Kantgedichten

Halve slag
Ze zijn te min gewrongen
hoe men ze ook draait of keert.
Solide, dubbele slagen
benoemen hen halfslachtig en verkeerd.
't Zijn warrige wiebeldraadjes,
en schuinsmarcheerders ook
omdat hun netwerk sleutelgaatjes
danst op een te slappe koord.
Al zijn ze losjes in de voegen,
wankel verbonden open en toe,
ze laten vingers wikken en wegen
over spankracht, waar en hoe.
En zou een kantje maar half werk zijn,
halveert die halve slag zijn pracht?
Integendeel: dat luchtige koppelen
geeft kantwerk zwaartekracht.
Maaike Reynders (30 oktober 2014)
~~

~~
Berhard Keil
The Lacemaker























