Overal carnaval

Van de Gilles in Binche tot de samba in Rio
Carnaval is oud. De Grieken en de Romeinen hadden al feesten die op onze carnavaluitspattingen leken. Het idee was en is dat de wereld even op zijn kop gaat. De boef wordt koning. Hij mag plaatsnemen op een troon en wordt in triomf op een wagen meegevoerd. Na drie dagen is zijn rijk echter uit... Maar er is meer. In landbouwstreken hangt het carnavalfeest samen met de terugkeer van de zon na een lange, donkere winterperiode. Het masker dient om boze geesten te verdrijven. De boeren dansen en stampen met hun voeten op de grond om de aarde vruchtbaar te maken. In onze contreien betekent vastenavond lekker eten en drinken alvorens veertig dagen te vasten. En zo is er overal ter wereld wel iets speciaals te melden rond carnaval. Een overzichtje van de belangrijkste plaatsen.
De Gilles van Binche
De vruchtbaarheidsdans, de Carolle van de Gilles van Binche, is een danspas waarmee zij de aarde uit zijn winterslaap willen halen. Op Mardi Gras (vette dinsdag) vanaf drie uur in de ochtend, start in Binche dit jaarlijks ritueel. De trotse moeder, echtgenote of zus kleden hun Gilles met zorg en stoppen zijn kleurrijk plunje vol met stro tot het pakje en de bochel bol staan. Vanaf vijf uur begint het bizarre tromgeroffel, worden de Gilles thuis afgehaald en dansen zij hele dag de Carolle, later op de dag in het gezelschap van trommelaars en muziekgroepen, tot hun aankomst op de Grote Markt. In de namiddag worden de grote hoofddeksels met struisvogelveren opgezet en verdwijnen de droevige maskers. Een indrukwekkende stoet trekt dan door de straten van Binche terwijl de Gilles gul sinaasappeltjes gooien.
De Blanc-Moussi van Stavelot is een andere bekende figuur. Wie hem met zijn varkensblaas en confetti aan het werk wil zien en de traditie errond wil kennen, moet wachten tot Halfvasten. Dan trekken De Blancs-Moussis hun witte pij aan en zetten zij hun masker met rode puntneus op.
Voile Jeanetten van Aalst
Aalst Carnaval gaat ook terug op een eeuwenoude traditie. De stoet die er zondag trekt, is een optocht met uitsluitend Aalsterse groepen die een humoristische en persoonlijke visie geven op de gebeurtenissen van het voorbije jaar. Politici en vip's krijgen er een veeg uit de pan. Maandag om 15 uur is er de Ajuinenworp en de Aalsterse Gilles dansen dan hun bezemdans. De Voile jeanetten en travesties trekken dinsdagnamiddag door de stad.
Venetië in een sprookjeswereld
Het Carnaval van Venetië is het oudste en levendigste van Europa. En toch bestaat het in zijn huidige vorm nog maar een jaar of twintig. De Vola della Colomba of de 'duivenvlucht' waarbij een acrobaat afdaalt van de klokkentoren op San Marco betekent het begin van een feest dat twaalf dagen en nachten duurt tot Vette Dinsdag of Martedi Grasso. Vanaf het einde van de jaren zeventig verschenen de kleurrijke kostuums met de glans van weleer weer in het straatbeeld. Dankzij de toeristen bloeit het prachtige Venetiaanse carnaval als nooit voorheen. De bekende vermommingen die men er draagt dateren uit de glorietijd van de Commedia dell' Arte, het klassiek Italiaanse volkstoneel: de pierrot met zijn witte pak en de traan in zijn oog, de harlekijn en uiteraard de prachtige versierde maskers.
Am Rosenmontag
Mainz, Keulen, Aken: in Duitsland storten de feestneuzen zich tot Ashermittwoch of Aswoensdag in een feestroes. Prachtige stoeten met duizenden deelnemers trekken door de straten. Voor de zotskap, die zelfs beweert dat hij op Rosenmontag geboren is, is het uiteraard hoogdag op verloren maandag. Je kunt gaan proeven van de Duitse sfeer in Aken of Keulen maar ook in de Oostkantons vind je deze typische ambiance. Kelmis en Eupen steken elkaar de loef af op verloren maandag met stoeten met meer dan honderd prachtige groepen.
Rio in stomende hitte
Suzana Werner, ex-liefje van Ronaldo
Wie liever warme oorden opzoekt om de feestneus op te zetten, kan naar het bloemencarnaval van het zuiderse Nice, naar Tenerife of uiteraard naar Rio de Janeiro (Brazilië). Deze mega-carnavalhappening is alleen maar te vatten in superlatieven en indrukwekkende cijfers. Achttien deelnemende samba-scholen (van vijf tot tienduizend deelnemers per school) betwisten elkaar iedere avond, op de 'Sambadrome' voor honderdduizenden kijkers, de eer van de mooiste groep, de beste uitbeelding. De traditionele Mangeuira Samba School defileert bijvoorbeeld met loodzware praalwagens getrokken en geduwd met mensenkracht, vijfduizend dansers en muzikanten in prachtige plunjes. Bloedmooie meisjes met prachtige hoofddeksels, zijn eerder schaars gekleed maar je moet weten dat de thermometer er in deze periode van het jaar de dertig graden overschrijdt.
Bonte Störm ook onder de kerktoren
Maastricht
Onze Noorderburen hebben duidelijk kaas gegeten van carnaval. Drie dagen lang zetten de feestneuzen er, bijvoorbeeld, Maastricht op stelten. Het straatcarnaval kent hoogdagen en op zondag trekt de Bonte Störm door Wijck en de Maastrichtse binnenstad. Maandag trekt de familieoptocht, op vette dinsdag toeteren de hermenniekes. Maar wie echt carnaval wil vieren maakt liefst geen al te lange reizen. Het plezier, de vrienden en de gezelligheid vind je immers best in je eigen stad, onder de eigen kerktoren.







Het Duitse carnaval vindt voornamelijk in steden langs de rijn zoals Keulen en Dusseldorf plaats. Het Carnaval in Keulen geldt als de absolute top wat betreft de carnavalsviering. Het Keulse carnaval is bijna zo oud als de stad zelf. Op de huidige wijze viert men het echter pas sinds 179 jaar. Grieken en Romeinen vereerden Dionysos en Saturnus door vrolijke lentefeesten te houden met 'Wein, Weib und Gesang'. De Germanen vierden de winterzonnewende om de goden te huldigen en de boze winterdemonen te verdrijven. Later namen de Christenen de heidense gebruiken over. De vastentijd voor Pasen werd ingeluid met de vastenavond of het carnaval - carne vale - Lang leve het vlees!
In de Middeleeuwen nam de vastenavondblijdschap, de 'Mummerei' (Feest van gemaskerden) vaak drastische vormen aan, zeer tot ongenoegen van de raad en de kerk van de stad. Verboden en verordeningen hielpen weinig, er werd wild en vrolijk feestgevierd. Bij het vrolijke straatcarnaval kwamen in de 18de eeuw nog de zogenaamde 'redoutes' naar Venetiaans voorbeeld, uitgelaten gemaskerde en gekostumeerde ballen, die vooralsnog voorbehouden waren aan de adel en de rijke burgerij. In 1736 werd in Keulen de eerste redoute gehouden in een adellijk huis aan de Neumarkt. Nauwelijks vijftig jaar later werd Keulen door de Franse revolutionaire troepen veroverd.
Na de oprichting van het feestcomité waren de Keulenaren niet meer te houden. Het ene na het andere carnavalsgezelschap ontstond. In 1860 gaat de eerste "spookoptocht" op de avond van carnavalszaterdag van start. Ook na de eeuwwisseling duurde de 'Gründerzeit' (Tijd van grote economische opbloei in Duitsland na 1871) van de dwazen voort. In 1902 werd de eregarde opgericht, om de 'Bauer' en 'Jungfrau' te begeleiden. In 1906 kreeg prins carnaval zijn prinsengarde. Er vestigden zich nog meer gezelschappen. Willi Ostermann met zijn liederen en de originele Grete Fluss maakten het Keulse carnaval tot buiten de stadsgrenzen beroemd.
De 'zittingen' met Büttenredner (Houders van een carnavalsspeech in de buut) en liedzangers overbrugden de tijd van de '11de van de 11de', van de officiële opening van de carnavalsperiode tot aan het hoogtepunt op Rosenmontag. Zo is het vandaag nog steeds. Nu zijn het groepen als Bläck Fööss, Höhner en Paveier, het Rumpelstilzchen of de Werbefachmann, die het gezicht van het 'Vijfde Keulse jaargetijde' bepalen. Wereldberoemd is de "Stippeföttchen-Tanz" van de Rote Funken, een persiflage op het noeste soldatenvolk. 









