Anecdotes....

Na het bombardement van 1 -2 mei 1944 op Mechelen, was het werken geblazen voor de dienstvaardige scouts. Hier volgen echter 2 anecdotes die wat bizzar lijken...Scouts waren werkzaam in de wijk Leuvensesteenweg. Een groepje was bezig met het wegdragen van doden naar een zaal achteraan het cafe tegenover de ingang van het arsenaal. Het was een eerste verzamelpunt voor de doden die geborgen werden. Op deuren gelegd, werden ze er naar toe gedragen.
Plots begonnen de alarmsirenes te loeien, iedereen verliet in ijltempo de geteisterde wijk. En onze scouts? Die gingen gewoon door met hun lugubere vracht naar het verzamelpunt. Dan eerst begonnen ze te rennen naar de kruidtuin, alwaar een grote schuilplaats was gebouwd.. Toen beseften ze dat ze feitelijk hun leven riskeerden om doden te bergen!
Twee of drie dagen na het bombardement was het al wat kalmer met het wegdragen van doden. Een aantal scouts stond aan een hulppost te wachten op instrukties. Er komt een oproep binnen om menselijke resten te komen ophalen in een tuin op de Brusselse steenweg. Met vier jongens trokken ze er naar toe. Onderweg werd er aardig wat gefantaseerd over de aard der mogelijke resten. Het was hun manier om de gruwel der laatste dagen te verwerken. Terplaatse aangekomen bracht een oudere man hun naar de achterkant van zijn tuin en wees een plek aan: \" Daar ligt het!\" Bij het zien van een klein stukje hoofdhuid met haren, moesten ze op hun tanden bijten om niet te lachen. Ze hadden de vuurproef al gehad, dit was een peulschil! Ze vroegen een zak en deden de lok erin en vertrokken. Toen ze uit het zicht van de buiten staande mensen waren, schoten allen in een lach. Het lok hebben ze, o schande, in het kanaal geworpen. Het is hun bij deze vergeven.
Bij de Foto: Armband van scoutshulpploeg Mechelen. Deze was de 354ste ingeschreven scoutshelper.











