mijn straat is geen straat meer
mijn straat is kapot gemaald
Ingrid Lenaerts

wonderbaarWonderbare golf
de glijbaan krult in water
tussen open lucht
Ingrid Lenaerts
verschilVraag het aan de nacht
die kent duisternis als geen ander
hij zal je alles vertellen
maar ik niet weet ik zeker
ik ben de dag in het zonnelicht
wit en helder hoop en leven
vraag het aan de tijd
hij kent het verschil.
Ingrid Lenaerts
licht en schaduwHet licht flitste binnen
het ogenblik baarde een schokeffect
verblinding op de trappen
een openbaring
dan een spook met staart
in witte lakens
ik dacht niet meer
dat ik nog denken zou
ik snakte naar adem
alleen de stilte bleef hangen
de schaduw wisselde gedaanten.
ik stond er nog
beteuterd alsof ik hier ooit al was
en toch kende ik de traphal niet
vervreemding op sokken
een raar gevoel.
Ingrid Lenaerts
een stralende lach
doezelenEen bruin doorbakken muur
daarop de helle zon
ik tel elke steen in de muur
ik verlies me in dagdromen
middenin het groen in bossen
een merel vliegt voorbij
ik zie een staalblauwe lucht
ik zie de westerschaduw
de kerktoren slaapt
in zijn stille loomheid
Ik volg zijn grote voorbeeld
het is veel te warm
om behoorlijk te denken
ik doezel maar ,zomaar.
Ingrid Lenaerts
afwezig de zon
gaai en eksterEen Vlaamse gaai vecht
om een korst brood op de weg
een ekster rooft ze
Ingrid Lenaerts
balonnenOp de trappen zit
een meisje met balonnen
plots verknalt haar droom.
Ingrid Lenaerts
even weg