
1961 – 1 maart – De Band : Omhalen “stoelgeld” in de kerk storend tijdens preek.
Op Verzoek.
“Het is niet de eerste maal dat ons gevraagd wordt de welwillende aandacht
van de bevoegde overheid te vragen en te vestigen op het feit dat het omhalen
van het “stoeltjesgeld” onder de preek zeer storend is voor de aanwezigen
in de kerk.
Men voegde er aan toe dat een “preek” toch wel een godsdienstonderrichting
is, bestemd voor de gelovigen, waarvan in de huidige omstandigheden veel van
teloor gaat.
Het zal zeker ook niet plezierig zijn voor de omhaler zelf (noot : Georges Gobien).
Anderzijds wordt er op gewezen dat zulks vroeger ook gebeurde, en juist om het
storende ervan, werd de geldomhaler verzocht het stoelgeld om te halen voor
en na de preek..”
1961 – 4 maart : Bericht aan de inwoners- Huisvuil
“De burgemeester der gemeente Leest, heeft de eer aan de inwoners ter kennis
te brengen dat vanaf zaterdag 4 maart 1961, voor het afhalen van het huisvuil
over het ganse grondgebied der gemeente zal gezorgd worden.
Het afhalen zal geschieden om de week elke zaterdag. Het bruto gewicht (bak met
afval gevuld) mag niet meer dan 35 kg bedragen.
De vuilnisbakken dienen van stevige handvatten te worden voorzien, de emmers
van een goed hengsel.
De vuilnisbakken moeten, de dag dat de afhaling geschiedt, door de inwoners zelf
zo dicht mogelijk bij de openbare weg worden neergezet, zonder dat ze echter een
hindernis mogen vormen voor het verkeer. Zij mogen niet langer dan één uur na
het afhalen van het huisvuil blijven buitenstaan.
Het is verboden in de vuilnisbakken om het even welk voorwerp te stoppen dat
gevaar voor verwonding of besmetting van het personeel van de reinigingsdienst
kan opleveren. Zo is het streng verboden in de bakken buitengebruik gestelde
electrische buislampen zogenaamd T.L.-buizen te leggen.
Deze en alle andere kwetsende voorwerpen, dienen aan het personeel van de
reinigingsdienst persoonlijk ter hand gesteld, zorgvuldig ingepakt en gebeurlijk
met opschrift T.L.-buis.
Hopende, geachte inwoners, dat deze dienst u ten volle zal bevredigen en u
bovenstaande onderrichtingen zult in acht nemen, groeten wij u zeer;
Hoogachtend, de Burgemeester,
(get.) E. Verschueren. (DB-1961)
Voordien brachten de mensen hun huisvuil zelf naar het “stort”.
Voor de mensen van het dorp was dit gelegen in de Molenstraat aan de beek,
tegenover het St.-Apolloloniakapelletje. Een plaats die krioelde van de ratten.
1961 – 12 maart : Loopwedstrijd
Op zondag 12 maart had op het terrein van het patronaat een loopwedstrijd plaats
die werd ingericht door de B.J.B. De wedstrijd kende een welverdiende opkomst.
Winnaar werd Marcel Van Hoof uit de Scheerstraat voor Dubin uit Blaasveld.
1961 – 19 maart : Muziekconcert Sint Cecilia
Onder leiding van H. De Bruyn en samen met Ste Ceciliakoor.
Ze brachten o.a. “De Blauwe Donau” van Strauss en “Het Slavenkoor” van Verdi.
1961 – 26 maart : Jaarlijks Concert Arbeid Adelt
Locatie : parochiehuis. Muzikale leiding : dhr Van der Taelen.
Gastoptreden van zustervereniging K.Fanfare St.-Cecilia uit Heffen.
1961 – Zondag 9 april : KWB Voordracht : “Het Sacrament van het Huwelijk
en het Huwelijksleven”
Gegeven door de E.H.De Keersmaecker, professor aan het College te Boom.
Deze voordracht was voorbehouden voor leden van meer dan 21 jaar.
1961 – 30 april : Inhuldiging “Lourdesgrot” Kouter
“Een verheugend nieuws voor iedereen is wel, dat dankzij het
volhardingsvermogen van meerderen onzer dorpsgenoten de inhuldiging ervan
bepaald doorgaat op zondag 30 april.
Onmiddellijk na het Lof zullen, naar we konden vernemen, al de parochiale
organisaties stoetsgewijs, met het beeld bestemd voor de grot, opstappen naar de
Kouter, alwaar dan de wijding en andere daaraan verbonden plechtigheden
zullen plaats hebben.
De beide muziekmaatschappijen verlenen hun welwillende medewerking aan deze
gemeente-plechtigheden.
De, door E.P. Clementiaan zo betrachte Lourdesgrot, zal voor onze gemeente
eens te meer een mijlpaal zijn in de geschiedenis van Leest en voor de omliggende
gemeenten een toevluchtsoord, onder de bescherming van de H. Maagd Maria.”
(De Band, april 1961)
In 1960 werd de idee geopperd om het Mariakapelleke van de KWB te vervangen
door een echte Lourdesgrot.
Onderpastoor pater Clementiaan was de stuwende kracht achter het initiatief.
De familie Moyson stelde een lapje grond ter beschikking en aan basismateriaal
was geen nood. Betonblokken, afkomstig van de steenweg op de Bist, die slecht
was gelegd en moest worden uitgebroken, werden ervoor gebruikt.
Heel de buurt hielp aan de bouw van de bidplaats onder leiding van Kamiel De
Wit. Het plan werd uitgetekend door architect Fons Ceulemans.
Neel Solie en Jef Leemans zorgden voor de voegwerken.
Een collecte bij de buren bracht 9.693,50 frank op. Ruim 7.500 frank ging naar
materiaal en werken.
Op de vooravond van de meimaand was de grot voltooid en op 30 april werd het
Mariabeeld plechtig in de nis geplaatst.
Na een bloemenhulde werd de grot ingewijd. Al de katholieke verenigingen
waren toen met vlag en standaard present.
Van dan af gingen de buren in de meimaand regelmatig een rozenkrans bidden.
Dit gebeurde vooral voor zieken of overledenen uit de omgeving.
Ook mensen van ver buiten Leest kwamen er geregeld tot O.L.Vrouw van
Lourdes bidden.
Ter gelegenheid van de dertigste verjaardag in 1991 werd het hele domein
opgefrist. De oorspronkelijk groene, houten bankjes werden vervangen door
comfortabele zitbanken, het Mariabeeld en Bernadette kregen een likje verf,
de verlichting van het beeld werd vernieuwd, er werd een marmeren altaarblad
geplaatst en zoals elk jaar werd het domein versierd met fris groen en een
kleurrijke bloemenpracht.
Dat jaar stelde het “Lourdesgrotcomité”, opgericht om de belangen van de grot
te behartigen, het toenmalige gemeentebestuur voor de naam van de Kouter te
wijzigen in “Lourdesgrotlaan”. Het comité kreeg echter nul op het request.
“Naar onze mening dient de Kouter in ere gehouden ingevolge zijn verleden
en bijzonder deze van 1914/1918...” was het antwoord van het gemeentebestuur.
In 1991 was Roza Verbruggen voorzitster van het Lourdesgrotcomité.
De familie Solie-Spoelders zorgde voor de financiën en in het bestuur zetelden
nog de families De Wit-Geerts en De Laet-Windelen.
Roza, voorzitster sinds 1990, volgde respectievelijk Louis Verbruggen, Jan
Keulemans (sinds ’74) en Frans Van de Maele (1982) op.
Leest in Feest – (De Band, Juni 1961)
“Dat 30 april 1961 een onvergetelijke dag zal blijven moet wel niet bewezen worden.
De lang verbeide dag waarop meteen de gemeente onder de bescherming zou geplaatst worden van O.L.Vrouw van Lourdes was aangebroken en er was inderdaad van ’s middags af een feeststemming te bespeuren.
Na het Lof werd de optocht gevormd en de stoet zette zich langzaam in beweging.
Voorafgegaan door een negental ruiters van de B.J.B. volgde de Chiro met vaandels en pennoenen. Ook de Chiro van Battel was aanwezig.
Dan kwam de Koninklijke Fanfare St.-Cecilia die afwisselend stapmarsen speelde met de K.Fanfare Arbeid Adelt.
Onder de tonen der muziek stapten de schoolkinderen van gemeente- en zusterschool
onder leiding van het onderwijzend personeel, de Vrouwengilde, Landelijke Jeugd met
vaandel, het Kristelijk Werkersverbond, Oudstrijders, B.J.B.-meisjes, Boerengilde, allen met wapperende vaandels, een bonte verzameling van kleuren onder de grijze hemel.
Het was een prachtig schouwspel hoe die schare opstapte naar de Kouter en enig was het, het vendelzwaaien door kranige leden van de B.J.B.-jongens.
En kwam het Lourdesbeeld, gedragen door meisjes in het wit, de Lieve Vrouw die weldra zou tronen in de grot, gevolgd door kleinere meisjes die bloemen droegen...voor Haar!
De grot zelf was prachtig , aan de ingang prijkten twee godsdienstige spreuken : “Maria onze moeder...en...Maria, wees gegroet !
Bij aankomst werden de vaandels in een ronde opgesteld, en een grote schare mannen, vrouwen en kinderen hadden er plaats genomen. Zij wilden getuige zijn van die grootse gebeurtenis.
Door de voorzitter van het comité, de heer L. Verbruggen, werd de Z.E.H Plebaan-Deken De Backer verzocht het blauwe lint door te knippen, waarna tot de plaatsing van het beeld werd overgegaan.
Onmiddellijk hierna werd door de menigte een weesgegroetje gebeden, als welkomstwoord tot de Goddelijke moeder, en had een bloemenhulde plaats door de schoolmeisjes.
Vervolgens werd door de Z.E.H. Deken een toespraak gehouden om zijn dank te betuigen voor het ontstane initiatief hier een grot te bouwen toegewijd aan O.L.Vrouw van Lourdes, een plaats war iedereen kan komen om troost te vinden bij Haar wier kinderen we allen zijn.
Eens te meer, vervolgde spreker, is het bewijs geleverd dat ons Vlaamse volk daadwerkelijk een Mariavolk is gebleven, en...”
(De Band-1961)
Foto’s:
-Deken De Backer sprak de aanwezigen toe.
-Pastoor Coosemans, deken De Backer en pater Clementiaan.






























































