Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
vol is vol
In de tekst staat verder nog: waarom moeten gepensioneerden die tijd zat hebben zonodig tijdens de spits op de trein stappen?
Weerom een gelijkaardig antwoord: als je van de ene kant van het land wil reizen naar de andere moet je er vroeg bij zijn. En heeft men liever nog meer autobussen op de snelwegen?
De oplossing voor de spits is inderdaad het inleggen van meer dubbeldekkers: men moet niet uitgaan van de bestaande capaciteit, maar van de ultieme doelstelling: minder verkeer op de wegen, dus meer openbaar vervoer.
Guernica


bij de Guernica in Reina Sofia Madrid
we stonden te duizelen
voor de gebroken vrouw,
dachten geen seconde
aan Dora Mar, gek
gemaakt door de meester
de stier was immers
een ander dier, een monster
in uniform – het kale
peertje, geen stormlamp
in een garage waar het
touw hing en haar lichaam
tolde toen de poort werd geopend
een ijle lichtflits doorheen
de eeuwige nevel van
steengruis, kalk en kreten
een verre vuurpijl van op
een schip in nood terwijl
de obers zich ontfermen
over een bestelling
duizelig werden wij
ervan, de aarde kantelde
met palacio en avenidas
vrijwel kleurloos en geen
kleur zo hevig bloed en
darmen, snot en bot
we stonden verslagen
opgenomen ten hemel
met uitzicht op de hel
we dachten geen seconde
aan Dora Mar: heeft een
doorzeefde weet van één kogel?
vol is vol
journaille
Eerlijk gezegd, er zijn zo van die momenten dat ik twijfel aan mijn mentale gezondheid: ben ik gek of zijn het de anderen?
Die momenten werden vandaag woensdag geleverd door het VRT-journaal en Terzake.
We zagen een meute journalisten leerlingen overvallen van de Gentse school waar een jongen van 14 is doodgestoken.
Wat hadden die kinderen aan informatie te bieden? Niets.
Waarom moesten zij dan zonodig worden lastig gevallen: uit pure sensatiezucht.
En dat door types die van zichzelf denken dat zij het geweten van de natie vertegenwoordigen.
Mag ik zeggen dat ik moet braken van dit universitair geschoold tuig?
Vandaar de naam journaille, afgeleid van canaille: uitschot.
De VRT-journalisten zullen natuurlijk weer opwerpen dat het hun journalistieke plicht is om de bevolking te informeren. Ga dan naar mensen die eventueel informatie kunnen bezorgen: de politie, het gerecht.
Bovendien: is het echt een behoefte aan informatie die sommige kijkers naar dit wansmakelijk vertoon doet kijken?
Misschien ben ik te dom om het te begrijpen maar mijn pover verstand zegt dat alleen mensen die belust zijn op bloed en spektakel hier behoefte aan hebben.
Zoals in vroegere tijden de markten vol liepen om naar openbare terechtstellingen te kijken. Mensen zien vierendelen of radbraken dat was toen het equivalent van de huidige stierengevechten of van het potige voetbal.
Een beschaafd volk buigt het hoofd voor misdaden die worden gepleegd door minderjarigen en vraagt zich af hoe het zo ver is kunnen komen en wat eraan gedaan kan worden.
Daar heb je geen reportageploeg op de plaats van het misdrijf voor nodig maar wel een experte zoals Mieke van Hecke in diezelfde Terzake.
En jeugdpsychologen en anderen die in staat zijn om naar de diepere oorzaken te peilen: de achtergrond van de daders, de levenssituatie van de jongeren vandaag.
Waarom vinden jongeren in Vlaanderen het nodig om een mes op zak te hebben:? Die vraag kon men al stellen na het gelijkaardige incident in Oostende.
Waarom ontploffen onze jongeren zo gemakkelijk: wat is er mis met hun opvoeding thuis, onder welke invloeden komen ze tot deze wandaden?
Dit zou de journalisten moeten bezig houden en niet het aanklampen van minderjarigen die evenmin weten wat er aan de hand is.
Voor deze meute van de pers voel ik alleen maar de diepste walg.
oorlogstrom of vredespijp
mannen van Mars, vrouwen van Venus?
In de boekenbijlage van De Standaard of De Morgen stond vorige week een interview met auteur Stefan Hertmans die een studie heeft gepubliceerd over de vrouwelijke hoofdpersonages uit de Griekse tragedies: Medea, Electra, Antigone etc
Zijn mening: vrouwen zijn toch altijd de grootste slachtoffers van oorlogen die door mannen worden in gang gezet en uitgevochten, en dat maakt vrouwen als tragische figuren zo interessant.
De intellectueelste van alle Vlaamse auteurs komt dus niet verder dan de schrijfster van het populariserende: 'Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus'.
Was de werkelijkheid maar zo simpel en eenduidig.
Onder meer uit de Congoboeken van Jef Geeraerts weten we dat bij stammenoorlogen de mooiste meisjes opwindende dansen uitvoerden om hun krijgers op te hitsen zodat ze zouden weten welke beloning hen voor hun heldenmoed te wachten stond. Testosteron omzetten in de agressieve adrelanine, daar hadden deze stammen nooit over gelezen maar ze brachten het wel in de praktijk.
Beelden uit WO II tonen de Duitse treinen die vertrokken richting Oostfront: op de perrons wuivende meisjes en vrouwen.
Op het tv-journaal konden we na de Falklandruzie tussen Engeland en Argentinië de Engelse oorlogsschepen zien aankomen in de haven van Southampton: alweer duizenden hysterische vrouwen op de kade om de helden toe te juichen.
Wanneer familieleden van Amerikaanse soldaten die vechten in Irak of daarnaar op weg zijn, worden geïnterviewd, dan horen we de moeder of echtgenote zonder uitzondering verklaren: 'I'm so proud he is serving his country'.
Dat is het historisch refrein: 'proud to serve' wat dan neer komt op het doden van mensen die men nooit eerder heeft gezien - en met de moderne wapentechnologie meestal nooit zal zien - en die mensen zijn dan inderdaad vaak vrouwen en kinderen, om van de ouderlingen te zwijgen.
Dit inzicht is allesbehalve nieuw, het ligt aan de basis van het vrolijk-ondeugende toneelstuk Lysistrata van de Griekse blijspeldichter Aristofanes, een tijdgenoot van de grote tragedieschrijvers. Dus meer dan 2300 jaar geleden. Aristofanes laat de vrouwen van Athene een liefdesstaking houden: zij weigeren nog met hun mannen naar bed te gaan zolang die oorlog voeren. Uiteindelijk laten de dappere heren hun zwaarden vallen en richten hun kleinere speer op.
Dit is de kern van de zaak: slachtoffers zijn vaak medeplichtig, maar dat besef dringt pas door wanneer de kansen aan het keren zijn. In de USA was er nagenoeg geen protest tegen de invasie in Irak tot de lijkzakken begonnen aan te komen en gruwelbeelden erin slaagden om door de censuur te dringen ('embedded journalism' werd die genoemd).
Trouwens, is het een triomf van de emancipatie dat nu ook vrouwen geüniformeerde moordenaressen zijn geworden?
Slachtoffers zijn alle mensen die niet de kans hebben gekregen om te protesteren of die wel hebben geprotesteerd maar naar wie niet is geluisterd. Wie eerst staat te juichen wanneer de krijgslustigen op hun oorlogspad vertrekken, kan zich achteraf geen slachtoffer meer noemen: die is medeplichtig net als de onverschilligen en moreel gezien zelfs mededader.
luchtjes van Brugge
is er geen luchtje aan Moenaert?Onderzoek van VITO wees uit dat de lucht in Brugge de minst vervuilde is van alle Vlaamse steden.Burgemeester Moenaert is er in De Standaard van zaterdag 1 september als de kippen bij om dit toe te schrijven aan zijn mobiliteitsplan.Dit plan heeft ongetwijfeld zijn verdiensten al was het maar door het weren van toeristenbussen uit de binnenstad. Minder optimistisch kunnen we zijn over de parkeermogelijkheden rondom de binnenring: daar blijft het langs vele invalswegen zoeken naar een parkeerplaats waardoor er toch nog te veel auto's de stad in rijden.Maar is de betere score van Brugge niet in de eerste plaats te verklaren door de afwezigheid van industrie binnen de stadsmuren waardoor het vrachtvervoer beperkt blijft tot de leveranciers van de handelszaken? Dit is een historisch gegeven en geen verdienste van de huidige bestuursploeg.Nog minder rooskleurig is de ecologische politiek: de groene gordel rondom de stad is allesbehalve gerealiseerd, integendeel: denk aan de aanslepende conflicten over het Lappersfortbos en de hoofdkwartierenzone in de Chartreuse. Daar bovenop komen de plannen voor de bouw van een shoppingcentrum annex nieuw voetbalstadion in Loppem, al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat het grootste deel stadsbestuur zelf hiertegen is. Zij verkiezen een uitbreiding van het huidige Jan Breydelstadion wat dan weer meer overlast zou betekenen voor de deelgemeente Sint-Andries.Maar aan bosbehoud en actief behoud van open ruimte doet de stad veel te weinig. De huidige bewindsploeg wil daarentegen steeds meer groenzones inpalmen voor kantoren, winkelcentra en bedrijfsterreinen terwijl reeds bestaande bedrijfsgronden nog onvoldoende benut zijn.Kortom, er hangt wel degelijk een luchtje aan Moenaert en zijn ploeg: de zittende coalitie heeft geen enkele reden om een hoge borst op te zetten. Zij profiteren voorlopig van een historisch gegroeide situatie maar doen er veel te weinig aan om die te consolideren laat staan te verbeteren.


patatten in de pel
- lezend in Anton Coolens Dorp aan de Rivier –
na het rooien walmde een bittere
wierook van loof, de boer gaf toe
aan een gewoonterecht: sloebers
en hun zonen hakten in de lege
akker, haalden onder verdorde
kluiten hun goudklompjes op:
de gele of rozige vruchten
die ontsnapten aan de mand
jutebalen kregen bulten, hingen
te klotsen over fietsbuis of schouder
dan kwamen de jongsten, groeven
een kuil, zochten fijne twijgen
en staken ze aan – een halve eeuw
geleden en nog slaat de rookpluim
in je gezicht: de pijnprik die je moest
betalen voor het jaarlijks festijn
de knollen lagen zwart geblakerd
in de as, sisten soms als worsten
op een rooster – vingernagels
met rouwbanden maakten ze open
plukten de hete verpakking
van een hemelse gave
proef het zachte, zoetige, wat
verbrokkelend vlees, het zerpe van
verbranding, de geur van zand
en geduldig smeulen – zie doorheen
de deemstering de gloed in ogen,
de stille glans om de mond van
jongens, meisjes: ze zaten genodigd
aan een tafel van weelde, gehurkt
in het veld, een ver geloei uit de weiden,
een hond die aansloeg, de gedurige
populieren hun goedkeurend geruis
economie
gratis onderwijs
A Distant Mirror – Barbara Tuchman
meeldauw, moederkoorn waren
de zachtste plagen: als een verre
spiegel hangt deze eeuw van
brandstapel, braspartij nu
in je kamer – wandtapijt van
erfzonde en wij de erfgenamen
onze mooiste naam: Theresienstadt,
Passendale, My Lai
helden van hoofse verhalen
staken het vuur aan stad en
dorp, keelden een vader,
schonden een dochter: zij
verveelden zich zonder zwaard
geen refrein overleeft
de eeuwen zoals de keerzang
uit een dichtgeknepen keel:
men zong bij vedel en knekel,
men deelde, zeker, men huwde
kleuters uit om banden te
smeden duurzaam tot hun
kinderdood, men vierendeelde,
vierde de teugels zoals de Ruiters
van het Einde dat nabij was:
men geloofde aan demonen,
bezwoer de toorn van hel
en hemel met geseling, kruistocht,
strooptocht onder joden, saracenen -
in de loop van honderd jaar was
het continent voor de helft ontvolkt:
builen in lies en oksel, verblinding
van vizieren – kraamkoorts, vlagen
van koninklijke zinsverbijstering
waren nog de zachtste plagen
eeuw van festoen en festijn: dames
in fluweel van madrigalen, in het
haren kleed van madevoer -
een verre spiegel: voorvaders,
bastaarden, bange moeders
en wij hun erfgenamen weldra
zonder erf en zonder naam
Taking Sides
Gisterenavond bekeken we een van de Nederlandse zender NPS opgenomen film. Taking Sides - 'een kant kiezen' - van de Hongaarse grootmeester Istvan Szabó (denk onder meer aan de grandioze film Mephisto met Klaus Maria Brandauer in de hoofdrol) gaat over een proces tegen de wereldberoemde dirigent Wilhelm Furtwängler, een van de artistieke lievelingen van Hitler en daarom na 1945 beschuldigd van collaboratie.
Het verhaal - oorspronkelijk een toneelstuk - speelt zich af in 1946 tijdens de zogenaamde 'denazificatie' van Duitsland. Een Amerikaanse majoor, subliem vertolkt door Harvey Keitel - krijgt de opdracht Furtwângler tot een bekentenis te dwingen zodat de vermeende collaborateur kan worden veroordeeld.
Jammer voor de majoor en zijn opdrachtgevers komen tal van mensen getuigen dat W.F. zijn bevoorrechte positie heeft gebruikt om een groot aantal joden in bescherming te nemen.
Het is zonder meer een boulverserende film, vanwege de sterke vertolking en het thema uiteraard. Het gaat om schuld en medeplichtigheid en om morele arrogantie. Dit laatste is aanwezig in de majoor: een botterik die de dirigent ' a bandleader' noemt en dus geen verschil kan maken tussen een jazzorkest en een symfonisch; een brutale onbeschofterik die alleen kan spreken in de bekende Amerikaanse filmwoordenschat van 'shit', 'fucking shit' etc Maar de man is wel overtuigd van zijn morele superioriteit: hij voelt zich oneindig verheven boven de veronderstelde handlanger van Hitler.
Tegenover de grofgebekte staat een figuur in vertwijfeling, een hyper gevoelig kunstenaarstype dat zich afvraagt of hij zich inderdaad niet heeft vergist. Beide zullen breken, de ene grommend, de andere bezwijmend.
De Amerikaan moet uiteindelijk toegeven dat hij onvoldoende bewijzen heeft, de dirigent komt tot het inzicht dat hij zijn Duitse vaderland beter had verlaten in 1933 toen Hitler aan de macht kwam.
Het eerste uur heb ik deze film met een moeilijk te bedwingen woede gevolgd. Wat mij al jaren stoort is juist die mateloze arrogantie van de overwinnaar en tot op vandaag blijven de Amerikanen die arrogantie uitstralen. Zij hebben het recht om een tegenstander voor de rechtbank te dagen en ter dood te veroordelen, maar er is geen denken aan dat ooit een Amerikaanse president of generaal voor een internationale rechtbank zal moeten verschijnen. Deze eigenwaan is in mijn ogen walgelijk: principes gelden voor iedereen of ze gelden niet.
Maar het feit dat deze film zulke sterke gevoelens kan opwekken en die gaandeweg kan transformeren in een meer genuanceerde beleving, bewijst dat het hier gaat om een hoogstaand kunstwerk - de reputatie van de regisseur waardig en een zoveelste bevestiging van het uitzonderlijke talent van Keitel (what's in a name trouwens: Keitel was een van de afschuwelijkste Nazigeneraals).
Ten slotte: het was alweer niet de VRT die deze prent uitzond.
alle scholieren gelijk
leer een vak
Rik Torfs
global swindle
laten we zacht zijn – Ton Lemaire
- kleine ode aan een vergeten filosoof –
laat ons beproeven
het mededogen, de twijfel
verwelkomen als een
verwante gast – we slopen
de burcht op de rots, noemen
onze goden een duurbare
droom; we zoeken
het heldere woord dat
de duisternis aftast zoals
een rivier de bodem:
de voorlopige bocht, de
aarzelende omsingeling
van weerstand, verharding
met wilgenroosjes in de zoom
laat ons beproeven het zachte
gebaar, het spreken in
sourdine, het open huis
dat licht werpt op de heuvels
verzaken we aan de gebalde
vuist, het slaan op wankele
tafels: we drinken samen
de wijn van verwondering,
delen het tedere brood
van mededogen
moslimscholen
beest
- afscheid van een huisvriend -
er is het gekwispel
er blijft het gehijg
wanneer de deur zucht
in haar zwaai
en de voetmat knispert
er is het getinkel
een hoornen klavecimbel
dat ‘welkom’ speelt
met de ploffende roffel
van eelt op de tegels
en meteen de dans die hapt
naar de rinkelende band
alsof een murwe slaaf
naar zijn ketenen snakt
maar het is hij die leidt
en als een lichtflits
de deur van de nacht intrapt
er is het geritsel
in berenklauw en netel
er is het gehakketak
onder meidoorn en bramen
de charade
van zijn en verdwijnen
wanneer een haas wordt bejaagd
en de verboden jacht is een parade
de stroper een antiloop
er is de verre stip
die een streep trekt
over het doodsbleke strand
de gekte van wind in de bek
en de wind die zich strekt
er blijft het omberen licht
in veel te grote ogen
de goed onnozele blik
er blijft het gehijg
dat wacht op de streling
en niet gelooft aan de prik

