Zij vreest onbegrip en dood
Zij vreest onbegrip en dood
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
van elke dag
Van elke dag
en dag na dag
voel ik dat pure onbestaan
zonder jou
aderlijk dood
gebloed
ik vecht voor zoveel
en soms voor zo weinig
hemels vuur
ik denk aan zoveel meer
behoud en zekerheid
warmte voor een groot ooievaarsnest
het deken om ons heen
de belofte of het raadsel
het lover
van een groen gouden baldakijn
herhaal me
herinner me
handhaaf me
vervoeg me
verlang me
verteder me
elke dag dag na dag
in dat nadrukkelijke bestaan
Ingrid Lenaerts
bij de landweg
Ingrid Lenaerts
broederverbond
Gedachten met stippen
aan die rode paddenstoelen
die bijna niet te geloven zijn
en toch heb ik ze gezien
op een groots lichtend feest
in een open bos
tussen de donkere stammen
sparren en dennen
in een groot broederverbond
de herfst.
Ingrid Lenaerts
speel maar mijn kind
waar je er misselijk van wordt en moet kokhalzen
bij God waarom mogen wij niet gewoon spelen
Speel maar mijn kind roepen de grote mensen
Maar die rijdt hier vast door
Wie helpt ons alarm roepen?
december verlengt
December verlengt
het licht naar zonnewende
Sint Lucia's kroon
Ingrid Lenaerts
onder het dak
in kleuren die met het uur bleker worden .
Vanuit refuges des Cosmiques lijkt de tijd oneindig
Wij nodigen hen uit om samen te tafelen
Morgen moeten we langs de moed der verwondering
Onder het dak van vrouwe Europa.
Ingrid Lenaerts
lege stoel
Ingrid Lenaerts
wie zij niet is
Graag zou hij weten
wie zij niet is
tussen de mazen van het
waar zij speelt
met rollen uit de wintertuin
waar zij dat witte landschap ziet
het niet is noch vergroeid
Graag zou hij weten
wat ze verbergt in krochten
spelonk van haar gedachten
Wie zij niet is zit op steen
ondoorgrondelijk blijft zij
gesloten rollen uit de wintertuin.
Ingrid Lenaerts
alternatief gedicht
er zit storm in (prozagedicht)
De zee is ontwaakt, ze is weg van haar gladde rust en je ziet haar golven aanrollen als kleine nukkige jochies van de grote plas.Ze blazen als kleine katjes ,die golfjes , zo nijdig tegen de dijkmuur.
We komen als wandelaars niet goed op pas. Tegenwind beukt ons in het gezicht, spaart ons niet.We voelen de scherpe adem van de wind die nu zijn longen volzuigt. Straks zal ie zijn machtsspel ten volle ontplooien als een wildeman in een race.We moeten vechten als dappere krijgsheren tegen de nukken van de wind.
Onze kragen staan rechop,gezicht in de jas verstopt ,de gekochte zuidvester op het hoofd ten teken van verzet. Met de wind mee heeft de wandelaar geen keuze.De wind duwt hem bevelend in de rug en zegt "ga ."
Papier en zwerfresten van slordige feestvierders worden in de lucht geslingerd.Ze dansen een ballet rond de vuilnisbakken op de dijk. Triest verlaten in december.
De wind neemt toe in kracht , laat de zee aanzwellen met witte schuimkoppen.We bereiden ons voor op de hoge woede van de zee, die nu al huilt en speent en spat
zolas een gematreld dier.De wind heeft geen mededogen .
Als een geniepuge genieter teistert hij land en zee.In zijn staart zit het venijn
Straks komt de regen met windrukken en bakken water als een ware ellende om zo vlug mogelijk te vergeten.
Laten we ons niet verzoeken door deze machten.Wij gaan huiswaarts bij de haard
in de herberg van Moeder Katrijn.Daar wacht de warmte bij het vuur en zijn verhalende vlammen. De symboliek tegen het gure weer voert me weg ...laat me dromen.
Ingrid Lenaerts
voorspellen
Zeg me wat de dag me brengt
of beter nog de komende week of maand?
Mag ik de prins van mijn dromen verwachten
de ridder op het witte paard?
Je zegt dat mijn horoscoop schittert
in het teken van de zon met ascendant de maan
Niets dan goed in de kosmos
die me het sterrenkind noemt zeg je
de tarotskaarten beloven me
veel vruchten op de milde akker
de vruchtbaarheid van de levensboom
een open vizier in de strijd tegen onrecht
het kan niet stuk verzeker je me.
Ik wil dit wel geloven
hoewel ik de zoeker blijf
in de donkere vijver van toekomst
met het voordeel van de twijfel.
Ingrid Lenaerts
De winter drijft de wolven uit het hol
De winter zet de mens in dikke jassen
De winter stuurt de vogels op zoek
Ingrid Lenaerts
op weg(legende)
haar mama is daar verdwenen
met het zand van de woestijnwind
zo zegt men toch
nu is zij een versteende roos
een stuk uit de rotsen
dat zij moet gaan zoeken
zegt de legende
Op de terugweg van Bialaba
naar Feznez
zag ze een ratelslang
die rommelend achter haar op dook
De slang keek woedend
Daar is mijn moeder riep ze geschrokken
ze heeft me verdoemd
ik heb haar niet gevonden
nu wil ze me dood
Zij maakte zich uit de voeten
zo snel die haar dragen konden
De slang verdween achter de rotsen
in het oranje avondlicht
Het werd duister bij klaarlichte dag.
Ingrid Lenaerts
kraanvogels
driehoeksgewijze dicht bij elkaar
Onverwachts zijn ze dan toch vertrokken
bericht
Een laatste streep zon
in de wolken hangt regen
de lucht wacht dreigend
Ingrid Lenaerts
tafel-vervreemding
Aan tafel kleurt de verzameling
de verzameling mensen is dit huisgezin
ze zijn groot en klein of dik en dun
Ze dragen allen hun eigen gedachten
die ze rijkelijk strooien op het vuur van de dis
dat hen verteert in passie voetbal
dat hen bedroefd om het verlies van de club
Ze hebben nauwelijk trek in eten
wurmen naar binnen op automatsche piloot
want de club speelt thuis voor groot publiek
Yes zegt vader,ook zo zegt moeder
de beide zoons zeggen verbeten
we are teh winners let's go
de tafel blijft vreemd verwaarloosd haar functie
wachten tot de volgende maaltijd
Ingrid Lenaerts
of de schoot van meer geborgenheid intra muros
Ingrid Lenaerts
uitvinden
Uitvinden dat moeten we
weer de winter in onze tuinen halen
als een ouderwetse must
de rijm op te takken bij zonsopgang
wanneer morgenzon door ijskegels tintelt
oogverblindend het licht
de koude onze adem stolt
de poolster verlegen knipoogt
de nachtbaljuw de lampen dooft
de sneeuw weldra vallen zal.
Ingrid Lenaerts

