De anderen werden in groot ornaat vermeld
Ze sneerden maar wat aan als studenten
Ingrid Lenaerts

bevrozen stilte
het blauwe nest
slons
illusionist
buigend in de briesHet jonge groen van de spar groet
ligt buigend in de bries op en neer
als een spring in het veld
van de jonge lente die uitzonderlijk zomert
zonlicht op de middag
dat verstoppertje speelt tussen de takken
In de tuin slaapt de stilte
meegaand met uur dat vertraagt
in de loomheid van deze dagen.
Ingrid Lenaerts
de groeten van
seizoensverwarringLente waar ben je?
nu zomer je al verdringt
straks dan winterweer?
Ingrid Lenaerts
sleetZoals rotsen uitslijten door eeuwige wind
zo ook zit er sleet op "de band"
Na jaren scoren en succes na succes
de breuk in de grondlaag van onze club
kibbelen bekvechten ruzie
gemiste optredens slechte verkoop
de band zit vol gaten
we zijn een kaas door de muizen aangrvreten
het publiek laat ons vallen
van verzinken willen wij gered
Save our band save the music.
Ingrid Lenaerts
klein verdriet
hellehondZe heeft me bewaakt als een hellehond
blafte dagelijks de regels en de geboden
als de almacht die ze vertegenwoordigde
Ik huiverde van haar blik en gezicht
tot in elke vezel van mijn kinderziel
Ik rilde bij haar schaarse aanrakingen
angst omklemde mijn lijf als een wurgslang
die in haar gedachtengoed schoon schip maakte
Van de hellehond loopt nu nog het geraamte rond
krakend van de ijzige leeftijd
die ze nog meedraagt
de intensiteit van de zwarte woorden
blijft nazinderen als een resonantie
in een tunnel tussen leven en dood.
Ingrid Lenaerts
op de bonVannacht ellenlange rijen wagens
achter de barricades op de snelweg
flikkerende zwaailichten blauwe nachten
manifeste opwachting van politie
in groot ornaat voor de blazerij
ademtesten bloedstalen processenverbaal
drugshonden en gesnuffel
heelwat lui op de bon voor.....
van alles dat niet mag.
en toch liepen er nog te lallen
zwierzat en nonsens verkopend
scheldend in veelkleurige schuttingtaal
de ontnuchtering moet nog komen.
Ingrid Lenaerts
of hoe het kan.Zij komt uit de diepte gekropen
verlegen loerend over het muurtje
ze durft niet goed zeggen de mensen
wat durft ze dan niet doen?
Ze wil niet bekeken worden bekent ze
men praat over haar verleden
iedereen stoot iedereen aan
kijk daar is die van de kolenboer
Ze heeft ze niet allemaal op een rij
in het holst van de nacht gaat ze spoken
de mannen schuiven rijtje voor de deur
kinderen mijden haar als een beetje pest
boze tongen doen hun werk
tot op een dag zij een levende legende wordt
ze laat wonderen gebeuren met de glimlach
ze geneest doven en blinden
ze schenkt het grote vertrouwen
Ingrid Lenaerts
verledenVerleden stad met walmende schoorstenen
op de helling vervlogen tijden duisternis
die de trek naar het Walenland herinnert
de charbonnage of toen het goud nog zwart was
op foto de lijkwagen met paarden
de stoet vijftigerjaren die zich in beweging zet
het moet er koud zijn geweest
zelfs het verdriet leek er te bevriezen
op de straatstenen als grijze zusters naast elkaar
slechts mussen die uiteenstoven
bij achtergelaten paardenpoep
Ingrid Lenaerts
wereldnieuwsZij is geen wereldnieuws haalt het scherm niet
klokvast zet ze haar gewoonten uit de kast
haalt ze niet door elkaar
bedient zich van de regelmaaat
van de natuur in het leven rondom
en toch heeft zij ook haar verhaal
kort of lang ze beleeft het allemaal
in trappen van gradatie
goed beter best is vaak aan de orde
ook slecht en slechter zijn haar niet ontgaan
zij heeft geen behoefte uit de kast te treden
blijft gewoon daar waar de klok verder tikt.
Ingrid Lenaerts

Lopend langs een golfterrein
daarbuiten de landweg in stilte
nauwlijks iemand te zien tenzij
verscholen in het groen
een groepje spelers met het wagentje
aan een zandinclinering
ballen zoeven door de lucht
de spelers zijn in rijke concentratie
wij de toeschouwers zijn de buitenbeentjes
die zonder enig benul
alweer voor een andere vraag staan
Waarom spelen ze golf met die ernst
alsof er geen bestaan meer is
na de laatste slag.
Ingrid Lenaerts
Xantippe
Xantippe is dat kijfwijf van Socrates
hoewel ze al lang zelfs heel lang
naar de eeuwige jachtvelden zou zijn
weet ze toch telkens te ontsnappen
reïncarneert ze met grote regelmaat
in één of ander vrouwenlijf
als verhuld serpent met gespleten tong
als de boze heks uit een sprookje
de wesp met de gifangel
de klappij van historische achterklap
met lippen als messen die in het hart boren
waar zij haat en nijd laat gedijen
Xantippe liep ik weer eens tegen het lijf
Ze blijft me achtervolgen.
Ingrid Lenaerts
door een witte waas
somsSoms denk ik de miskleum te ontmoeten
in mezelf daar waar niets mevakkundig lukt
wanneer ik in elke hoek de ragebol zie staan
de schoonmaak de ragebol bedient
de emmers zwabbers en sopjes scheel ogen
er vloeren onveilig maken
sponsen rondslingeren met natte wangen
dan ben ik van de kaart niet van de partij
ik moet nodig in de leer
bij gezwind fluitende schoonmaaksters
want ik ben de ramp met de beide linkerhanden
de eend die niet zwemmen kan op het badwater
ik drijfgewoon mee en verdwijn.
Ingrid Lenaerts
Bij gevolgWat vooraf ging
moet ingrijpend geweest zijn
het gaat om zoveel blabla
gewaai met varianten en gevolgen
de trein zet zich in beweging dus hij rijdt
hij schiet door het landschap en denkt niet
welke gevolgen hij hoeof waar teweeg brengt
ontpopt het scenario dat we prewenteren
BV'd doen boude uitspraken
in groot publiek
al ook weer een "bij gevolg en zodat"
ze doen aan kijkerlopen in de koker van de wereld
springen op een dunne koord als circusbaronnen
tussen oorzaak en gevolg spant de korte of lange brug
die meestal blijft hangen tussen haar fundamenten
doorzakken behoort er ook soms bij
dat is dan weer andere koek.
Ingrid Lenaerts
1 reactie op dit bericht
laatste adem