Huur, pensioen en studie
In mijn blog van 21 november (‘De levensduurte’) schreef ik nog dat de huurkosten zouden stijgen door de nieuwe eisen inzake isolatie en verwarming van de huizen. Daar blijken de problemen op de huurmarkt niet mee op te houden, want nu raakte ook bekend dat het aantal gezinswoningen daar de laatste jaren bijna gehalveerd is. Het een heeft met het andere te maken. Oudere mensen die er tegen opzien om de reconversiekosten te maken of die er gewoon de middelen niet toe hebben om te renoveren, beslissen steeds meer die huizen te verkopen, waarbij de koper nu weet dat hij/zij het zal zijn die voor de kosten zal moeten opdraaien. Als gevolg van e.e.a. wordt het aanbod echter kleiner, wat de huurkosten opdrijft.
Een tweede reden waarom eigenaars hun huizen verkopen is, om hoge successierechten te vermijden voor de erfgenamen. Datzelfde geldt ook voor schenkingen binnen de familie, die nu een stuk minder zwaar belast worden en dus meer plaats vinden. De overheid int daar nu wel meer belastingen op, maar op langere termijn zal ze er geen successierechten meer op kunnen aanrekenen en op het scheiden van de markt er in zijn totaliteit minder aan overhouden. Vrije markt en overheidstussenkomsten gaan nog altijd niet samen en klaarblijkelijk zal dat zo blijven.
---
Een categorie die zich van al die prijsverhogingen minder moet aantrekken zijn die van onze gepensioneerde ambtenaren. België blijkt nl niet alleen proportioneel het meeste ambtenaren ter wereld te hebben, maar hen ook nog eens het hoogste pensioen uit te betalen. Dat gebeurt dan in een land dat voor de niet-ambtenaren zowat de laagste pensioenen van Europa heeft! Ik heb vroeger al eens verteld dat dit land het dubbel aantal ambtenaren heeft van Nederland, terwijl dat land 50% meer inwoners telt. De ambtenarenpensioenen kosten België meer dan 10 miljard euro per jaar. En dan maar verwonderd zijn dat die staatsschuld maar niet wil zakken.
---
Tenslotte kom ik nog even terug op het niveau van onze Vlaamse 15 jarige studenten. De driejaarlijkse zgn Pisa-studie daarover bevestigt dat we bij de top zitten in Europa, maar er wordt nu bij verteld dat het aantal leerlingen dat niet mee kan, steeds groter wordt. Gelukkig is Vlaams minister Crevits zo eerlijk in de berichtgeving erbij te vertellen dat het hier meestal gaat om leerlingen die thuis geen Nederlands spreken en daar hoef ik dan verder geen uitleg bij te geven, zeker? Het is hetzelfde verhaal wanneer men het heeft over gezinnen en kinderen die onder de armoedegrens zitten. Zolang wij de armoede blijven invoeren, zoals nog steeds het geval is, zullen die cijfers niet verbeteren en zal het niveau van onze eigen scholen niet meer stijgen…


2 reacties op dit bericht
Over pensioenen
En alle ambtenaren meteen een dertiende en veertiende maand aan hetzelfde tarief als in de prive, zelfde hoge vakantiegeld en eindejaarspremie als in de prive, tijdens de carriere daar bovenop een wagen op kosten van de werkgever, in dit geval de staat, dat allemaal met terugwerkende kracht, verhoogd met een bonus voor het intussen misgelopen zwartwerk, waarvan geweten is dat het in de prive schering en inslag is, a rato van zo'n 300 eurootjes per maand als gemiddelde, dat eveneens met terugwerkende kracht over het geheel van de loopbaan.
En maar blijven zeuren en jaloers zijn als kleine kinderen over de ambtenaren en hun hoger pensioen, daarbij wijselijk voorbij gaand aan het feit dat het eigenlijk geen echt pensioen is, maar een uitgesteld loon als compensatie en zoethoudertje voor hun lagere verdiensten tijdens de loopbaan, maar zelf intussen volop geprofiteerd hebben van de veel hogere lonen en dito vergoedingen in de prive, collectief pensioensparen via de werkgever, en vooral van de mogelijkheid om belastingen te ontduiken (zwartwerk), zodanig dat b.v.in de horeca nu nieuwe systemen, de witte kas, dienen geïnstalleerd. De mannen van de prive, tijdens hun loopbaan, zeker vroeger, neerkijkend op de serieus minder verdienende 'sukkelaars' in de ambtenarij, tot op het ogenblik dat er sprake is van pensioen natuurlijk. Dan wordt het meteen weer iedereen gelijk voor de wet en vooral de pensioenen. Ruikt een beetje naar communisme.
De pensioenen stilaan onbetaalbaar? Waar is al dat geld dat daarvoor door iedereen werd afgedragen, dan naartoe?
Over de miljarden evenwel die jaarlijks nutteloos over de balk gegooid worden - in 2016 tot nu toe al ruim 1,5 miljard euro = 60 miljard oude befkes, reken dat maar eens op tien jaar ! - voor het opvangen van alle klaplopers van de hele wereld, die onze maatschappij dan nog gewoon onder de voeten komen lopen, wordt eigenaardig genoeg nooit met een woord gerept, tot mijn verwondering ook niet of toch zelden op dit blog. Blijkbaar is dit ergens taboe. Maar de pensioenen van de ambtenaren, hola, dat is andere koek, want dan gaat het om het eigen volk.
Ter afronding een artikel ter zake uit Knack, waar ik me perfect bij kan aansluiten:
(http://www.knack.be/nieuws/belgie/het-ambtenarenpensioen-weg-met-de-afgunst/article-opinion-510851.html)
"Het ambtenarenpensioen: 'weg met de afgunst'
'Het verschil tussen een ambtenarenpensioen en dat van iemand in de private sector, zal verkleinen, maar niet verdwijnen. Een algehele Gleichschaltung kan niet, en zou ook onrechtvaardig zijn', analyseert Liesbet Sommen, de CD&V-experte achter de pensioenhervorming van de regering-Michel, in haar bijdrage aan het Schaduwparlement van Knack.be.
Ik ondervind dat het in sommige middens bon ton is om van jetje te geven tegen het interessante pensioenstelsel van ambtenaren. Maar dan wordt vaak vergeten dat wie voor de staat werkt, geen tweede pensioenpijler kan opbouwen - het welbekende bedrijfspensioen. Daarom besliste deze hervormingsregering: ja, we gaan de pensioenwetgeving van de private en publieke sector gelijkschakelen. Ambtenaren mogen daardoor niet meer sneller op pensioen dan de anderen. Maar: neen, hun pensioenbedrag kan wel hoger blijven. Dat is normaal, en dat is billijk.
De maatregelen voor ambtenaren in de pensioenhervorming krijgen tot mijn verbazing weinig weerklank bij pers en publiek. Louter tijdens de regeringsonderhandelingen lekte er het een en ander over uit. Opmerkelijk, want vergeleken met wat in de privésector zal veranderen, gaat het hier eigenlijk om zwaardere ingrepen. De regering wil de pensioenwetgeving van ambtenaren bijna volledig afstemmen op die van werknemers en zelfstandigen.
2,5 keer zo hoog
Het gemiddeld werknemerspensioen bedraagt 1.080 euro, het gemiddeld ambtenarenpensioen 2.498 euro: dat van ambtenaren is dus op het eerste gezicht bijna 2,5 keer zo hoog. Maar die vergelijking gaat niet helemaal op, want in nettotermen is het verschil veel kleiner. De fiscale behandeling van een ambtenarenpensioen is immers minder voordelig. Ook de tweede pijler via de werkgever, waarop ondertussen 70 procent van het personeel in de privésector recht heeft, moet in de vergelijking meegenomen worden: het aanvullend stelsel vulde anno 2010 het werknemerspensioen aan met gemiddeld 579 euro.
Het hogere ambtenarenpensioen heeft verscheidene oorzaken. Zo zijn er de weddes die in aanmerking komen voor de berekening van het pensioenbedrag. In de private sector gebeurt dat over een loopbaan van 45 jaar. Voor ambtenaren echter wordt een gemiddelde gemeten van enkel de tien laatste loopbaanjaren. Vermits de meeste mensen op het einde van hun carrière meer verdienen dan in het begin, valt het ambtenarenpensioen dus hoger uit dan dat van de privésector.
Studeren telt als werken
Vastbenoemden kunnen niet alleen een hoger pensioenbedrag opbouwen, ze kunnen ook na een kortere carrière op pensioen. Nochtans gelden voor hen ook de normale pensioenleeftijden, zoals in de privésector. Maar in het geval van ambtenaren worden de studiejaren meegeteld als gewerkte jaren. Iemand die dus vijf jaar studeerde, kan deze jaren in de berekening laten meenemen. Samengevat: ook ambtenaren kunnen pas met pensioen op 63 jaar en na 42 jaren loopbaan (daarover schreef ik eerder al een bijdrage). Maar in die 42 jaar mogen maximaal vijf studiejaren meetellen, waardoor slechts 37 effectief gewerkte jaren nodig zijn.
Package deal
Deze pensioenverschillen zijn historisch gegroeid. Ambtenaren gingen indertijd akkoord met de package deal 'lager loon, hoger pensioen'. Maar intussen bestaan er twijfels over de niet-competitiviteit van de ambtenarenlonen. En vanuit de private sector is het draagvlak verkleind om ambtenaren een hoger pensioen te geven na een kortere loopbaan. In tijden van zware besparingen waarin werknemers een stuk van hun pensioenverwachtingen in rook zien opgaan, zou het als onrechtvaardig worden aangevoeld dat andere groepen de dans zouden ontspringen.
De regering-Di Rupo heeft reeds stappen gezet om de stelsels meer naar elkaar te doen toegroeien, bijvoorbeeld door het pensioen niet meer op de laatste vijf, maar wel de laatste tien loopbaanjaren te gaan berekenen. Toen Frank Vandenbroucke met zijn twaalfkoppig team van academici een lijvig pensioenrapport uitbracht, ging de bal helemaal aan het rollen. De regering-Michel ging met ondermeer de conclusies van die pensioenexperten meteen aan de slag.
45 jaar werken voor volledig pensioen
Van een hele batterij maatregelen (bladzijde 32 van het regeerakkoord), springt het afschaffen van het meetellen van de studiejaren het meest in het oog. In 2016 zal al één studiejaar minder opgenomen kunnen worden en tegen 2030 is het systeem volledig uitgedoofd. Dat betekent dat ambtenaren die hogere studies genoten, niet enkel langer zullen moeten werken door de algemene optrekking van de pensioenvoorwaarden, maar ook door de afschaffing van dit systeem. Met elk studiejaar minder dat ze kunnen meerekenen, moeten ze immers een jaar langer werken.
Een grote groep ambtenaren met voordelige pensioenregimes, zoals het onderwijs, de politie, de magistraten, de postbodes en zo meer, zal ook 45 jaar moeten gewerkt hebben vooraleer ze een volledig pensioen krijgt. Die beslissing zou deze legislatuur worden genomen, ook al is nog niet duidelijk wanneer dat in werking zal treden.
Tweede pijler voor contractuelen
De jaren als contractueel personeelslid zullen niet meer meegeteld worden voor het ambtenarenpensioen (voor mensen die niet vastbenoemd waren op 9 oktober 2014, de datum van het regeerakkoord). Voor wie lang contractueel geweest is, kan dat een grote impact hebben op het pensioenbedrag. Daarom is in het regeerakkoord voorzien dat de overheid - in deze de werkgever - voor die mensen een aanvullend pensioen moet opbouwen. De federale overheid is alvast van plan om dat te organiseren voor haar ambtenaren. Voor andere bestuursniveaus, zoals Vlaanderen, is het federale niet bevoegd.
Afgunst
Het weze duidelijk dat de hervormingen van het ambtenarenpensioen ingrijpend zijn. Maar een belangrijke aanbeveling van het rapport-Vandenbroucke is dat de invoering van het puntensysteem niet verhindert dat verschillende beroepsstelsels nog een andere 'weging' krijgen van hun loopbaan en wedde. Concreet betekent dit dat ambtenaren nog steeds een hoger pensioen kunnen blijven ontvangen, ook al is de wetgeving van het ambtenarenpensioen volledig afgestemd op die van de private sector. Dat staat ook letterlijk in het regeerakkoord: de regering zal een wettelijke basis opstellen 'voor een puntensysteem voor de pensioenberekening, dat een correcte weerspiegeling van opgebouwde rechten is. Dat wil zeggen dat een significante daling van het pensioenbedrag onmogelijk wordt gemaakt.'
De duidelijke keuze die hierin vervat zit, is dat de ambtenarij weliswaar niet meer na een kortere loopbaan dan de privésector op pensioen mag, maar dat de regering weigert mee te stappen in een afgunstpolitiek. Ambtenaren moeten kunnen blijven rekenen op een fair, armoedebestendig pensioen. Zij genieten immers niet de mogelijkheid om aan te vullen via een bedrijfspensioen van de werkgever.
Als ik in het parlement zat, dan zou ik in naam van mijn middenpartij die boodschap laten weerklinken in het halfrond."
Wil Vlaanderen "overleven"
dan zal er heel snel gestart moeten worden met de werken die redding brengen uit te voeren:
a- alle nutteloze en waardeloze postjes en clubjes opdoeken.
b- iedere werknemer, prive, publieke en zelfstandige, "één" statuur geven met dezelfde arbeidsvoorwaarden en eenzelfde pensioen berekeningssysteem.
c- het ambetantennarenleger met minimaal 65% verlagen.
d- alle illegalen en criminelen van vreemde origine eruit zetten.
e- grenzen sluiten.
f- van Vlaanderen een republiek maken waarin de ministerpresident de republiek vertegenwoordigd, een president is net zo overbodig als die monarchie.
g- geen eurocent nog naar vreemdelingen en EU misdaadinstelling.
h- belastingen drastisch verlagen zodat koopkracht stijgt, elkel koopkracht doet een land overleven want koopkracht doet economie draaien en economie is broodnodig voor een land, zonder economie is er enkel armoede.
i- ervoor zorgen dat IEDEREEN belastingen betaald over zijn inkomen dus ook die voetballers.
j- wie voor een Vlaams bedrijf werkt en/of in Vlaanderen woont betaald belastingen volgens de Vlaamse normen "zonder uitzonderingen" dus ook al dat ambasade volkje of EU tuig wat hier rondloopt.
Het kan allemaal enkel wat politieke moed opbrengen.