maagden
Zoals Hugo Camps vandaag in De Morgen fulmineert: als je de morele zuiverheid zo hoog in het vaandel draagt, waarom pas je ze dan zo selectief toe?
maagden
geen eelt
global swindle


meestal minder soms wel meer
hoe minder toekomst hoe meer verleden
hoe bijziender je ogen
hoe meer je over je schouder ziet
kijk je hand maar
als een postzegel in de poot
van een lieve King Kong
een monkelend monster
dat grootvader heet
en soms in het wild voorkomt
achteroverliggend zoals die reus
in je prentenboek: vastgebonden
met de draden van zijn speeksel
en voor je voeten een leegte
waar de aarde in past
plof na plof
tot de roffel een ruisen wordt
het hout wegveegt
waarin dat bleke lichaam
het brede bestaan
dat moeder heet
dan je hand die weer
als een natte zegel kleeft
aan de hand van zo’n botte loebas
een vader van bijbels gezag
tot onder je vingers
het kloppen stopt
de mokkende ader
die je als laatste zal verlaten
en omziet of jij omziet
met bijziende ogen
met kraakbeen en botten die krimpen
alsof ze weer in hun handen mogen
en sprak

en sprak de menigte toe
tot ik verdwijn blijf je behouden
is er een betere reden om te bestaan
dan te verhalen hoe jij je lichaam
vermenigvuldigen kon
zoals kinderen brood uitdelen
aan de vogels
en geen gemene deler maakt
een schonere breuk dan zo’n vis
die door vingers gleed
als regen door rul zand
zo zeldzaam kon jij om gaan
als pasmunt als wisselgeld
en geen rekening die klopte
telkens weer werd het verlangen
opgelicht door die gladjanus
die geboekt staat als begeerte
en achteloos kon je gaan liggen
als een achtergelaten fooi
je zei: ‘ach, het is een jobstudent’
wanneer hij gemorst had
tussen je dijen
je zei met een stem die een hele zee
kon doen verdampen:
‘wat baat het te ontvlammen
als de brand niet kan geblust’
seks en de kerk-vervolg
seks en de kerk
Piet Wittewrongel
principes etc
Bagdad

een Bourgondiër in Bagdad
- op muziek te zetten door Willy Claes -
het behoort tot de dingen en hun aard:
troepen troepen samen
schepen verschepen hun vracht
de wereld rookt zijn klapsigaar
is met wat goodwill – wat Bush wil -
nog een grijnslach waard
wij vouwen als vorsten
onze handen
zoals Bourgondiërs op hun graf
het is nu eenmaal
het bedrijf van bedrijven
buiksprekers spreken uit hun buik
twijfel is een pas uit de maat,
de doener stelt zijn daad
en wij liggen met gevouwen handen
zoals vorsten op hun graf
er is geen reden
die je slaap kan storen
al dromen de gestoorden
van verschroeide huid
van ogen die voor altijd staren
er is de kamer
die uitpuilt van de buit
er is geen reden
een Friedhof is een oord van vrede
waar we vorstelijk onze handen vouwen
zoals Bourgondiërs op hun graf
bomen

bomen kijken in de Bunt
we bekeken de bloem
van een catalpa
violet gevlekt zoals
een orchidee, de geheime
kelk van een meisje
daarnaast bloosde
een fluweelboom en weer
werd je week van
een naam – de poort
stond open van een domein
met vijver, de turfput
waar je vader zwom
voorbij de gele treurwilg
op zijn eiland van een kluit
weerom zat je in een kooi
van prikkeldraad, betrapt
in een verleden van
schaamdelen in een zakdoek
het dons op de twijgen
van de fluweelboom:
je voelde met de vingers
van een kind een vrouwenhuid
de gevlekte kelk, de trompet
van bedauwde zijde, een insect
kan erin, een mens bekijkt het
vanachter een draad
Achille van Sassenbroekde Sassen
in een kil van de Schelde
in een arm van de Durme
meerde zijn Breughel aan
zijn drijvend atelier
zijn gestalte stak af
tegen het tintelend licht
op slik en water: de zwarte
redingote, de flambard met
wapperende rand
een machtige vleermuis
een heer van stand kwam
zijn nek of het dorpsverstand breken
in een arm van de Durme
lag zijn laatste boot
tussen gesloten poort en
brekende dijk beeldde hij
het landschap uit: knotwilg,
hofstede in botervette streken
en dorpsgenoten, bewoners van
een uitgewist verleden: boottrekkers,
waterdragers, karkassen van lijven,
gezichten als een sikkel, een zeis
hij legde hun verhalen vast in
een simpele lijn, een groef, een hoek,
de sprekende lidtekens
van sprakeloze pijn
omsloten door poort en dijk
zaten de kunstbroeders
aan tafel, wijnflessen
vlogen hun hoge vlucht
naar de hoop op de koer
je bladert door een huldeboek:
zijn norse kop van stroeve
Bruggeling, de handspinners,
ijle draden in hun greep
grimmigheid is nodig
om een spoor te kerven
voren in huid en bodem
die bewaren in olieverf
in een kil van de Schelde
in een arm van de Durme
meerde hij aan, een machtige
vleermuis waar het volk
achter de dijken naar wees
de Sassen, zeiden ze,
een vinger tegen hun slaap
de Sassen, zeiden ze,
hun klak in de hand
gefotoshopt
Vlaams geld
kerk of gemeente
misschien
misschien
misschien was jouw liefde altijd al mededogen
een ontfermen om wat je enig vond
onvervreemdbaar deze vreemdeling
deze verzamelaar van spijt
duld mij nu want de dagen zijn onduldbaar
gulzige happen
die de dood neemt
in de dunne sneden van onze tijd
hoor de krekels bezig
in de kramp van dit gebeente
hoe ze opgaan in hun taak -
lees de wereld zijn bericht
het legt klinkers in lege kelen
die straks schreeuwen om wraak
laten wij het geduld aanleren
de vreemde taal die volkeren spreken
zij die de adem vereren van boom
en bodem, het gestage keren
van zee en regen, zon en bron
misschien is liefde niet meer
dan meebewegen
toegeven aan een zwaartekracht
die lichter maakt
misschien zijn we zo bedacht
hebben we niets zo nodig
als het mededogen
de warmte van het avondrood
want geen troon verheft je hoger
dan het plooien van een schoot
Prébois
Blanpainspecialist arbeidsrecht Roger Blanpain
In De Standaard van vandaag dinsdag gaat emeritus professor Blanpain tekeer tegen de ontslagvergoedingen bij Opel Antwerpen en tegen het brugpensioen.
Hij neemt zichzelf als voorbeeld: 'ik ben 74 en ik werk nog alle dagen.'
Heeft deze man er enig benul van hoe bevoorrecht hij wel is?
Hij kan zich bezig houden met zijn passie, krijgt volop aandacht en blijkbaar ook waardering. En hij verkeert in uitstekende gezondheid.
Hoeveel 55-plussers die nog aan het werk zijn kunnen dit zeggen?
Ik kan mijzelf ook als voorbeeld aanbevelen: zolang ik niet dement word zal ik blijven schrijven. Ik verdien daar minder mee dan deze professor maar soit.
In het artikel wordt geen enkele keer gezegd dat onze sociale zekerheid hoe dan ook onbetaalbaar zal worden gezien de vergrijzing en de verlenging van de levensduur, tenzij er andere bronnen van financiering worden aangeboord.
Wanneer zullen de rechtse geesten eens inzien dat de arbeid en de arbeidende bevolking geen melkkoe zijn die men eindeloos kan leegmelken?
Zelfs indien morgen iedereen tot zijn 70ste gaat werken dan nog zal de belasting op arbeid nooit de hoger genoemde kosten dekken.
En zolang specialisten alleen in het enge cirkeltje van hun eigen specialisatie kunnen denken, zal er nooit een evenwichtige oplossing uit de bus komen.
wilsverklaringwilsverklaring
zo graag wou hij bewijzen
hoe lenig, handig hij nog was:
je oefende in hordelopen en hij
op slippers sprong uit stilstand
over een meter en meer
en dicht bij het einde stond hij
te schommelen voor de kaal
gebikte buitenmuur, schepte
voegsel uit de trog, lachte
dwaas telkens de mortel weer
van tussen de stenen gleed
zo graag wou hij het tonen
het leven voordoen als een
volleerde meester, doorgeven
wat hij kon en was: een trotse
jongen, een vader die zijn trots
verschoof, overdroeg zoals
een bedaarde heerser zijn land
zo graag had je hem bewezen
dat hij in vrede weg kon gaan
ergens naar een klooster zoals
een oude keizer ver van het
gewoel, de verwikkelingen,
de kuiperijen, de legers
zo graag was je van hem
geweest: drager van zijn zaad
en geest, de estafetteloper
die hem uit zag hijgen en
juichend door het lint zou gaan
zo graag had hij zijn naam
gelezen onder de woorden
uit jouw pen, en meest van al
had hij ervan gehouden
om het op zijn schoot te nemen:
het zuigend gevolg van jouw
zaad, zoals de avond verzadigd
dieren, velden aan de stilte
en het duister laat
reis naar Roemenië