tijd

Er is een tijd voor alles
Een mens zonder dromen, is armer dan een mens zonder
geld
Hij/Zij is wijs, die van een vijand een vriend kan maken
Je kunt de zee niet oversteken door alleen maar naar
het water te staren
tijd
Er is een tijd voor alles
Een mens zonder dromen, is armer dan een mens zonder
geld
Hij/Zij is wijs, die van een vijand een vriend kan maken
Je kunt de zee niet oversteken door alleen maar naar
het water te staren
bijen
zwijgen
Iemand vermoorden.
Ook al werk je nog zo hard je hebt toch altijd een beetje geluk nodig.
Met een derde erbij wordt het gezellig of juist helemaal niet meer gezellig
Dat is een teleurstelling Dat valt op een gansje.
Ondergeschikt zijn aan iemand.
Om beter te worden moet je vaak bittere medicijnen slikken.
voordeel
Hij heeft een klein wondje.
Stroken voor stroken maakt de vogel zijn nest.
Hij heeft genoeg geld om niet meer te hoeven werken.
Dat is een onverwacht voordeel.
woorden
Een goed voorbeeld verdient navolging.
Een bemoeial.
Hij heeft teveel gedronken.
Zij naait zo snel als ze maar kan.
etenEten en drinken kost veel geld.
Hij zat in de problemen.
De tong raakt los.
Als je blijft zeuren krijg je een pak slaag Kinderen die willen krijgen voor hun billen.
alarm
Anderen voor gevaar waarschuwen.
Hij begon zijn verhaal te houden.
Hij kan zijn schulden niet betalen.
Hij pakt zijn meisje af.
Hij heeft nog niet veel geleerd.
koud
Hij toont geen medeleven.
Hij reageert niet meer zo heftig als vroeger.
Iemand helpen.
Daar heb je niets aan.
