
1973 – 25 november – Gazet van Mechelen : Dansen met KVLV Leest
“Samen streven, ruimer leven. Dat is het jaarthema van KVLV, en ook de
landelijke gilde van Leest wil onder dit motto haar seizoen beleven.
Onmiddellijk werd op een voorstel van KVLV Nationaal, een danscursus
in te richten, ingegaan en zo kwam het dat te leest een 6 lessen-dansreeks
werd op touw gezet. Met succes, want er dienden zelfs twee reeksen te worden
georganiseerd. De plaatselijke chirojeugd liet zich niet pramen zodat men op
een minimum van tijd een ganse deelnemersschare mocht optekenen.
Onder leiding van het echtpaar Lefevre-Taegeman leerden niet minder dan
80 Leestenaren hoe zich hoffelijk op een dansvloer te bewegen.
Gezien het succes werd in de schoot van de organizerende KVLV een feestje
georganiseerd.”
1973 – 1 december – Hendrik Diddens in Gazet van Mechelen :
Diddens een oud boerengeslacht te Leest
“In de “Geschiedenis van Kapelle-op-den-Bos” door C. Theys ontmoeten we in het hoofdstuk over de schuttersgilden, blz. 212, een zekere WILLEM DIDDENS, die in 1490 betrokken was bij een twist onder boogschutters. Het is bij ons weten de oudste vermelding van de familienaam Diddens.
Over het ontstaan en de betekenis van die naam beschikken we vooralsnog niet over betrouwbare gegevens. Sommige beweren dat hij zou voortkomen uit de oud-frankische stamnaam DIDEN en dat de plek waar deze stam zich vestigde Didenghem, d.w.z. het heem (plaats) van de Diden heette. Didenhem blijkt later tot Diegem te zijn veranderd.
Wat er ook van zij : het eerste deel van de familienaam Diddens is duidelijk een oude Diet – naam en betekent : volk VGL. Diederik, Dietwin, Dietmar, enz.
Trouwens op vele plaatsen wordt een Diddens nog gewoonweg “den Diet” genoemd en zijn kinderen “die van den Diet”.
(...)
In Leest stond de bakermat
Van al de tegenwoordig in het Mechelse (en zelfs in het Antwerpse) tamelijk sterk uitgezwermde naamgenoten kunnen we haast met zekerheid zeggen dat hun voorzaten uit het dorp LEEST waren.
In de oudst bewaard gebleven parochieregisters van Leest (aanvang omstreeks 1590) troffen we de naam Diddens veelvuldig aan. De schaarse aanduidingen waarmee aanvankelijk alle inschrijvingen in de doops- en huwelijks- en de overlijdensregisters gepaard gingen, lieten ons evenwel niet toe genealogische lijsten samen te stellen, waarbij een rechtstreekse afstamming aansluit.
Pas vanaf het einde der 17de eeuw kunnen we met volstrekte zekerheid een stamvader aanwijzen, wanneer de meeste ons bekende naamgenoten genealogisch rechlijnig opklimmen. Zijn naam luidt : Franciscus Diddens.
Hij werd te Leest omstreeks 1650 geboren en huwde er in 1676 met Catherina Delaet. Uit dit huwelijk werden niet minder dan tien kinderen geboren. Hiervan stierven er vijf op zeer jeugdige leeftijd, wat de grote kindersterfte uit die jaren duidelijk illustreert.
De daarop volgende vier generaties van vader op zoon, allen landbouwerspachters te Leest, kunnen we met het oog op de rechtlijnige afstamming naar de huidige geslachten volgenderwijs schematisch voorstellen:
Pieter Jan Diddens, te Leest geboren op 7 mei 1794, werd op 18-jarige leeftijd geconsigneerd voor het leger van Napoleon. Zoals in onze bijdrage over pastoor De Heuck reeds gezegd, deserteerde hij bij de eerste schermutselingen in Rusland en keerde met een wapenmakker uit Heffen te voet naar zijn geboortegrond terug.
Daar bleef hij ondergedoken tot de definitieve val van Napoleon (1815).
Het jaar nadien huwde hij te Hombeek met Elisabeth Goossens, maar bleef als landbouwer te Leest gevestigd.
Wanneer op 13 november 1817 het eerste kind uit de nieuwe echtverbintenis wordt geboren, zijn de registers van de burgerlijke stand te Leest nog volledig in de Franse taal! De omstandige geboorteakte is een staaltje van de hardnekkige nawerking der Franse administratie. Zelfs alle voornamen worden gewoonweg in ’t Frans vertaald, en als toppunt : dezelfde Jacques Somers, die tijdens het Frans Bewind “maire et officier de l’état civil de la commune de Leest” was, is in functie gebleven, alsof er hoegenaamd niets gebeurd was...
Het gezin van onze deserteur werd gezegend met maar eventjes elf kinderen.
In het dorp genoot Pieter Jan verder, waarschijnlijk wegens zijn avontuurlijke terugkeer uit Rusland, een grote populariteit. Meteen werd hij de nieuwe stamvader van omzeggens alle thans bekende Diddens – geslachten.
Hier nochtans splitst zich de stamboom in twee grote takken. Het nageslacht van zijn oudste zoon Jan Frans Diddens (geboren 1817) is op het einde van de vorige eeuw
in hoofdzaak naar het Mechelse uitgezwermd, het nageslacht daarentegen van zijn 10de kind Franciscus Ludovicus Diddens (geboren 1838) vindt men nog steeds ruim vertegenwoordigd te Leest en te Heffen terug.
Jan en Fons Diddens, de voorheen zeer bekende voetbalspelers van Racing Mechelen, waren achterkleinkinderen van Jan Frans Diddens – Maria Ursula Vermeiren.
Hun grootvader Petrus Lodewijk Diddens ((1848-1902), gehuwd met Joanna Virginia De Rooster, was de broer van mijn eigen grootvader Franciscus Diddens (1852-1933), gehuwd met Catherina Alewaters, en van Guillielmus Diddens (1859-1944) gehuwd met Pelagie De Schoenmaeker, gevestigd in Battel – Warande.
Zoals hoger gezegd zijn vooral de nakomelingen van de tweede tak honkvast aan Leest en aan het boerenbedrijf verbonden gebleven.
Eén van de welsprekendste voorbeelden hiervan is het gezin Frans Louis Diddens (geb.1909)-Maria Mathilde Vloeberghen, gehuisvest aan de Dorpstraat nr. 71.
Afdalend van Pieter Jan Diddens, de deserteur, ziet zijn stamboom er, schematisch voorgesteld, als volgt uit :
Van hun elf kinderen, allen in leven, wonen er tien te Leest. Er zijn reeds 22 kleinkinderen !
Nagenoeg drie eeuwen lang is daarmee de stam Diddens van vader op zoon zonder onderbreking als landbouwers te Leest gevestigd geweest.
Nu, wegens de tijsomstandigheden, de opkomende generatie in het boerenbedrijf maar moeilijk meer een toekomst kan opbouwen, verdient dit heuglijke feit toch eens extra onderstreept te worden.
Indien de familiestam DIDDENS, naar we hopen, eerlang eens gemobilizeerd kan worden om de overleden voorouders piëteitsvol te gedenken en daarna rond de koffietafel feestelijk te verbroederen, kan dit niet anders geschieden dan te LEEST, het dorp waar alle familiebanden worden samengesnoerd rond de figuren van onze gemeenschappelijke stamvaders.
Hendrik Diddens”
Hendrik ‘Rik’ Diddens was jeugdschrijver, auteur van o.a. ‘het Woordenboek van het Mechels dialect’, dichter en ereburger van Leest.
Genealogische Elegie
Over de ruikende Zenne
bedachtzaam de pastorie
het gedrongen vierkante kerktorentje
het doordedagse dorpsplein van Leest
voorbij…
Kinderen bedrijven in de zon
lichtvoetig
avonturen van tijdeloze verbazing,
ééntje lacht marginaal naar de man.
Op zijn aamborstige fiets
schrijft die man met grote onhandige krullen
alle dorpstoponiemen voorvaderlijk bij elkaar
doelloos van het Hoogveld
over het Hertsveld naar het Schotelveld
met aarzelend een ommetje
langs de Kleine Heide, de Grote Heide
de Neerkouter en de Rennekouter
wenkt de cijnsmeester van de Kortenbergse abdis
hem warempel naar de Tiendeschuurstraat.
Zwaar ademt hij
op de gesloten luiken van
een onzichtbare witte pachthoeve.
Hier hebben ze gewoond
zeven generaties van zijn naam
en van zijn bloed ;
hun licht ontvlambaar karakter
flitst uit geloof en boete
met een krakende krachtterm op :
werkelijk, hij aardt naar geen vreemden.
Stamouderparen, vrijgezellen, kinderen
vooral kinderen, onbeschrijfelijk véél kinderen,
één na één onloochenbaar
zijn dood-en-vergeten verwanten.
In de oude parochieregisters
stonden ze allemaal opgetekend;
jaren geleden heeft hij het geduldig opgezocht.
Over de ruikende Zenne
bedachtzaam de pastorij voorbij
het gedrongen vierkante kerktorentje
en daaromheen het kerkhof van Leest :
hier rust het gebeente van zijn voorgeslacht
stof en as
honderd zeventig doden
van zijn naam en van zijn bloed
liniaalrecht gaat zijn oude liefde
van Mechelen naar Leest
zijn stad op de Dijle
zijn dorp aan de Zenne.
Misschien dragen zijn vrienden
het dode lichaam van deze man ooit eens
de richting van zijn heimwee uit…”
Hendrik Diddens.
Foto’s :
-Een deel van de Leestse Diddens-clan verzameld ter gelegenheid van het huwelijk van Frans Louis Diddens en Victoria Verhoeven (centraal onderaan).
Links naast het bruidspaar Petrus Joannes Diddens met zijn tweede vrouw Maria Coleta Van den Heuvel.
Uiterst rechts onderaan Frans Louis ‘Lowieken’ Diddens, grootvader en peter van de bruidegem en tevens jongste zoon van ‘den deserteur’.
Naast hem staat zijn kleinzoon Emiel Diddens.
-Hendrik Diddens




































