GIJ EN IK

... en ikdie door het leven fiets
geluk in ' t hart
als lentebries
... en Gij
die zwijgzaam achterop
glimlachend
elke twijfel stopt.
Zie tijd vergaat in tijdloosheid
mij ziel aanbidt U, Heiligheid.
GIJ EN IK
... en ik
STIL BELEVEN
Hoe eenzaam is
GIJ ZIJT
Gij zijt verleden
MIJ N ALGELIEFDE
Mijn Algeliefde
SPEELS
Dit is de tijd
MIJN GELIEFDE

Mijn Geliefde
leer mij minnen
tot ikzelf de minne ben
ontruk mij al wat is vanbinnen
en laat mijn ziel alleen U stem.
Mijn Geliefde
ik wil sterven
om geheel van U te zijn
laat mij geen andere wil meer kennen
dan Uw wil zo schoon, zo rein.
Mijn Geliefde
openbaar U
ieder dag en elk moment
tot ik van Uw heil vervuld ben
en mijn hart om ' t Uwe smelt.
WAAROM
Mijn lief waarom,
DE BLOEM
Ik heb mijn liefde
WAAR DE BOMEN HOOG STAAN
Waar de bomen hoog staan
VREEMD

Als ik gehaast ben
vreemd hoe Gij
mij bijhoudt
dat ik mij vluchtig afvraag
waarom Gij met mij meerent.
Als ik moe wordt,
vreemd hoe Gij
de avond roept
en ik mij niet bewust ben
dat Gij mij rusten doet.
Als ik mezelf
verlies,
in 't zwoele levensritme
vreemd hoe Gij mij vinden laat
dat ik niet begrijp
hoe dicht Gij naast mij staat.
Waarom blijft Gij zo dicht
en verwent Gij mij,
mijn God,
hebt Gij zo lief ?
MORGENDICHT
Vuur dat in mij laait
GOD

God,
witte voile
die mijn ziel bekleedt
Schoonheid
die mij hunkeren deed.
Zacht tapijt
onder mijn moede voeten.
Geen willen meer maar moeten.
God,
eeuwige boom
van mijn trachten.
Zwijgzaamheid
luider dan klachten.
Lichte dons
doorheen mijn zijn gesponnen.
Gij hebt mij overwonnen.
JIJ
Jij bent als een korenbloem
WIE IS HIJ
Wie is Hij
KERSTTIJD
Kersttijd
MINNAAR
Mijn trouwe speelkameraad,
DE DIRIGENT
Hij sloot de ogen
MENS
Als hij bevrijdend spreekt
ROEPING
Zozeer mag ik nu minnen
KINDEREN
Mijn kinderen,