NIEUWJAARSWENSEN


NIEUWJAARSWENSEN

Kant in Chernobyl
SHPANYER ARBET in Chernobyl.
25 jaar na het ongeluk met de kernreactor is Chernobyl (Ukraine) synoniem voor vernieling. Grote oppervlakten werden onbewoonbaar, maar hoe zag die “zone” er uit voor de ramp? Verschillende nationaliteiten en religies leefden er vreedzaam samen. In het Augustinermuseum van Freiburg ( D.) loopt een tentoonstelling (nog tot 18-3-2012) die focust op de landbouwers- gemeenschap en de Joodse minderheidsgroep. Met een uitgebreide collectie voorwerpen en tekeningen wordt de cultuur van Polesia, het gebied rond Chernobil, aan de bezoekers getoond….
Tot mijn verbazing stond er ook een “kantkussen” , en waren er prachtige stukken goudkant te zien die “SHPANYER ARBET” genoemd werden. Dit is de joodse naam voor een metaalkant: punto di Espagna.
Over de geschiedenis is weinig bekend. Mordechai Leib Margulies uit Berdychiv zou rond 1830 gevlucht zijn om aan de militaire dienst voor de Tsaar te ontsnappen. Hij nam in ’t geheim verschillende rollen zilverdraad mee en vestigde zich in Sasiv in Galicia. De onderneming breidde zich uit tussen 1860 en 1890 en had 180 mensen in dienst. De werkwijze werd geheimgehouden. De kant werd uitgevoerd naar Oost – Europa en de U.S.A. Er werden feestelijke haartooien, borst- en schouderstukken gemaakt. Rosetten, ogen en harten verwezen naar sociale of religieuze groepen.
Er worden 4 klossen met draad als steun gebruikt. Met 3 spoelen waarop goud- of zilverdraden rond een katoenen draad gedraaid zijn, worden deze verwerkt tot een soort vlecht. Deze vlecht wordt vastgelegd volgens een patroon dat op een rol, gevuld met paardenhaar, vastgemaakt is.




UIT zonder uitlaat
Uit zonder uitlaat .
Op 18 september ll. organiseerde de Mechelse stadsdiensten UIT in Mechelen, Mobiliteit en Diversiteit samen een groots evenement rond mobiliteit en cultuur. Die dag was het ook autovrije zondag en startdag van het nieuwe cultuurseizoen. Alle verenigingen werden uitgenodigd om hieraan deel te nemen. Dus waren er ook enkele leden van onze kantclub aanwezig om te demonstreren.

10u. Klaar om alle vragen te beantwoorden!
De mechelse kolveniersgilde.
Onze kantclub en de Mechelse Kolveniers
gilde.
Op zondag, 11 september, vierde de Mechelse Kolverniersgilde haar 4de
Gildejuweel.
Het oudste gekende document waarin de Mechelse Kolveniers worden vermeld, dateert van 1453. Militaire dienstbaarheid aan de Heer behoorde tot de taken waartoe de Gildebroeder zich verbond wanneer hij toetrad tot een gewapende gilde. Dan verbied de Franse bezetter de gilden. Hun bezittingen worden verbeurd verklaard en in 1798 openbaar verkocht. Na 345 jaar hield de Kolveniersgilde op te bestaan.
In 1983 ontstond het idee om de Kolveniersgilde nieuw leven in te blazen. Op 9 februari 1984 werden de statuten in het Belgische Staatsblad gepubliceerd en was de heroprichting van de Mechelse Kolveniersgilde een feit ( uit de programmabrochure van zondag 11 september 2011).
Wij zijn fier, dat wij met enkelen van onze kantclub, mochten
deelnemen aan de festiviteiten. Die zelfde dag was het ook Open Monumentendag.
Vele activiteiten waren gepland, vele monumenten konden bezocht worden. In het
Stadhuis aan de stand van onze kantclub “Etterjefke”, mochten we vele bezoekers
ontvangen. Tussen 10.00 en 18.00u konden zij kennismaken met de kloskant in het
algemeen en de Mechelse kant in het bijzonder.
belangstelling van jong en oud
Besloten hofjes
Deze retabelkasten, ook “beloken hofjes” genoemd, waren tot begin van dit jaar te bewonderen in het Schepenhuis. Nu zijn ze tentoongesteld in de Zalm. Ze werden in de eerste helft van de 16de eeuw gemaakt door de Gasthuiszusters-Augustinessen van Mechelen en zijn uniek in hun soort. Nergens ter wereld vindt men nog zo een omvangrijke verzameling. De houten of albasten beeldjes die we in de kasten zien, en de panelen die beschilderd werden met afbeeldingen van heiligen of schenkers van deze Besloten Hofjes werden gemaakt door professionele kunstenaars.
Terwijl de Gasthuiszusters de versieringen rond de beelden en relieken maakten: de zijden bloemetjes, kettingen van parels, edelstenen, goud en zilvervlechtwerk, stukjes perkament met tekeningen of tekst, hadden zij tijd om in gedachten bij God te zijn en te mediteren.
(In het “Hooglied” bezingt koning Salomo zijn bruid. Hij noemt haar een 'besloten hof', hortus conclusus, een liefelijke afgesloten plaats waar hij graag verblijft.)
Een van de heiligen die veel voorkomt in de tentoongestelde kasten is St.Anna. Op 26 juli wordt zij op vele plaatsen als patrones door de kantwerksters vereerd. Ook in Mechelen? In de St.Romboutskathedraal is er een St.Anna – altaar en op de Zoutwerf stond heel lang geleden een St.Anna - kapel…
Daniël in de leeuwenkuil ca.1500-1510
St. Anna ten Drieën, detail; ca. 1520-1530
St.Anna - kapel, Haverwerf
St.Anna - altaar, St.Romboutskathedraal
Bij UIT-in-Mechelen
Elke vrijdagnamiddag, in juli en tot eind augustus, waren leden
van onze kantclub Etterjefke aanwezig
bij Uit–in–Mechelen aan de
Hallestraat. Iedereen was daar hartelijk welkom en kon er kennismaking met de
“Queen of Lace “ zoals de Mechelse kant door de engelse dichter Edward Young (1683-1765)genoemd
werd.



In het Molenijzer te Putte



Brugse kantdagen
Naar jaarlijkse gewoonte gingen dit weekend van 15 augustus de Brugse kantdagen door. Kantwerksters van overal kwamen naar Brugge om kennissen te ontmoeten, ideeën uit te wisselen en nieuwe uitdagingen te ontdekken. Ons Belgisch weer was natuurlijk de spelbreker, maar dappere kantwerksters die zich niet door de regen lieten afschrikken, vonden een plaats onder de tentjes. Bij de Brugse brouwerij “De Halve Maan” aan het Walplein werd de tweede verdieping vrij gemaakt voor verschillende kantclubs.
Een extraatje voor de dappere en soms kletsnatte bezoekers, was de tentoonstelling in het archief van Brugge: “Kant in Brugge 1911, een technische en sociale omwenteling”. De tentoonstelling loopt nog tot 28 augustus en werd ingericht door het Comité voor Initiatief Brugge vzw, Kantcentrum en Stadsarchief Brugge. Waarachtig de moeite waard, niet voor wie alleen maar klost of naar patronen uitkijkt, wel voor wie zich afvraagt hoe sommige kantwerksters vroeger “hun kost konden verdienen”. Zowat honderd jaar geleden kreeg de Brugse kant een moderne invulling: een kantnormaalschool voor het onderwijs, de Brugse kleurencode in de technische tekeningen als standaard voor de productie en een kantwerkstervakbond als sociaal vangnet. Voor meer uitleg kan iedere geïnteresseerde de catalogus raadplegen. Een aanrader!
Op de tweede verdieping: een sfeerbeeld
Vlaanderse kant M. Dom Kantschool Artofil
Moderne kant M. De Craemer, Kantclub Mentebolletje
Affiche voor de tentoonstelling in het archief
Een voorbeeld van Brugs bloemwerk
7 verschillen
Zoek de 7 verschillen.
Nog tot 4 september loopt in het M-Museum te Leuven de tentoonstelling: “De Rademakers collectie - Een romantische kijk”. De werken uit de privé verzameling van Fons Rademakers, schrijver, voormalig televisiemaker en groot kunstliefhebber, geven een idee van de romantische schilderkunst uit de lage landen in de eerste helft van de 19e eeuw.
Er zijn o.a. enkele werken van Basile De Loose ( Zele 1809 - Brussel 1860) te bewonderen, meestal familietaferelen. Het werk: ”Bezoek aan het naaiatelier”(?) toont een groep jonge, mooi verzorgde kantwerksters. Hun werk wordt aangeprezen door de kantvrouw en gekeurd door een modieus geklede dame.
Dit schilderij werd gekozen voor de M-kids: een folder met opdrachten voor jonge museumbezoekers. Naast andere opdrachten moeten zij de 7 verschillen zoeken tussen de afbeelding en het origineel. Gemakkelijk denk je?

DE BELLE EPOQUE
In het Belle Epoque Centrum te Blankenberge kan je, zoals de naam het al zegt, kennis maken met de belle époque. Dit is de periode van ongeveer 1870 tot aan de eerste wereldoorlog. Toen kende de Europese burgerij een redelijke welvaart. De stad Blankenberge groeide uit tot een belangrijke badplaats met grote realisaties als het Casino, de Pier, villa’s en hotels. Drie aan elkaar palende belle-epoque villa’s werden recent tot een ontmoetingscentrum omgebouwd. Je kan er mee genieten van de feestelijke en zorgeloze sfeer die er toen in Blankenberge heerste. Er is ook een tijdelijke tentoonstelling over vrouwelijke handwerken uit die periode, nog te bezichtigen tot einde augustus. De tentoongestelde kledingstukken zijn rijkelijk met kant versierd. Waar kwam die vandaan? Dat weten we niet …..maar er waren toen zeker kantwerksters in Blankenberge, en de kantclub “’t Mentebolletje”zorgt er voor dat dit ook vandaag niet vergeten wordt!
de reclamefolder
met kant versierd....
kantwerkster bij het vissershuisje in Blankenberge
ZIJN KANTWERKSTERS TRAAG?
In 1959 werd de reeks “Flandria Nostra” uitgegeven door de Standaardboekhandel. Op blz 95 van deel III staat het titelblad afgebeeld van het boek:”De seven hooft-sonde speels-ghewys vermakelyck ende leersaem voor-gestelt” geschreven door G. Ogier . De afbeelding werd gemaakt door Gaspar Bouttats (Antwerpen 1620 - 1703), hij graveerde voor boekhandelaars en maakte platen naar verschillende meesters. Voor Guillaume of Willem Ogier (Antwerpen 1618 - 1689), humoristisch toneelschrijver en lid van de Antwerpse Rederijkerskamer “De Violiere”, beeldde hij de zeven hoofdzonden uit: Hooverdigheyt, gierigheydt, onkuysheydt, haedt en nydt, gulsigheydt, gramschap en tragheydt. Het werd uitgegeven: “T’Amsterdam voor Michiel de Groot, Boeck vercooper op den Nieuwen dyck, A’ 1682, Gasp Bouttats inventi et fecit.”
De zevende hoofdzonde: de “TRAGHEYDT” wordt door Gaspar Bouttats verpersoonlijkt door een kantwerkster die mijmerend haar hoofd ondersteund en een hand op haar hart legt….
het titelblad van het boek van C. Ogier
de zevende hoofdzonde: de traagheid!
KANTDOEKJES VOOR ZAKHORLOGES.
Ooit gehoord van kanten doekjes om in zakuurwerken te leggen?
Deze afbeelding vond ik in het boek: “Een eeuw vrijmetselarij in onze gewesten 1740-1840”. Het werd uitgegeven door de . A.S.L.K. naar aanleiding van een tentoonstelling van 27 mei tot 31 juli 1983.
Op pagina 227, onder nr. 378 staat vermeld: Kanten rondjes voor zakuurwerken (Mechelen / Antwerpen ca 1750-1770).
Valenciennes-kant.
Verz. Afdeling Textiel van de Koninkljke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel. Volgens mevrouw Marguerite Coppens, textieldeskundige, werden deze rondjes in de horlogekasten van zakuurwerken gelegd. Opmerkelijke is de versiering met maçonnieke (= vrijmetselarij) symbolen.

HANSWIJKJUBELFEESTEN IN 2013
Binnenkort beginnen de voorbereidingen voor de Hanswijk Jubelfeesten in 2013. Het is in onze stad traditie om elke 25 jaar de Cavalcade door de straten te laten gaan. In 1988 gebeurde dit onder Koninklijke belangstelling, koningin Fabiola was in Mechelen. Het ontwerp van de elfde cavalcade was het werk van Kan. Gouverneur. Hij werkte reeds voor de tiende cavalcade met Luc van Hoeck samen en had ervaring als ontwerper en realisator van de jaarlijkse Hanswijkprocessie. In het Gedenkboek van de Jubelfeesten Hanswijk 1000 jaar staat een foto van de wagen met de kantwerksters. Ja, inderdaad de Mechelse kunstnijverheden: tapijtwerk, goudleder en kant waren ook in de optocht aanwezig. Zouden wij met onze kantclub in 2013 ook een bijdrage mogen leveren? We kunnen het in ieder geval voorstellen….
de eretribune in 1988
de wagen van de Mechelse kunstambachten
GROOTVADER BEETHOVEN
Aan de Haverwerf werd zaterdag 11 juni het kunstwerk
”Grootvader Beethoven, een Mechels beeldverhaal” van Jean-Paul Laenen, plechtig
ingehuldigd. Naast burgemeester Bart
Somers, schepen Frank Nobels en de Mechelse kunstenaar, waren ook talrijke genodigden en belangstellenden aanwezig.
Michiel van Beethoven en zijn vrouw Marie-Louise
Stuyckens, woonden in Mechelen en kregen 4 zonen. Cornelis, de oudste en
Lodewijk, de derde, vestigden zich later in Bonn. Michiel was meester-bakker,
maar hij schakelde gauw over naar de kunsthandel en in 1720 naar de verkoop van
kant! Mechelen was in die periode reeds
een zeer belangrijk kantcentrum. De
zaken gingen goed en zo werd hij eigenaar van verschillende huizen. Maar het
tij keerde en hij kon niet meer aan zijn financiële verplichtingen voldoen. In
1741 ontvluchtte hij onze stad en liet een berg schulden achter. Samen met zijn
vrouw vertrok Michiel naar Bonn, waar 2 van hun zonen reeds verbleven. Lodewijk had als
kind reeds een groot muzikaal talent . Nog voor hij zes jaar was werd hij als
koorknaap bij het St. Rombout kapittel aangenomen. Hij was later zangleraar aan
het St. Pieter kapittel in Leuven, werkte in Luik en aanvaarde in 1733 een
benoeming bij de keurvorst van Keulen, aartsbisschop Clemens-Augustus van
Beieren . In Bonn werd hij hofmuzikant van de keurvorst. Zijn derde zoon Johan, werd de vader van Ludwig von Beethoven!
Komen we nog even terug bij Michiel: na zijn vertrek uit Mechelen worden de processen tegen hem voortgezet. Talrijk zijn de eisen tot betaling van aan hem geleverde kanten. Sir van den Brande uit Brussel, Jouffr. Maria de Lorge uit Kortrijk, Jouffr. Borghgrave, weduwe Dancré, Jouffr. Katarina Vertongen , Clara de Meester, Mathias van Eupen en misschien nog vele anderen hebben vergeefs op de betalingen gewacht. En waar zijn de kanten gebleven? Mee naar Bonn verhuisd? Daar, in het geboortehuis van Ludwig von Beethoven, ligt nu nog alleen zijn kanten doopmutsje…
inhuldiging van het standbeeld
Jean-Paul Laenen en Ludwig van Beethoven
Het Moleken, Steenstraat (1699-1739), het huis der van Beethovens
KANTCLUB IDRIA
Bij het opruimen en klasseren van een map papieren vond ik foto’s en een gedicht van Herman Vos. Dit gedicht: “Kantiek”, werd opgedragen aan de leden van de kantclub IDRIA uit Sint- Katelijne-Waver. Het werd door hem persoonlijk voorgelezen op 4 oktober 1991, bij de opening van de tentoonstelling naar aanleiding van het tienjarig bestaan van de club.
Na een initiatiecursus van K.A.V. wou ik mij nog meer bekwamen in het kantklossen. In 1983 startte ik bij Bij Gusty Versele in de Valkstraat, en bleef er tot oktober 1993, toen ze omwille van haar gezondheid, stopte met lesgeven.
Gusty zelf leerde kantklossen bij Liesje Mattheus ( 1924-1983
) in Mechelen en raakte de “kantmicrobe” nooit meer kwijt. Ze behaalde het
diploma van kantmonitrice aan het Brugs Kantcentrum en gaf haar kennis met veel
enthousiasme door aan haar cursisten.
Kantiek.
Ik zoek in ’t raadsel van het weven dat geen weven is
en in de doolhof waar ik speur ervaar ik het gemis
aan felle kleur en scherpe geur en alle schilderstuig
dat mij zo dierbaar blijft en dat ik zoveel eer betuig…
Maar nu mijn ziel verstijft hier, bij ’t aanschouwen
de tover in het fijnste draad
geboren uit de edele drift van vrouwen
bevrucht door ’t mysterieuze zaad
dat Gods’ eigen schepsel, tot een schepper maakt.
Ach, wat ik ooit mag zeggen of mag schrijven
in adoratie is mijn geest en hart geraakt
het mooie raadsel mag voor mij een raadsel blijven.
Herman Vos (1991).
Gusty, gefeliciteerd door toenmalig burgemeester, Chris Lens
een deel van de aanwezigen in het Kunst- en Ontmoetingscentrum "Vinkenhof" te Onze-Lieve-Vrouw-Waver
ALFRED OST EN HANSWIJK.
Alfred
Ost.
Van 30 april tot 2 juni kan je in de crypte van de Hanswijk-basiliek de tentoonstelling: “HANSWIJK NOSTALGIE “
bezoeken. Deze tentoonstelling is
ingericht door de stedelijke musea van Mechelen , als aanloop naar de komende Jubelfeesten
in 2013.
Toen hij 16 jaar was vestigde Alfred Ost (Zwijndrecht 1884-Antwerpen 1945) zich met zijn ouders te Mechelen, hij bleef er 14 jaar. De tijd die hij te Mechelen doorbracht beïnvloedde zijn verdere leven. Hij studeerde er aan de academie en had zijn atelier in de Brusselpoort. Hij was bevriend met Rik Wouters, Prosper De Troyer en Prosper Verheyden.
In 1913 en 1938 zette hij zijn tekentalent in voor de Jubelfeesten van O.L.V. van Hanswijk met als hoogtepunt “De Cavalcade”. Godsdienstbeleving en folklore speelden een grote rol in zijn leven. Hij was ook zeer sociaal voelend. Dat blijkt o.a. uit de werken die hij maakte t.v.v. vluchtelingen, krijgsgevangenen en oorlogsslachtoffers toen hij tijdens WOI in Nederland verbleef.
Naast de tekeningen van A.Ost is er allerlei informatie en documentatie over de geschiedenis van Hanswijk. Ook prachtige “mirakelschilderijen” als dank aan Onze Lieve Vrouw van Hanswijk geschonken, zijn er te bewonderen. Een aanrader voor elke “echte” Mechelaar!
tekening van A.Ost, een van de reuzenkinderen
postkaart getekend: A. Ost; tentoonstelling Amsterdam 1917
"Mirakelschilderij" van de Antwerpse schilder Coninckx (1880) .
ERFGOEDDAG, 1 MEI 2011: ARMOE TROEF!
Armoe Troef!
Kant is een luxeproduct, maar de arbeidsomstandigheden van de
kantwerksters aan het einde van de 19e eeuw waren allesbehalve luxueus.
Verschillende reddingsoperaties werden in gang gezet, onder de hoge bescherming
van Koningin Elisabeth. Onder haar patronaat startte een ware promotiecampagne
voor Belgische kant. Bekende kunstenaars werden ingeschakeld om nieuwe
patronen te ontwerpen. Toen de Eerste Wereldoorlog de afzetmarkten en
bijgevolg de productie nog verder in gevaar bracht was de toestand nog
dramatischer. Met de steun van de "Commission for Relief in Belgium" werden
prachtige kantstukken vervaardigd en voor verkoop naar vooral Amerika en
Engeland gestuurd. Deze "War Lace", met meestal patriottische motieven
en emblemen werd ook als geschenk aan de geallieerde naties
aangeboden.
De vele bezoekers in de Lamotsite hebben dit op onze
tentoonstelling kunnen zien. En de kinderen konden zoals gewoonlijk
de basisslagen van het kantklossen uitproberen.
Naar aanleiding van dit thema "Armoe troef" verscheen in het tijdscherift van Heemkunde Gouw Antwerpen, (jg.48, 2011, nummer 1) de tekst: Armoe Troef, bij de kantwerksters voor, tijdens en na W.O.I, van I.M.J.Tonnoeyr

Voorbeelden van War Lace.

Belangstelling van groot en klein.
SCHILDERIJ ONTDEKT!
In de Dekenij aan de Wollemarkt hangt sinds kort een schilderij dat de karmelietes Anne de Jésus, medezuster van Teresa van Avila, voorstelt. Het werd gevonden bij de restauratie van het pand aan het St. Romboutskerkhof waar jarenlang een archeologische kring zijn onderkomen had. Het zat verborgen achter vele lagen behang en wordt gedateerd in de tweede kwart van de zeventiende eeuw. Op het schilderij zien we dat er kant aan het altaarstuk
verwerkt is. Dit is niet verwonderlijk, want in de 17e eeuw werd er in Mechelen reeds volop kant gemaakt. L. Godenne schreef hierover: “ A Malines, le bon peuple s'occupe à faire de la dentelle blanche, connue sous ce nom; et le Béguinage, le plus considérable du pays est soutenue par le travail des béguines, qui excellent dans cet art." (Malins, Jadis et Aujourd’hui; C. De Vries-Brouwers, Antwerpen 1973). De echte Mechelse kant met de specifieke ijsgrond ontstond echter pas rond 1720 (F.Weem, De tapijten en Kantnijverheid te Mechelen, Archief Mechelen M7406a, uit: V.E.V. Berichten Antwerpen 31-08-1961). De kant op het schilderij lijkt eerder op de passement of “passement au fuseau” uit het modellenboek van Mignerak uit 1605 en de publicatie van Vinciolo in 1623.
schilderij van Anne de Jésus

detail van het altaarstuk en afbeelding uit modellenboek van Mignerak en Vinciolo
TENTOONSTELLING: KANTTEKENINGEN



Welkom
WELKOM
Sinds mijn jeugd ben ik gepassioneerd door handwerk. Vooral naar kant en borduurwerk ging mijn voorkeur. Door gebrek aan vrije tijd kon ik mij er niet altijd mee bezighouden. Jarenlang kregen beroeps- en huishoudelijke taken voorrang. Maar al wat ik over kant, en dan vooral over de Mechelse kant vond, werd zorgvuldig bewaard. Sedert enkele jaren heb ik meer vrije tijd en kan ik volop van mijn hobby's genieten. Niet alleen de techniek van de verschillende kantsoorten boeit mij, ook de geschiedenis vind ik interessant. En, alhoewel ik niet meer in Mechelen woon, voel ik mij een echte Mechelaar. Ik ben er geboren, groeide er op en voel mij nog steeds verbonden met mijn stad. Deze blog gaat dan ook over Mechelen & Kant. Foto’s en teksten mogen overgenomen worden, maar respecteer het werk van anderen door naam- en of bron te vermelden a.u.b.
Sinds 1 september 2000 werken wij met onze kantclub “Etterjefke” aan het bekend maken van de kant in Mechelen. Dankzij de steun en aanmoediging van velen houden wij dit reeds zolang vol. Wij nemen regelmatig deel aan verschillende culturele activiteiten in en rond Mechelen. Onze vroegere activiteiten zijn te zien op:
http://blog.seniorennet.be/mechelsekantenkantinmechelen
Onze vaste stek was de Koninklijke Beiaardschool van Mechelen in de Merodestraat. Sinds november 2011 zijn we samen met de Beiaarschool verhuisd naar de lokalen van het O.C.M.W. in de Bruul. De ingang is langs de Schaalstraat. De werkgroep mechelse kant en initiatie kantklossen zijn er elke derde vrijdag van de maand tussen 9.30 u. en 12.00 u. Vrij kantklossen gebeurt elke eerste en derde vrijdag van de maand tussen 13.30 en 16.30 u.
Tijdens de zomervakanties demonstreren wij bij Uit-in-Mechelen. Elke vrijdagnamiddag van juli en augustus zijn enkele leden van onze kantclub daar. Zo kunnen we dit deel van ons erfgoed verder blijven promoten. Dit wordt vooral door toeristen gewaardeerd. Als het weer het toelaat zitten we bij "Op-Sinjoorken" op de Grote Markt, bij slecht weer zitten we binnen bij de toeristische dienst. Iedereen is er welkom.
een "etterjefke"
kantwerkster op de vroegere wegwijzer aan de Schoenmarkt.