Elterberg toplocatie bij roofvogeltrek
Het was bijna te mooi om waar te zijn.
Kort voor het middaguur was er opeens een koortsachtig sfeertje toen een van de drie buizerds die in de verte boven Hoog- Elten zweefde een ruigpootbuizerd bleek te zijn. Een zeldzame gast. Het was voor het eerst dit seizoen dat deze roofvogel, die meestal in zuid-Scandivië overwintert, is gesignaleerd. Sinds 1996, toen de Vogelwerkgroep Arnhem en omstreken samen met IVN/VWG Oude IJsselstreek structureel begon met het tellen van overtrekkende roofvogels, is het pas de tiende. En bijna was het de 25.000-ste in totaal geweest.
"We hadden eigenlijk verwacht dat de vandaag de 25.000'e vogel al gezien zouden hebben, maar het was redelijk rustig afgelopen week, we zijn er nog net niet," vertelt Jan Schoppers. Samen met vijf andere vrijwilligers is hij deze druilerige zaterdagochtend te vinden in het grensgebied tussen Spijk en Elten. Vanaf die stek is een mooi zicht op de Elterberg en de zuidpunt van het Bergherbos en dat is een belangrijke reden waarom dit zo'n goede plek is om roofvogels te tellen.
Al in de jaren zeventig wordt de Elterberg in de literatuur genoemd als bijzondere locatie om de trek van met name roofvogels te volgen. Vanuit heel Nederland werden excursies georganiseerd tijdens de roofvogeltrek in oktober en november. Er zitten dagen bij dat er wel vierhonderd roofvogels worden geteld en dat is een spectaculaire aanblik, verzekert Schoppers. Ze komen uit Scandinavië, waar ze bij Falsterbo (waar ook een telpost is) het vasteland verlaten. De stuwwal, waar ze overheen vliegen, zorgt er voor dat ze hier prachtig zijn waar te nemen. Het zijn voor een belangrijk deel buizerds die naar het zuiden vliegen als het winter wordt en het voedsel door de sneeuw niet bereikbaar. Van de Nederlandse buizerds zijn het vooral de jonge dieren die meetrekken naar het zuiden, de oudere vogels blijven veelal op hun plek
door Gerard Menting.
bron; gelderlander.nl