Buulmolenpad

Buulmolenpad
Vertrekplaats: Buulmolen Olen
Afstand: 6,8 km
Bewegwijzering: Wit schild met groene pijl
Plan : http://www.wandelpeters.be/Buulmolenpad/index.htm
Beschrijving:
De Buulmolen:
De eerste vermelding van de Buulmolen dateert van 1362: “Walterus Smeyers de pecio terre... molendinum de bule”. In juli 1744 brandde de molen af, maar hij werd in het najaar en de winter heropgebouwd. In 1936 moest hij plaats maken voor de aanleg van het Albertkanaal. Hij werd gedemonteerd en overgebracht naar het Noordkasteel (Antwerpen). Toen de haven uitbreidde werd hij verplaatst naar de nabijheid van de Hogere Zeevaartschool, waar hij stond te verkommeren tot hij in 1986 werd gedemonteerd. In 1991 werd de stad Antwerpen bereid gevonden, om de molen af te staan aan de gemeente Olen. Aanleiding was de viering “1000 jaar Olen” in 1994. De viering was een succes, maar de molen stond er niet! De heropbouw en de maalvaardige restauratie gebeurde pas in 2002-2003 en de feestelijke inhuldiging gebeurde op 1 augustus 2003.
Bij de start is het even opletten, we moeten de drukke "Industrielaan" over.
We gaan even naar links om de eerste straat rechts in te draaien.
De onbewaakte overweg over - nog steeds in gebruik voor industrieel vervoer over het spoor - en we kunnen al een kijkje gaan nemen op het "Sluizencomplex Olen" van het Albertkanaal.
Het Albertkanaal werd gegraven in de periode 1930-39. Het werd in 1940 in gebruik genomen, maar door de Tweede Wereldoorlog werd de eigenlijke exploitatie verschoven naar 1946. Het verbindt Antwerpen met Luik en is 129,5 km lang. Tussen Luik en Antwerpen is er een hoogteverschil van 56 m. Dit verval wordt overbrugd door zes sluizen: vijf met een hoogteverschil van 10 m (Genk, Diepenbeek, Hasselt, Kwaadmechelen en Olen) en één in Wijnegem met een verval van 5,45 m. In de dertiger jaren van de vorige eeuw, duurde het 7 dagen om van Antwerpen naar Luik te varen, momenteel ca. 18 uur. Een schip kan via dit kanaal van Antwerpen tot aan de Zwarte Zee varen. De indrukwekkende sluisdeuren worden hydraulisch bediend. Vroeger gebeurde dat mechanisch, met behulp van tandwielen. De opening van de sluizen gebeurde in 1938. De grote sluis (200 x 24 m) kan schepen met een gezamenlijke tonnenmaat tot 12 000 ton versassen. Per etmaal passeren er gemiddeld 120 schepen de sluizen
Wanneer we uitgekeken zijn, zetten we onze tocht verder over het sas en dan onmiddellijk rechts. Hier zien we de woningen staan - met verzorgde voortuintjes - van het personeel dat instaat voor de goede werking van de sluizen.
Een honderdtal meter voorbij de huizen kunnen we links de "Sluizenweg" in.
Recht voor ons zien we één van de vier bunkers die in de Tweede Wereldoorlog moesten zorgen voor de bescherming van de drukke vaarweg.
Sommige van deze bunkers hebben nu een andere bestemming: het zijn nl. tehuizen geworden voor de "Olense vleermuizen". Door sommige gaten dicht te metselen wordt de tocht geweerd uit de bunker en wordt er voor een constante temperatuur gezorgd. Deze temperatuur en een vochtig klimaat zijn uitermate geschikt voor de vleermuizen.
Na enkele meter gaan we links in, juist voor een waterloop. We wandelen nu achter de huizen van het saspersoneel, de waterloop aan onze rechterzijde.
Wanneer het pad uitloopt op een kasseiweg, gaan we naar rechts de onverharde weg in.
Langs deze weg loopt een beek. Het niveau van deze beek wordt zodanig geregeld dat de omgeving van het kanaal steeds vochtig genoeg blijft zodat er geen breuken in de dijken ontstaan.
Op het einde loopt de onverharde weg uit op een asfaltbaan "Vennestraat", die we links opdraaien.
Aan de rechterzijde van de weg kunnen we nog een mooie veldkapel opmerken.
De weg neemt ter hoogte van een elektriciteitscabine een bocht naar links om uit te komen op een T-kruispunt.
Aan dit kruispunt wandelen we naar links Dikberd in. We stappen nu door een rustig industriepark Dikberd en de hondenschool Sint-Bavo. Daarachter, liggen een paar voetbalvelden. Hier werd ooit topvoetbal gespeeld. De damesploeg van Herentals werd er drie keer landskampioen. Voorbij een manège lopen we onder een hoogspanningslijn door. De verharde weg gaat terug over in een onverharde bosweg, die we rechts inslaan.
We krijgen een mooi zicht op de brug met grote bogen. Deze brug overspant het Albertkanaal zonder een steunplaats. De vroegere brug is ingestort omwille van grondverzakkingen
Enkele honderden meter verder komen we aan een zeer drukke weg. Hier gaan we links de brug op, gebruik makende van het veilige voetpad.
Over de brug zien we links de gebouwen van de "Smeerpijp". De pijp ligt in het Albertkanaal en is gebouwd om vervuild water te vervoeren richting Antwerpen, wegens technische
problemen is deze pijp nooit hiervoor gebruikt geweest. Vandaag wordt de pijp gebruikt om drinkwater te transporteren.
Achter een groene afsluiting van deze gebouwen kiezen we links terug voor een rustiger weg: een smal "mooie" voetpad tussen de draad en de houtkant.
Na een honderdtal meter komen we op een onvervalste Vlaamse kasseiweg, die we ten einde wandelen - op de hoek staat een oud molenhuis, want lang geleden stond ook hier een molen - en komen zo aan de "Industrielaan", die we recht oversteken (gebruik bij voorkeur de veiligere oversteekplaats aan de verkeerslichten).
Nu lopen we letterlijk in het "Paradijs", eerst een betonweg, later overgaand in een onverharde weg.
We stappen door een drinkwaterwinningsgebied van PIDPA (de watervoorziening voor een groot gedeelte van de provincie Antwerpen).
Wanneer we de onverharde weg over driehonderd meter hebben gevolgd kunnen we links "De Rijtestraat" in. Onze wandeling kronkelt nu tussen de weiden en we krijgen een prachtig zicht op de molen.
Enkele tientallen meter vooraleer de onverharde weg overgaat in een asfaltbaan kunnen we links een veldpad in.
Dit pad slingert door de weiden.
Wanneer we over een mooi bruggetje moeten, bereiken we snel ons einddoel: de in 2003, in opdracht van de gemeente Olen, gerestaureerde Buulmolen.
Bezichtiging van de molen:
Je kan de molen elke laatste zondag van de maand bezoeken van 13.00 tot 18.00 uur in de zomermaanden of van 13.00 tot 17.00 uur in de wintermaanden. Indien er voldoende wind staat om te malen, zal de molenaar ook op andere zondagen aanwezig zijn.
Je kan eventueel ook op andere dagen de molen bezoeken. Je maakt gewoon een afspraak met onze molenaar.
Het bezoek aan de molen is gratis. Indien je echter een afspraak maakt om de molen te bezoeken, dan vraagt onze vrijwilliger-molenaar een verplaatsingsvergoeding van 5 euro.
Molenaar (vrijwilliger): Willy Vermaelen, Grotstraat 6, 2200 Morkhoven (014 26 33 87)
























