"Bloem."


Bloem.
Vandaag een mooie bloem gezien
deze morgen, rond een uur of tien
ze lachte mij zo vrolijk toe
was dat schitteren nog niet moe.
Sami.
"Bloem."

Bloem.
Vandaag een mooie bloem gezien
deze morgen, rond een uur of tien
ze lachte mij zo vrolijk toe
was dat schitteren nog niet moe.
Sami.
"Kroonkraanvogel."

Kroonkraanvogel.
Van het verschieten na wat hij zag
gingen zijn vleugels op en neer
had hij nu een slechte dag
bij nader toezien was 't er niet meer.
Sami.
"Herfststijlloos."

Herfststijlloos.
Onder het dak van de bomen
stonden ze daar te genieten
van een zonnestraaltje
dat de bladeren door lieten.
Sami.
"Kroonkraanvogel."

Kroonkraanvogel.
Een Kroonkraanvogel alleen op stap
die merkte dat hij niet alleen was
bij het zien van dit verschoot hij wat
en plots liep hij niet meer in de pas.
Sami.
"Eend."

Eend.
Zo te zien is er niets aan
jij kan op het water blijven staan
veel moeite kost het je niet
't is niet zo makkelijk als je ziet.
Sami.
"Bloemetje."

Bloemetje.
'k Zet hier een bloemetje neer
was ze vergeten vorige keer
ze zei, ik kan dat wel even aan
en ze is mooi rechtop blijven staan.
Sami.
"Krokodillen."

Krokodillen.
Drie krokodillen die waren op jacht
ze waren heel zeker, wat had je gedacht
een lekkere prooi, die vonden ze niet
bleven maar stil liggen zoals je hier ziet.
Sami.
"Schildpadjes."

Schildpadjes.
Zes schildpadjes op een rij
meer konden er zeker niet bij
enkele voor een andere weg kozen
daarom moesten ze daar verpozen.
Sami.
"Illusie."
"Wolkenberg."

Wolkenberg.
Een hemelsblauwe lucht
wolken die opstaken
dat kwam door die zucht
die ik net moest slaken.
Sami.
"Watervalletjes."

Watervalletjes.
Twee watervalletjes
luistert je,
je hoort ze in stereo
langs beide zijden
glijden ze het water in.
Sami.
"Zwarte Zwaan."

Zwarte Zwaan.
Ook haar nek, gracieus gebogen
bovenaan zie je net de ogen
je rode bek een sterk contrast
die bij heel je uiterlijk past.
Sami.
"Witte Zwaan."

Witte Zwaan.
Haar nek, sierlijk gebogen
bovenaan twee stippen als ogen
met je lang gebogen zwanenhals
ben je de ster op alle galabals.
Sami.
"Watervalletje."

Watervalletje
Van waar het komt
of naar waar het gaat
niemand wil het weten
doch ieder er stil bij staat.
Sami.
"De Roos."
"Hangbrug."
"Je Moeder."

Je Moeder
Elke dag denk je er aan
de oorsprong van je bestaan
het levenslicht liet ze je zien
ze is je moeder sindsdien.
Sami.
"Boomstronk."

Boomstronk.
Ooit een trotse boom
door de bliksem getroffen
in een lang geleden droom
hij heeft alles gegeven
wat hij in zich had
dit is er van overgebleven.
Sami.
"Vissen."
"Wolken."

Wolken.
Ze hangen in lagen
net of ze elkaar moeten dragen
in lichte en in grauwen
altijd weer te aanschouwen.
Sami.