
Foto’s :
-Alfons Hellemans.
-Marcel Van Hoof (mijn oom van de Dorpsstraat, niet te verwarren met de samensteller van deze Blog. Bijkomend toeval is dat wij allebei geboren zijn op 23 augustus.)
-Emiel Ceuppens.
1956 – Freddy Peirs, (°Zulte-Oost-Vlaanderen op 28 september 1937) werd de nieuwe
Koster-orgelist en dit tot 1958.
(Wilfried Hellemans, 2003 – “Negen eeuwen Sint-Niklaasparochie”.)
Zijn voorganger Edward Fierens was van Hombeek. Hij was er geboren op
2 oktober 1930. Tijdens zijn verblijf te Leest huurde hij een ‘kamer bij een weduwe
Virginie. Hij was koster te Leest van 1952 tot 1956. Toen werd hij koster
te Rijmenam, waar hij in 1960 trouwde met Lina Van Cauwenbergh uit
Zaventem.
Edward Fierens deed in zijn laatste jaar via “De Band” nog een oproep om leden
te rekruteren voor het zangkoor :
SINT GREGORIUSVERENIGING
“Ja, zo is de naam van ons zangerskoor. Vanwaar die benaming ?
De Heilige Gregorius werd aangesteld als de patroon van de kerkzangers,
vandaar het woord “Gregoriaanse kerkmuziek”.
Onze kerkzangers verdienen zeker een woord van dank en een proficiat.
We hebben een schoon werkjaar achter de rug : de tweestemmige Mis van
Perosi, de Mis ter ere van Onze Lieve Vrouw van Priester Verhelst.
Om niet te vergeten de prachtprestatie van dezel liefhebbers op Kerstmis :
het lied “Herders Hij is geboren”, in drie stemmen a capella (zonder orgel)
ten gehore gebracht door meester Selleslagh, meester Hellemans, Felix Van
der Hasselt, Richard Van Praet, die alleen de middenstem hield, Louis
Verbruggen, Florent Mertens, Victor De Laet, Bert Huys en uw dienaar,
dirigent.
Waarom deze namen ? Omdat zij iedere week present zijn voor een uur
repetitie. Vooral voor de landbouwers vraagt het een grote opoffering.
Ook de uitvoeringen ’s zondags dienen aangestipt.
Mannen, welgemeende dank !
En laat ik hier maar gebruik maken van de gelegenheid om meester Selleslagh
op het bankje te plaatsen. Toekomend jaar zullen wij hem vieren als 50 jaar
kerkzanger. Voorwaar een schoon werk. Meester, gemeend dank ik u die
onafgebroken de zangen voorzingt en op Pasen en Kerstmis ons de tranen in
ogen doet komen door uw mooie sololiederen.
Ad multos annos !
Jongeren, het is uw plicht van toe te treden tot het zangkoor.
Er wordt van u geen geld gevraagd, maar goeie wil om u vrijwillig ten dienste
te stellen van de parochie.
Elke week één uur is niet te veel. Ge moet graag zingen en zeg niet dat ge niet
kunt zingen : dat kunt ge allemaal.
Waar zijn die zangers van de Davidsfondsavonden ? Leden van de Katholieke
Aktie, geeft het voorbeeld. Desnoods kunt gij bij mij persoonlijk opleiding
krijgen. En dank bij voorbaat. Ge moet het niet doen voor mij, niet voor de
pastoor maar voor de Kerk van Kristus.”
In 1956 publiceerde Alfons Hellemans (foto) in “De Band” het volgende over het
Leestse Zangkoor :
“Het is moeilijk voor ons jongeren, vast te stellen hoelang de zangersvereniging
van de kerk bestaat.
Er bestaat op dit ogenblik geen enkel geschrift of oorkonde bij mijn weten waarop
men steunen kan, wanneer de zangers gesticht werden.
Zeker staat vast dat ze bestaan van voor 1900.
Ze heetten toen “St Ceciliakring” en vierden jaarlijks bij Arnold Teughels in “De
Rozelaer” op de maandag rond de feestdag van hun patrones Sinte Cecilia.
Het begon met een H. Mis, daarna gezellig samenzijn.
’s Morgens en ’s namiddags “volle tafel”. Tussenin werd er duchtig gekaart en de
avond gevuld met allerlei fratsen en vermakelijkheden.
Talrijk zijn de zangers nooit geweest. Een 15-tal leden waaronder een voorzitter,
secretaris en schatbewaarder. Ze legden maandelijks uit ; boeten en andere giften
spijzigden de kas.
Voor de oorlog van 1914 werden er maandelijks repitities gehouden of rond de
grote hoogdagen, om dan een meerstemmige mis aan te leren.
Na de oorlog 1914-1918 werder er nog enkel herhalingen gehouden rond de
grote feestdagen. De zangers verhuisden dan van lokaal, om hun intrek te nemen
bij weduwe Selleslagh- Van den Brande. Wanneer dit” café” te niet ging, werd de
herberg “In den Barreel” bij Louis Van Dam als lokaal genomen.
Sinds de oorlog 1918 bleven de volle-dag-teringen echter weg en werd er enkel
nog gesoupeerd. In den beginne nog wel met “volle tafel” om geleidelijk te
verminderen naar een “schotel-souper”.
Eigenaardig, gedurende de oorlog 40-45 werden de wekelijkse herhalingen
ingevoerd, zangherhalingen die nu nog bestaan.
Thans heet de vereniging “St-Gregorius”.
Van wanneer die naamsverandering gebeurd is, weet niemand.
De oudste leden van de zangvereniging zijn : Victor Selleslagh (naar het schijnt
reeds 49 jaar zanger), en van na de oorlog 14-18 : Alfons Hellemans, Bert Huys
en L. Verbruggen. De andere leden zijn nog maar lid sedert de tweede
wereldoorlog toen Herman Rheinhard de herhalingen leidde.
De vroegere kosters seders 1819 waren : Jozef Hellemans, onderwijzer-koster
die in de jaren 1879-84 zijn betrekking van gemeente-onderwijzer opgaf om te
Leest vrije onderwijzer te komen spelen aan de vrije school op de Kouter en
tevens het ambt van koster waarnam. Vervolgens waren de kosters : Lodewijk
Hellemans, Jozef Rheinhard, Antoon Teughels en Edward Fierens.
Vermelden we : een zestal meerstemmige missen uitgevoerd waarvan één werd
uitgezonden langs de micro ter gelegenheid van de Grote Missie in 1955.
Het maakte grote ophef.”
1956 – Militianen van de klas 1956 :
Emiel Ceuppens (foto), Constant De Prins, Marcel De Win, Frans Geerts, Alfons
Polfliet, Jan Van de Sande, Leon Van den Sande, Marcel Van Hoof (foto), Antoine
Van Praet.
Door uitstel om studieredenen : Bradt Willy, Hellemans Leo, Keulemans
Alfons, Stuyck Hugo en Verbruggen Jerome.
1956 – Bouwaanvragen
De Wit Kamiel, Kouter.
Geerts Alfons, Grote Heide.
Verbeeck Karel, Tisseltbaan.
De Schoenmaecker, Hertstraat.
Piessens Fr., Dorp.
Leemans M., Dorp.
Vloebergh A., Dorp.
Leemans K., Blaasveldstraat.
Diddens Emiel, Blaasveldstraat.
De Reys N., Kapellebaan.
De Wit Jan, Kouter.
De Rooster, Kouter.
Bal L., Kouter.












































