Pikzwartig

Zij verliest haar blikin een blauwzwarter heelal
dan de oer oerknal
Het woord zichtbaarder in haar
mag niet licht uitgesproken
Vallen is een vorm van vliegen
Pikzwartig
Zij verliest haar blik
Zij smaakt naar
Erwtensoep in de zomer
Met bericht van ontvangst

Excusez-moi
Merken dat steeds meer woorden ontbreken
Kersenbloesem
Zodra je bloeit in dit geval roze
Één en één is

Zo gaat dat vaak, je deponeert een vast adres
waarop je bent te bereiken en afstanden doen
er niet toe, want in deze tijd zijn er altijd
manieren om jou in vaste toestand te raken
Je kent dat wel: de zon gaat op en onder
de oude boer, die bij het landhek staat
telt op een vertwijfelde manier eenzaamheid
daarna rekent hij uitgebreid zijn kloten
Afscheid van Sukati
We hadden het over verlaten
Het kan dus wel
Brecht op 1 mei

Op haar T-shirt stond geschreven
wie strijdt kan verliezen
wie niet strijdt heeft al verloren
gele letters op rood in het Duits
wat ik op zich al dapper vond
Er was groot feest in Dusseldorf
zoveel oudgedienden van de DKP
zij, een van de kinderen bloosde
mijn ogen volgden de contouren
van haar borsten om te lezen
De zon scheen in Leuven
er was licht in haar ogen
verloor mezelf in dagdromerij
en ze beloofde te schrijven
over haar ontmoeting met mij
Reactie
Zodra ze terugkust
Het nuffelen der dingen
Morgen laten we onze dromen los
Afvragen
Naar rook ruikt zij
Reuzenstrop

Met het afhakken van het hoofd
behorend aan de drie meter lange reuzin
was het nog niet gedaan met de terreur
van de nog geen meter hoge koning
Zelfs zijn vrouw en kinderen moesten
eraan geloven opdat de vorst
aan volstrekte eenzaamheid overleed
En de reuzin, zij leefde voort
naaide gewoon haar kop vast
aan de overgebleven nek
Glas
Je schreef dat op de plavuizen
Oh LOES (Landelijk Onderzoek oEstrogene Stoffen)
Vanmorgen opgestaan met een gevoel
Wie wat vindt
We zoeken bij elkaar
Constante slag
Daarmee wint een team de strijd
Uitvrijend model

Zo noemde zij de theorie
van een uitdijend heelal
steeds trager op weg
naar een samenklonterend
niets waarvan zij talloze
voorbeelden noemde en legde
zijn stamelgedachten tegen het licht
Zij sprak: Niets is de liefde
voor een denkraam, dat altijd openstaat
kuste hem op open mond
zette haar bedenksels op stop
Zo vulden zij elkaar aan
deelden wat hen maakte tot een paar
uitermate geschikt voor een jaar
Levenscirkel

|
Je tekende een cirkel
vertelde van een zijn dat zich ontwikkelde van licht naar verdichting vervolgens opnieuw naar helderheid We liepen naar buiten en je wees enkele sterrenbeelden aan De maan scheen met haar koude schijn je vroeg me je vast te houden de warmte van mijn vuur te delen We hoorden een octaaf en moesten denken aan de muziek der hemelse sferen afkomstig van hemellichamen in hun baan Het was koud en het was winter in de nacht maar overdag groeide het zacht van de lente in de nacht kon je het groeien van de maan horen het kraken van een tak, de sappen van de boom het fluisteren van de maretakken, die groen de toekomst voorspelden aan hen op zoek naar betekenis vanuit hun blote voeten |
||