Toertocht te Baisy-Thy op 23-06-2013

Toertocht (12-25-40-50-65 km) van Le Petit Godefroid te Baisy-Thy op zondag 23-06-2013.
Na enkele vermoeiende werkweken met meerdere te halen deadlines, waardoor de bike tijdens het weekend noodgedwongen een aantal keren op stal bleef, op deze zondag met mijn vermoeide leden dan toch vroeg op om eindelijk nog eens te kunnen gaan rijden. Het weer nodigde niet uit om weg te gaan, net nu het tijdens de afgelopen week zo mooi en warm was geweest en ik er niet van had kunnen genieten! Mijn keuze was gevallen op de toertocht van de Gemeenteschool Le Petit Godefroid te Baisy-Thy, deelgemeente van het Waals-Brabantse Genappe (Genepiën), en dit voor de tweede keer op rij. Op de heenweg was het even voor Genappe vertragen langsheen de grote baan. Daar liepen mensen rond met klederdracht zoals in de tijd van Napoleon. Die werd hier op 18 juni 1815 definitief verslagen en dat werd hier vermoedelijk herdacht. De kramen met hamburgers en hotdogs zullen er in die tijd niet gestaan hebben. Bij het naar huis rijden kreeg ik op die plek aan mijn linkerzijde de heuvel met de Leeuw van Waterloo te zien, ik reed er zelfs rakelings langs, ook al was mij dat ’s ochtends bij het toekomen niet opgevallen! Het was niet eenvoudig van een parkeerplekje te vinden in de omgeving van de lagere school. Aan de start nog even gesproken met twee Vlamingen die ook naar daar waren afgezakt en waarvan één met een Turner reed, net zoals ik. Het aanbod betrof een kidstoer van 12 km en verder ritten van 25-40-50-65 km. Bij de inschrijving trof ik een stuurplaatje met het nummer 327 en omstreeks 9.45 u was ik op weg.
Het ging het dorp uit via enkele veldwegen om na 1,75 km een splitsing te treffen waar de kidstoer apart ging van de rest. Een Waalse vader reed er met zijn zoontje linksaf. De eerste 5 km van de tocht bestonden uit veldwegen, zachtjes op en af en een overwoekerd kasseibaantje. Het werd afgesloten met een strook vol grote en moeilijk te omzeilen plassen. Ik kreeg gedurende dat eerste stukje nog een tien tot vijftien andere bikers te zien. Een mooie, maar korte holle weg voerde me naar de splitsing tussen de 25-40 km en 50-60 km aan de rand van Sart-Dames-Avelines op 7 km na het vertrek. Daar was ook een jogging en een wandeltocht aan de gang. Samen met twee anderen sloeg ik de richting van de langste routes in. Een veldweg voerde me al snel naar een knap bos waarin gekozen was voor een singletrack en enkele bredere paden. Ik kon er de dennenbomen ruiken! Ook hier redelijk wat slijk en plassen na het onweer dat vorige vrijdagochtend het hele land trof met bakken water. Op één zo’n vettig paadje schoof ik een biker voorbij die langs de kant stond met pech, zijn fiets ondersteboven gezet. Even verder werd ik ingehaald door twee mannen van MTB Overijse.
Eens het vettige paadje voorbij kreeg ik aan de linkerkant de achterzijde van mooie grote huizen te zien, waarvan de tuinen op een helling lagen naar het bos toe waardoor ik reed. In sommige tuinen lagen grote vijvers. Op omzeggens 10 km bereikte ik even de bewoonde wereld van Genappe in de Rue Ry d’Hez, dat is de naam van het plaatselijke riviertje. Er volgde nog een knap, maar nat, stuk bos tot aan de Rue Fosty, de naam van een lokaal gehuchtje. Op een breed donker bospad stonden daar twee bikers te wachten, vermoedelijk op de pechvogel die ik daarnet gezien had. Later zou het drietal mij inderdaad weer inhalen. Het ging voor mij een lange dag worden, want om 10.45 u, dus een uur na mijn vertrek, had ik nog maar 11 km achter de wielen! Het ging een beekje over via een smal betonnen brugje vlak naast een muur om vanaf de straat een mooi stuk bos te bereiken waarin het te volgen smalle paadje langsheen een riviertje liep. Een knap stukje waar ik even aan de kant ben gegaan om drie tegenliggers te laten passeren.
Via twee draaipoortjes ging het een weide over om een volgend stuk bos te bereiken. Daar was het even klimmen en kort technisch naar beneden over een dropke in een bocht. Ik kon me de plek van vorig jaar herinneren omdat daar toen een biker van zijn fiets wipte omdat hij onderuit dreigde te gaan! Net op die plaats kwam het drietal van daarnet, waaronder de pechvogel, voorbij. Na dit knappe stuk bos volgde een wel erg vettig en modderig geworden paadje tussen lage struiken waarvan de takken doorhingen omwille van het nat. Omdat ik geen zin had van me te pletter te trappen, heb ik daar maar even gewandeld. Ik kwam er ei zo na in botsing met twee tegenliggers die het wel al rijdend probeerden. Ik had ze niet zien aankomen! Ik kwam uit op de terreinen van wat volgens mij een boomkwekerij is, ook al zijn de bomen er al redelijk groot opgeschoten. Het deed me vermoeden dat we in de omgeving van Villers-La-Ville reden. Het slijkdabben werd beloond met de doortocht van een prachtig bos. 13 km. Daar kreeg ik enkele zware beklimmingen voor de wielen en nog een eenzame biker te zien. Via een steile afdaling over rotsjes en stenen bereikte ik de bocht in de grote baan ter hoogte van Villers-La-Ville, op de grens van Villers met Baisy-Thy en Court-Saint-Etienne. Mijn vermoeden bleek dus te kloppen. Zoals altijd stonden daar weer veel motorrijders samengetroept. Helaas kregen we van de abdijruïnes niets te zien, wat jammer is voor de bikers die hier voor het eerst rijden of de streek niet “kennen”. 14,5 km.
Want het ging meteen linksaf naast de grote baan richting Tangissart (Court-Saint-Etienne en vertrekplaats van een mooie jaarlijkse tocht). Even voorbij het eenzame grote huis aan de linkerkant van de baan, waar ik onlangs nog naar boven gestuurd werd tijdens de tocht vanuit Mont-Saint-Guibert, ook de moeite van het rijden waard, ging het rechtsaf van de grote baan weg. Even gestopt op het bruggetje over La Thyle waar twee vissers in de weer waren en een tegenliggende biker ook even halt hield. Een brugje onder de spoorweg door. Die loopt er naast het riviertje. Vanaf de brug ging het klimmend een bos in. Ik was al zodanig murw dat het voor een deel te voet was, ook al was het er niet bepaald steil. Ik liep er in het spoor van een wandelaar en er stonden daar effectief bordjes van een uitgezette wandeltocht. Eens weer op de fiets stak me nog een biker voorbij en reed ik een tweede wandelaar voorbij. Ik kon er genieten van een knap bos en gelukkig ook van een lange afdaling. Deze werd al snel opgevolgd door een redelijk zware klim die ik in twee stukken overwonnen heb. Ik stak er zelfs een jongere biker in groene trui voorbij die al twee keren gestopt was en aan zijn gezicht te zien helemaal pompaf! Hij zal een beginneling geweest zijn, want koos na de stop voor de toer van 25 km.
Eens boven arriveerde ik weer op het terrein van de volgens mij boomkwekerij en na de afslag rechtsaf trof ik er de eerste bevoorrading op 18 km van de start om 11.30 u. Ik kon er de hand leggen op het laatste partje appelsien en terwijl ik van zelfgebakken muffins met bosbessen proefde, kwamen er nog zeven andere bikers toe. De zaak werd er door één medewerker gerund en die mens had geen tent om in geval van regen onder te schuilen. De stopplaats stond opgesteld in een pad dat uitkwam in de Rue d’Heuval op het grondgebied van La Roche, deelgemeente van Court-Saint-Etienne en gelegen tegenover Tangissart aan de andere kant van de spoorweg. Als ik het me goed herinner ging het vorig jaar de veldweg op tegenover de stopplaats, deze keer was het voor de langste routes rechtsaf zacht klimmend de Rue d’Heuval in om uit te komen op een bredere rustige betonbaan op een hoogvlakte. Linksaf bereikte ik een bekende plek in deze streek, meer bepaald de plaats waar een enorm hoge zendmast staat naast een witte gesloten hoeve. Langsheen die hoeve ging het linksaf weer naar de bossen toe.
Daar ging het even lekker snel naar beneden over een bospad en via een paadje op de rand tussen bos en velden ging het tot aan de rand van een woonwijk (Rue des Couteliers, Court-Saint-Etienne), de zendmast achter me. 23 km. Daar ging het de velden in waar het koolzaad intussen zijn gele pracht verloren had wegens uitgebloeid. Ik vermoed dat we in de omgeving van La Chapelle-du-try-au-chêne te Bousval reden, maar ik kon het kapelletje, waarvan de lengte van de naam omgekeerd evenredig is met de grootte van het gebouw, niet zien staan. Na een bocht in een veldweg reed ik voorbij het bizarre huis “La maison du Pâturage” waar me een biker voorbij reed. Er volgde een veldweg op een open vlakte waar ik letterlijk af te rekenen kreeg met veel tegenwind. Uit de andere richting kwam een traag rijdende gehelmde biker met loslopende hond die een vrouw te paard vergezelde. Even later reed ik rakelings langs een autoweg, geen echte snelweg, aan een bord dat een afrit naar Court-Saint-Etienne en Mont-Saint-Guibert aankondigde. Vorig jaar stuurde de GPS me via die baan huiswaarts, deze keer heb ik rechtsomkeer gemaakt en ben ik via dezelfde weg naar de snelweg gereden. Er stond ook een pijl naar de Ferme de Beaurieux, nog een gehucht van Court-Saint-Etienne. Er reed me nog een jonge biker voorbij. Die heb ik nog teruggezien aan de tweede stop, vermoed ik. De mannen aan die stop lieten daar een deel bevoorrading voor achter, ik weet niet waarom, misschien nog vrienden op komst. Ik heb de kerel na de stop in ieder geval niet meer gezien. In de mooie holle weg die volgde kreeg ik nog eens even gezelschap. Er volgden een klim, een veldpad, een straat en een grasspoor dat overging in een knappe holle weg tot aan een aantal oude statige huizen in Court-Saint-Etienne. Die stonden in de bocht van een drukkere baan waar een vader en dochter driftig flessen in een glasbak keilden. Het ging kort even langs die grote baan, de Rue du Tienne, en ter hoogte van een garagehouder het riviertje de L’Orne over, weer in een bocht.
Ik diende de grote baan te kruisen waarna een knappe holle wegel me naar een uitgedund bos voerde. 29,5 km. In een bocht keek ik even om en zag nog iemand met een opvallend rode helm naar boven komen geklommen. Ik bereikte de spoorweg in Court-Saint-Etienne, waar het even langs ging tot aan een brug voor voetgangers en fietsers over het spoor. Zigzaggend op en af de brug om rechtsaf over een zandbultje gestuurd te worden om een grote open kale vlakte te bereiken waar duidelijk een motorentreffen aan de gang was. Het zag daar zwart van de moto’s! Vorig jaar had hier een circus zijn tenten opgesteld. Met twee bikers, waaronder de roodgehelmde, in mijn zog diende ik de kale plek te kruisen, dwars door het hier en daar hoog opgeschoten gras. Samen met die twee eventjes doorheen het centrum van Court-Saint-Etienne. Ik zou ze nog aan de tweede stop te zien krijgen en zij waren meteen de laatste bikers die ik vandaag op mijn pad ontmoette. We werden het straatje Avenue Paul Henricot naar boven in gestuurd op 32 km na de start. Er volgde een klim doorheen een donker woest bos over een relatief breed pad en hijgend bereikte ik boven aan de rand van een open vlakte de tweede stop op 33 km om 13.00 u. Zoals gezegd waren er nog drie andere bikers ter plekke. Het aanbod was hier minder aangesproken dan op de eerste stop, want er lagen nog partjes appelsien en banaan en weer de muffins met bosbessen. Een stel vriendelijke vrolijke kerels was al met de opruim begonnen. Vorig jaar hadden zich hier twee mensen in de kofferbak van een bestelwagentje gezet om uit de regen te zitten! Toen was het nog slechter weer dan vandaag! Want met het weer heeft De Kleine Godfried blijkbaar geen geluk!
Na de stop ging het over een smal grasspoor tussen een rij struiken en de afsluiting van een weide. Het paadje lag er bezaaid met redelijk grote stenen en klom gedurende ruim een kilometer lichtjes doorheen een mooie omgeving. Eens boven bereikte ik een in het groen gelegen statige villawijk in Genappe en een straat die luisterde naar de ronkende naam Drève du Château de la Motte. Heb dat op je adreskaartje staan! Het klinkt wel chiquer dan Mottenkasteeldreef! Een redelijk lange afdaling over een oude semiholle kasseiweg met gehavende ondergrond en verzakte kasseien bracht me naar het grondgebied van Bousval (Genappe). 36 km. Een smal asfaltbaantje voerde me doorheen een groene omgeving met hier en daar verscholen liggende buitenhuizen en de vorig jaar uitgefreesde stukken kapotte asfalt waren intussen vervangen. Op 38 km trof ik een splitsing tussen de 40 km en de 50-65 km aan de Chemin de l’Alfer. Ondanks het late uur toch geopteerd voor de 50 km, ik had tijd genoeg vandaag en nog geen zin om al naar huis te gaan. Een hamburger of braadworst kon ik daarmee definitief op mijn buik schrijven (écrire sur le ventre?), maar dat komt enkel die buik ten goede. Voor mij ging het aldus rechtsaf over een smal paadje, waar ik eerst even afgestapt ben aan een plots hoogteverschil met dikke wortels, en dat zich nadien langsheen een diepte over enkele wortels doorheen een bos slingerde. Ik herinnerde me deze plek van de toertocht vanuit Mont-Saint-Guibert (9 mei) toen ik achter een reeds murwe biker reed! Eens boven ging het toen linksaf een hol graspad in tot een kruispunt van veldwegen dat “Les quatre chênes” heet. Het gras was intussen nog hoger opgeschoten dan toen, het pad was nauwelijks nog te zien. Nu ging het rechtdoor een stuk bos in, gevolgd door een paadje langs struiken en bramen dat deel uitmaakt van het “wandelpad Bousval”. Die bramen zijn wel niet gezond voor uw fietskleding.
Er volgde een zeer smalle knappe holle weg, eerst zacht klimmend, maar naar het einde toe zwaar naar boven kruipend tot op een winderige hoogvlakte met knappe vergezichten. 39 km en 13.45 u. Er volgden veldwegen en assenwegen en ik diende een baantje te kruisen ter hoogte van een elektrische installatie. Aan de andere kant reed ik voorbij een installatie voor drinkwatervoorziening. Het ging een servitudenpaadje in, zijnde een smal grasspoor, dat me langsheen een aantal villa’s voerde, doorheen een stukje bos, en weer voorbij nog grotere villa’s. Op 42,50 km van de start bereikte ik omstreeks 14.00 u de splitsing tussen de routes van 50 km en 65 km ter hoogte van een grote vijver aan de Rue du Chêne au Corbeau in Couture-Saint-Germain, een deelgemeente van Lasne. De rijders van de langste toer werden rechtsaf de hoogte in gestuurd over een knap steil bospad dat aan mij niet besteed zou geweest zijn. De 50 km blijven volgen. Even van het parcours afgeweken en de Rue de la Croix Rolland in gereden, een steil kasseiwegeltje, om eens te gaan kijken wat er voorbij de bocht te zien was. Niets dan bomen en de afsluiting van één of ander groot privaat domein van rijke mensen! Op mijn stappen teruggekeerd en het parcours weer opgezocht. Het ging de drukkere Rue de l’Abbaye over waarna ik het beekje Ru Milhoux overstak via een bruggetje.
Via enkele straten van Maransart (Lasne) en veldwegen bereikte ik het natuurgebied van Maransart. Sedert 2003 staat de Koning Boudewijnstichting in voor het onderhoud van dit patrimonium in de geest van de oprichter van het Fonds André Ganshof Van Der Meersch. Daarbij wordt vooral aandacht besteed aan de vierdubbele bestemming als landbouw-, bos-, wandel- en jachtgebied. De paden waren voorzien van palen met naambordjes en er stonden paaltjes met uitgestippelde wandelingen. Het ging rechtsaf en de tocht voerde me doorheen een mooi landschap met vergezichten. Ter hoogte van Waterloo Golf, na het passeren van het gebouw van een privéclub, allicht voor rijke Brusselaars, kreeg ik een fikse regenbui over me uitgestort. Gelukkig was ik enigszins beschermd door de takken van de bomen die over het asfaltbaantje hingen. Ook vorig jaar reed ik hier in de gietende regen over dit stevig klimmend asfaltbaantje! Het tellertje toonde 47 km en ik begon zo stilaan naar het einde te verlangen!
Eens boven op het asfaltbaantje ben ik dan nog verkeerd rechtsaf gegaan. Daar hing een pijltje hoog boven aan een betonnen paal te wapperen in de wind. Ik ben de kiezelweg naar een eenzaam huis op gegaan en kwam op een pad waar metershoog gras stond om uit te komen voor de snelweg. Teruggekeerd om vast te stellen dat ik een smal weidepaadje, een grasspoor, had moeten nemen. Daarna moest je over een stuk weide tussen een rood draaipoortje en een tweede verroest poortje. Rechts zag je de golfterreinen in de diepte liggen. Ik heb daar wel oog in oog gestaan met een vos die een dood konijn in zijn muil had hangen en mij niet had zien naderen! Die croste nogal weg toen hij mij in de gaten kreeg. 52 km om 15.10 u. Het paadje doorheen het grasveld werd gevolgd door een smalle track die er vrij beslijkt bij lag! De bui van daarnet had er dan nog een schepje bovenop gedaan! Ik arriveerde opnieuw in de bewoonde wereld, diende een straat over te steken en een betonbaantje in te slaan dat verderop overging in een veldweg. Daar was het weer stevig klimmen geblazen. Ik kwam uit op een pad naast de snelweg, vermoedelijk hetzelfde, maar op een andere plek, dat ik daarstraks op mijn weg getroffen had nadat ik verkeerd rechtsaf was gegaan. Het ging een stukje naast de snelweg, via een brug er onder door en aan de andere kant weer even erlangs. Een grasspoor bracht me in een afdaling tot aan het kerkhof van Genappe. Vlak bij de ingang stond een oud metalen kruis op een graf van een in 1914 overledene! Die mens ligt daar dus al bijna honderd jaar onder de grond en de eerste wereldoorlog bleef hem bespaard!
Een lange zachte,
maar vermoeiende klim over een gehavend kasseibaantje en een landelijk
betonbaantje voerden me weer tot in Baisy-Thy.
Na 60 km, dus merkelijk meer dan aangekondigd, en pas om 16.00 u,
uitzonderlijk laat! Zo laat ben ik nog
niet vaak gearriveerd! De lange
werkdagen met veel te weinig slaap van de afgelopen maand hebben duidelijk hun
tol geëist! En dan mag ik nog van geluk
spreken dat in deze tocht toch redelijk wat asfalt en makkelijk te berijden
veldwegen voorkwamen! Want de tochten
vanuit het naburige Tangissart en Mont-Saint-Guibert zijn van een zwaarder
kaliber! Ik heb me toch goed geamuseerd
en was blij dat ik nog eens met de fiets kon buiten komen. Aan het schooltje was niemand meer te
bespeuren, ik zag nog een medewerker een tuinslang van de bikewash wegdragen en
daar stond een andere vrijwilliger zijn bestelwagen schoon te spuiten. Mijn ietwat ongelukkig in de drukkere straat
geparkeerde wagen even op de oprit naar een bedrijf gezet om daar rustig alles
weer te kunnen inpakken en opladen. Ik
werd er nog aangesproken door een oudere mentaal gehandicapte man, maar hij
sprak moeilijk verstaanbaar en dan nog in het Frans uiteraard! Toen ik hem vroeg of hij in de omgeving
woonde, wees hij naar de straat tegenover.
Ik ben daarna eens in die smalle straat naar de velden toe gaan kijken
en daar stond een kast van een huis! Er
zal dus wel goed voor die kerel gezorgd worden!
Hij liep er trouwens netjes gekleed bij!
Na een lange rit huiswaarts, een dikke 90 km, nog tot laat werk gehad
met het proper maken en opruimen van m’n spullen. Nog één week hard werken en dan heb ik
vakantie! En omdat ik effectief nog heel
wat werk had is dit verhaaltje ook met behoorlijk wat uitstel geplaatst!
Het verslag van
deze toertocht vind je ook op mtb-you.be en op mountainbike.be!





