Samenvatting per deel - 3
In deel 17 legt Jezus uit hoe leven in de Goddelijke Wil de ziel verheft tot goddelijke eigenschappen en de menselijke wil herstelt naar de oorspronkelijke staat van Adam voor de zondeval.
De verheffing tot goddelijke eigenschappen: Jezus legt uit dat de ziel die in de Goddelijke Wil leeft, niet langer met menselijke deugden handelt. Zij wordt door God bekleed met Zijn eigen eigenschappen, waardoor haar liefde, wijsheid en geduld een goddelijk en oneindig karakter krijgen.
Het herstel van de oorspronkelijke staat van Adam: Net als in deel 16 wordt de terugkeer naar de onschuld van vóór de zondeval benadrukt. De ziel reist in de geest terug naar het moment van Adams schepping om de breuk te helen en Gods oorspronkelijke plan met de mens te voltooien.
De eenwording van alle daden tot één voortdurende actie: In de Goddelijke Wil lossen alle losse, opeenvolgende handelingen van de ziel op. Ze smelten samen met de ene, ononderbroken en eeuwige actie van God. Hierdoor is de ziel in feite onophoudelijk aan het bidden en beminnen, zelfs tijdens haar rust.
De geschriften als gids en fundament: Jezus openbaart dat de waarheden die Hij aan Luisa dicteert, de spirituele wetten en wetboeken zijn van het komende Koninkrijk. Deze geschriften zijn noodzakelijk voor toekomstige generaties; ze dienen als de gids en het fundament om dit Koninkrijk te kunnen betreden en begrijpen.
Deelname aan de interne dynamiek van de Drie-eenheid: De ziel die in de Wil leeft, wordt opgenomen in de intieme liefdesstroom tussen de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Zij brengt de Heilige Drie-eenheid een volmaakte aanbidding en vreugde, die rechtstreeks voortvloeit uit Gods eigen wezen.
In deel 18 ligt de focus op het herstellen van de harmonie tussen de mens en de schepping door te leven in de Goddelijke Wil. Het beschrijft hoe zielen, door hun eigen wil los te laten, de oorspronkelijke orde herstellen en gewone handelingen transformeren in oneindige daden van eer en liefde aan God. Deze geschriften vormen het fundament voor toekomstige generaties om het Koninkrijk van de Goddelijke Wil te betreden
De eenheid met de natuur: Jezus legt uit dat de Goddelijke Wil de dragende kracht is achter elk element in de schepping (zoals het licht van de zon en het ruisen van de wind). Wanneer de ziel in de Goddelijke Wil leeft, versmelt zij met deze elementen en geeft zij in naam van de hele natuur liefde en eer aan God.
De terugkeer naar de oorspronkelijke orde: De mens is geschapen om de koning van de schepping te zijn. Door de eigen wil los te laten, herstelt de ziel de oorspronkelijke orde en gerechtigheid die verloren gingen na de zondeval van Adam.
Het fundament van de geschriften: Jezus benadrukt dat de waarheden die Hij aan Luisa openbaart niet louter voor haar zijn, maar dienen als het theologische en spirituele fundament voor toekomstige generaties om het Koninkrijk van de Goddelijke Wil binnen te treden.
De oneindige vermenigvuldiging: Elke kleine menselijke handeling (zoals een ademhaling of een gedachte) die in de Goddelijke Wil wordt geplaatst, wordt door God vermenigvuldigd tot een oneindige actie die alle zielen ten goede komt.
In deel 19 legt Jezus uit dat het Koninkrijk niet langer een verborgen mysterie mag blijven. Hij openbaart dat de theologische kennis over Zijn Wil universele kracht bezit.
De universele werking en glorie: Jezus legt uit dat wie in de Goddelijke Wil leeft, niet langer 'lokaal' of beperkt handelt. De ziel omarmt de hele Schepping en Verlossing synchroon. Omdat haar daden universeel zijn, zal zij in de hemel ook een universele glorie bezitten.
Het "Stempel van de Koning" op de schepping: De Goddelijke Wil moet op elk aspect van het menselijk leven en de natuur drukken, net zoals de beeltenis van een koning op een munt is geslagen. Alles hoort doordrenkt te zijn van deze kennis; als dat niet zo is, kent men het Koninkrijk nog niet.
De drie grote Fiats als één enkele triomf: Jezus verduidelijkt dat het Fiat van de Schepping en het Fiat van de Verlossing onlosmakelijk verbonden zijn met de uiteindelijke triomf van de Heiliging. Na de Maagd Maria is Luisa gekozen om dit Koninkrijk in haar ziel te dragen en de dominie ervan door te geven aan anderen.
Het gevaar van stilzwijgen (Het Graf van de Waarheid): Jezus waarschuwt Luisa dat het verzwijgen of niet opschrijven van de waarheden over de Goddelijke Wil fungeert als een 'graf' voor deze openbaringen. De mensheid heeft deze kennis juist dringend nodig om uit haar spirituele duisternis op te staan.
De voortdurende wedergeboorte: Jezus noemt Luisa "de kleine pasgeborene" (la piccola neonata). De ziel die in de Wil leeft, moet zich voortdurend opnieuw laten baren in Gods licht, schoonheid en heiligheid om elke menselijke neiging direct achter zich te laten.
In deel 20 benadrukt Jezus de absolute zekerheid van de komst van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil en dringt Hij aan op de publicatie van Zijn openbaringen.
De onvermijdelijke komst van het Koninkrijk: Jezus verzekert Luisa dat het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde geen verre utopie is, maar een absolute, goddelijke zekerheid. God zal Zijn plan met de schepping niet onvoltooid laten; de mensheid zal terugkeren naar de oorspronkelijke orde.
De publicatie van de openbaringen als bittere noodzaak: Jezus dringt er met klem op aan dat de openbaringen die Hij aan Luisa heeft gegeven, openbaar moeten worden gemaakt. Hij legt uit dat deze waarheden de deuren van het Koninkrijk zijn. Zonder deze kennis kan de mensheid het Koninkrijk niet begrijpen en dus ook niet binnentreden.
De waarheden als een "Spirituele Zon": Elk geopenbaard concept en elk opgeschreven woord over de Goddelijke Wil fungeert als een zonnestraal. Zodra deze leringen worden verspreid, zullen ze de mensheid verlichten, het spirituele duister verdrijven en de harten van de mensen verwarmen en transformeren.
De vervulling van het "Uw Wil geschiede": Jezus legt uit dat de komst van dit tijdperk de letterlijke realisatie is van het gebed dat Hij de kerk heeft geleerd: het Onze Vader. De bede "Uw Wil geschiede op aarde zoals in de Hemel" was de profetische aankondiging van het Koninkrijk waarin Luisa nu als eerstgeborene leeft.
Het herstel van de oorspronkelijke onschuld: Leven in de Goddelijke Wil wist de spirituele gevolgen van de zondeval uit in de ziel. De mens krijgt zijn oorspronkelijke kindstatus, onschuld en de harmonieuze relatie met de Schepper terug, waardoor God weer de eer ontvangt die Hem toekomt.
In deel 21 belicht Luisa Piccarreta de triomf van de Goddelijke Wil en de voorbereiding op Haar komst op aarde, waarbij Jezus uitlegt dat de geopenbaarde waarheden dienen als wetten van vrede die de mensheid uit de eigen wil bevrijden.
De geopenbaarde waarheden als 'Wetten van Vrede': Jezus legt uit dat de lessen die Hij aan Luisa dicteert, niet zomaar spirituele theorieën zijn. Ze fungeren als goddelijke wetten en decreten. Zodra de mensheid deze wetten leert kennen en naleeft, zal de menselijke wil haar wapens neerleggen en zal er een universele, goddelijke vrede op aarde aanbreken.
Kennis als voorwaarde voor het Koninkrijk: Jezus herhaalt met klem dat men niet kan verlangen naar wat men niet kent. Het Koninkrijk van de Goddelijke Wil kan zich pas op aarde vestigen als de mensheid de verborgen waarheden en de onmetelijke waarde ervan begrijpt. De verspreiding van de geschriften is daarom de sleutel tot deze nieuwe spirituele fase.
Het herstel van de oorspronkelijke rechten van Adam: Door de zondeval verloor de mens zijn koninklijke rechten over de schepping en zijn status als legitieme erfgenaam van God. In dit deel wordt uitgelegd hoe de ziel, door volledig in de Goddelijke Wil te treden, deze oorspronkelijke rechten en de koninklijke waardigheid van Adam weer volledig terugontvangt.
De ziel als Gods teruggewonnen eigendom: Wanneer een ziel haar eigen menselijke wil volledig afstaat, claimt God haar als Zijn exclusieve territorium. De ziel is dan geen 'vreemde' of 'dienaar' meer, maar Gods eigen privédomein waarin Hij ongestoord Zijn goddelijke vreugde, liefde en heerschappij kan uitoefenen.
Het gebruik van natuurlijke metaforen: Jezus gebruikt in dit deel veelvuldig beelden uit de natuur (zoals de zon, de zee en de wind) om de dynamiek van Zijn Wil uit te leggen. Hij laat zien hoe de schepping onophoudelijk en perfect in de Goddelijke Wil functioneert, en dat de mens geroepen is om diezelfde natuurlijke, vloeiende gehoorzaamheid in zijn spirituele leven over te nemen.
In deel 22 staat de "Ronde in de Goddelijke Wil" centraal, waarin de ziel door de schepping reist om Gods liefde te beantwoorden. Jezus legt uit dat deze levenswijze de oorspronkelijke rechten van de mens, zoals bij Adam, herstelt en de noodzakelijke kennis biedt om in dit goddelijke koninkrijk te leven.
De "Ronde in de Goddelijke Wil": Jezus introduceert en verdiept dit unieke concept. De ziel reist in de geest door de gehele schepping en de heilsgeschiedenis om op elk element (het licht van de zon, de sterren, de menswording) een stempel van liefde, aanbidding en dankbaarheid te drukken. Zo beantwoordt de ziel Gods liefde namens de hele mensheid.
Het herstel van de oorspronkelijke rechten: Net zoals in de voorgaande delen wordt uitgelegd hoe dit leven de breuk van de zondeval herstelt. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, herwint de koninklijke waardigheid en de spirituele 'erfenis' die Adam oorspronkelijk bezat toen hij nog in perfecte harmonie met zijn Schepper leefde.
Kennis als toegangsbewijs: Jezus benadrukt dat de waarheden die Hij aan Luisa openbaart de specifieke kennis bevatten die nodig is om in dit goddelijke koninkrijk te kunnen functioneren. Zonder deze kennis blijft de ziel als een vreemdeling buiten de poorten van Gods intieme leven staan.
De ziel als "Levende Eucharistische Hostie": Er wordt een diepe mystieke vergelijking gemaakt met de Eucharistie. Terwijl Jezus' aanwezigheid in de sacramentele hostie tijdelijk is, wordt de ziel die volledig is opgegaan in de Goddelijke Wil een levende, permanente hostie waarin Jezus onophoudelijk Zijn goddelijke leven kan leiden.
De verheffing van het alledaagse: Elke kleine menselijke handeling die in de Goddelijke Wil wordt geplaatst, verliest haar tijdelijke karakter. Daden zoals ademen, slapen of werken worden opgenomen in Gods eeuwigheid en krijgen een oneindige, kosmische waarde die genade uitgiet over de hele wereld.
In deel 23 verdiept Jezus de leringen over de structuur en definitieve vestiging van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde. De leringen fungeren als bouwstenen voor dit Koninkrijk.
De geopenbaarde waarheden als bouwstenen: Jezus legt uit dat elke les en elke waarheid die Hij aan Luisa openbaart, niet slechts bedoeld is ter inspiratie. Ze fungeren als de feitelijke 'bouwstenen', het cement en de muren waarmee het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde en in de zielen visueel en spiritueel wordt opgebouwd.
Het herwinnen van de koninklijke waardigheid: Door de zondeval werd de mens een 'slaaf' van zijn eigen wil en passies. Wanneer de ziel binnentreedt in de Goddelijke Wil, herwint zij haar oorspronkelijke koninklijke status. Zij staat niet langer onderaan de spirituele ladder, maar regeert als een koningskind over haar eigen passies en deelt in Gods heerschappij.
De vergoddelijking van de menselijke vermogens: De menselijke vermogens (het verstand, de wil en het geheugen) worden in dit deel volledig overgenomen en doordrenkt door Gods aanwezigheid. De ziel denkt niet langer met menselijke logica, maar met goddelijke wijsheid; zij wil alleen nog wat God wil, en herinnert zich enkel Gods weldaden.
De intieme en voortdurende communie: Er wordt een staat van constante, ononderbroken gemeenschap met de Heilige Drie-eenheid beschreven. Dit overstijgt het traditionele gebed; het leven van de ziel wordt een continue uitwisseling van liefde, licht en ademhaling met de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
De weerspiegeling van de hemelse orde op aarde: Jezus laat zien dat de harmonie en de orde die in de hemel heersen onder de engelen en heiligen, door de ziel die in de Wil leeft, nu al op aarde kunnen worden ervaren. De ziel wordt een levend spiegelbeeld van het hemelse paradijs te midden van de aardse realiteit.
In deel 24 wordt de diepe verweving van de oneindige Goddelijke Wil met het menselijk bestaan geopenbaard.
De ononbreekbare geschiedenis van de Goddelijke Wil: Jezus onthult dat Zijn Wil een continue, ononderbroken stroom van liefde en actie door de hele geschiedenis heen is. Zelfs toen de mens zich terugtrok, bleef de Goddelijke Wil in het verborgene werken om de mensheid te ondersteunen en voor te bereiden op de uiteindelijke terugkeer.
Het leven als een "Hemel op Aarde": Wanneer de ziel in Gods tegenwoordigheid en Wil leeft, transformeren haar innerlijke vermogens. Haar geest wordt een firmament en haar daden worden spirituele sterren. Dit heft de spirituele afstand tussen de hemel en de aardse realiteit op.
Mystieke verbinding met heilsgebeurtenissen: De ziel krijgt het vermogen om buiten de tijd te treden. Zij verbindt zich direct met de grote momenten uit de heilsgeschiedenis — zoals de Incarnatie, de geboorte van Jezus en Zijn lijden aan het kruis — om bij elk van deze gebeurtenissen haar 'Fiat' en haar liefde te voegen.
Luisa als de 'Nieuwe Eva': Jezus legt een krachtige parallel tussen het begin van de schepping en het herstel ervan. Net zoals de eerste Eva door haar eigenwil de mensheid in de val meesleurde, zo is Luisa geroepen om als de 'Nieuwe Eva' (of de kleine pasgeborene) de weg van totale gehoorzaamheid te banen, waardoor het Koninkrijk van de Goddelijke Wil weer toegankelijk wordt.
De onophoudelijke uitstorting van goddelijk licht: Elke les die Jezus geeft, wordt beschreven als een actieve uitstorting van licht. Dit licht is niet louter informatief, maar bezit een scheppende kracht die de ziel diepgaand reinigt en haar functioneren op een goddelijk niveau brengt.

