dorp
een grauwe morgen ontwaakt
plots luidt de dorpsklok
het gegalm zwiert luid
de kerktoren herleeft er
zijn oude grootsheid
Ingrid Lenaerts
dorp
ZeZe laat me niet los de schaduw van België
de olievlek die uitdeint en blijftt drijven
met landstalen als inzet die de koppen stoten
zoals bokken in een tweestrijd
waarbij jan modaal kop noch staart krijgt
aan de schaduw van België
dat monster dat draken tergt
die nu nog slapen maar dreigend grommen
en weleens gevaarlijk kunnen happen.
Ik huiver bij deze in onschuld.
Ingrid Lenaerts
zonnebloemZonnebloemenveld
een geelgroene belofte
na de wintertijd
souvenir op doek
blijft van een zomers schilder
de warmte opslaan.
Ingrrid Lenaerts

Ze zoent een dagdroom
die ze vindt in de tuin
als een kostbaar kleinood
luchtbel als kristalgerinkel
de tijd kortstondig voor hij oplost
in de schimmen van haar hoofd
vervoert haar langs draden nevel
die slierten als een wirwar spinnen
Een moment kanten illusie zweeft mee
voor een kwartje extramedelijden
tot het doek valt stofferig van vergetelheid
in zijn dagelijkse plooien van verveling
Ingrid Lenaerts
rosse maanWat lijkt ze verlegen daarboven de maan
ze lijkt wel te blozen als een verliefd wicht
trouwens ze draagt een sluier van mist
verbergt geheimzinnig haar gezicht
ze is een lichtend raadsel voor het oog
de stille getuige van de nacht
die haar omarmt in alle tijden
de rosse maan groet de donkere aarde
in de schaduw van haar innerlijke kracht
Ingrid Lenaerts
middenwegDromenland nabij
of binnen realiteit
gulden middenweg
als die dan bestaat
een zoektocht van lichtjaren
het wonder opweg
Ingrid Lenaerts
geen schaduwGeen schaduw te ver
volg ik je pad trouw als hond
een blijk van liefde?
Eerder twijfel knaagt
warrige hersenkronkels
tergend en zeker
Ingrid Lenaerts
maanDe maan klaart de lucht
met haar bolle buik in vlam
heldere aarde
roofvogels vliegen
kort cirkelend uit het nest
het nachtleven in .
Ingrid Lenaerts
sterrenhemelBlauw spant de nacht zich
de hemel hangt vol sterren
tot de morgen klaart
Ingrid Lenaerts
appelIk ben een appel
met bolle rode wangen
Eet mij toch liefst niet
Je tanden bijten
happen als een ruwe hond
ik huiver van jou
Een appel blijven
dat wil ik echt beleven
rustend in het gras
tot witte stippen
van verderf en ontbinding
weer nieuw leven kiemt.
Ingrid Lenaerts
echoDe echo herhaalt
praat me vleiend naar de mond
in vertraagd tempo.
Ik daag hem weer uit
hij herneemt hetzelfde woord
zet me er voor schut
wat moet ik ermee?
een kwelgeest die ik meedraag
zal ik maar zwijgen?
Ingrid Lenaerts
Langzaam
sinterklaas
rode wijnRode wijn fonkelt
diep in al zijn gedachten
tot de afdronk volgt
de tongpunt gestreeld
godendrank mist in het hoofd
de waarheid schittert
de smaak oneindig
van nog en meer uit het glas
Is hij nu tipsy?
Ingrid Lenaerts
open vlakteSlechts de oude beuk
torst de storm in de polder
draagt zijn eenzaamheid
Ingrid Lenaerts
wolken
marktWeer of geen weer daar
op de markt wordt druk verkocht
een bont allegaartje
Ingrid Lenaerts
dijk
De brug naar de hemelDe brug naar de hemel
een oudroze sprookjeswereld
liefs binnen bereik
in realiteit
verbinding van jou naar mij
zoete liefdesdroom
Ingrid Lenaerts
kastanjekastanjebolster
de herfst ontspringt in je schoot
bitterzoete smaak.
Ingrid Lenaerts