vechten wolken een steekspel
de zwaarste verliest
regen bij bakken
over donkere velden
Is er geen licht meer?
Ingrid Lenaerts

graslandHet gras groeit niet meer
de sprieten verbeurd verklaard
na de eerste vorst
Ingrid Lenaerts
je ziet
hulstAl klaar voor het feest
pronkt de hulsteboom met rood
op zijn doorntakken
Ingrid Lenaerts
tussen
jachthuisIn het herftbos rookt
de schouw van het jachthuis bruin
buiten schalt een hoorn
de groene jagers
drinkebroers en stamtafel
klinken op succes
arme dieren daar
rennen er amechtig weg
de rode dood wacht
Ingrid Lenaerts
herfst in de laanDe beuken verkleurd
in wijnrood herfstornaat zijn
een beetje stervend
Ingrid Lenaerts
maan
meer
mist
tot de aardeWaar de grond me beroert
onverklaarbare verbondenheid
wil ik je afbakenen dat terrein
waaruit liefde uit de bodem ontspringt
als een heldere bron
de droom die mij een boodschap brengt
zoals exotische bloesems bedwelmen
het vierkant van veiligeheid
in je armen waar we beiden onsterfelijk zijn
maar heel even deze absurbditeit handhaven
om te verdwijnen op onze vleugels van papier
de naïvelingen van diezelfde beminde aarde
diep in haar buik.
Ingrid Lenaerts
maisvelden
vertragen
de ambivalentie van theaterGaan we voor de rol op de planken
van elke dag zo voortreffelijk gespeeld
alsof we echt bezig zijn ?
Niet zo maar geen schijn in het water
de weerkaatsing van het licht
die onze schaduw maakt
we beminnen en vierendelen elkaar
als antipoden van de werkelijkheid.
We koesteren onze lijven in de droom
die we nooit spelen maar beleven
als goed en kwaad waar we buiten staan
Dag Jan,dag Mien knijp me in de wang
trek me aan het oor opdat ik nog spelen kan
in de rol die ik nu moet instuderen
het rollenspel van een klucht
bovenop het blijspel en het drama
der levensdgen
Ingrid Lenaerts
druivelaarsTussen druivelaars
op de heuvelwand vertoeft
Bacchus op tournee
In de zon gerijpt
druif van vrucht tot godendrank
een toast gezondheid
De god en zijn naam
wijn als geneugte in het leven
wij genieten ervan
Ingrid Lenaerts
meisje in roze
vis
ballade van een koningkindZij is koningskind
zorgeloos leven in zon
elke dag een feest
Zij is liefdesdroom
om toomloos te beminnen
denkt zij tevreden
tot de leenheer komt
zij zijn vazalvrouwe wordt
bij duistere nacht
het kind in haar breekt
zij verlaten achterblijft
verminkt en verweesd
Ingrid Lenaerts
zondagsontbijt
bosblue