Enige opwinding ontstond er onder de tuinders toen er bekend werd dat er bij Francien in de tuin rupsen van de koninginnepage waren gesignaleerd in de dille en venkel planten. Iedereen ging toen in hun eigen tuin op zoek naar deze prachtige smaragdgroene rupsen en ontdekten toen ook meteen andere soorten zoals de zwarte harige rupsen van de dagpauwoog op de bladeren van de brandnetel.
Dat de Oostgracht in Gorinchem een bijzonder natuurgebied is weten de tuiniers van de Volkstuinvereniging Oostgracht al lang. Sinds er beelden op waarneming.nl zijn verschenen lijkt het of vogelspotters als een magneet worden aangetrokken om dit met eigen ogen te zien. Een echte natuurliefhebber zal met respect voor de natuur er voor zorgen deze niet te verstoren. Bij deze willen wij daarom vragen de begroeiing langs de waterkant ongemoeid te laten en alleen vanaf de paden opnames te maken.
Phlox groeit op elke tuingrond. Het beste gedijt ze op een voedzame, kalkrijke goed doorlatende bodem. Ook verlangt ze een zonnige plek. Wel kunnen de bloemen schade oplopen bij harde regen. Eveneens heeft de plant soms last van het stengelaaltje. De plant sterft dan vroegtijdig af. Verwijder de aangetaste planten en ontsmet de bodem door er bijvoorbeeld Afrikaantjes te planten. Het vermeerderen van Phloxen kan door stekken, scheuren en zaaien. Het snelste resultaat bereiken we door in april wortelstekken te nemen van gezonde planten. Leg stukjes wortel in een bak aarde. Daarover komt weer een laagje grond. In de loop van de zomer kunnen we de ontstane planten oppotten. Het is mogelijk om de bloei van phloxplanten te verlengen door voor 21 juni de stengels om en om tot de helft te snoeien.
Solidago, Guldenroede, is een stevige hooggroeiende vasteplant, die door zijn bloei in augustus en september onmisbaar is in de border. De plant stelt weinig eisen aan de grond. Vermeerdering geschiedt door middel van scheuren. De bloeiende stengels doen het ook in boeketten uitstekend.
Al vanaf begin mei kan men ter plaatse op een warme zonnige plek zonnebloemen zaaien in een goed bemeste grond. De eenjarige plant geeft vanaf de nazomer tot in de herfst grote bloemen op een lange steel. In Oost-Europa en Argentinië teelt men deze plant vooral voor de winning van de zonnebloemolie vanwege de gunstige samenstelling van onverzadigde vetzuren, een belangrijk punt in de bestrijding van hart- en vaatziekten. Na de bloei worden de bloemschermen met de zaden gedroogd om in de winter als voedsel te dienen voor de vogels.
Draaihartigheid in de koolplanten wordt veroorzaakt door de larven van de koolgalmug. Deze bijna doorzichtige larven vreten het hart van de koolplant weg, zodat de plant in zijn ontwikkeling geremd wordt en zijscheuten gaat vormen. Om de koolgalmug te verwarren kunnen we bij het uitplanten van de zaailingen stukjes rabarbersteel in het plantgat steken. Vliesdoek over het koolbed voorkomt ook deze aantasting.
De braam is een vruchtstruik, die flink bedoornde stengels bezit, die zo snel groeien dat ze geleid moeten worden. De bloemen zijn wit tot lila. De bijna zwarte vruchten bestaan uit een verzameling steenvruchtjes. De snoei beperkt zich tot het wegnemen van oud hout. De bloemen en dus ook de bramen worden op het tweejarig hout gevormd.
Spitskool is pas sinds de 18e eeuw bekend geworden. Daarvoor waren alleen de ronde kolen verkrijgbaar. Vanaf half februari kan de kool al onder glas worden uitgezaaid om dan half april uit te kunnen planten. De plantafstand is 60 cm. Kool houdt van een goede vruchtbare grond en de bodem moet een ph gehalte hebben tussen 6,5 en 6,8 dit om knolvoet te voorkomen. Als dat eenmaal gebeurt kan er zelfs 7 jaar geen koolsoorten in die grond worden geteeld. Dus is wisselteelt hier zeer belangrijk.
Rode Melde is een vergeten groente, die desondanks waard is om in de tuin te kweken. Het jonge blad wordt verwerkt als spinazie, maar zelf vind ik de plant zo decoratief met zijn pijlvormige rode bladeren dat ik hem met een stevige steun door laat groeien tot een hoogte van 150 cm.