
1971 - Commissie van Openbare Onderstand
“Voor de eerste maal in de geschiedenis van Leest, werd een vrouw tot lid van de
Commissie benoemd. Belofte maakt immers schuld.
Mevrouw De Prins-Verbeeck is wellicht onder naam minder gekend, maar als wij
spreken van Alice van Marcel De Prins kent iedereen haar.
Bij Alice kan iedereen terecht komen en zij is zeker niet benauwd tussen de mannen
haar woordje te zeggen.
Onze tweede verkozene is Miel Polfliet. Miel is bestendig afgevaardigde van het
Christen Syndicaat van Spoor, Post, Telefoon en Telegraaf. Onlangs is zijn werkgebied
van Brussel naar Mechelen verlegd. Hij zit ganse dagen in het sociale leven.
Ongetwijfeld zal hij zijn werk van sociaal dienstbetoon ook in de Commissie kunnen
verder zetten.
Wij willen hier toch ook de uittredende leden danken en dan speciaal Albert Van den
Brande die vele jaren lid was van de COO en er in alle stilte aan geholpen heeft
om goed te doen en leed te lenigen.
-Meester Hellemans werd ingevolge het bereiken van de ouderdomsgrens, als
ontvanger van de Commissie van Openbare Onderstand opgevolgd door de
Gewestelijk Ontvanger.
-Om dezelfde reden gaf ook de heer L. Verbruggen zijn ontslag als secretaris
van de C.O.O.
(CVP-Leest, januari 1972)
1971 – “Sinds de (in 1971 overal) doorgevoerde opsplitsing van de Boerenbond in landelijke gilden en bedrijfsgilden heeft elk van de twee groepen een eigen werking. Zo bleef de Landelijke Gilde (LG) de plaatselijke vereniging, die zich vooral toelegde
op christelijke , culturele, sportieve, kortom : algemene vorming. En dit voor zowel ‘de aktieve land- en tuinbouwer als de loontrekkende’.
De Leestse LG vierde (op 13 januari) 1979 haar diamanten jubileum (6O jaar). Het jaar daarop organiseerde de ganse ‘Landelijke Beweging’ (LG-KVLV-KLJ) een Rome-bedevaart per trein (in oktober) waaraan ook Leestenaars deelnamen.
Ook moet de ‘Week van de landbouw’ genoemd worden, (in september 1982) thematisch georganiseerd (voedsel, landschap) door de verschillende Leestse landbouwverenigingen samen. Drie bedrijven stonden open voor schoolbezoeken.
En op een vierde werd een eucharistieviering gehouden met erna o.a. een (eerste) paardenzegening.
In 1984 was er de briljanten jubileumviering (65 jaar) en kocht men een nieuwe vlag die door de pasoor gewijd werd na de eucharistieviering waarmee het oogstfeest (op 19 augustus) begon. Inderdaad werden vanaf die tijd zogenaamde
oogstfeesten georganiseerd, samen met de KVLV, op een of ander erf.
De LG en e KVLV probeerden als christelijke, eigentijdse verenigingen vorming en ontspanning te bieden aan de landelijke bevolking.
De Parochiale Vrouwengilde vierde haar vijfenveertigjarig bestaan in 1967 en vijf jaar later haar gouden jubileum
Sinds 22 september 1974 heet de Leestse gilde : Katholiek Vormingswerk voor Landelijke Vrouwen (KVLV) .
De Katholieke Landelijke Jeugd (voorheen BJB) telde in 1978 nog achttien leden. In Leest bleef die vereniging niet bestaan.
(Wilfried Hellemans : ‘De Sint-Niklaasparochie in Leest’, 2009)
1971 – Werkjaar KVLV 1971-72 – thema ‘Samen Leven’.
-De startvergadering had plaats op 26/9/1971. ‘Feesten in het bezin brengt ons bij elkaar’.
-2de Algemene Vergadering : 14 november : demonstratie ‘lichaamsverzorging’ met gelegenheid om producten aan te schaffen.
-3de Algemene Vergadering : 26 maart 1972 ‘Waarom leven vandaag’.
-4de Algemene Vergadering : ‘Feestvergadering’ – 26 maart 1972.
-Jubelviering : 50-jarig bestaan Boerinnengilde (nu KVLV) in Leest : september 1972.
-Vergadering voor de leden boven de 60 jaar o: 16 april 1972 – ‘Veilig in eigen huis’.
-Vergadering Plechtige Communie : 2/2/1972 om 20 uur, Eerste Communie : 9 februari 1972.
-Lessen naad : 5 x 3 uur om 19 u – kinderkleding.
-Haarverzorging : 4 x 3 uur om 19 uur. Eerste les 17/11/1971. ‘Hygiëne van het haar wassen, knippen, verzorgen bij volwassenen en kinderen, dit alles met dias toegelicht. Tweede les : ‘een gelukt kapsel’, hoe doe ik het zelf ?
Derde les : ‘wat maakt het kapsel af, een pruik, een hoed, een speld of lint, alle elementen die kunnen gebruikt worden om de vrouw eleganter te maken’. Vierde les : verzorging, verzorginskost, budget, tijd.
-Cursus beter bewegen : 10 x 1 uur, gestart vanaf 15 oktober, elke vrijdag tot Nieuwjaar, nadien elke vrijdag tot 10 maart.
-Vrijdag 17 december 1971 : les over ‘verdovingsmiddelen in het bereik van de jeugd’. (DB)
1971 – Oprichting Landelijke Rijvereniging Leest
Nadat de LRV nationaal in 1971 van wal was gestoken met een ponyafdeling werd datzelfde jaar de Leestse afdeling gesticht. Dit op initiatief van de Boerenbond en de twee plaatselijke amazones Gert De Prins en Gert Geerts (foto).
De roots lagen in de vroegere BJB en de nieuwe vereniging werd Landelijke Rijvereniging St.-Niklaas Leest genoemd.
Er werd een startvergadering georganiseerd en men ging er onmiddellijk tegenaan met negen leden.
Joris De Wachter die instructeur bij LRV Hombeek was, ging dadelijk akkoord om eveneens bij de Leestse LRV als ruiter-commandant te functioneren.
Laatstgenoemde bracht twee maanden later het voorstel aan om met een plaatselijke ponyclub van start te gaan. Het bestuur, dat destijds bestond uit Emiel Verschueren, Emiel Lamberts, Juul De Smet en Gert De Prins ging dadelijk in op dit voorstel en de ponyclub ging van start met 10 ponyruiters.
Na een half jaar te hebben geoefend op de terreinen van Jan De Wachter uit Hombeek, vond de rijvereniging een terrein in eigen dorp. Het bestond uit weiland vooraan in de Kouter te Leest. Het terrein werd in bruikleen gegeven door de familie Polspoel uit eigen dorp.
In 1976 bouwde de club haar eerste eigen springparcours dat helemaal uitgebouwd werd met eigen leden.
Na vijf jaar de functie van ponycommandant te hebben uitgeoefend gaf Joris De Wachter het commando van de ruiters over aan Gert Geens, die de cursus instructeur had gevolgd in de rijschool te Heverlee.
Het commando van de ponyruitertjes gaf hij over aan zijn broer Wim De Wachter.
In 1981 werden regelmatig lessen gevolgd bij een bekwaam instructeur te Grimbergen. Hier kregen de Leestse ruiters de kans om hun springkunst helemaal op punt te zetten.
In 1983 zorgde de club voor een eigen specialist-begeleider in de persoon van Johan De Win, een ruiter en africhter van paarden uit Westerlo.
Na vele activiteiten zoals wafelenbak, toernooi, mosselfeest, ruitersbal, kon men met de opbrengst overgaan tot de aankoop van een occasiewagen voor het vervoer van de paarden. (zie foto)
In 1983 was de bestuursploeg samengesteld uit voorzitter Walter De Prins, Gert Geens, Gert De Prins, Roland Rottiers en Juul De Smet en bestonden de activiteiten van de ponyruiters voornamelijk uit hun wekelijkse oefendag, toernooien, indoor, ponykamp en rally’s.
De oefenlessen, die golden als voorbereiding op toernooien en springwedstrijden, bestonden uit het beoefenen van de groepsdressuur en het aanleren van de springkunst.
Daarbuiten oefenden de ponyruitertjes eveneens de stoelendans en de aflossingskoers in.
De dressuurnummertjes werden verdeeld in viertallen en achttallen dressuur en moesten dus steeds gezamelijk worden ingeoefend.
Buiten deze groepsdressuur was er ook nog de individuele, welke werd beoordeeld op de persoonlijke rijkunst.
In 1985 telde de rijvereniging 18 rijdende leden en 9 ponyruiters, deze laatsten nog altijd onder de leiding van commandant Wim De Wachter en hulpcommandant Anja Liers.
In 1991 bestond het bestuur uit voorzitter Walter De Prins, commandant Werner Neefs, commandant Jos Moens, springmeester Willy De Beck, commandant ponyclub Anja Liers, voorzitter ponyclub Paul Appelman, secretaris Marcel Neefs en secretaris Hilde De Beck.
(GvM, 3/7/1982, 23/4/1983, 3/4/1985 en diverse folders)
Foto ‘s :
-De occasievrachtwagen van de LRV kon 15 paarden vervoeren. (foto 1982)
-Gert Geerts in 2010.





























