SPREUK


JEEDEEKE
Herinneringen - gedichten en allerlei
SPREUK

JEEDEEKE



Elisabeth
Moed
Beautike.
Van Martina gekregen, dankje.
Roos
|
|
Veel verdriet

Wat een moeder gelukkig maakt


dieren liefde
Serie


SPREUK
12 dubbeltjes
12 dubbeltjes
Een man komt 's ochtends een koffiehuis binnen en bestelt een kop koffie. Hij drinkt het rustig op terwijl hij een krantje leest en loopt dan naar de bar om af te rekenen. "Hoeveel is dat?" "Een gulden dertig, meneer", zegt eigenaar Kees van het koffiehuisje. De man knikt en haalt uit zijn portemonnee 13 dubbeltjes. Hij maakt een stapeltje ervan in zijn handen en laat de dubbeltjes een voor een tussen z'n vingers uit vallen over de bar. De muntjes vliegen alle kanten op, tussen de kopjes en klazen, in de spoelbak, op de grond, onder de bar. Verbijsterd ziet Kees de man vrolijk fluitend de zaak uitlopen met het krantje onder zijn arm en zoekt na een diepe zucht het geld maar bij elkaar. De volgende ochtend komt de man met het krantje weer binnen en bestelt een kopje koffie. Even later wil hij weer afrekenen. "Een gulden dertig, he?" "Ja, meneer, een gulden dertig." De man haalt weer 13 dubbeltjes uit zijn portemonnee en laat ze tussen zijn vingers door over de bar heen springen, tussen de kopjes en de glazen, in de spoelbak, op grond, onder de bar, waarna hij weer even vrolijk verdwijnt, een zeer gefrustreerde Kees achterlatend om de boel bij elkaar te graaien. Zoals je al zou vermoeden, komt de man ook de derde ochtend een kopje koffie drinken."Een gulden dertig, toch?", vraagt hij even later aan de bar. Kees knikt en ziet hoe de klant een rijksdaalder uit zijn portemonnee haalt. Breed grijnzend haalt Kees 12 dubbeltjes uit de kassa en laat ze een voor een tussen z'n vingers door stuiteren over de bar, tussen de kopjes en de glazen, in de spoelbak, over de grond, onder de bar. De man opent zijn portemonnee, haalt er een dubbeltje uit, legt 'm op de bar en zegt: "Geeft u mij nog maar een bak koffie!"

Autumn
Uitverkoop in de Konijnen-Bijenkorf
In de Konijnen-Bijenkorf daar is het uitverkoop.
Daar krijg je voor een prikje een konijnekussensloop.
Er zijn konijnebroekjes voor drie worteltjes het stuk
en bij de kinderwagens is het heel bijzonder druk.
Er zijn konijne-nylons, o, die worden veel gevraagd,
‘konylons’ ja, ze ladderen niet, zelfs als je er aan knaagt.
Meneer Van Snuffert wil een fles met uitjes en augurken,
mevrouw Van Oren-Pokkestaart wil naar de zonnejurken.
Ze willen allemaal in de lift, de liftboy staat te gillen:
‘De derde! Schrijfbehoeften, lingerie, konijne-brillen!
De vierde! Levensmiddelen, corsetten, baby-wol!
Past op uw oren, dames, heren, ja, de lift is vol!’
Kijk daar, konijne-toffeltjes met echte vilten zolen
en een konijne-juffrouw demonstreert een rauwkostmolen:
‘U hoeft niet meer te knagen!’ zegt zij. ‘Dames! Kijkt u even!
Met deze rauwkostmolen blijft u eeuwig in het leven.’
Daar komt een dame met haar kinders, 't zijn er vierentachtig,
ze krijgen ieder een ballon, wat vinden ze dat prachtig.
Och kijk, die twee konijntjes met hun oren in de knoop!
In de Konijnen-Bijenkorf daar is het uitverkoop! (Annie MG Schmidt)

Op reis
OP REIS
De kleine zwaluw kan niet slapen,
Al doet hij nog zijn best,
Al knijpt hij zijn twee oogjes dicht,
Hij woelt maar in het nest.
Maar denk het je ook maar eens in:
Dat je zwaluw bent,
Die van de wereld enkel maar
Één stukje weiland kent.
En dan opeens mag je op reis,
De zomer achterna.
Als hier het natte weer begint,
Ben jij in Afrika!
Gelukkig ga je niet alleen
Naar ver weg, overzee.
Familie, vriendjes, kennissen,
Wat zwaluw is, vliegt mee.
Je snapt wel dat dat zwaluwtje
Er niet van slapen kan. En àls hij eindelijk, eindelijk slaapt,
Waar, denk je, droomt hij van?
(Mies Bouhuys)


| Als het in september dondert, leveren granen wel honderd. |
| Als in september de donder knalt, met Kerstmis sneeuw in hopen valt. |
| Donder in september, sneeuw in maart. |
| Een warme september, een droge oktober. |
| In september warme regen, brengt de boer rijke zegen. |
| September in een goed humeur, het weer in de fleur. |
| Schijnt de herstmaandszon met zomerkracht, maakt veelal de wintermaand ook zacht. |
| Septemberregen op het zaad, komt het boerke wel te staat. |
| Septemberregen, komt de druiven gelegen. |
| Septemberregen, komt zaad en wijnstok goed gelegen. |
| Septemberregen, nooit komt hij ongelegen. |
| Vorst in september, zacht in december. |
| Warm in september, koud in december. |
| Was het weder in september warm, dan krijgen wij een winter arm |
Wil september vruchten dragen, dan in juli hitte om te klagen.![]() |
Good night my love
Good Night
Herfst
GEDICHT
Als de zomer haast voorbij is
staat de herfst al voor de deur
dan krijgen alle groene blaadjes
stuk voor stuk een nieuwe kleur
soms gaat dat een beetje langzaam
elke dag een blad of twee
als de boswachter dus tijd heeft
helpt hij graag een handje mee
Hij staat urenlang te zwoegen
met een verfbord en penseel
en hij maakt de groene blaadjes
rood, oranje, bruin of geel
eindelijk - het laatste blaadje
nu zijn alle bomen klaar
en als de blaadjes straks gaan vallen
harkt hij alles bij elkaar!
(schrijver onbekend)