Plechtige communie. Menu van 1943

.

Blijkbaar werd dit menu aangeboden door een welstellende familie. Deze familie moet nog via een omweg ergens familie van het zevende knoopsgat van mij (geweest) zijn. Rijke boeren. De boeren hadden het tijdens de oorlogsjaren niet zo slecht, ze hadden zelf alle grondstoffen tot hun beschikking.
Wat opvalt is dat er drie vleesgerechten in hetzelfde menu opgediend worden.
Dit zijn nog resten van de negentiende-eeuwse menu opbouw, waarin er een eerste vleesgerecht op tafel kwam, de entree, en later het gebraad. Als afsluitgerecht kwam dan dikwijls een luxe koud gerecht op tafel zoals foie gras, kreeft of rivierkreeften.
Dit laatste gerecht is hier vervangen door de ‘hesp’... ’t Was voor iedereen oorlog!
Het is pas in de jaren zestig van vorige eeuw dat de feestmenu’s gereduceerd werden tot hoogstens vier of vijf gerechten, twintig jaar na de tweede wereldoorlog.
Het voorgerecht was waarschijnlijk de toen klassieke “koude plat”! Een koude schotel met meestal, sla, tomaat, hard gekookt ei en misschien garnalen maar de boerenfamilies waren niet zo erg belust op garnalen. Daarom zal er misschien een sneetje gekookte hesp op gelegen hebben. Dat zou dan een fout in het menu geweest zijn door twee keer hesp op te dienen. Meer waarschijnlijk was het daarom een hard gekocht ei met een halve tomaat er boven op. Zo zag het gerecht er uit als een vliegenzwam in een bedje van sla... Een zeer populair gerechtje in die tijd.
Het ‘krachtige’ vleesnat was ook klassiek, een sterke heldere krachtbouillon, dikwijls met balletjes er in. Deze bouillon werd gemaakt van een groot stuk soepvlees. Het vlees kon dan ’s avonds nog opgegeten worden als broodbeleg.
De ‘heereboonen, witte en groene boonen’ is onduidelijk. De combinatie, snijbonen en witte bonen werd veel gemaakt. Herenbonen zijn in principe gewone groene bonen, sperziebonen ... maar dat woord ‘heerenboon’ wordt hier niet gebruikt. Misschien waren het inderdaad snijbonen. Wat het ook moge geweest zijn, er waren ’coteletten’ bij en gekookte aardappelen.
Bloemkool met worst is ook zo een echte Vlaamse klassieker.
De konijnen werden ter plaatse gekweekt. Konijn was zeer populair als feest of kermisgerecht tijdens de oorlogsjaren.
De koeldrank was een vervanger voor de klassieke sorbet. Hier kan het kan een schuimwijn geweest zijn, maar hoogstwaarschijnlijk was het dat niet. Zeer dikwijls werd er gewoon een soort fruitsalade, met ananas uit blik, gegeven opgevuld met wijn.
De wijnen op het menu werden waarschijnlijk ook niet gedronken bij de feestmaaltijd maar daarna. Zoete wijn was favoriet. Aan tafel dronk men tafelbier.
Al het bovenstaande zijn slechts gissingen. Ik was er niet bij. De luxueuze en royale maaltijd doet wat irreëel aan tijdens de oorlogsjaren maar een plechtige communiefeest kan lang voordien gepland worden en vlees en groenten waren op elke grote boerderij wel voorradig.
Misschien werd er speciaal daarvoor een varken geslacht?
Wie zal het weten.



