Naar de inhoud

Maarkedal in beeld

Potloodtekeningen
akke.beakke.be

45. Kapel van Kerselare

Naar de oude kapel van  Kerselare              

Vertrek je vanaf de heuvelrug in Louise-Marie noordwaarts dan kom je na een lange afdaling in het dorp van Etikhove. Daar begin je de heel steile klim van de Ladeuze of je probeert de klim van de Eikenberg. Eens boven op de uitloper, van onze getuigenheuvel, op een hoogte van 85m, prijkte eertijds de kapel van O.L.V. van Kerselare in Edelare, een dorpje heel bekend door deze kapel en de bedevaarten er naar toe. De geschiedenis van de kapel vangt aan in 1452 toen de zus van de overleden pastoor Van Brackele een O.L.V.-beeldje plaatste in een oude kerselaar bovenop de Edelareberg, een bebost en onveilig oord. Hoeveel kinderen, ook nog van onze generatie, hebben met veel schrik in het hart, maar vol bewondering, die grote, verschrikkelijke krokodil in de gaten gehouden hoog boven de hoofden van de brave biddende lieden. Je wist toen nog niet met zekerheid of dat groene monster echt was of nep. En toen, op dinsdag 21 had dé grote ramp plaats. Rond 17u45 merkten voorbijgangers rook uit het dak opstijgen…De grote krokodil die er iets meer dan 100 jaar boven de hoofden hing verdween in het vuur. Van de kapel bleef niets meer overeind. Voor veel meer details zie de brochures “De geschiedenis van O.L.V. van Kerselare.

Mensen met veel tijd maken hier prachtige wandelingen met wijdse panorama's over het golvend landschap.

Tijdens de maand mei (de noveen) eet je er lekkere "lekkies".

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

43. Goet ten Broecke

           Hof  “Goet ten Broecke” , Kapoenstraat 18 te Zulzeke-Kluisbergen.

De grote hoeve “Ten Broecke” is als site met walgrachten en voormalig foncier van de gelijknamige heerlijkheid, die minstens opklimt tot het derde kwart van de 16de eeuw, cultuurhistorisch een belangwekkende getuige voor de landelijke bewoningsgeschiedenis in de regio. (Ministrieel Besluit 14-07-2004). De woning werd in 1911 van een pannendak voorzien.

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

46. Gemeentehuis van Sint-Maria Horebeke

Gemeentehuis van Sint-Maria-Horebeke.
In de volksmond Horebeke. Een typisch landbouw- en woongemeente van amper 759 ha. Horebeke ligt langs de 90 kilometerlange zwalmroute midden een mooi golvend landschap met her en der een beekdepressie.
Het lieftallig gemeentehuis dateert uit 1895 en is gebouwd in een Brugse neogotiek. Het werd gerestaureerd in 1980. Dichtbij in ,het gehucht Corseele, treffen we de "Geuzenhoek" aan; waarschijnlijk de enige protestantse gemeenschap in Vlaanderen die zich sinds haar stichting in 1554 heeft kunnen handhaven. Samen met de protestantse kerken van Etikhove, Mater, Melden, Nukerke, Oudenaarde, Ronse en Wijlegem  vormde de gemeenschap van Horebeke de "Vlaamse Olijfberg" , zo genoemd door Lodewijk van Nassau(1602-1665), omwille van de toestand van verdrukking en minoriteit waarin ze leefden. In Horebeke bestaan nog 2 protestantse kerken: de oude van 1795 en de nieuwe van 1872. OP het kerkhof vind je een gedenksteen van Koning Willem I.(Gids voor Vlaanderen)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

42- Valerius De Saedeleer - Villa te Ethikove

    Deze villa was jarenlang de woonplaats van de familie de Saedeleer.

Beschrijving

Villa Tynlon, een beetje somber bakstenengebouw, op de flank van de  Bossenaerheuvel te Etikhove. Deze villa werd gebouwd in 1910 in een Engelse cottagestijl. De bewoners waren achtereenvolgens: Georges Thienpont(1910-1917), Valerius de Saedeleer (1921-1937), Leo Piron gehuwd met de dochter van de Saedeleer (1937-1945), Gerard Thienpont (1948-1964). De naam Tynlon gaf Valerius de Saedeleer als herinnering aan het huis dat hij bewoonde in Wales gedurende de wereldoorlog 1914-1918. Tynlon betekent “huis aan de straat”. De gedenkplaat vooraan in de berm werd aangebracht ter gelegenheid van de inhuldiging van de  “ Toeristische weg  Valerius de Saedeleer” op 2 juni 1957. De weg loopt over de  toenmalige gemeenten Leupegem, Vloesbergen, Edelare, Etikhove en Schorisse.

 We laten even Elisabeth de Saedeleer aan het woord. In haar boek vertelt ze over haar vader.

" “Hij leefde er in alle eenvoud, op den buiten, op het platteland in Vlaanderen, tussen de Vlamingen. Hij was niet geleerd, geen wetenschapper; maar zijn geest was gezond. Hij ging om met de eenvoudige mensen van het platteland en werkte met hen, hij had hun wijze manier van leven overgenomen. Hij was een artiest, oprecht en echt, de kunst was het doel van zijn leven. Hij wisselde van gedachten met de andere mensen, met zijn geloof in de hogere waarden van het bestaan, zijn begrip voor de schoonheid van de dingen. Zijn voorbeeld bewees dat iedere taak een nauwgezette eerlijkheid vereiste en niet kan slagen zonder een prijs van lang geduld en veel inspanning. Mijn zussen en ik waren zeer jong wanneer hij ons inleidde in de eerste stappen van de kunst. Hij nam ons mee naar den buiten en wij tekenden onder zijn leiding."

"Gedurende de oorlog 1914-1918 moest hij met zijn gezin emigreren naar Engeland. ’t Is daar dat wij voor het eerst de weefkunst hebben gezien met als gelukkig gevolg kwamen wij in contact met Miss Morris, de dochter van de schrijver en kunstenaar William Morris, die een harde voorstander was van het handwerk. Ons vader wilde ons juist vertrouwd maken met het handwerk. Wij benaderden dus de omgeving die nog onder invloed stond van Rufin, van Burne Jones en van de aanhangers van het preraphaelisme, de aanhangers van de 19de eeuwse schilderschool,  omgeving doordrongen van poëzie en illende kunstopvattingen, eerlijk en levend. De opgedane ideeën lieten ons niet meer los en wanneer we in Vlaanderen terugkeerden zetten we dat ongeveinsd in de praktijk om. Het dorp waar we ons vestigden heette Etikhove. ’t Is daar waar de eerste proeven werden gedaan. De eenvoudige en oudere wevers, die trouw gebleven waren aan de traditie van hun voorouders, waren onze eerste handwerkers. Het was voor hen een echte revelatie te zien wat er kon bereikt worden met hun oude ambachten.

Elisabeth  de Saedeleer had later haar “Atelier d’art” te Brussel

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

41- Huis Van Malleghem

 De herenwoning op deze tekening is de voormalige woning van Petrus August Van Malleghem, een rijke familie van grootgrondbezitters en in de beginjaren van 1900 weldoeners van de parochie Nukerke.

 “Huis Van Malleghem” in Nukerke-dorp. Op een grafsteen lezen we:
 “Geloofd zij Jezus Christus Amen.Ter Zaliger gedachtenis van Petrus Augustinus Van Malleghem geboren te Nukerke Den 29 november 1775 aldaar overleden den 15 maart 1858  van zijne echtgenote Anna Theresia Van De Putte  geboren te Nukerke Den 30 september 1795   van hun kinderen  Amelia Clemence geboren te Nukerke   17 December 1821 en aldaar overleden7 april 1903    Victor Geneesheer en Oud-Burgemeester der gemeente Nukerke  geboren den 22  dec 1827 en overleden De 2 mei 1900 en zijne echtgenote Rosalie De Tollenaere 1835-1905  De Zeer Eerwaarden Desiderius-Augustinus Titularis Kanunnik van S.Baafs Hoofdkerk geboren Nukerke Den 14 januari 1831 en overleden  te Gent De 29 januari 1890". Deze familie was blijkbaar zeer invloedrijk en bezat veel  gronden. Ze was tevens weldoener en geldschieter voor  de katholieke gemeenschap.
Veel meer staat te lezen op de blog Nukerke. Zie daar ook de geschiedenis van de dorpsschool.

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

44. Goet Ten Broecke

Watermolen behorend tot het "Goet Ten Broecke" te Kluisbergen, in de deelgemeente Zulzeke, buurgemeente van Nukerke. De molen draagt de datum 1870. Dit jaartal wijst enkel op een herstelling want de oorspronkelijke molen moet veel ouder zijn.
Uittreksel uit het Ministrieel Besluit van 14 juli 2004 :
Wordt beschermd, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumente, stads- en dorpsgezichten…
Wegens “De artistieke, historische en industrieelarcheologische waarde van de hoeve genaamd “Ten Broecke” met inbegrip van het erf met toegangspoortje , de oude molenvijver, het aanpalend deel van de Molenbeek met oevers en flankerende bomenrij, de aangrenzende gekasseide toegangsweg met twee bruggen, het watermolenhuis met strekdam, woelkom, drie bijhorende linden en het sluiswerk met uitsluiting van de recente bedrijfsgebouwen) gelegen Kapoenstraat 18 te Kluisbergen (Zulzeke)
De grote hoeve “Ten Broecke” is als site met walgrachten een voormalig foncier (hoeve) van de gelijknamige heerlijkheid, die minstens opklimt tot het derde kwart van de 16de eeuw, cultuurhistorisch een belangrijke getuige voor de landelijke bewoningsgeschiedenis in de regio. Expliciete materiële resten van deze historische oorsprong zijn onder meer de terp en oude overwelfde kelders waarop in 1729 de kern van de hudige woning werd opgericht, het toegangspoortje ter hoogte van de oude toegang, de omgrachting gevormd door het deel van de Molenbeek met zijn twee gemetste bruggen en de aanpalende oude spaarvijver.
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

40 - Rustoord Sint-Leonard

Het Sint-Leonardusinstituut in het kerkdorp Louise-Marie

 In Louise-Marie werd in 1900 de eerste steen gelegd voor een gebouw dat dienst zou doen als sanatorium voor dames. Vanaf 1904  werden de zieken er verzorgd door zusters van de orde van de Zusters van Barmhartigheid. Sinds vele jaren is het instituut omgevormd tot een rustoord voor bejaarden. Zie ook afbeelding en tekst bij nummers 30 en 34. Een andere bron meldt dat het neo-gotisch instituut St-Leonardus, werd gebouwd in 1900-1902 op het grondgebied van Etikhove naar een ontwerp van de Gentse architect Herni Geirnaert.
In 1892 verwierf de Heer Scribe uit Gent vanwege de eigenaar van het Hof van Fiennes 160 ha grond op de wijk Louise-Marie. In 1905 werd op een deel van die grond een verplegings- en rusthuis opgericht, nl het Sint-Leonardusinstituut. Het gebouw was oorspronkelijk eigendom van Mw Liefmans uit Oudenaarde.De Zusters van Barmhartigheid uit Ronse oefenden er hun apostolaat uit. Het gebouw is 70m lang op een breedte van 15m. De kostprijs bedroeg toen 150 000 frank. De put die drinkwater verschafte  was 57m diep en er moest geboord worden door verscheidene rotslagen. Het waterdebiet was echter ontoereikend zodat er moest overgegaan worden tot nieuwe boringen en tot het gebruiken van bronwater  in de streek zeer voorhanden. De aansluiting op het waternet kwam er pas in 1976. Het instituut kan een 40-tal  ouderlingen opnemen die verzorgd werden door 10 kloosterlingen. In de jaren 90 werden meer en meer leken aangeworven en kreeg het interieur een verdiende opknapbeurt. Zie ook afbeelding en tekst bij nummer 29 en 33. In  het Gedenkboek van de Zusters van Barmhartigheid  vernemen we het volgende. De Eerwaarde Vader Van Melle, die in Holland de Zusters van Barmhartigheid aan het werk had gezien in de psychiatrische inrichtingen, had het plan opgevat te Louise-Marie een dergelijk gesticht te bouwen. Het mocht echter de goedkeuring van Monseigneur Stilleman, Bisschop van Gent, niet wegdragen, omdat de reeds bestaande krankzinnigeninstituten in de behoeften voorzagen. Na lange onderhandelingen kwam men tot het besluit een sanatorium te bouwen voor de rustbehoevende dames. Maar vooraf begonnen de zusters met het onderwijs.

In het Gedenkboek van de Zusters van barmhartigheid lezen we het volgende;

“De Eerwaarde Vader Van Melle, die in Holland de Zusters van Barmhartigheid aan het werk had gezien in de psychiatrische inrichtingen, had het plan opgevat te Louise-Marie een dergelijk gesticht te bouwen. Het mocht echter de goedkeuring van Monseigneur Stillemans niet, Bisschop van Gent, niet wegdragen, omdat de reeds bestaande krankzinnigeninstituten  in de behoeften voorzagen. Na lange onderhandelingen kwam men tot het besluit een sanatorium  te bouwen voor rustbehoevende dames. Maar vooraf begonnen de Zusters met het onderwijs. In  September  1899, kwamen op aanvraag van den E.H. Van den Abeele, Pastoor, twee Zusters naar Louise-Marie om de lagere school te doen. Zr Placide en Zr Leona. Wat later kwam Zr Begga voor de bewaarschool. Ze bleven voorlopig te Ronse vernachten tot in 1902 het huis  was voltrokken dat bestemd was tot de woonst van den E.H. Onderpastoor, of eventueel van een rustend priester, en nu in gebruik werd genomen door de Zusters. Ondertussen was de bouw begonnen van het Gesticht. Moeder Idalie had er  in Mei 1900 den eersten steen van gelegd. Doch het werk vorderde  maar langzaam; twee volle jaren werden er aan besteed en eerst in 1904 namen de Zusters met enige Dames haar intrek in het Gesticht. Ter nagedachtenis van de vader van Mej. Eléonore Liefmans, die het terrein had geschonken, werd het “St Leonardusgesticht “ genoemd. Opgevat in gothischen trant door Architect H. Geirnaert van Gent, biedt de hoofdgevel een fraai uitzicht; doch de ligging op een der hoogtepunten van onze Vlaamse Ardennen, met een heerlijken uitkijk naar het Noorden, in een rustig centrum van schilderachtige uitstapjes door bos en land,  maakte er een uiterst geschikt  rustoord van. Het heeft dan ook aan belangstelling niet ontbroken. Velen komen in de zomermaanden naar die plaats voor verkwikking en stilte, waar de lucht zuiver is en de menschen rustig zijn, en gaan verkwikt en opgebeurd terug naar huis. Ook ‘s winters blijven sommige dames het Gesticht bewonen en genieten er van het mooie landschap, dat ook in het gure jaargetijde nog bekoorlijk is. Van in den beginne werd er tevens gezorgd voor de geestelijke belangen der bewoners. Op de eerste verdieping werd, in afwachting van een waardiger Godshuis, een kapel ingericht, die in 1905 door den Z.E. H. De Bruyne, Pastoor -Deken te Ronse, werd gewijd. Sedertdien berust het H. Sacrament in het Gesticht, en hebben de Zusters en de Dames, dikwijls gelegenheid de H. Mis te volgen. Deze wordt gecelebreerd door de dienstdoenden priester of door een geestelijke die een rustkuur komt  nemen in ’t Gesticht.Maar Louise-Marie dat de “charme” kent van de stilte en de afgezonderdheid,  ondervond er ook bezwaren van. Tot 1915 was de petroollamp er de enige verlichtingsmiddel. De electriciteitsmaatschappij zag er tegen op haar net met Louise-Marie uit te breiden en zo bleven de mensen aangewezen  op de petrool, olie en kaarsen, waarvan de schaarste wegens de oorlog zich gauw deed voelen. Dan werd er besloten bij middel van een accumulatorenbatterij het Gesticht van electrisch licht te voorzien. Later in 1922 zou  deze ook dienen om een pomp in beweging te zetten, die het water uit een 200 m afgelegen bron, naar het Gesticht zou voeren. Het was een kostbare en niet steeds practische installatie, waarvan de ongemakken gauw waren vergeten, toen in 1935 de verbinding met het nu uitgebreide electrisch net tot stand kwam.

Om in de behoeften van de steeds talrijker wordende bewoners van het huis te voorzien hadden de Oversten van Ronse een groote partij land gehuurd, toebehorende aan Mej. Liefmans, en werd er in 1924-25 een nieuwe boerderij opgericht, naar de plannen van J. D’Hayer uit Schoorisse. In 1929 kocht Ronse het gehuurde land van Mej. Liefmans en kwam aldus in het bezit van een aanzienlijk labeurterrein, dat met gesticht, aanhankelijkheden en hovingen één blok vormt.

Naast de stoffelijk verbeteringen noemen wij ook de centrale verwarming die in 1939 in het Gesticht en in het huis van den dienstdoende preister werd geïnstalleerd. Nog andere moderne gerieflijkheden waren in het vooruitzicht, maar konden wegens oorlogsomstandigheden niet worden aangebracht.

We vermeldden reeds vroeger dat het Gesticht vroeger ook openstond voor rustbehoevende priesters. Herhaaldelijk, bijzonder sedert 1932 is de E.H. Ackerman, Algemeen Bestuurder der Zusters van Barmhartigheid, de rust gaan genieten te Louise-Marie. Na enkele dagen was hij weer opgeknapt en kon terug aan den arbeid in het drukke Moederhuis. Doch in 1933, bij de afbraak van de oude gebouwen waarvan het Directeurshuis deel maakte, koos hij voorgoed de wijk naar Louis-Marie, waar hij zich installeerde in het huis van den dienstdoende priester. Vijf jaar heeft hij nog in stilte geleefd. Met de meeste belangstelling en vroom gebed volgde hij nog de ontwikkeling van de Congregatie. Den 17 December 1941 vierde hij er in besloten kring, doch met de hartelijkste deelneming van al de huizen der Congregatie, zijn diamanten priesterfeest. Een jaar later den 30  December overleed   hij in de stichtendste gevoelens van godsvrucht. Hij liet de herinnering na van een wijs, geleerd en vroom priester.

Dit overzicht kunnen wij niet besluiten zonder melding te  maken van het kort maar ingrijpend bestuur van Moeder Ignace die vier jaar te Louise-Marie verbleef, tot ze in 1928 tot Algemene Overste werd verkozen. Naast den heilzamen invloed van den practiserenden geneesheer Dr Dehet, heeft de moederlijke zorg en meewarigheid van Moeder Ignace krachtig meegeholpen tot genezing of tot opbeuring van de zieken.” (tekst uit Gedenkboek  bij de eeuwfeestviering van de Congregatie der Zusters van Barmhartigheid van Ronse door Eug. Heyrman)

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

43-Molen Ten Hotond

43 . Molen Ten Hotond staat langs de Zandstraat te Zulzeke,deelgemeente van Kluisbergen, waarvan sinds generaties enkel de stenen kuip overblijft en dienst doet als uitkijktoren. Een oriëntatietafel maakt je wegwijs bij de studie van het wijds panorama. De molen staat immers op een pracht van een getuigenheuvel 140m boven de zeespiegel. De eigenlijke top van de heuvel bedraagt 150 m en ligt een paar honderd meter verder oostwaarts in het bos ( aan het waterreservoir). Insiders beweren dat men vanop de toren tot 107 kerktorens kan waarnemen, uiteraard bij zeer uitgeklaard weer. De Hotond is een getuigenheuvel die gevormd werd kort na de laatste ijstijd. Maar voordien,tijdens het tertiair tijdvak, reikte de oerzee tot in onze streken en zette  zand en klei af. (Op het Heidje in Nukerke vormt zand de bovenste bodemlaag, typisch een duin). Bij het terugtrekken van het water voerden felle noordenwinden fijn zand aan die het ontstaan gaf aan de heuvelrij die reikt van het Heuvelland, over de rug van de Vlaamse Ardennen, over de Pottelberg en de Oude Berg te Geraardsbergen tot de heuvels van het Hageland. Daar de ondergrond zavel en ijzerzandsteen bevat hebben de heuveltoppen goed weerstand kunnen bieden aan de erosie tijdens de laatste ijstijd, wat niet uitsluit dat er diepe dalen werden gevormd en het ontstaan gaf aan de vele uitlopers (Eikenberg., Edelareberg, Bossenaer,…). Na WO-II werden op de meeste heuveltoppen van de Vlaamse Ardennen zavel gewonnen voor de bouw en de wegenaanleg. Gelukkig werd de laatste zavelgroeve rond 1995 gesloten. Hier en daar heeft die zavelwinning een blijvend litteken nagelaten zoals je kan merken op de noordenflank van de Hotond. De eerste bewoners van onze streek, doortrekkende jagers, hechtten een groot belang aan deze heuveltoppen. Deze werden reeds vroeg in de geschiedenis bewoond, getuige de vondsten op de Kluisberg van silexpuin. Plaatsnamen als Kwaremont, Calmont, Laemont, Hotond , gaan terug tot de de Gallo-Romeinse periode. Een Romeinse heirbaan  liep van Bavay  over Ronse en Kwaremont naar de kust.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

46. Palet

Schilderspalet van Maarkedal. In de vroegere authonome gemeenten verbleven tal van kunstenaars : Valerius de Saedeleer in Etikhove, Leo Piron , gehuwd met Marie-Josèphe, dochter van Valerius de Saedeleer in Nukerke - de streekschilder Van Laere  in Nukerke - schrijver Hugo Claus in Nukerke - de dichter en schrijver Insingel Mark in Nukerke ...
Hoe vind je dit bericht? 13 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

16 - Werkmanshuisje

  Verlaten en triestig ogend werkmanshuisje  van een paar eeuwen oud, gelegen langs de Koekamerstraat (grens met Schorisse).
Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

1 - Gemeentehuis te Etikhove

 Gemeentehuis van Etikhove tot 1977. Sinds de fusie van 1977 gemeentehuis van Maarkedal. Nadat het gemeentebestuur op 27 juli 1896 een kleine hofstede had aangekocht ter grootte van 26a89ca, gelegen aan “de plaetse” te Etikhove  werden tijdens de gemeenteraadszitting van 1 juni 1902 de plannen opgemaakt voor het bouwen van een gemeentehuis en een gemeenteschool met bijhorend schoolhuis op dit terrein. Na verscheidene wijzigingen van de bouwplannen werden deze uiteindelijk goedgekeurd  tijdens de gemeenteraadszitting van 20 december 1904.  De plannen zijn van architect Geirnaert uit Gent.  Een jaar later werd het gebouw in gebruik genomen. Wegens krappe behuizing werd het schoolhuis, dat aan de oostelijke zijde aanleunde tegen het gemeentehuis, erin geïntegeerd. Het gelijkvloers van het schoolhuis werd raadszaal en is dit nog steeds.

Oorlogsnieuws
 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog woonde ene Jean-Baptist De Schampheleire te Etikhove in zijn boerderij langs de Gansbeekstraat daar waar de Maarkebeek onder de straat duikt. Baptist werd geboren in 1900 en was afkomstig uit de Varent. Tijdens zijn jonge jaren had hij meermaals deelgenomen aan de bietencampagne in het noorden van Frankrijk. En je weet hoe dat gaat. De jonge man maakte daar kennis met een meisje uit de streek. Ze trouwden en kwamen wonen langs de Gansbeekstraat. De jonge vrouw werkte samen met Jean-Baptist en leerde ook wat Nederlands. De periode tussen de twee oorlogen was een harde tijd en Jean-Baptist oefende zoals zovele meerdere beroepen uit. Zijn hoofdbezigheid was echter fruit kweken. Hij schafte zich een paard aan en reed wekelijks met paard en kar naar de markten in de omgeving om het lekkere fruit aan de man te brengen. Op een dag heeft het gezin “alle chance van de wereld” gehad. Het was in 1945. De streek was reeds maanden bevrijd maar de Duitsers gaven niet op en bestookten Antwerpen met de fameuze V-2 raketten. Er werden zo maar eventjes 2000 raketten op de haven afgestuurd. Niet allen bereikten het beoogde doel. Sommige “vliegende bommen” misten hun doel, weken af of raakten tijdens de vlucht defect. Zo hoorden ze op een mooie dag in Ethikove het gefluit van een aanstormende V-2. Men wist dat eens het motorgeluid ophield de bom binnen de kortste stonden zou vallen. Wat ook geschiedde. Gelukkig stond in de weide aan het erf van De Schampheleire een rij hoge populieren. Deze bomenrij werkte als vangnet voor de raket die in de toppen terecht kwam en met een geweldige slag ontplofte. Bladeren, twijgen, takken, metalen stukken, vuur, rook, pannen en stenen het vloog al in het rond. Het dak van de woning was volledig ontmanteld maar niemand werd gekwetst. De buurt kwam er gelukkig met de schrik vanaf. De zoon van Baptist had later naast het woonhuis een smidse.

Tegen de zomer van 1944 was het Duitse leger volop bezig de aftocht te blazen. De soldaten werden wat nerveuzer en ze probeerden alles wat wielen had  van de burgers af te pakken. De fietsen spraken wel aan. Maar de meeste burgers hadden daar iets op gevonden. Ze verwijderden de rubberen banden. Die waren zogezegd versleten. Toch namen sommige Duitsers zo’n rijwiel in beslag. Mensen die die situaties meemaakten lachen nog als ze vertellen hoe de Duitsers de kasseikoppen trotseerden op de ijzeren zanten. Al hotsend en al botsend denderden ze de helling af richting heimat.  

Deschampeleire woonde in Etikhove, maar was afkomstig van de Varent in Mater. Hij werd gemobiliseerd voor de oorlog van 14-18. Jarenlang verbleef hij in de loopgrachten achter de IJzer. Tijdens een van de vele korte aanvallen werd de beste vriend van Jean-Baptiste ernstig gekwetst en lag daar ergens buiten de loopgrachten te kermen en steeds te roepen: “Tiste, kom mij toch helpen!”  Maar Jean-Baptiste kon hem niet halen. Hij moest immers wachten tot ze zeker waren dat de Duitsers zich volledig hadden teruggetrokken. De nacht ging voorbij en het werd heel stil. Hét moment om de gekwetste vriend te gaan ophalen?  Kruipend op de buik bereikte hij de man. Denkend dat de kust veilig was richtten ze zich op. Te laat. Een machinegeweer ratelde en de beide soldaten werden getroffen door een kogelregen. Ze vielen neer. De gekwetste soldaat  was op slag dood en Tiste bleef gewond voor dood liggen. Op zijn beurt bleef hij achter tot hij zou gered worden. En gelukkig! Zo gebeurde het. Hij bleek getroffen te zijn door een gloeiende brandkogel die langs de rug was binnen gekomen en langs de buik het lichaam had verlaten. De plaats waar de kogel de buik had verlaten was dichtgeschroeid. Dat was wellicht zijn redding. Voor zijn genezing werd Jean-Baptiste naar Frankrijk overgebracht waar hij in een lazaret aan een volledige herstelling begon. Wat ook lukte want kort nadien werd  Tiste weer goed bevonden om naar het front te trekken. Hij vertelde nadien dat hij een Belgische soldaat had gezien met een houten been. Die man werd door de keuringsdienst goed bevonden om zijn compagnie aan het front te vervoegen. Het schijnt dat hij zijn houten been afnam en naar de medische staf gooide met de vraag:” Wat kan ik met zo’n been gaan vechten!”

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

35 - Kerk te Etikhove

   Parochiekerk  St-Brixius te Etikhove ligt in de vallei van de Maarkebeek  op 27 m boven de zeespiegel. Deze classicistische kerk is een bescheiden gebouw uit het begin van de 19de eeuw met laat-gotische toren van de voormalige kerke uit de 15de eeuw. De kerk werd achtereenvolgens in 1768 en in 1837 verbouwd. Het meubilair is hoofdzakelijk classicistisch. Het orgel , instrument van Lambertus  van Peteghem is beschermd. Op het kerkhof en in de kerk tref je enkele  17de eeuwse grafstenen aan  o.a. het epitaaf van Gerard de Ladeuze(+ 1669).
Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

34 - Parochiekerk van Louise-Marie


De kerk La Salette te Louise-Marie ligt op een hoogte van 112,5 m. Louise-Marie  is een schilderachtig gehucht en kerkdorp in de Vlaamse Ardennen gelegen op de noordelijke flank van de Muziekberg (hoogte 147m). Het grondgebied van de parochie Louise-Marie  behoort tot de stad Ronse en de vroegere gemeenten Nukerke, Etikhove en Schorisse in  de provincie Oost-Vlaanderen en tot de gemeente Ellezelles in Henegouwen. Naar verluidt zou de naam van de eerste Belgische koningin Louise-Marie (geboren in Palermo op  3 april 1812 en overleden in Oostende op 11 oktober 1850), dochter van de Franse koning Lodewijk Filips, aan de oorsprong liggen van de naamgeving van dit gehucht. Immers de eerste steenlegging van deze neo-romaanse parochiekerk in 1851 viel samen met de eerste verjaardag van haar overlijden. Deze kerk is bekend om haar Sint-Apolloniaverering. Rond 9 februari worden hier jaarlijks, tijdens de noveen tegen tandpijn, de alom gekende geutelingen gebakken. De kerk is toegewijd aan O.L.Vrouw van La Salette. Het kerkelijk interieur is 19de-eeuws behalve het altaar aan de noordzijde die 17de en 18de eeuws is. Het schilderij “Verschijning van O.L.Vrouw van La Salette” is  19de eeuws. De romanschrijver Herman Teirlinck vernoemt “Het Muziekbos” en “Louise-Marie” in Maria Speermalie, Getuigenissen , De wonderbare wereld , Het gesmoor (novelle)  en de Dolage.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

32 - Kerkje te Kerkem

32.     De Sint-Pieterskerk te Kerkem. Het  kerkje is een klein driebeukig neo-gotisch gebouw. De onderbouw van de toren  van de kerk bestaat uit geërodeerde zandsteen afkomstig van de afgravingen op de getuigenheuvels.  Tijdens verbouwingswerken werd de kerk verhoogd in 1775. Deze datum staat gegrift in de sluitsteen boven de ingangsdeur. De kerktoren zou voordien een derde lager zijn geweest. Je ziet trouwens duidelijk de sporen  van de oorspronkelijke  wijzerplaat. De kerk, het kerkhof en de omheiningsmuur zijn beschermd als monument en als landschap bij K.B. van 18-11-76. Het meubilair is hoofdzakelijk 18de eeuws. De kansel dateert uit 1687. Het  orgel is 17de eeuws en was oorspronkelijk bedoeld voor het Sionklooster te Oudenaarde.
Tijdens de gemeenteraadszitting van 27 november 2013 werden restauratiewerken aan dit geklasseerd kerkje toegewezen aan de firma Aanemingen Seynhave tegen een totale prijs van € 366.811,94.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

31 - Ladeuzemolen

 De Ladeuzemolen gelegen langs de “Maerckebeek”  (nu Maarkebeek), is een overblijfsel van het kasteel “Ladeuze”.  De molen zelf zou dateren van 1400 maar werd voor het eerst vermeld in 1571. Het was van oorsprong een olie- en korenwatermolen in eigendom van het thans verdwenen nabijgelegen kasteel van Ladeuze. Alle pachters van het domein waren verplicht  er hun graan te laten malen waarvan de gebruikelijke “tiende” werd  afgenomen. In 1909 werden de molenstenen aangedreven d.m.v. een stoommachine. De productie van olie werd stopgezet vóór W.O.-I.  De molen bezit nog  het lijnzaadmechanisme en  2  reuze grote  molenstenen.De "tiendenschuur staat iets verop".

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

30 - Kloosterwoning te Louise-Marie

Bijhuis van Sint-Leonardus, verblijfplaats van de zusters. Deze woning was  tot voorheen de verblijfplaats van de zusters die werkzaam waren in het rusthuis Sint-Leonardus  in Louise-Marie. Het rustoord zelf werd opgericht in 1900 en was oorspronkelijk bedoeld als sanatorium voor dames.  Bij het geheel hoorde  een school en een boerderij. Vanaf 1904 namen de Zusters van  Barmhartigheid  er hun intrek. De laatste jaren werd het interieur van het rustoord grondig gemoderniseerd.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Hedwig om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Maarkedal in beeld

↑ Terug naar de berichten