
1961 – 30 april : Vriendenconcert St.-Cecilia
“In samenwerking met de muziekkorpsen van Kalfort, St.-Cecilia van Heffen en
de beroemde fanfare uit Itegem werd na de wijding van de Grot een
vriendenconcert gegeven in de zaal van weduwe Huybrechts.” (DB, mei 1961)
1961 – 13 en 14 mei : Te Voet naar Scherpenheuvel
Er waren 55 deelnemers, 16 ervan van het vrouwelijk geslacht.
Vertrek om 4 uur aan de Sint Annakapel.
1961 – 22 mei : “Naar jaarlijkse gewoonte ging de processie uit op maandag j.l.
Dit jaar was ze schoner dan anders, in ’t bijzonder vielen”de matroosjes”
op en de “Plechtige kommunicanten in ’t wit.” (DB, juni 1961)
De processies in de twintigste eeuw
“In de twintigste eeuw waren de drie grote processies –op Sacramentsdag, op Tweede sinksendag en op Rozenkranszondag – optochten geworden met bijna altijd dezelfde groepen in bijzondere klederdracht én met de beide fanfares. De rondgang begon na de hoogmis, dus ca. kwart na tien, terwijl de zware klok geluid werd.
In 1968 probeerde men een processietocht langs de Kouter en de nieuwe wijk maar dat voldeed niet. De parochieraad wou daarom terug naar de vroegere regeling. Maar ook dat zat er niet in en een precessierestant ging voor het laatst uit in 1969.
De eerste en derde keer ging de processie langs de Dorpsstraat, de Vink- en Scheerstraat (nu: Ten Moortele)) weer naar de kerk. Aan de Sint-Jozefskapel werd de zegen gegeven met het Heilig Sacrament terwijl het beeld van O.L.Vrouw rustte op een tafel ernaast. De kapel zelf en de plek errond waren vooraf opgepoetst door de buren.
De tweede doortocht vertrok langs de Scheerstraat en ging via de Vink- en Molenstraat weer naar de kerk. Dit keer gebeurde de zegening aan de Apolloniakapel waar ook een tafel klaarstond en de omgeving opgekuist was, weer door de buren.
Waar de processie voorbijkwam, brachten de bewoners een passende versiering aan.
’Ofwel, zo schreef Ward De Kempeneer, werd de vensterdorpel met een mooi wit geborduurd kleed afgedekt en werd er een heiligenbeeld geplaatst met brandende kaarsen, ofwel werd een tafel geplaatst, eveneens versierd met kaarsen en bloemen.’
En verder : ‘De straten werden speciaal mooi gemaakt en met wit zand bestrooid.’
Georges Herregods beschreef de processie zo : ‘Met statige stap en begeleid door de dorpsfanfare, met geflapper van kleurige vlaggen en het getrappel van onrustige paarden, en met een weelde van maagdekes, engelkes, paters, heiligen en martelaren, elk met zijn gevolg. De straten waren één bloemtapijt. Laatst van al kwam de ‘hemel’ met de pastoor in zijn beste gewaad die ‘ons Heer’ droeg, geëskorteerd door de kerkmeesters met hun glimmende koperen lantaarns. Op die momenten stond de wereld en de tijd voor een paar uren stil.’
Kleinere processies
Behalve de grote processies door het dorp waren er nog de meerdaagse KRUISPROCESSIES langs de velden en de maandelijkse processie in de kerk met het H. Sacrament.
Kruisprocessies
Een kruisprocessie hield men viermaal per jaar op de zgn. ‘kruisdagen”. Allereerst op de drie laatste dagen voor O.H.Hemelvaart. Ze trok over landwegen en was bedoeld als een smeekgebed om zegen over de velden. Men hield ze ’s morgens na de eerste mis : ‘zonder het Allerheiligste, (de priester) in paarse gewaden, het kruis voorop; gezongen (werd) de litanie van alle heiligen, met de smeekbeden of rogationes.’ Zingend en biddend stapten de deelnemers mee in gewone kleding. Al in 1686 bestond in Leest ook de gewoonte een kruisprocessie te houden op 25 april (Sint-Marcus) de vierde kruisdag.
De Fransen verboden op 30 april 1796 de processies op de kruisdagen. Nadien gingen ze weer uit. Tot, na jaren (ca. 1970 ?) die praktijk wegviel.
Vanaf 1987 werd opnieuw en voor het eerst één jaarlijkse kruisdag gevierd. In het parochieblad werd dit zo aangekondigd : ‘hiermede willen we u in kennis brengen om het terug invoeren van de Kruisdag mee te maken op zaterdag 23 mei a.s. Samenkomst om 20 u. bij Vic De Laet, Tiendeschuurstraat. Na een processietocht door de velden wordt een eucharistieviering opgedragen in de schuur van Vic De Laet. Wij hopen dat u dit nieuw initiatief ten zeerste op prijs zult stellen.’ En de week nadien werd er aan toegevoegd : ‘door uw aanwezigheid.’
Wat toen werd aangezet, bleef bestaan tot in 2007.”
(Wilfried Hellemans : ‘De Sint-Niklaasparochie in Leest’.)
1961 – 2 juni : De Koninklijke Fanfare Arbeid Adelt trad op in het Hombeekse Expoel
kasteel ter gelegenheid van een huldebetoon aan baron de Meester de Ravestein.
(KH)
1961 – Juli – De Band nr. 7 : Ongeval
“Op de hoek van de steenweg op Battel en de Koningin Astridlaan te Mechelen
werd onze dorpsgenoot Neutkens het slachtoffer van een aanrijding.
Hij werd ter verpleging weggebracht evenals de duozitster die erger zou
gekwetst zou zijn.
Mededeling
Onze dorpsgenoten Mevr I. Vloeberghen en mejuffer Clara De Rooster werden
in een kliniek opgenomen. Wij (noot : de redactie van De Band) wensen hen
beiden een spoedig en volledig herstel toe.
In het nummer van “De Band” van augustus kwam er een rechtzetting :
“...overbrenging van Clara De Rooster naar een kliniek.
Hieromtrent werd een vergissing begaan. Wij zijn gelukkig te kunen mededelen
dat alles zich bepaalde tot een zware ongesteldheid die weliswaar geneeskundige
zorgen vereiste. De herstelling was in snel tempo bereikt.”
Foto’s:
-De processie begin twintigste eeuw. De stoet bevindt zich in de Dorpsstraat, achteraan zijn huizen van de Vinkstraat zichbaar.
-Eind jaren ’50. Centraal in beeld : Yvonne Van Hoof.


























































