Halverwege de Via Dolorosa, wanneer de Leeuwenpoort uit het zicht verdwijnt en Golgotha in de verte opdoemt, ontmoet Jezus de heilige Veronica. Ze treedt uit de menigte en knielt voor de kruisdrager. Met een linnen doek veegt ze zweet en bloed vanonder Jezus’ doornenkroon, alvorens zijn beulen hem verder drijven. Wanneer Veronica later haar doek inspecteert, vindt ze daar een perfecte afbeelding van het gelaat van Christus.
Het is een verhaal dat pas duizend jaar na de kruisiging opduikt. De naam Veronica is een verbastering van het Latijn-Griekse vera eikon (‘ware afbeelding’), wat suggereert dat Veronica’s kruisstatie ontstond ter bekrachtiging van de relikwie eerder dan andersom. Waar de doek zich bevindt, is onzeker – de meest prominente claim komt uit de Sint-Pietersbasiliek in Rome. De Veronica is niet te verwarren met die andere afdruk van Jezus’ aangezicht, de lijkwade van Turijn. Waar de lijkwade sereniteit uitstraalt, tonen recreaties van Veronica’s doek vaak een gepijnigd gezicht met tranende ogen en bloederige vegen. Waar de lijkwade doordrongen is van Jezus’ berusting, toont de Veronica de wanhoop van de kruisweg.
Elke dag krijgen we zorgvuldig gecureerde afbeeldingen van menselijk leed voorgeschoteld. Uitgemergelde Soedanezen, stoffige gezichten van Gazanen, Oekraïense vrouwen die hun tranen uitstorten over de kist van een soldaat: het is steriele miserie. De waarschuwing “let op, schokkende beelden” wekt de illusie dat wat daarachter schuilgaat, de onverdunde waarheid is – maar je pelt slechts het buitenste van vele laagjes censuur weg. We zien bloed, maar geen afgerukte ledematen. We zien intens verdriet, maar zelden de grimas van iemands doodsstrijd. Napalm girl, het naakte meisje dat het uitschreeuwt van de pijn na een bombardement op een Zuid-Vietnamees dorp, zou vandaag de voorpagina’s niet halen.
Waarom zouden we onszelf pijnigen met meer gruwel? Is het bovendien niet pervers om slachtoffers in hun kwetsbaarste toestand op te voeren tussen twee reclamespots in? “Misschien de enigen die het recht hebben naar beelden van zulk extreem lijden te kijken,” schreeft Susan Sontag, “zijn de mensen die de pijn kunnen verlichten. (...) De rest zijn voyeurs.”
Maar wie zijn die machteloze voyeurs? In een geglobaliseerde wereld is de verantwoordelijkheid voor menselijk leed diffuus en complex. De wapens van FN Herstal, eigendom van het Waals Gewest, worden gebruikt door Colombiaanse drugskartels en milities in Jemen. De Russische invasie van Oekraïne volgde op een gebrek aan daadkracht van democratisch verkozen Europese leiders. Het kobalt, coltan en tantaal in onze smartphones voedt de oorlog in Oost-Congo. Als we als consument en kiezer tal van conflicten mee vormgeven, is het dan niet laf dat we de resulterende horror uit ons collectief geweten weren?
Een vader die huilt om zijn verloren zoon, een kind met een verbonden hoofd dat wezenloos naar het puin staart. Het wekt diepe verontwaardiging op, maar er is niets van de viscerale revolte die je kunt ervaren wanneer je de krochten van het internet afschuimt op zoek naar de weggefilterde beelden. Een Palestijn die levend verbrandt in een gebombardeerd tentenkamp of een meisjesgezicht met een gapende leegte waar een neus moet zitten: die confrontatie met onze lijfelijke finaliteit wekt een ander soort protest op. Het laat zich minder snel wegzetten als nieuws van de dag. Het is een dwingender appel voor menselijkheid.
De doek van Veronica in de Sint-Pietersbasiliek wordt, in tegenstelling tot veel andere relikwieën, niet tentoongesteld in een schrijn. Eén keer per jaar wordt hij uit de opslagplaats gehaald, op de vijfde zondag van de Veertigdagentijd. Wikipedia beschrijft het protocol als volgt: “Net voor de vespers is er een processie in de basiliek (...). Een bel luidt en drie kanunniken dragen de zware lijst naar buiten op het balkon (...). Vanuit dat beperkte zicht is er geen afbeelding te zien en is het alleen mogelijk om de vorm van de binnenlijst te ontwaren.”
De beste verklaring voor die afstandelijke procedure is dat we niet mogen zien hoe onbeduidend de relikwie is. Een lap stof met een vervaagde, cartooneske afdruk. En toch is het veelzeggend. Hier is de man die zijn leven gaf voor al onze wereldse zonden, en op het hoogst van zijn lijden kunnen we het niet opbrengen om hem in de ogen te kijken.


'Hoe kijken we Jezus in de ogen'









