Zalig Pasen

Zalig Pasen


Ik, Claude
Hoofdstuk II
Ik ontmoette haar in de zaak van onze Jos. Marie, mijn kersverse schoonzus, baatte de winkel met naaigaren, stof en knopen uit. Ik werkte, samen met mijn broer, achter in het atelier. De zaken draaiden goed. Van heinde en verre kwamen ze naar ons om hun exclusieve kleding te laten maken. Nutteloos te vermelden dat ik de geniale bedenker was van de meest originele ontwerpen. Ik moet toegeven dat Maries winkeltje ook haar vaste klandizie had, waaronder meestal huisvrouwen en boerinnen uit de streek. Maar ook de gegoede burger wist ons, vooral mij als ontwerper, te waarderen. Lang voor er van Versace sprake was, kleedden wij de adel en de rijken uit de streek.
Zij kwam met haar oudste zus stof kiezen voor een trouwkleed. Je zag zo dat deze twee dames van goede komaf waren. Hun verfijnde maniertjes waren een verademing tussen al die boerentrienen uit het dorp. Marie was op dat moment eventjes uit, dus ik maakte de honneurs waar. Ik begroette hen hartelijk maar ook weer niet té! Je moet je plaats kennen, nietwaar? De oudste dame nam onmiddellijk het heft in handen. Met één oogopslag zal je wie hier de meest dominante van de twee was. Het trouwkleed was voor haar bedoeld. Maar mijn oog viel op de jongste zus van het tweetal, ook al deden ze in schoonheid niet voor elkaar onder. Maar zij was meegaand, op het onderdanige af zelfs. Deze gouden karaktertrek wekte mijn aandacht. Nog nooit had ik zo’n deemoedig persoon gekend. Heel wat anders dan mijn bazige moeder en de zelfzekere Louisa. Zelfs de altijd goedlachse Marie was vergeleken met dit lieftallig wezentje een rasechte tiran!
Terwijl de twee vrouwen stof uitkozen, kwam Marie terug binnen. Zij nam mijn taak over. Ik draalde nog eventjes, maar nadat ze me dwingend van boven haar bril aankeek droop ik af. Ik keerde niet terug naar het atelier. Ik verschool me in een donker hoekje onder de trap die naar het woonvertrek boven de winkel leidde. Van daaruit had ik een goed zicht op mijn prooi. Ik kon mijn ogen niet van haar afhouden. Marie en de bruid in spe onderhandelden over de prijs van kant en knopen toen de deurbel opnieuw ging. Een jongetje van een jaar of twaalf kwam met vieze plakhanden de winkel binnen. Voor hij bewonderend de gekozen stof kon vastgrijpen, nam de jongste zus de kwajongen kordaat bij zijn pols en sleurde hem mee naar buiten. Ik schrok wel een beetje van dit besliste optreden. Dit had ik van dit uiterlijk bange wezeltje niet verwacht! Misschien was ze toch niet zo geschikt voor mij. Ik keerde terug naar mijn werkplek en besloot om haar uit mijn gedachten te zetten.
Later die dag hoorde ik terloops een gesprek tussen mijn broer en zijn vrouw, over hoe die twee voorname dames hun winkel hadden uitgekozen! Zij behoorden tot een adellijke Bulgaarse familie. Verarmde adel alleszins, maar toch … De ouders waren volbloed Bulgaarse edellieden. Vlak na de oorlog waren ze om de één of andere duistere reden hun land ontvlucht en hadden ze zich totaal geruïneerd in ons dorp gevestigd. Kwatongen beweerden dat ze met de vijand hadden geheuld en dat hun eigendommen en kapitaal in beslag waren genomen. Anderen dachten dat ze zich voordeden als arme lieden, maar dat ze een aanzienlijk deel van hun fortuin uit de brand hadden kunnen slepen. Hoe dan ook, het meisje in kwestie prikkelde mijn nieuwsgierigheid.
Ik liet niets merken, stelde geen nieuwsgierige vragen maar ik legde mijn oor ter luister. Op dit moment vond ik mijn heimelijke pleziertjes nog bij Louisa, die ik echter niet als een toekomstige bruid zag. Eerder als een vluchtig tussendoortje tot er zich iets beters aanbood. Nu was ze gewoon gemakkelijk. Geef me eens ongelijk? Mijn onmiddellijke omgeving was niet op de hoogte van onze stiekeme rendez - vous. Ik had haar verboden om ook maar met een woord te reppen over onze vrijage. Ik zou er anders onmiddellijk een einde aanmaken. Gevoelig voor mijn charmes en mijn duidelijk dominante positie gehoorzaamde ze mij blindelings. In andermans gezelschap deden we alsof we elkaar maar oppervlakkig kenden. Ik vond haar in feite toch maar een vervelend wicht, dus ik had er geen enkele moeite mee om haar ook zo te behandelen. Als ze niet zo vlug bereid was geweest om mijn verlangens te bevredigen, had ik haar al lang de laan uitgestuurd. Maar nu kon ik haar misschien nog voor andere doeleinden gebruiken! Zij had ongeveer dezelfde leeftijd als mijn, zoals ik haar in mijn dromen noemde, toekomstige bruid. Zij kon mij in contact brengen met deze Bulgaarse ‘prinses’.
Louisa werkte op de fabriek in de stad. Dagenlang brak ik mijn hoofd om haar terloops in de richting van mijn doel te sturen. Tot ik op een avond tussen haar geratel door, waar ik nooit op let, plotseling haar naam hoorde: Elena … Als een schok ging die naam door me heen. Ik keek geïnteresseerd in haar richting en aangemoedigd door mijn plotse belangstelling vertelde ze enthousiast verder over haar nieuwe collega.. Elena Genova was die dag blijkbaar als nieuwe werkkracht begonnen in de fabriek. Om dat Louisa tussen voornamelijk oude knarren stond te werken, had ze onmiddellijk contact gezocht met haar leeftijdsgenoot. Elena was nogal verlegen. Ze zei niet veel, ook al beheerste ze de Vlaamse taal goed. Het meisje bleek dus nog over een redelijk goed verstand te beschikken ook, als ze op relatief korte tijd een nieuwe taal had geleerd. Ach, dit obstakel zou wel te overwinnen zijn, daar was ik zeker van. Immers, een vrouw kan nooit meer verstand hebben dan een man. Laat staan deze man. Ik moedigde Louisa aan om deze nieuwe vriendschap uit te diepen. En zoals altijd gehoorzaamde ze mij blindelings.



Ik, Claude ...
Hoofdstuk I
Mijn hele leven ben ik al bijzonder geweest. Geniaal als het ware. Miskent door anderen, maar zelfkennis is het begin van alle wijsheid. Ik ben geboren als vierde zoon van een treinbestuurder. Een trotse man, mijn vader. Niet zo intelligent als ik, maar geef toe dat mijn niveau moeilijk, als het ware onmogelijk, te bereiken is. Mijn uitzonderlijke talenten zal ik wel van een verre voorouder geërfd hebben. Waarschijnlijk zul je in mijn stamboom wel wereldleiders en kunstenaars vinden. Daar ben ik van overtuigd. Het uiterlijk heb ik wel van hem geërfd. Hij was een knappe man, groot en hij straalde gezag uit. Zijn woord was wet, niemand twijfelde daaraan. Ik ook niet, als kind. Als volwassene begreep ik dat hij het dikwijls bij het verkeerde eind had. Ik alleen heb immers alle wijsheid in pacht …
Mijn moeder was geen mooie vrouw. Ze was zwaar, zeg maar dik. Met grote, ruwe handen en een stem zo luid als een kerkklok. Het temperament van een wilde stier en ogen zo donker als kolen! Het was een echt manwijf. Ik vreesde haar, en dorst haar niet te trotseren. Ik was niet laf! Niemand kan mij van enige lafheid beschuldigen! Dat woord staat niet in mijn woordenboek! Ik was slim. Waarom zou ik mijn meerdere uitdagen? Mijn tijd komt nog wel…Ook al werd mijn vader in het hele dorp en ver daarbuiten, alom gerespecteerd, thuis was het duidelijk dat mijn moeder de broek droeg. Al heel vroeg in de ochtend vertrok hij van huis naar het werk en na het werk ging hij meestal nog een pint pakken bij ‘Lowieke’; waar onze Jos, mijn negen jaar ouder broer, hem iedere avond buiten kon sleuren.. Thuisgekomen schold moeder hem iedere keer de huid vol, maar vader hoorde haar amper. Ook al leek dat laatste onmogelijk met zo’n bulderende stem. De hele straat kon iedere avond meegenieten van haar tirade en zo waren de buren op de hoogte van het reilen en zeilen van ‘de Swa’.
Onze Jos was de oudste thuis. Ik heb hem altijd een beetje verwijfd gevonden met zijn blonde kuif, maar blijkbaar waren de meisjes daar dol op. Tussen ons was er nog een tweeling, Jacob en Claude. Maar zij zijn enkele dagen na hun geboorte gestorven. Ik ben naar hen genoemd, wat ik op zich al een hele eer vind. Ik moet mijn twee broers vervangen, wat een dagtaak op zich is, voor een gewone mens. Maar niet voor mij. Ik ben dan ook een uitzonderlijk persoon. Mijn officiële naam is Jacob, maar mijn roepnaam is Claude. Onnodig om te vermelden dat mijn moeder bij mijn geboorte mijn uitzonderlijke kwaliteiten al snel ontdekte en daarom heeft zij mij met deze onnoemelijk zware taak belast. Ik draag deze last met zwier en zonder klagen. Maar ik verwacht dan wel een behandeling naar behoren, wat zij mij meestal zonder aarzelen toebedeelt. Ik krijg de mooiste kleren, het grootste stuk vlees en het meeste zakgeld. Allemaal zonder medeweten van mijn huisgenoten. Mijn vader is iedere avond te zat om enig verschil te merken. En onze Jos eet meestal buitenshuis omdat hij op leercontract is bij een kleermaker. Ik heb toch gezegd dat hij een beetje verwijfd is!
Onze Jos had een lief. Marie heette ze. Het was niet echt een schoonheid te noemen, maar ze kleedde zich wel heel modieus voor die tijd. Spijtig dat ze de rest van haar verdere leven in dat stadium is blijven steken. Briljant als ik ben, was ik natuurlijk op de hoogte van de laatste nieuwe mode. Ook al was mijn broer kleermaker, veel kaas had hij hier niet van gegeten. Marie was de oudste van vier zussen. Haar jongste zusje wekte enige interesse in me op. Het was in die tijd een knappe deerne, met haar blonde vlechten. Maar een beetje te zelfzeker naar mijn smaak. Eerlijk gezegd had ik medelijden met de man die ooit met haar opgescheept geraakte! Nee, ik wou niet in de voetsporen van mijn vader treden. Alleen ik zal de broek in mijn huis dragen en niet de één of andere blonde del!
Op het moment dat de oorlog uitbrak had onze Jos net de goede leeftijd bereikt om als soldaat opgeroepen te worden. Maar ons moeder wilde haar eerstgeborene niet aan het front verliezen, dus bekokstoofde ze een plan. Haar jongste zus, Melanie, was in het Zuiden ingetreden bij een klooster. Is er een betere plek om een vluchteling te verbergen? Ze nam onmiddellijk contact op met tante nonneke. Ook zij kon de dwang van mijn moeder niet weerstaan. Je mag naar de andere kant van de wereld verhuizen, eens onder de invloed van mijn moeder zal je haar nooit meer ontsnappen! De arme zuster had geen schijn van kans. Ze stemde toe in het wilde plan van mijn moeder. Op een ochtend ging onze Jos met ons vader uit werken. Ik was een kerel van amper tien jaar, ik maakte me geen zorgen om de nakende inval van de vijandelijke troepen en de dreigende armoe. Ons vader heeft broerlief via een beestenwagon mee naar het zuiden gesmokkeld, waar hij een tijdelijk onderkomen vond in het klooster van tante Melanie. Mij werd niets verteld. Ik, als snotaap, zou mijn grote mond wel eens kunnen voorbij praten. Ik wist niet beter of onze Jos zat bij het leger.
Het buiten smokkelen van vluchtelingen moet in erg goede aarde gevallen zijn, want al vlug had mijn vader een heel winstgevend handeltje opgezet. Men vertelde later dat hij een dappere verzetstrijder was, maar eigenlijk was het doodsimpel uit winstbejag ontstaan. Mensen verkochten hun halve hebben en houden zodat mijn vader hun kinderen een veilig onderkomen kon bezorgen. Ver van het front en de bezetter. Het klooster was zijn contactpersoon. Voor een schamel procentje van zijn woekerwinsten, wilden zij wel voor relatief veilige onderkomens zorgen. Ons vader is bij mijn weten nooit gepakt. Zijn vluchtroute was een goed bewaard geheim
Pas jaren later ontdekte ik dat mijn ouders nog een appeltje voor de dorst opzij hadden staan. Zij waren alles behalve krap bij kas! Maar toen was het te laat. Ondertussen was ik getrouwd en had ik een gezin om voor te zorgen en ik neem mijn verantwoordelijkheden heel serieus! Na de oorlog trouwde onze Jos met Marie. En Louisa, haar zus, bleef maar achter mij aan lopen. Hoe kon ze ook een man als ik weerstaan? Iedereen was op de hoogte van haar kalverliefde, maar ik deed alsof mijn neus bloedde. Ik had grootsere plannen met mijn leven.. Met mijn grote talenten was ik het de mensheid verplicht vond ik, om iets terug te geven. Ik zou gaan studeren in de stad. Maar mijn groot hart strooide roet in het eten… Na de oorlog brak er grote armoede uit. Om financieel mijn steentje bij te dragen, ging ik in dienst bij onze Jos als leerling – kleermaker. Hoe dom van mij. Mijn enige excuus is mijn jeugd…

Tragger Hippy
Hier is ie dan!!!!
Armoede
Onlangs heb ik een vrouw leren kennen die zich inzet voor de armen onder ons. Door eigen ervaring weet ze uit eerste hand hoe schrijnend de levensomstadiigheden voor sommigen onder ons kunnen zijn. Maar als je haar eigen verhaal hoort is het er één van vallen en opnieuw struikelen over steeds weer dezelfde steen. Met de kop tegen de muur lopen en blijven botsen in de hoop dat deze instort. Maar zij is het die telkens gehavend uit het gevecht komt. Steeds weer trapt ze in dezelfde val, maar ze leert er niets uit. Net zoals haar man. Twee mensen die aan de rand van de maatschappij leven. Mensen, die zoals men zo mooi verwoord, tussen de mazen van het net vallen...
T - day
Morgen is het D - day. Of beter gezegd: T - day. Morgenavond krijgt mijn vriend zijn eerste praktisch tattooles en ik ben het 'slachtoffer'. Niet dat het de eerste keer is dat hij een tattoo gezet heeft. Maar wel de eerste keer onder professioneel toezicht. Gisteren heb ik een ontwerp gekozen, wat niet zo eenvoudig is als het lijkt. Het mag niet te moeilijk zijn, want zo goed is hij nog niet. Maar te gemakkelijk ook weer niet, want dan leert hij niets. Geen volledige lijntekening, want hij wil het schaduwen leren. Maar ook niet teveel schaduw, want dat heeft hij nog nooit gedaan. Niet te groot, want het moet op één sessie af geraken. Maar ook niet te klein, want hij wil er wel zoveel mogelijk uithalen. 
compilatie Mr Bean
Nirvana: Where did you sleep last night
bende ongevoelige, lompe rotzakken
Na een nogal bewogen week zitten we 's avonds in de zetel de gebeurtenissen nog een beetje te overpeinzen. Ieder in zijn eigen gedachten. Maar eigenlijk gaan ze naar één en dezelfde pesoon uit: naar schoonpapa. Hij ligt nog altijd in het ziekenhuis. Zondagnacht is de toestand eventjes kritiek geweest nadat hij een hevige koortsaanval kreeg. Maar ze vonden geen oorzaak van de koorts of de malaise waaronder hij al weken gebukt ging. Maandagnamiddag kwamen ze hem ophalen voor een hartonderzoek. Ze leggen hem in zijn bloot bovenlijf op een kille onderzoekstafel. De verwarming was uitgezet omdat het die dag uitzonderlijk warm was voor de tijd van het jaar. Daarna laten ze hem een hele tijd aan zijn lot over. Hij ligt daar, in zijn blootje in de kou. Een trotse man tot op het bot vernederd. Hij reageert niet, klaagt niet maar onderhuids broeit de woede. Uiteindelijk wordt hij na een onpersoonlijk onderzoek zonder enige verklaring terug naar de kamer gebracht waar ondertussen zijn avondeten staat te verpieteren.
keramiek: mummy
Alanis Morissette: Uninvited Live
Geslaagd!!
De eerste hindernis is genomen. Ik ben toegelaten voor de cursus. Het zinkt nog niet echt door. Ik ben een beetje murw. Het was een lastige en vermoeiende week. 
Zo moe
Ik ben zo moe... Deze week begint zwaar te wegen. 's Nachts slaap ik slecht en heb ik nachtmerries. Vannacht was het niet anders. Om half zes schrok ik wakker en dierf niet meer verder te slapen. Zo bang was ik om terug in die verschrikkelijke wereld verzeild te geraken. Die andere dimensie die zo echt lijkt. Te echt. Een half uurtje later opgestaan. Te moe om te eten, te denken ...
Toekomst
Deze week ben ik uitgenodigd om aan een initiatieweek deel te nemen, bij de VDAB. Een jaar ben ik werkonbekwaam geweest door mijn aandoening. Maar ik besloot om me niet te laten verslaan door zo'n idioot syndroom. Ik deed wat niemand anders deed: ik aanvaardde mijn beperkingen. Met de grove borstel ben ik door mijn leven gegaan. Grote besliisingen heb ik genomen, sterke banden heb ik doorgeknipt. En warempel, plots vond ik plaats in mijn hoofd. Mijn ziel werd lichter. Mijn energie groeide aan. Dag na dag voelde ik me sterker worden. Ik zocht naar de dingen die ik nog kon, en stopte met mezelf te bewijzen dat er niets me me aan hand is. Dat ik alles aankon en overal tegelijk nodig was. Ik leerde nee zeggen, het belangrijkste woordje in je leven. Maar niemand leert het je aan.
Wim Delvoye
Japans Tatoo - kunstenaar
Tattoo
Mijn ventje heeft een droom. Naast huisman worden ... wil hij tattoo - artist worden. Nu hij al een tijdje thuis zit, hebben we besloten dat hij de stap maar eens moest wagen. Hij volgt al bijna vier jaar een tekenopleiding aan de kunstacademie. Een beetje onzeker begon hij met de lessen, tot bleek dat hij een ware tekentalent was. Fier als een mannetjes pauw ontplooit hij sindsdien zijn verborgen talenten. Soms grijpt hij een beetje hoog en waant hij zich al een kunstenaar. Maar de voorzienigheid onder de naam Fiep, zorgt er telkens voor dat hij terug met beide voetjes op de grond belandt.
Melissa Etheridge
![]() |
Cool Slideshows |
Spoed
Gisteravond kregen we alarmerend nieuws te horen. Mijn schoonvader voelde zich al een tijdje niet goed. Na lang aandringen van de familie was hij toch maar eens naar de dokter gestapt. We heben het hier over een 78 - jarige man. Hij is heel actief, maar afgelopen zomer is hij ook in allerijl naar de spoed gebracht na een galcrisis. In de beklemmende hitte zaten we toen met bijna de hele familie in dat kleine kotje te zweten. En laat de naam "Spoed" je niet misleiden. Het is niet te vergelijken met TV - series zoals ER. Zelfs niet met "Spoed"! Minstens vier uur ben je kwijt. De patient ligt er te creperen van de pijn. Bij die helse hitte kreeg hij niet eens iets te drinken omdat ze na uren onderzoek nog altijd niet wisten wat hij mankeerde. Natuurlijk dachten die arme mensen meteen aan het ergste. 