Met zwijgen kruist men de duivel.
Als je geen slechte dingen zegt krijg je ook geen ruzie.
alles
Dat is duideliijk.
Een tocht waarbij de dood van iemand wordt herdacht.
Dat is een vrek.
Wij struikelen allen in vele.

handen
Hij is erg onhandig.
Ze doen niet veel.
Failliet gaan.
Het zal slecht met hem aflopen.

lief
Alles met elkaar delen
Wachten tot het slechte humeur is verdwenen.
Ik doe dat beslist niet.

boer
Hij is tevreden.

kuil
Je wordt zelf het slachtoffer van de narigheid die je een ander wilt berokkenen
Iemand hevige verwijten maken.

ark
peren
Erg vol.
Hij is de problemen te boven gekomen.
Degene die de beste gelegenheid heeft maakt er ook meestal gebruik van.
Hij is degene die gepakt wordt.
?
hij
spelden
Iemand slaag geven.
Bezuinigen.
Kinderen doen soms hun eigen zin.

berg

haar
Je moet je niet teveel zorgen maken.
Een flinke grove vrouw.
Hij maakt zijn leven wat leuker.
Een ongeluk kan altijd onverwachts gebeuren.

sollen
Als er geen geld meer aan verdient kan worden wordt er vaak weinig aandacht aan besteed.
De zon schijnt maar het regent ook.
Je moet niet denken dat je mij bevelen kunt geven.

duivel
Als je geen slechte dingen zegt krijg je ook geen ruzie.
Hij is een heel slecht persoon.
Hij doet alleen maar slechte dingen.
Iets dat wordt uitgesteld wordt vaak nooit meer gedaan.
......
Dit is één van z'n listen...

mensen
Iemand zijn ondergang bewerkstelligen.
Hij kan rentenieren van zijn geld.
Je moet als baas zelf toezicht houden want anders wordt je bedrijf verwaarloosd
Iemand zijn ontslag aanzeggen.

veel
Hij weet er alles van.
Proberen de schuld van je af te schuiven.
Veel werk verrichten.
Iemand zeggen waar het op staat.

hij
Hij komt daar heel vaak.
Dat was andere koffie.
Hij is doortrapt.
Een goede kans missen.

donderbuien
Na een grote ruzie zijn veel dingen vaak uitgesproken en is de verstandhouding beter
Als je genoeg gegeten hebt dan ben je voldaan en tevreden.

vis
Als je maar lang genoeg wacht komt het toch nog goed.
Zout en zuur Krenkt de natuur.
Grote werken kosten veel tijd.
BR>
tuin
Dat is snel gegaan.
Hij heeft het naar zijn zin.
Hij kreeg een compliment.
Met genoeg geld en vrienden kun je alles naar je hand zetten.

vertrouwen
Je kunt op God vertrouwen als je zelf ook je best doet.
Hij mag niet meer naar die school toegaan.
