Daniël

het boek “Daniël”
Een droom
Nebukadnessar was een bijzonder machtig persoon, alleenheerser over een immens wereldrijk,
niet te vergelijken met huidige presidenten, koningen, ... Zijn woord was (absolute) wet, hij
kon beslissen over leven en dood!
Ook zo’n persoon heeft dagelijkse rust en slaap nodig, ook zulke mensen dromen.
Hij had een bijzondere droom die hem verontrustte. Op het eind van de droom werd het zelfs
een nachtmerrie (‘een droom waardoor zijn geest verontrust werd en het met zijn slaap
gedaan was’).
Deze droom was een boodschap van God aan Nebukadnessar, maar hij begreep er niets van.
Deze droom had te maken met de relatie tussen God en Nebukadnessar. Nebukadnessar had
in Jeruzalem de tempel Gods leeggeroofd, hij had Gods voorwerpen die bestemd waren voor
de eredienst aan God meegenomen en …. God reageerde niet. Waarom niet? Waren de goden
van Babel zoveel sterker dan God?
God wil de koning iets duidelijk maken !
Topgeleerden werden erbij gehaald, nu konden deze geleerden bewijzen wat ze waard waren.
De elite van de wetenschappers werd samengebracht. Nebukadnessars geest was zeer
verontrust door die droom die uiteindelijk op een nachtmerrie eindigde (vers 3).
De wetenschappers uit die tijd kan je niet vergelijken met de wetenschappers van vandaag.
Toendertijd was de wetenschap doorspekt met waarzeggerij en sterrenkunde die verbonden
werd met de menselijke geschiedenis.
De geleerden wilden dit varkentje vlug eventjes wassen en vroegen aan de koning zijn droom
te vertellen (vers 3-4), maar Nebukadnessar had andere plannen (vers 5)!
Hij wilde niet alleen de uitleg van de droom maar ook wát hij gedroomd heeft en voegde daar
een ernstig dreigement aan toe.
Ontstaan van felle discussie
De wetenschappers werden paniekerig (vers 7): “Hoe kunnen wij uitleg geven als u niet zegt
wat u gedroomd hebt?” Nebukadnessar reageert hierop: “Als jullie waarzeggers en
geestesbezweerders zijn, dan moeten jullie ook de droom kunnen uitleggen.”
De koning was niet alleen opvliegend maar ook achterdochtig (vers 9): “Jullie zoeken tijd te
winnen,” beweerde hij, “Ik wil de droom met de uitlegging van jullie hebben. Wanneer jullie
echte waarzeggers zijn zoek dit alles maar uit, toon maar wat jullie waard zijn!”
De koning besefte heel goed dat er talloze kandidaten klaarstonden om hem op te volgen, hij
was zeer achterdochtig. De wetenschappers doen een interessante uitspraak (vers 10-11): “Je
vraagt echt het onmogelijk! Er is niemand onder ons dan alleen de goden die dit kunnen
openbaren en deze wonen niet bij de mensen! De koning vraagt het onmogelijke.”
Hierdoor werd de koning nog kwader en vaardigde het bevel uit al de wijzen van Babel ter
dood te brengen, inclusief Daniël en zijn vrienden. Waarom deed hij dat?
· om hun eigen onwetendheid
· om hun onvermogen om informatie van de goden los te krijgen (terwijl ze bezweerders
en tovenaars waren en dus claimden wél contact te hebben met de gode)
Nu moesten ze toegeven dat ze falen.
Daniël was niet bij die groep wetenschappers die ontboden werd (vers 13-15). Daniël was
wellicht nog maar pas afgestudeerd en te jong ...
Dit onheilspellend nieuws kwam Daniël ter ore en hij richtte zich op gepaste wijze tot Arjok, de
overste van de koninklijke lijfwacht, die zich op zijn beurt richtte tot de koning (vers 16).
Dit initiatief getuigt van enorm veel moed en Godsvertrouwen van Daniel, als jongeman naar
het paleis om een audiëntie te vragen. De anderen konden het niet, en Daniël vraagt gewoon
wat tijd.
Vanwaar die moed, dat vertrouwen? Daniël kende de schriften en de boeken van Mozes waarin
het leven van Jozef beschreven stond die ook dromen uitlegde aan de Farao.
Bij Jozef werd de droom wél verteld, bij Daniël niet.
Hoe gaat Daniël te werk (vers 14-25)
· Hij beseft heel goed de ernst van de situatie
· Hij roept zijn vrienden op tot gebed (vers 17-18)
Als een situatie uitzichtloos lijkt, dan hebben we als christenen een zeer
belangrijk voordeel: het gebed (in tegenstelling tot de andere wetenschappers).
· Hij gaat in zijn binnenkamer om barmhartigheid af te smeken
We hebben toegang tot Gods troon, maar dat is geen vrijbrief om alles zomaarte
krijgen. ® Daniël smeekt barmhartigheid af
· God openbaart de droom en legt ze uit
· Daniël gaat opnieuw in gebed om God te prijzen en te danken
· Daniël gaat naar Arjok en vraagt het vonnis niet uit te voeren
· Daniël gaat nu pas naar de koning en legt de betekenis en de inhoud uit
Hoe zouden wij verslag geven van deze opmerkelijke gebeurtenis (vers 19-23)?
Alleen Daniël weet wat Nebukadnessar gedroomd heeft. Maar Daniël bazuint het niet meteen
uit. Hij meldt eerst dat hij opnieuw gebeden heeft! Hij bad niet alleen voor het probleem, maar
ook na het probleem (en misschien wel nog meer)
Inhoud van Daniëls gebed en de kern van Gods boodschap aan de
koning
Daniël prijst God om drie belangrijke eigenschappen:
1. Hem alleen behoort alle wijsheid en kracht (vers 20)
God staat boven elke koning / heerser. God bepaalt de duur van hun
heerschappij (= de kern van de boodschap aan Nebukadnessar)
2. God is bereid wijsheid en kennis aan mensen te geven (vers 21-22)
God wil delen als we Hem erom vragen, als we hem op basis van genade
tegemoet treden.
3. God heeft aan Daniël wijsheid en kracht gegeven (vers 23)
Menselijk gezien was de situatie voor alle wijzen van Babel (Daniël incluis) uitzichtloos.
Wij als christenen hebben een zeer belangrijk voordeel, wij kunnen persoonlijk contact
opnemen met de Enige, Waarachtige en Levende God. Wij hebben als Gods kinderen altijd de
vrije toegang tot de troon van genade. Deze toegang hebben houdt nog niet in dat wij het
gevraagde automatisch ontvangen (vers 18)
De wijzen en waarzeggers gaven toe dat zij geen contact hadden met de goden, dit zou hun
dood kunnen worden!
De uitlegging van de droom en zijn betekenis
Daniel vraagt eerst: “Breng mijn collega’s niet ter dood!’ (vers 24) Hij is niet onstuimig maar
denkt aan zijn medemens ® Daniël als zachtmoedige man.
Arjok laat uitschijnen alsof hij het probleem zélf opgelost heeft (vers 25), maar Nebukadnessar
is nog geen haar veranderd: hij wil nog altijd precies hetzelfde horen: wat en betekenis.
Wat was de aanleiding van de droom?
Als Daniël bij Nebukadnessar ontboden wordt, geeft hij eerst een soort bonus-uitleg, namelijk
de aanleiding van de droom (de omstandigheden van Nebukadnessar toen hij de droom kreeg)
(vers 29).
Nebukadnessar lag in zijn bed te piekeren over de toekomst, over wat hem nog allemaal
mogelijks te wachten stond: de toekomst!
Sleutelgedachte: God openbaart verborgenheden:
· Hij heeft koning Nebukadnessar bekend gemaakt (vers 28)
· Hij, die verborgenheden openbaart, ... (vers 29)
· Nu is mij deze wijsheid geopenbaard ... (vers 30)
Daniël wil vermijden dat er misverstanden ontstaan over hoe hij aan deze wijsheid gekomen
is: “Het is niet mijn intelligentie / verstand, maar ik heb het gewoon gekregen.”
“Deze verborgenheid is niet door de wijsheid mensen te openbaren, ook niet door mij,” zegt
Daniël, “alleen de eeuwige God kan dit.” (vers 27-30). Zo probeert Daniël te verduidelijken dat
de geleerden en wijzen dit eigenlijk niet konden, zij zijn beperkt tot feiten en gegevens, tot
wat mensen kunnen waarnemen, ook al hebben zij een IQ van 140. De wetenschap onderzoek
en probeert feiten en gegevens te formuleren, maar baseren zich daarvoor altijd op
zintuigelijke waarnemingen. Helaas kan je niet alles zintuigelijk bevatten.
Daniël was niet tegen wetenschappers, hij ziet wel de beperkingen ervan, en dit moet de
koning zeker weten vooraleer hij de droom uitlegt.
Wat was nu de uitleg?
De machtigste man ter wereld werd geconfronteerd in zijn droom met een reusachtig beeld,
deels uit goud, zilver, koper, ijzer en leem (vers 31). Het aanzicht van het beeld was
schrikwekkend: een reusachtig beeld van een mens.
Vanwaar komt het? Wie heeft het gemaakt? Wie heeft de opdracht ertoe gegeven? Wat een
merkwaardig ontwerp! Goud ... leem. silly!
Misschien had de kunstenaar te beperkte middelen: beginnen met goud, eindigen met leem.
Nebukadnessar vroeg zich af wie of wat dat beeld voorstelde. Er was niemand die een dergelijk
beeld verdiende dan hijzelf!
Nebukadnessar was ongerust door wat er met het beeld gebeurde: het werd verbrijzeld, er
bleef niets van over (droom ® nachtmerrie).
Verklaring: Nebukadnessar wachtte heel spoedig het einde van zijn heerschappij, hoewel het
pas het tweede jaar van zijn regering was. Nebukadnessar wilde zijn droom niet delen omdat
de geleerden misschien zouden denken dat ze de goden een handje moesten helpen.
Verklaring van de droom (vers 36-45)
Daniël gaat niet in op elk detail van de droom, hij beperkt zich tot de hoofdzaken. Het laatste
gedeelte van zijn uitleg is niet helemaal duidelijk.
Er duiken drie problemen op:
1. Gaat het nu over 4 of 5 verschillende koninkrijken? Horen die voeten bij de benen, of
vormen die voeten een 5de apart koninkrijk?
2. Wat is de juiste verklaring voor dat vreemde mengsel van ijzer en leem?
3. Welk tijdstip wordt er precies bedoeld in vers 44?
Een goede raad: sta er niet te lang bij stil en begin met wat er wél duidelijk is.
Enkele zaken zijn bijzonder duidelijk (vers 36-38):
1. De Here God staat boven alle koninkrijken en koningen van deze wereld (vers 37).
Nebukadnezar heeft alles gekregen, je hebt niets van wat je bezit aan jezelf te
danken. Degene die boven je staat is de absolute overheerser. Erken Hem als
God, de eeuwige Koning.
2. Het beeld is geen afbeelding van Nebukadnessar, Nebukadnessar is maar een deel van
dat beeld: het gouden hoofd
De Babylonische heerschappij is beperkt in duur. Het wereldrijk is niet blijvend.
Na Nebukadnessar komen er nog andere wereldrijken (vers 39):
Het zilveren gedeelte: het Meden en Perzische Rijk
Het koperen gedeelte: het Griekse Rijk van Alexander de Groote
Het ijzeren gedeelte: het Romeinse Rijk
3. Alle menselijke koninkrijken zullen vergaan en vervangen worden door een hemels
koninkrijk (vers 44).
Zien wij hier het contrast tussen het hemels koninkrijk dat vast en blijvend is en
de menselijke koninkrijken die onstabiel zijn en zeer zwakke plekken vertonen?
Gods koninkrijk is eeuwig en heeft een stevig fundament (denk aan de steen die
het beeld omver werpt en een berg wordt die de hele aarde bedekt)
® een bergmassief.
Zegt deze uitspraak je iets: “Het is een reus op lemen voeten”?
Het menselijke standbeeld heeft een fatale zwakke plek: ijzer en leem laten zich
niet vermengen.
4. De huidige menselijke regeringen en koninkrijken, inclusief de onze, hebben ook hun
positieve kanten (cfr. vers 31).
Het grote beeld met buitengewone glans in de vorm van een mens, gemaakt van
deels kostbare metalen en duurzame metalen is een uitdrukking van het
humane menselijke karakter: de buitengewone mogelijkheden waarover de
mens beschikt. Later worden die koninkrijken voorgesteld als wilde beesten:
dierlijke wreedheid, vernietigingsdrang.
Maar: God is fair, Hij toont eerst het positieve:
sociale zorg: gezondheid, pensioenen (alles kan altijd beter, maar we
mogen niet klagen)
onderwijs, openbaar vervoer, wegennet, ...
5. Ondanks alle militaire macht, hoogtechnologie en economische en medische
vooruitgang zijn de menselijke koninkrijken aan het degenereren. Het begint met goud,
daarna zilver, dan koper, daarna ijzer en het eindigt met leem.
Dit getuigt van een voortdurende waardevermindering, de devaluatie van
normen en waarden. Kijk maar naar de wettelijke statuten die onder de mom
van breeddenkendheid goedgekeurd worden: abortus, holebi, euthanasie, ...
Het kostbare wordt ingeruild voor kracht: god is kostbaarder dan zilver, maar
zilver is sterker dan goud, ... ondanks dat vertoont het geheel een zwakke plek:
het onmogelijke combineren (ijzer en leem).
Boodschap: de menselijke overheden zullen niet evolueren naar een gouden
tijdperk, integendeel: alle menselijke overheden zullen verdwijnen (de steen die
het beeld raakt en het beeld volledig bedekt).
Er komt een gouden eeuw, maar hoe? Door een ingreep vanuit de hemel.
Een aantal moeilijke vragen verduidelijken:
1. Is er hier sprake over vier koninkrijken of zijn het er vijf?
o hoofd van goud: Babylonische Rijk
o borst, armen van zilver: Meden en Perzen
o buik en lendenen: Alexander de Grote, het Griekse Rijk.
o Benen van ijzer: het Romeinse wereldrijk met zijn ijzeren hardheid
Wat met die voeten van ijzer of leem? Horen deze bij de benen van het Romeinse Rijk
of vormen ze een apart vijfde wereldrijk?
Daarom moeten we de verzen 40 en 41 nauwkeurig lezen: ‘ ... betekent dat dit een
verdeeld koninkrijk ...’. Het gaat hier dus over het vierde koninkrijk waar een extra
kenmerk aan toegevoegd wordt: naast de hardheid van het ijzer, de broosheid omwille
van de onvermengbaarheid met het leem.
Stellen de voeten met de 10 tenen een hersteld Romeins wereldrijk in de eindtijd voor?
Dat kan, maar niets in de tekst wijst daarop.
2. Wat is de juiste betekenis van het merkwaardige mengsel (ijzer en leem)?
Er zijn legio verschillende verklaringen: het is niet gemakkelijk. In verschillende
bijbelverklaringen zijn er zo’n tiental verschillende visies waar te nemen maar de tekst
zelf geeft geen kant en klare oplossing.
Er zijn twee interessante verklaringen – een politiek en een moreel aspect:
o politiek (vers 43): ijzer en kleiachtig leem: huwelijksgemeenschap = politieke
verbondenheid.
In het Romeinse Rijk heerste een sterk centraal gezag maar aan de
randen van het Rijk liet men een sterke lokale autonomie toe. Deze
tegenstrijdigheid leidde tot de val van het Romeinse Rijk.
Het is zeker dat er opnieuw een sterk dictatoriaal bestuur zal opgericht
worden. De unie van sociaal democraten zullen hun gezag aan hem
afstaan: de anti-christ.
o moreel (vers 42): tweeslachtigheid
hardheid gesymboliseerd door ijzer: een toenemende militaire macht met
superwapens, toenemende economische en technologische macht met
een strak vreemdelingenbeleid.
broosheid gesymboliseerd door leem: veroorzaakt door morele
decadentie op moreel en seksueel gebied. Dit is een van de belangrijkste
redenen waarom het Romeinse Rijk ten onder is gegaan (overdreven
tolerantie, bv. holebi, abortus, prostitutie)
De morele kracht van de maatschappij wordt uitgehold, de maatschappij
ondergraaft zijn eigen stabiliteit.
3. Welk tijdstip wordt er bedoeld in vers 44?
Twee meningen:
o Voorstanders van een hersteld Romeins rijk in de eindtijd koppelen de vervulling
in vers 44 aan de wederkomst van Christus, gepaard met de zichtbare oprichting
van een nieuw “ZIJN KONINKRIJK”.
o Sommigen zien de vervulling van vers 44 in de eerste komst van Christus en
beperken het aantal wereldrijken tot vier. We kunnen in deze richting denken.
De steen die een einde maakt aan de menselijke heerschappij groeit uit tot een
berg die de ganse aarde vervult.
Denk aan de verschillende gelijkenissen van Jezus over Gods koninkrijk:
het mosterdzaadje ® een zeer grote struik
het zuurdesem dat zich overal in doordringt
de afgekeurde steen die tot hoeksteen wordt
Er is geen reden om een van beide verklaringen te kiezen.
Wat we zeker weten is dat Gods koninkrijk in twee fasen opgericht wordt:
1. Bij de eerste komst met de oprichting van de gemeente: alleen door
wedergeboorte, wat het werk is van de Heilige Geest, wordt je toegevoegd.
2. Bij de tweede komst wordt het werk afgemaakt en zal het hemelse koninkrijk en
Zijn heerlijkheid duidelijk zichtbaar worden.
Verwijzingen naar de steen: (Matteüs 21:44, Handelingen 4:11, 1 Petrus 2:7,
Romeinen 9:32-33)
o ‘De steen die de bouwlieden afgekeurd hadden, is een hoeksteen geworden’
o ‘Als wij spreken over Christus, dan spreken wij over de steen’
o ‘Zij hebben zich gestoten aan de steen des aanstoots’
o ‘Kom tot Hem, de levende steen, ... uitverkozen en kostbaar’
Bij de eerste komst wordt Jezus al geïdentificeerd als dé steen.
Hoe reageert Nebukadnezar op dit alles?
Nebukadnessar is een man van uitersten: het ene ogenblik dreigt hij je een kopje kleiner te
maken, het andere ogenblik werpt hij zich op de knieën.
Hij belijdt dat de God van Daniël de Koning der Koningen is die verborgenheden openbaart.
Hij heeft het niet begrepen: in plaats van God te aanbidden aanbidt hij Daniël: hij brengt hem
een offer en reukwerk (zie ook hoofdstuk 3: een volledig beeld van goud). Hij aanbidt het
schepsel in plaats van de Schepper.
Enkele praktische lessen voor ons !
Het beeld is een afspiegeling van onszelf, van wat we van nature zijn.
Enerzijds zijn er heel wat positieve eigenschappen en capaciteiten op te nomen, sommigen
beschikken zelfs over buitengewone mogelijkheden. Aan de andere kant worden we allemaal
geplaagd door een fundamentele, fatale zwakte: we zijn zo kwetsbaar!
We zouden kunnen stellen dat wij reuzen zijn op lemen voeten. We kunnen misschien roemen
op onze kennis en ons IQ van meer dan 140 maar een zeer kleine virus is al voldoende om ons
brein te vernietigen.
Beseffen wij goed onze kwetsbaarheid en onze tijdelijkheid? Vandaag zijn we er nog, morgen
kan het voorbij zijn, de ouderen onder ons beseffen dit heel goed. Een mens wordt vergeleken
met gras en bloemen, de ene dag is alles groen en staat alles in bloei, de andere dag is alles
dor (Jesaja 40:6-8). Wij zijn zo tijdelijk!
Nog erger / belangrijker: ‘Ik echter ben vlees, verkocht onder de zonde, want ... dat doe ik’
(Romeinen 7). Paulus had ook een fatale zwakke plek. Paulus wilde het anders, maar het lukte
hem niet: ‘Ik, ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?’
Herkennen we onszelf niet hierin? Nu willen we echt kiezen voor het goede. Lukt het altijd?
Wat kan dat frustrerend zijn. We verlangen ernaar en het lukt bij vlagen, maar als we niet
opletten dan gaan we weer naar af.
Daarom laten Jezus Christus en Paulus ons zien vanuit de schrift dat het een absolute
noodzaak is om opnieuw geboren te worden. We hebben een bovennatuurlijke ingreep nodig,
het oplappen van die oude mens helpt absoluut niet! Die oude mens moet vervangen worden
door wedergeboorte ! Lees maar het gesprek van Jezus met Nicodemus (een schriftgeleerde)
en het betoog van Paulus in Romeinen 7:1-8:8. We hebben het nodig door diezelfde steen
(niet door mensenhanden uitgehouwen) aangeraakt te worden !
Ons menselijk standbeeld moet met de grond gelijkgemaakt worden. De steen is gekomen,
2000 jaar geleden. Hij heeft al het zwakke, zondige op Zich genomen en Hij heeft de volledige
zonderekening volledig vereffend. Dát is de enige oplossing!
Vraag: Wat is uw situatie op dit ogenblik?
Zijn wij nog altijd dat prachtige reusachtige beeld met een gouden glans op lemen voeten? Of
zijn we al met Hem gekruisigd en mede-opgewekt tot wedergeboorte? Het loopt fout af met
dat beeld, het is een kwestie van ... wie weet hoelang.
Heb je al afgerekend met dat beeld, heb je Christus er al mee laten afrekenen? Ben je een
nieuwe schepping? Ben je opnieuw geboren?
Wanneer je dit niet allemaal begrijpt, ga in je binnenkamer, zoals Daniël deed, en vraag in
gebed aan de levende, enige genadige God dat je opnieuw, uit Hem, geboren mag worden.
We hebben een groot almachtig en genadig God die verborgenheden openbaart.












