CHRONOLOGIE
1898 – 8 mei : Stichting Arbeid Adelt.
1901 – Dat jaar bezat Arbeid Adelt 56 “werkende” en 64 ereleden. Ter vergelijking :
St. Cecilia had 39 werkende en 51 ereleden.
1904 – Arbeid Adelt had 53 werkende en 78 ereleden.
St. Cecilia respectievelijk 44 en 62.
1905 – 29 april : Inhuldiging van het vaandel van de soldatenbond “Voor Vorst en Vaderland”.
1905 – 21 mei : Inhuldiging standaard
Op 21 mei 1905, ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van Belgie, organiseerde Arbeid Adelt, met medewerking van het gemeentebestuur, een groot festival voor muziekmaatschappijen
Van die gelegenheid maakte men gebruik om de nieuwe standaard van de fanfare in te huldigen.
Om 14 uur werden de afgevaardigden van de maatschappijen ten gemeentehuize ontvangen en daarna werd er door burgemeester Bernaerts een toespraak gehouden : “betrekkelijk ’s lands onafhankelijkheid en ons vorstenhuis, gevolgd door eenen heildronk aan zijne Majesteit den koning.. Dit feest is gevolgd geweest van algemeene verlichting en vuurwerk.”
Burgemeester Bernaerts :
Mijnheeren, vergadert in de gemeente Leest, een dorpje waar land- en werkman leeft, met hart en ziel verkleefd aan den godsdienst en zeden zijner vaderen, vereenigd, om samen door vreugdetonen en volksfeest, bij de inhuldiging van onzen Nieuwen Standaard te vieren het 75-jarig bestaan van België’s onafhankelijkheid, zoo weze mijne eerste vreugdekreet : Leve de Koning !
Andere dorpen zijn ons voorgegaan, andere nog zullen volgen met hunne blijdschap lucht te geven, bij het herdenken van het jaar 1830.
’t Jaar 1830, toen wij een juk afschudden dat ons te zwaar op de schouders woog, ’t jaar 1830 toen voor ons de eerste maal de zon van vrijheid scheen op onzen geliefden vadergrond.
Dank aan die mannen van hou en trouw en vrome wilskracht, aan die mannen die aan God en hun land verknocht, immer voor ’t oog hadden dat : rust roest, en dat arbeid adelt ; aan die mannen die met onverschrokken moed, door eendracht sterk hebben getoond dat hij de
blijheid wou en won, de fiere Vlaamsche leeuw.
Dank aan de dapperen, die goed en bloed voor die vrijheid pand stelden.
Aan hen hulde van vurige dankbaarheid en liefde !
Tot in den jongsten dag wezen hunnen namen met erkentelijkheid en eerbied herdacht.
Mijnheeren, wat schoons, grootsch en nuttig er sedert toen door onze Vorsten is tot stand gebracht, is u allen bekend.
Kunst, wetenschap, handel en nijverheid zijn zoo zeer ontwikkeld, gevorderd, en hebben ene zoo reusachtige uitbreiding genomen, dat vreemde Natiën, niet alleen met verbazing, maar zelfs met scheelziende blikken, onzen vooruitgang bewonderen. Overal mogen wij met fierheid spreken over onze landelijke instellingen.
Hij leeft gelukkig de Belg, gesteund en gesterkt door godsdienst en plichtsbesef;
hij begrijpt wat eerbied is en wat trouw en verkleefdheid vermag aan Vorst en vaderland.
De Standaard, Mijnheeren, onzer muziekmaatschappij die zich bij deze plechtiging voor de eerste maal ontplooid heeft voor leuze : “Arbeid Adelt”.
De Koning, onzen beminden vorst, laat geene gelegenheid voorbijgaan, zonder door raad en daad, die schone zinspreuk van onzen standaard te bevestigen.
In alle omstandigheden toont Hij, dat Hij den landelijken arbeid hoog schat, en hem op eene bijzondere wijze genegen is. Wij zien Hem, op alle groote tentoonstellingen ons vee en onze voortbrengselen bewonderen den vooruitgang van onzen veestapel gemoedelijk bestatigen, en
iedereen aanzetten, tot verbetering van dien nationalen rijkdom, die eene, om zoo te zeggen de eenigste levensbron is, van ons volksbestaan.
Mijnheeren, ik acht mij gelukkig U allen mijnen hartelijken dank toe te sturen, voor uw welwillend antwoord aan onze uitnodiging. Uwe tegenwoordigheid bij deze nationale vreugdefeest, toont uwe vaderlandsliefde en verkleefdheid aan het Vorstenhuis, uwe aanwezigheid is een bewijs hoe zeer ge waardeert dat op onze dagen de gevoelens van vaderlandsliefde niet genoeg kunnen aangemoedigd worden.
Mijnheeren, ik drink op de vriendschap, op de eendracht in ’t bijzijn en bijzonder van elke maatschappij in ’t algemeen onder al de maatschappijen hier aanwezig.
Ik bid U, Mijnheeren, de gevoelens mijner dankbaarheid te deelen, en ze te brengen tot hulde van eerbied en liefde aan onze dappere strijders van ’t jaar dertig, aan de nagedachtenis van den 1e koning der Belgen en aan den vorst die ons heden bestiert.
Moge God hem nog vele jaren voor België’s heil besparen...
Leve de Koning ! Leve het Vaderland !”
1909 – Merkwaardige uitstap
Dat jaar maakte de fanfare “Arbeid Adelt” een merkwaardige uitstap.
Bestemming van de reis was Antwerpen, meer bepaald het Bestendig Festival, en men ging er naartoe per “plezierboot”, langs de Zenne. (DB-1/5/1958)
1922 – 19 en 26 februari : Eerste optreden van de Toneelkring Rust Roest
In de folder stond bovenaan de vermelding : “Afdeeling der fanfarenmaatschappij Arbeid Adelt”.
1947 – 8, 9, 15 juni : Eerste Naoorlogs Feest.
1949 – De eerste Muziekavond
1953 – 13 november : Koninklijke
Arbeid Adelt werd bevorderd tot “koninklijke”.
1954 – Bestuur
Het bestuur zag er als volgt uit :
Voorzitter : Frans Van der Hasselt, Ondervoorzitter : Edward De Smet
Secretaris : Victor Selleslagh, Kassier : Louis Wuyts.
Overige bestuursleden : Victor De Laet, Edward Van Steenwinckel, Frans Beullens, Frans Muysoms, Constant Huysmans, Juul Huysmans, Louis Croes en Rene Voet.
De oudste leden waren toen (en sinds het jaar der stichting) : Jozef Croes, Jan Teughels, Karel Van Linden en Jan Fierens.
Volgende leden waren tussen 30 en 40 jaar lid : Johannes Publie, Jozef Apers, Victor De Laet, Cesar Jacobs, Edward Van Steenwinckel, Karel Van den Brande, Jan Daelemans, Constant Buelens, Jaak Fierens, Remy Jacobs, Victor Neefs, Theodoor Teughels, Constant Verbruggen en Jozef Van Beersel.
Volgende leden waren in 1954 meer dan 30 jaar muzikant : Victor Selleslagh, Juul Van den Brande, B. Huys, Albert Huysmans, Alfons Huysmans, Victor Troch en Frans Vloeberghen.
1954 – Nieuwe dirigent
De 32-jarige Hombekenaar Edward Tersago werd de nieuwe dirigent.
1954 – 27 mei : Rerum Novarumstoet
De Fanfare Arbeid Adelt stapte mee op in de Rerum Novarumstoet te Mechelen.
1955 – 20 februari : Muziekavond
Op de muziekavond van 20 februari 1955 werd het volgende programma gebracht :
Het Zwarte Woud van Jourquin, Standvastigheid, Caesar en Cleopatra van Baudain, Liliputsoldaten van Lohr en Thé Midi van Alfort.
Conferencier-humorist Leonneke De Smet zorgde voor de komische noot.
Datzelfde jaar op 24 juli ging de werd er een uitstap georganiseerd met twee autocars.
Na een havenrondvaart met een Flandria te Antwerpen werd een bezoek gebracht aan Breda en Baarle-Hertog.
1955 – zondag 24 juli : Uitstap
Met twee bussen vertrokken de leden naar Antwerpen waar een havenrondvaart met een Flandriaboot plaatshad en waarna een bezoek werd gebracht aan Breda en Baarle-Hertog.
1955 – 26 december : Medailleuitreiking
Tijdens een groot banket voor alle leden werden negen muzikanten vereerd met de Gouden Medaille van de Koninklijke Federatie der Katholieke Muziekmaatschappen van de provincie Antwerpen.
Burgemeester Bernaerts, bijgestaan door een afgevaardigde van de Federatie, reikte gouden medailles uit aan volgende muzikanten die er minstens 35 jaar werkelijke dienst hadden opzitten :
Jozef Geerts (°Hombeek 13/6/1903), Tiendeschuurstraat 7.
Theofiel Geerts (°Hombeek 18/9/1905), Tiendeschuurstrat 13.
Bartholomeus Huys (°Leest 15/11/1901), Elleboogstraat 5.
Victor Selleslagh (°Leest 12/12/1895), Dorp 57.
Victor Troch, Dorp 63.
Juliaan Van Den Brande (°Leest 13/3/1904), Tiendeschuurstraat 19.
Jozef Verbruggen (°Hombeek 7/10/1897), Scheerstraat 15.
Jan Vloebergh (°Leest 21/2/1903), Dorp 7.
Frans Vloeberghen (°20/2/1905), Kleine Heide 17.”
1956 – Vernieuwing vaandel en andere “klakken”.
Dat jaar werd het vaandel vernieuwd. Het goudbestiksel werd gerestaureerd en met KONINKLIJKE titel bijgewerkt.
De “klakken” van de muzikanten kregen meer kleur en leven door de bruine band te vervangen door een helrode.
In “De Band” van 8 mei 1958 vonden we de herkomst en betekenis van de eremeadiailles die aan de standaard van de fanfare waren gehecht :
a) Inhuldigingen van fanfare : “Leest – inhuldiging fanfare-maatschappij Arbeid Adelt”.
b) Vlaginhuldigingen :
-Inhuldiging eigen standaard, 21 mei 1905.
-Kapelle o/d Bos “Vrije Vlaamse Zonen”, 10 oogst 1902.
-Hombeek, Oud-Soldaten “Getrouw aan de Koning”.
-St-Maartens-Lennik, Oud-Soldaten 21 mei 1903.
-Kapelle o/d Bos “Moedige Soldaten” 25 oktober 1903.
-Tisselt, “Oud-Wapenbroeders”, 23 september 1904.
-Leest, Oud-Soldaten, “Voor Vorst en Vaderland”, 29 april 1905.
-Hombeek, “Ste-Cecilia”20 mei 1906.
-Hombeek, “Het Eiken”, 31 oktober 1908.
-Battel. Aangeboden door de Heer Baron Francis Empain, gedenkpenning inhuldiging
vaandel, 29 mei 1927.
c) Jubileumfestivals :
-Heindonk, 25-jarig bestaan “Iever maakt Vooruitgang”, 1 mei 1904.
-Terhagen, “Breydelzonen”; Festival 1881-1906 (1 juli).
-Antwerpen, 25e Bestendig Festival, 1884-1909.
-Meise, Jubelfeest “Concordia”, 30 mei 1926.
-Hombeek, viering “Ste-Cecilia” Hombeek-Plein.
d)Onafhankelijksvieringen :
-Heffen, Bestendig Festival 1830-1901, 30 april 1905.
-Stad Antwerpen, 21e Bestendig Festival 1830-1905.
e)Andere gelegenheden :
-Battel, “Ons Genoegen”, 1892-1901.
-Duffel, Kiliaanfestival, 11 mei 1902.
-Mechelen, Katholiek Congres 1909.
-Antwerpen, Bestendig Festival Jan van Beers 1821-1921...













