ik naar de kamer, waar je ligt te slapen, ik kijk naar je, je ziet er zo lief uit.
Ik heb je lief, zo oneindig lief.............
Stilletjes kruip ik naast je.
Je wordt niet wakker.
Ik sla mijn armen om je heen
en dek ons toe met mijn vleugels.
Teder wieg ik je in mijn armen
Ik heb je lief mijn lief,
zó lief heb je en jou alleen.........
dammie
het lege huis

gestorven vlinders

Ik word wakker...... hoor de vogels fluiten........kijk op de wekker 09.09 uur, een mooie tijd om wakker te worden op een herfstochtend.....
er ís iets, maar ik weet niet wát, iets, dat me vaag verdrietig maakt.
Ik blijf nog even liggen, heb immers geen haast om op te staan, geen afspraken vandaag, vrije dag, dus geen haast.
Dan, ineens, wéét ik wat er is............ dit is de eerste ochtend in maanden, dat ik wakker werd, zonder meteen aan Jou te denken.
Ik begin je te vergeten............
denken aan jou gebeurt niet meer automatisch, zelfs niet bij het wakker worden
denken aan jou brengt geen vreugde meer en ook geen verdriet
Ik mis de vlinders die ik voelde, als ik aan je dacht, ik mis het geluk dat ze brachten
maandenlang hield ik van jou, dacht ik altijd aan jou, droomde ik constant over jou, ging ik slapen met een gedachte aan jou, stond ik op met een gedachte aan jou
en nu is dat voorbij
de vlinders van verliefdheid, die er heel de winter waren, ondanks sneeuw en kou, die sterke vlinders
zijn gestorven in de lente, kort voordat de zomer beginnen zou,
op een mooie pinksterdag, gingen ze dood, zómaar,
zonder waarschuwing vooraf
ze zijn weg
ik mis ze, een beetje,
maar het is beter zo
want jij hield nooit van mij.
dammie
verlof in Namibië

Ik maak een rondreis door Namibië.
Niet ík heb deze reisbestemming uitgekozen, maar jij. Jarenlang praatte je over niets anders dan een bezoek aan het zuiden van Afrika.
Evenzoveel jaren kwam er telkens iets tussen, werk, projecten, waardoor we de reis nog een jaartje uitstelden.
Dat ik hier uiteindelijk toch rondtrek, is dus dankzij jouw droom..........
De reis gaat vanaf Windhoek via Khomashochland en de Gamsberg pas naar de NamibWoestijn.
Daarna met een 4x4 voertuig naar de Sossusvallei, een enorme kleipan in het centrum van de Namib woestijn, de oudste woestijn. De duinen zijn er soms meer dan driehonderd meter hoog en behoren tot de hoogste zandduinen ter wereld. De kleurschakeringen van de duinen variëren van geel over feloranje tot vuurrood.
Ik mis je, meer dan ooit, zó graag had ik deze reis sámen met jou gemaakt..........
Ik daal af in de Sesriem canyon en bewonderde de grillen van de natuur.
Ik zie Walvisbaai, Damaraland, Opuwu, de Rucanawatervallen, het prachtige Etosha National Park
en ik schreeuw tot het universum:
Wáárom was er dat ongeluk, dat jou voor altijd uit mijn leven rukte? Waarom?
Tenslotte ga ik via Otjiwarongo terug naar Windhoek.
Al die tijd ben je in gedachten bij mij. Spreek ik tegen je en meen ik, soms, je stem te horen, je gestalte te zien.
Een enkele keer denk ik zelfs dat ik je arm om mij heen voel.
Morgen vlieg ik terug naar huis, de reis is bijna voorbij.
Ik laat je hier achter, in je geliefde Afrika.
Mijn rouwen om jou, het moet voorbij zijn.
Ik wil mijn leven hervatten.
In mijn herinnering zul je altijd voortleven,
hier in Afrika.
Ik moet verder, zonder jou.
dammie
ik mis je

ik mis je,
ik mis het dat ik niet meer van je hou......
ik mis het samen vliegen,
en in de wolken wiegen,
de hoge toppen, de diepe dalen,
waaruit je me kwam halen,
zodat ik dan weer pijlsnel stijgen zou,
om hoog in de lucht te zijn bij jou,
ik mis het fladderen van de vlinders,
het gelukkig zijn, als waren we nog kinders,
ik mis het, dat ik niet meer van je hou.......
Dammie
de derde dag van het verlof

Ik ben op verlof.......
Het is heerlijk warm en wolkeloos
Ik mis jou zo heel erg, mijn lief........
Overdag lig ik in de zon, of zwem ik in zee,
's Avonds wandel ik langs de vloedlijn.
's Nachts zit ik op het strand en kijk ik naar de sterrenhemel
en denk ik aan jou.
Er hangt hier een heel bijzondere sfeer.
Het is net, of ik steeds jouw aanwezigheid voel.........
Ik zie je niet écht, maar ik voel je aanwezigheid.......
Het is nonsens, het kán niet
en toch voel ik je, hier, dicht bij mij..........
Op de derde dag van mijn verlof,
als ik voor de zoveelste maal een verkoelende duik in zee neem,
voel ik ineens een paar bekende handen, die mij vasthouden.........
Wanneer ik boven water kom, ben jíj daar...........
Je neemt mijn hoofd teder tussen je handen
en geeft mij een innige kus.........
Ik ben zó blij, dat je mij gevolgd bent,
dat we sámen hier zijn.......
Nu begint het verlof pas écht..........
dammie
verdriet

hoe ga je om met een groot verdriet
je gaat er Niet mee om,
het verdriet gaat met jou om
het is alom aanwezig
je kunt je er niet voor verstoppen
je kunt er niet even pauze van nemen
het ís er
en het doet met je wat het wil
het houdt je vast ,zolang het wil
je kunt er niets tegen doen,
het is er, groter dan je zelf bent, veel en veel groter dan je zelf bent
het heeft oneindig veel meer macht dan je zelf hebt
en je hebt het maar te gehoorzamen
het vervult je helemaal
en zodra je eens denkt aan iets anders dan aan het verdriet
is het onmiddellijk terug aanwezig
het heeft je in zijn macht,
het heeft zich met duizend tentakels aan je gehecht
en je moet wachten, tot het u loslaat
er is geen enkele manier waarop je het verdriet los kunt laten
je moet wachten totdat het joú loslaat
en dat gebeurt langzaam, tentakel voor tentakel
een groot verdriet
dat heeft je in zijn macht
al dat je kunt doen
is wachten
tot het je loslaat
dat is, nochtans, míjn ervaring
dammie
zwoele nacht

Het is een zwoele nacht, jij bevindt je ver bij mij vandaan, in een ander werelddeel.
Ik kijk naar de maan en denk aan jou.
Ik mis je enorm ............. ik wenste dat je hier kon zijn, naast mij, op dit verlaten strand, je arm om mij heen, samen kijken naar de de maan die zo mooi weerspiegelt wordt door de zee........
Ik heb je lief mijn lief, zo lief heb ik jou en jou alleen.
In mijn verbeelding ben je bij me, nu hier, naast me.
Ik ruik je geur, ik voel je warmte, en als ik mijn hoofd tegen je borst leg, hoor ik zelfs het kloppen van je hart.
Tijd, ruimte, afstand, het is allemaal verdwenen,
je kwam naar me toe op een gedachtestroom,
juist toen ik hevig naar je verlangde..........
op deze manier zul je altijd bij me zijn
Soms kom je op een gedachtestroom en voel ik je naast me "landen" als een zuchtje wind..........
dan weer kom je als een klein wolkje aan de (bijna)wolkeloze hemel.........
Telkens weer is er die groet van jou,
dat teken van leven,
van liefde,
van nabijheid.
Hoe ver ik ook bij je vandaan ben,
je bent altijd dicht bij me.
Dank je voor je vriendschap
Dank je voor je genegenheid
Dank je voor je trouw
Dammie
afscheid van de bouw

ik word wakker, veel te vroeg, en heel verdrietig en ik weet ……dit is de dag van het afscheid van de bouw en van jou.
Het huis waaraan jij twee jaar bouwde is af.
Een jaar geleden leerde ik je, bij toeval, kennen, omdat ik langs het huis kwam, dat je aan het bouwen was.
We raakten aan de praat, ik vond je leuk en zo gebeurde het dat ik een jaar lang bijna iedere dag naar je toe kwam, voor een babbeltje en al rap bracht ik eten en drinken mee, voor de gezelligheid.
Soms hielp ik je met stenen aangeven, maar meestal zat ik gewoon naar je te kijken.
Ik zag je graag, toen al en dat gevoel is alleen maar gegroeid.
Je bouwde het huis niet voor jezelf, maar in opdracht en morgen komen de eigenaars het huis in bezit nemen.
Vandaag leg je er de laatste hand aan, vandaag is de laatste dag dat ik bij je kan zijn, morgen vertrek je naar een ander deel van het land, om daar aan een nieuwe opdracht te beginnen.
Ik trek mijn mooiste kleedje aan, maak je lievelingseten en kom naar je toe.
Ik zie, dat je blij bent, dat ik gekomen ben.
Je neemt me in je armen en omhelst me teder, ik voel het kloppen van je hart, het klopt zo lief voor mij...............
Na een paar minuten maak je je voorzichtig los van mij, neemt me bij de hand en samen lopen we nog eenmaal het huis door, eerst beneden: keuken, hal, living......... dan de trap op, de slaapkamers, het weidse uitzicht.
Ik herinner me dat de stelling hier stond en hoe we hier zaten en aten en uitkeken over de weidevelden.
Het is een prachtig huis geworden, je mag fier zijn op je werk en toch denk ik........was het nog maar vorig jaar, was het huis nog maar níet klaar, dan hoefde je nog niet weg.
We hebben al de tijd geweten, dat onze liefde zou eindigen, als het huis af was, je hebt immers elders andere verplichtingen...........
Ik pak de mand met eten uit en voor de laatste keer eten we samen, drinken we samen,
na het eten neem ik je, als altijd, in mijn armen,
kus je teder op je voorhoofd, je lieve ogen, je neus, je mond,
nog eenmaal liggen we in elkaars armen
en dan is het sprookje voorbij,
Ik moet gaan,
jij moet gaan
Vaarwel mijn lief, vaarwel
je woont voor altijd in mijn hart
Dammie
zwemmen bij maanlicht

Ik werk als vakantiehulp in Spanje, in Mijas, bij een gezin, dat woont in een villa die tegen de berg aangebouwd is. Vanaf het terras heb ik een schitterend uitzicht over het dal en over andere villa's. In de villa juist onder die waar ik vertoef, woont een aantrekkelijke man. Hij is leuk om te zien en ik vind hem sympathiek. Telkens als hij me ziet zwaait hij joviaal. Na een paar dagen ontstaat er een ritueel. Iedere morgen om elf uur zwaaien we naar elkaar en iedere middag om drie uur opnieuw.
Op een nacht, als ik niet slapen kan door de warmte en ik verkoeling zoek op het terras, zie ik hem zwemmen, bij het licht van de volle maan. Gefascineerd sla ik hem gade.
Op een gegeven moment ziet hij mij en gebaart hij mij naar beneden te komen en met hem mee te zwemmen. Even aarzel ik, want de smalle paadje, dat van onze villa leidt naar die van hem, is vrij steil. Hij merkt mijn aarzeling en komt mij tegemoet, over het smalle pad en neemt me bij de hand. Veilig leidt hij mij naar zijn villa, naar zijn zwembad.
We duiken in het water,dat verrukkelijk koel is, in deze hete zomernacht.
Hij zegt dat hij me leuk vindt. Ik voel mijn hart sneller kloppen. We kijken over het dal, dat zo mooi belicht wordt door de volle maan. Hij houdt mijn hand vast.
Tegen het ochtendgloren moet ik terug naar de villa waar ik werk, om voor het ontbijt te zorgen.
Hij kust me teder en zegt...............kom je iedere nacht bij me terug?
Ik zeg, dat ik dat heel graag wil, maar dat ik nu echt moet gaan. Als ik bovenaan het pad ben aangekomen, draai ik me om en zwaai naar hem, hij zwaait terug..........
Dat is de laatste maal dat ik hem zie.........
de volgende nacht is hij er niet, en de daaropvolgende nacht ook niet.......
ook overdag zie ik hem niet meer..........
de villa ziet eruit alsof ze nooit bewoond is geweest.........
Iedere nacht ga ik naar beneden, over het smalle pad, dan zwem ik in zijn zwembad, in de hoop dat hij ineens naast me opduikt.......... maar niets van wat ik wens gebeurt.
Hij is verdwenen.........het prille geluk is zomaar voorbij.
Dammie
saai

Saai
Het leven is oneindig saai,
Niet nu pas, maar al mijn hele leven.
Soms is er iemand om mee te spelen,
of om ruzie mee te maken.
Maar onder al die ruzie en al dat spelen
Ligt altijd weer de saaiheid,
De oneindige saaiheid van het bestaan,
Niet nu pas, maar al mijn hele leven.
Damma
dwars tegen alle regels en logica in

Dwars tegen alle regels en logica in
ben ik van je gaan houden,
heeft dat zin?
Dwars tegen alle regels en logica in
zie ik op jouw gezicht
de glans van hetzelfde licht.......
dammie
eenzaam en oud

Hij zal zo af en toe nog weleens aan mij denken,
niet al te vaak, daar ben ik mij terdege van bewust,
maar soms, als hij zich eenzaam voelt en verlaten,
zal hij wensen, dat ik weer op hem zit te wachten
en spijt hebben van alle keren dat hij mij liet zitten.
Hij ging weg, omdat hij vrijheid wilde.....
al wat hij kreeg is eenzaamheid........
nooit zit er op hem nog iemand te wachten,
er is geen mens die nog van hem houdt.
Lang geleden, was er iemand die naar hem smachtte
maar die liet hij barsten.........
nu is hij eenzaam, alleen en oud.........
dammie
kom, laten we nog eenmaal vliegen

Kom, laten we nog eenmaal vliegen.
Ga je met me mee?
We stijgen op, hoog boven het dal,
vliegen over de rivier,
voelen de kracht van onze vleugels,
maken een duikvlucht
en landen in de kruin van onze lievelingsboom.
We genieten nog eenmaal van het uitzicht
en vliegen dan terug, langzaam en verdrietig,
want we weten:
morgen worden we opgehokt.
dammie
jij en ik

jij en ik
liefdevolle ogen
warmte
tederheid
gevoel
begrip
jij en ik
samen één
dammie