
Opgroeien aan de voet van de vuurtoren. Naar school fietsen. Haamstede 5 km. Later naar Zierikzee. 20 km.
Op school kreeg ik eens de opdracht een verhaal te schrijven over een actueel onderwerp. De voorloper van de latere scriptie. Ik heb een heel boek gemaakt met als onderwerp "Kustverlichting in Nederland" Natuurlijk kies je als kind een onderwerp dicht bij huis. Lekker makkelijk. Ik schreef alle vuurtorens in Nederland aan om gegevens en foto,s van de diverse torens.Dat alles ging met tekst in een plakboek. De beoordeling op school van het boek was prima en het boek kreeg thuis een plaatsje in de boekenkast.
Totdat mijn vader bezoek krijgt van de schrijver Romke v/d Veen. Deze schrijver gaat een boek schrijven over de kustverlichting in Nederland. Waarop mijn vader niet zonder trots mijn plakboek te voorschijn haalt. De schrijver wil er graag gebruik van maken en zo gebeurt het dat ook over mijn persoontje geschreven wordt en mijn tekst en afbeeldingen gebruikt worden in het boek. Het boek is inmiddels uitverkocht maar met een beetje geluk vind u er nog een in een antiqueraat.
"Vuurtorens over vierboeten lichtwachters en markante bouwwerken."
De teks over Haamstede begint op blz 119.
"Een vuurtoren met de lichtwachterswoning aan de voet is als een klein dorpje. daar wonen de mensen, de wachters, met hun gezinnen, sterk op elkaar aangewezen, lief en leed met elkaar delend. In de winter door sneeuwval geisoleerd, in de zomer omgeven door nieuwsgierige toeristen. Daar ook groeien kinderen op, ver van school en ver van de winkels; kinderen op wie vuurtorens een onuitwisbare indruk maken, meer dan op enig ander kind. Zij raken vertrouwd met de natuur, het strand en de zee, met de schepen in de verte en de mensen daaop". tot zover de tekst van Romke.
Een van die kinderen ben ik.
Flessenpost. Romke schrijft daarover:
"Eens liep de 15jarige M langs het strand, speurend naar allerlei aangespoelde zaken. En waarvan iedereen droomt, gebeurde haar: ze vond bij "Verklikker" (een lichtopstand als geleidelicht in de duinen" strand een fles met een briefje erin, met naam en adres. Daarna ontwikkelde zich een langdurige correspondentie tussen een Nederlandse vuurtorenwachtersdochter en een voor haar onbekende Amerikaan". "Na 13 jaar werd een persoonlijke ontmoeting mogelijk"
Nog altijd schrijf ik met mijn "bottelfriend".
Naar aanleiding van dit laatste stukje uit het boek werd er weer een verhaal in het damesblad "Margriet"gepubliceerd. Het zelfde verhaal verschijnt ook in het boek "Een droevige morgen brengt vaak een mooie dag".van de schrijver Dick Walda en fotograaf Mattheus Engel. Bosch&keunig nv. isbn 90 246 4437 2 .
Toch wel bijzonder zo,n vuurtorenkind.
Ik herinner mij nog een voorval wat toch wel typisch voor lichtwachterskinderen moet zijn.
Het is donker en er staat een harde wind.4 a 5 Bf. Beneden in de woonkamer horen we hoe er boven op de vuurtoren een lichtkogel wordt afgestoken. Een witte, als antwoord op een rode die afgestoken wordt op zee. Schip in nood. Mijn broertje en ik willen dolgraag naar boven, naar het wachthuis bovenop de vuurtoren om alles van dichtbij mee te maken. Helaas het mag niet van vader.
Dan naar het strand, mischien is daar wat te zien.
Op het strand aangekomen zien we 4 mannen uit het water komen die proberen een moterbootje op het droge te trekken. Zelf zijn ze helemaal door en door nat. Ook zij hadden de rode lichtkogel gezien en probeerden hulp te gaan bieden aan het in nood geraakte zeilschip, wat aan de grond zat richting verklikkerstrand. Bij deze actie kwamen ze zelf echter in moeilijkheden en werden op het strand gezet door de branding. Behalve met een nat pak kwamen ze met de schrik vrij.Thuis keken ze wel vreemd op toen wij met 4 kletsnatte mannen thuis kwamen. Iedereen ging onder een lekker warme douche en er werd wat droge kleding van mijn vader te leen meegegeven. Een taxi bracht de mannen weer bij hun auto op de Flipjeshaven in Kamperland.
Aan het zeiljacht werd assistentie verleend door de reddingsboot.