De zon blijft schroeiend in het hoofd
Ingrid Lenaerts

Reuzenspin-beaufort 2006In de schaduw van kerk en graven
incluis het graf van James Ensor
staat een grote spin als wijdpotige griezel
surplus boven het graf van de schilder
Ze heet "Maman" en zou waken
als een moeder over de dood
is zij er neergestreken extravagante
die zich niet associëert met de tijd
Ingrid lenaerts
duivenDe tortels zitten in de spar te koeren
Ze vliegen af aan met sprokkerlhout
stro of andere bouwsteen voor het nest
Hoog in de boom genieten ze van de zon
een briesje wiegt hen op de takken
als twee filosofen de eenvoud der dagen
analyserend zonder enige pretentie
Hun taal is apart en voor elkaar
waarschijnlijk heel verstaanbaar
een soort liefdescode
Ingrid Lenaerts
populieren
onafhankelijk
Ze wou er echt uitbreken
uit de gouden kooi die haar omsloot
een vader die haar stappen telde
een moeder die haar de bel aanbond
allemaal omdat ze zo bekommerd waren

Ontzeg
kastanjewouden
zwemfeest
vakantie
zomerFietsers op de dijk
Raderen in tegenlicht
Avondzon in vuurgloed
Ingrid Lenaerts
leven met colazoals het leven met cola is
één spetterende fontein megacool
onder de bubbels en bellen suikerzoet
om het even waar vind je het paradijs
om te sprinten te sporten, jezelf te overtreffen
je kameraadschap te belijden
in één groot feest
onder het waakzaam oog van deze wereldgigant
die zijn stroperig credo weerspiegelt
tot op de bodem van onze gedachten
die er zijn onschuld heerlijk koelt
van de morgen tot de avond
de nacht consumeert als een must
waar je bij valt of staat
van geboorte tot de dood
Cola is jebruisende metgezel
zonder weerga.
Ingrid lenaerts
dat ik de pretlichtjesDat ik de lichtjes van het park zie dansen op het water
dat ze ons telkens vervormen in de wijde rimpeling van de vijver
het maakt ons tot spel binnen het feest
brengt ons dichter bij elkaar als wiegende tortelduifjes
dan zeg je me voor eerst heel zacht dat je van me houdt
ik hoor niets liever, ik zoek mijnadem knijp in je hand
ik verdwijn in de mistvan mijn antwoord en fluister ik ook
Zouden de pretlichtjes nu ook in onze ogen weerkaatsen?
Ingrid Lenaerts

Op een drafje die middag
plaats en tijd waar we over de dood praatten
waar de angst schijnbaar aan banden lag
als een gevaarlijke hond gemuilkorfd
en wij toen lachten om het geraamte met zijn zeis
daar hebben we de inventaris gemaakt
van zoveel wegen die we wilden mijden
terwijl ik huiverde in dat besneeuwde winterland
dat mijn onmacht verwrong in doffe woorden
naasthet huis dat me lief was als levenskracht
maarzijn deuren nooit ontsloot.
Ingrid Lenaerts
schelpen
zwerm
ontgoocheling
bij een standbeeldHij kijkt richting zeegat, staat daar
Zijn jaren uit armen gekruist te turen
In zijn maritieme plunje
Regen en wind moet hij verduren
Onverstoorbaar
De westenwind speelt in zijn holle rug
De vogels zitten op zijn hoofd te schreeuwen
wordt hij oneerbiedig bejegend, bekakt
een verwelkte bloemenkrans aan zijn sokkel
resten friet en ijs van dagjestoeristen
de bouvier die zijn poot licht
Arme dode zeelui hier herdacht
De boten kruisen elkaar aankomst
En vertrek, het wrede vertrek
Zit in zijn hoofd het eeuwige afscheid.
Ingrid Lenaerts
Ballade van het verzonken dorp
win