Naar de inhoud

sinterklaas

akke.beakke.be

Archief

Op zoek naar Zwarte Piet

Een derde, voor-Germaanse, verklaring, en wat voor een! (1)

Er bestaat sinds 1995 een opzienbarende theorie over de herkomst van Sinterklaas, Zwarte Piet en de Kerstman, en alle bijhorende voorlopers en aanverwante zaken, van Van Renterghem (1996). Dit is op zich een spannende en boeiende uiteenzetting over bijzondere folkloristische figuren en verschijnsels door de eeuwen heen.
De kern van deze studie is de volgende: nog sterker dan in de Keltische en Germaanse tijden werd de mens in Europa in de eeuwen ervoor beheerst door een zeer hechte verwantschap met de natuur. Omdat veel ervan niet te verklaren viel, geloofde men toen dat alles bezield was. De voornaamste mytische personage hierbij was de natuurgod Herne, te vergelijken met de heidens-klassieke god Pan: het allesomvattende.
Deze godheid was de personificatie van de meest primitieve oerkracht aller tijden: vruchtbaarheid, dat wil zeggen: de soort in stand houden door voedsel en voortplanting. Degene die hem het meest na stond, was de sjamaan, een soort priester/medicijnman, voorloper van de Germaanse druïde en de christelijke priester. Hij beeldde de band tussen de mens en de natuur uit. Hij vermomde zichzelf als deze oerkracht bij rituele feesten van zang en dans met behulp van een gewij of horens, een dierenmasker, vacht, poten en staart, soms met duidelijk staan mannelijk geslachtsdeel (het vruchtbaarheidssymbool bij uitstek!). Attributen daarbij waren een tak of boompje.

uit: Op zoek naar Zwarte Piet: Frits Booy  

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door pierre om 12:34 Reageer op dit bericht

Gedichtje van de Sint en zijn Pieten

Sint wordt wakker

Als Sinterklaasje wakker wordt
staat er een Piet naast zijn bed
die geeft Sint zijn onderbroek
en blaast op zijn trompet.

Meteen verschijnt de tweede Piet
met een mijter op een blaadje,
de derde haalt \'t ochtendhemd
uit het ochtendhemdenlaatje.

De vierde pakt een Spaanse trom
en geeft wel zeven roffeltjes.
Op dat moment stapt Sint uit bed
en schiet in zijn pantoffeltjes.

Maar wat is dat...hij voelt iets hards
bij de teen van zijn rechtervoet.
Het is een chocolade S
en een paard van suikergoed.

Dat heeft de kleinste Piet gedaan;
hij stamelt heel verlegen:
\'Ik dacht de Sint heeft vast nog nooit
iets in zijn schoen gekregen\'.

\'Bedankt, hoor Piet,\' zegt Sinterklaas,
\'dat heb je leuk verzonnen,\'
en lachend gaat hij aan het werk;
z\'n dag is goed begonnen. 

uit: Sinterklaas op school
Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door pierre om 16:05 Reageer op dit bericht

Op zoek naar Zwarte Piet

Hevige strijd om de juistheid van deze twee theorieën (2)


De rooms-katholieke herkomsttheorie vertoont toch enkele zwakke punten, vragen die niet via legenden en dergelijke kunnen worden beantwoord. Zo is het merkwaardig dat in vele Midden-Europese streken, vooral in het Alpengebied, de duivelachtige figuren in de traditionele Nicolaasgebruiken meer centraal zijn komen te staan dan de heilige zelf. Nog moeilijker wordt het te verklaren, waarom onder andere in Duitsland de Nicolaasfiguur zich ontwikkelde tot een afschrikwekkende gestalte waarmee de jeugd werd bang gemaakt.

In de Nederlandse en Vlaamse sinterklaascultuur duiken er weer heel andere vragen op. Als onze sinterklaasgebruiken namelijk niets met Wodan en de zijnen te maken hebben, hoe is het dan te verklaren, dat onze Sinterklaas a) op een schimmel b) over de daken rijdt met c) een bediende, die lekkers en geschenken d) door de schoorsteen gooit?
Bisschoppen reden sinds de late Middeleeuwen weliswaar aan hun stand verplicht op een paard, maar van bisschop Nicolaas van Myra is dat niet bekend.
En over de daken ging hij zeker niet! Hij gooide geld of goed gevulde beurzen via een deur of raam naar binnen, maar had daarbij geen assisterende bediende.

Uit dit alles blijkt dat we die Germaanse elementen niet zomaar mogen negeren, laat staan ontkennen.
uit: op zoek naar Zwarte Piet.   Frits Booy 

Hoe vind je dit bericht? 22 stemmen
Geschreven door pierre om 11:51 Reageer op dit bericht

Op zoek naar Zwarte Piet

Hevige strijd om de juistheid van deze twee theorieën (1)


In de 19de eeuw ontbrandde er tussen onderzoekers een hevige strijd over de herkomst van Sint Nicolaas en zijn zwarte dienaar.
Rooms-katholieke geleerden vonden, ja eisten bijna, dat deze figuren alleen maar te verklaren waren uit de rooms-katholieke leer en heiligencultuur. De legenden en biografieën over de heilige bisschop Nicolaas van Myra, die soms een duivel aan zich onderwierp, bewezen dat volgens hen afdoende. De vele Nicolaasoptochten en Nicolaasdrama\'s door scholieren en studenten lange tijd gehouden respectievelijk opgevoerd, versterkten deze theorie. deze roomse geleerden waren fel tegen de theorie van anderen, die inhield dat Sint Nicolaas en zijn knecht (ook) uit de Germaanse mythologie zouden zijn ontstaan, namelijk afstammend van oppergod Wodan en diens begeleiders. Niet alleen vonden de roomse geleerden deze theorie heidens dus verwerpelijk, maar ook ontbraken er concrete bewijzen voor. Met dat laatste hadden ze wel een sterk punt. K. Meisen (1931) zou dit christelijke standpunt opnieuw verdedigen. De nazi-autoriteiten verboden het boek echter, omdat een belangrijk aspect van de Edelgermaanse cultuur erin werd verworpen.

uit: Op zoek naar Zwarte Piet - Frits Booy
Een speurtocht naar de herkomst, de ontwikkeling en de betekenis van de dienaar van Sinterklaas  

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door pierre om 15:23 Reageer op dit bericht

Zwarte Piet

De knecht van Sinterklaas

Piet, zijn knecht, zo zwart als roet,
Met een ketting aan zijn voet,
Kijkt door \'t vensterglaasje.
Als dan allen, groot en klein,
Goed en wel naar bed toe zijn,
Roept hij Sinterklaasje.
 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door pierre om 13:45 Reageer op dit bericht

Op zoek naar zwarte Piet

De christelijke verklaringstheorie (4)

In sommige gebieden in Noord-Duitsland en Zuid-Oostenrijk nam Ruprecht van lieverlee de functie van Sint Nicolaas over, zelfs tot en met diens naam (Ru-Klaus, Rumpelklas, Busseklas, Pelznickel). In Lutherse streken verdween de roomse Nicolaas natuurlijk zeker, hoewel pas na lange tijd. Zijn plaats werd ingenomen door het \'Christuskind\', dat de brave jeugd eveneens geschenken bracht. In een aantal streken werd het \'heilige Kind\' begeleid door knecht Ruprecht, die in hem een nieuwe meester had gevonden en dus blijkbaar onuitroeibaar was. Nog sterker; in bepaalde gebieden is Ruprecht uiteindelijk als enige van de drie hiervoor genoemde figuren in de folklore overgebleven. Dus was de oude Germaanse traditie taaier dan de christelijke leer.

In Oostenrijk werd Sint Nicolaas in de 17de en 18de eeuw vergezeld door een engel en een duivel, genaamd Krampus. deze is getooid met belletjes en sleept met kettingen; hij heeft een grote roe en stukjes houtskool voor de stouteriken. Dat is heden ten dage nog steeds het geval.
Ook kent men daar Klaubauf, behaard, met hoorns, lange rode tong en kettingen.
In sommige streken van Duitsland wordt de knecht nod steeds met Beëlzebub aangeduid. In roomse kringen in West-Duitsland treedt  Sint Nicolaas  nog altijd met zijn knecht  Ruprecht op.

Vroeger kwam in St-Nicolaasspelen in Vlaanderen een zwartgemaakte en met dierenhuiden (dus een soort duivel) omhangen persoon voor, die kettingen achter zich aan sleepte. Telkens weer wist Sint Nicolaas hem te overwinnen. Later zou deze man de knecht van Sint geworden zijn.

uit: Op zoek naar Zwarte Piet   Frits Booy
Stichting Nationaal Sint Nicolaas Comité  
 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door pierre om 15:12 Reageer op dit bericht

Op zoek naar Zwarte Piet

De christelijke verklaringstheorie (3)


Al in 1420 werden de duivelse dienaren van de jongensbisschop Nicolaas in de stadskroniek van Bazel genoemd. Dit verschijnsel vond zijn hoogtepunt in de 16de eeuw en verbreide zich over Midden-Europa. In Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk kregen deze dienaren van lieverlee een eigen naam zoals Ruprecht (=schitterend door roem, wat slaat op een Germaanse god) en Beëlzebub of Pelsebock (=vliegenpoep), Kampus (krammen=klauwen pakken), Klaubauf (klaub auf=raap op, namelijk appels en noten), Hans Muff (muffen= knorrig kijken) en Swarze Peter! Ze begeleidden - al dan niet gemaskerd - daar Sint Nicolaas die nu zelfstandig gaat optreden, dus los van het Nicolaasfeest op de scholen. Dit gezelschap bezocht en bezoekt sindsdien uitsluitend gezinnen met kleine kinderen. Knecht Ruprecht zag er uit als een sombere monnik met een lange baard, met zak en roe. Later wordt hij meer \'beschaafd\' uitgebeeld.  

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door pierre om 12:19 Reageer op dit bericht

Een Pieten gedichtje


De jutte zak


Als iemand iets weet van dragen,
     dan is dat Pieterman wel.
  Sjouwen doet hij alle dagen,
het is zijn werk en heus geen spel.


     Op een ouderwetse manier
draagt hij alles in een jutte zak.
     Toch klimt hij met plezier
   op een schuurtje of een dak.

  Als hij daar op hoogte staat,
  kijkt hij neer op alle mensen.
  Vanaf het pleintje of de straat
  hoort hij zo hun liefste wensen.

Pieter Feller

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door pierre om 14:34 Reageer op dit bericht

Op zoek naar Zwarte Piet

De christelijke verklaringstheorie (2)


Getooid met horens, vacht, staart en hoeven bedreigde hij als metgezel van de heilige Nicolaas stoute kinderen met een roe of ranselde hen daarmee af. Zo'n roe (bijeengebonden rijshout of bosje twijgen) was sedert de Middeleeuwen een geliefd tuchtmiddel bij schoolmeesters. Eigenlijk is dit zeer merkwaardig voor een duivel, want deze zou het kwaad juist moeten aanmoedigen en belonen in plaats van bestraffen. Of moet dat bestraffen zijn onderwerping aan het Goede juist onderstrepen?

Er is ook invloed van het hiervoor al genoemde verschijnsel van de 'Wilde Jacht', het rusteloze leger van Germaanse doden. De christelijke kerk wees dit natuurlijk af en het dodenleger werd gedemoniseerd en kreeg de duivel als aanvoerder.
We vinden deze 'duivels' (vaak met maskers) in de Middeleeuwen terug als dienaren van Sint Nicolaas, gespeeld door een scholier (de zogenaamde jongensbisschop), in optochten van scholieren en studenten. Ook hier is nog invloed van oude Romeinse volksfeesten. Vanaf de 16de eeuw trokken in ons land in november/december groepen zwart gemaskerde of zwartgemaakte jongemannen de straten door om aan ramen en deuren te kloppen en te vragen naar stoute kinderen. Ze wilden zo indruk op de meisjes maken bij het zoeken naar een partner. Dit is voortgekomen uit oude Germaanse vruchtbaarheidsriten, die in de Sint-Nicolaascultuur zijn overgegaan. Het Klaasjagen en de Klaasomes op de Waddeneilanden zijn er overblijfselen van (Janssen 1993)

Zoals bekend werd de heilige Nicolaas de beschermer van deze jongeren, nadat hij volgens een legende drie studenten uit de dood had opgewekt. Op zijn sterfdag, officieel 6 december, vierden scholieren en studenten het Nicolaasfeest met het houden van optochten en het opvoeren van toneelstukken, gebaseerd op de Nicolaaslegenden.

uit: Op zoek naar Zwarte Piet    Frits Booy    
 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door pierre om 15:03 Reageer op dit bericht

Gedichtje

Bordspel

Als Sint houd ik van gezelligheid,
  rond de tafel met alle Pieten
     neem ik gerust de tijd
om van een spelletje te genieten.


  In dat grote paleis van mij
Staan alle spellen die je kunt bedenken.
    Ik ben dan ook ontzettend blij
dat ik er één aan jou kan schenken.


   Verlies je eens, wanhoop dan niet
neem het met een knipoog en een lach.
  Vandaag heb je misschien verdriet,
    maar morgen is er weer een dag!

Peter Feller

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door pierre om 20:41 Reageer op dit bericht

Meer van sinterklaas

↑ Terug naar de berichten