Naar de inhoud

Verboden verhalen

akke.beakke.be

Archief

Europese grondwet

  

Naar het schijnt heeft Europa een grondwet.
Die zou niet het resultaat van geheime vergaderingen zijn
maar de vrucht van nog nooit zo openlijk gevoerde debatten.

Deze unie zorgt voor vele 'werk'plaatsen en maakt duizenden
uitverkorenen gelukkig.

Natuurlijk zijn ze tegen oorlog en moeten de leden met
lede ogen aanzien dat dat een derde wereldoorlog op europees
grondgebied slechts door een samenwerking tussen Putin en
Trump kon vermeden worden.
Maar vanzelfsprekend is vrede prioritair.

De ekonomie wordt gericht op volledige tewerkstelling en op
sociale vooruitgang.
Voor welke delen van de mensheid wordt niet vermeld, want
Europa wordt erkend wereldkampioen in het vrijgevig verlenen
van steun aan vooral voor de hand liggende niet-europese staten.

Natuurlijk komt er vrijheid van mening en persvrijheid.

Als toetje heeft elke zuropese burger het recht wijzigingen
in deze europese wetten voor te stellen en met eigen
initiatieven voor de dag komen.

Het volstaat eenvoudigweg om een petitie op te stellen die
over héél de europese unie minstens één slordig miloen
handtekeningen moet verzamelen.

Genoeg gelachen ? Dan nu 'au boulot' dan maar.
De unie heeft geld nodig.

Hoe vind je dit bericht? 53 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 15:55 Reageer op dit bericht

Onweer

  

Een scherpe bliksem doorkliefde met enorme snelheid de lucht.

Amper één sekonde later volgde een intens harde donderknal.

Hier en daar trilden enkele dakpannen en massa’s reuzegrote

regendruppels vulden ineens de plots heldonker geworden lucht.

Krakend volgde de ene bliksemslag de andere op en aan de nu

zopas gevormde waterplassen zag je dat het aardoppervlak

lichtjes schudde.

Zonder enige merkbare reden doofde de straatverlichting en

hulde de ganse omgeving in een lugubere duisternis. Met een

beetje verbeelding kon je hier en daar de duistere figuur van een

duivel ontwaren die, grinnikend op zoek naar buit, hier en daar

een woning binnenging.

Luid gegil overstemde het door het onweer gemaakte lawaai en

liet intens scherp een op menselijke stemmen lijkend gehuil horen.

Vreselijk zeg ! En ik probeer nu net een uil te vangen en draai me

in de grote zetel om me uitgestrekt op een andere zij te keren.

Mocht dat menselijkerwijze mogelijk zijn ik sprong horizontaal

een meter hoog. Voor het raam van mijn op het gelijkvloers

gelegen salon stond een duivel, grinnikend en in de rechterhand

een kleine drietand op en neer bewegend. Hij lachte en tussen

zijn geopende donkere lippen kwamen over de ganse breedte

afschuwelijke zwarte misvormde gedeeltelijk met schuim

bedekte tanden zichtbaar. Uit beide grote spitse oren kwam

hete damp en een klein scherp bokkebaardje sierde zijn kin.

Toen verloor ik het bewustzijn.

 

Ik opende mijn ogen op een dunne kleine streep. Ze verder

openen was niet mogelijk want een felle zon verblindde me.

 

Ondanks mijn goede voornemens om met behangen te

beginnen was ik dan toch in slaap gevallen.

    

Hoe vind je dit bericht? 44 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 16:02 Reageer op dit bericht

De wraak van het konijn

 

Het in de zon glanzende zwarte paard stapte traagjes door de spaanse velden. Labradores (landarbeiders) keken even op. Het was zeker weer een hidalgo (hijo de algo – zoon(tje) van ‘iets’) die, van op zijn paard op de landslaven neerkijkend, zijn ronde deed.

Eén der arme sukkelaars durfde zijn met water gevulde aarden kruik te nemen en nam een paar slokken. Van de ruiter kwam echter geen reaktie. Misschien deed hij alsof hij niets gezien had. Zou raar zijn, maar dat kon. Zijn zweep hing slap aan zijn zadelknop. Langzaam bewoog het paard zich verder en verwijderde zich, stap na stap. De zon brandde hevig, maar dat was geen reden om even met hun zware arbeid op te houden, en beetje na beetje verdween de figuur in de verre velden.

De avond viel toen het zwarte paard het ouderlijk erf op reed. De ruiter was scheef in zijn zadel gezakt en zijn gezwollen aangezicht met twee uitpuilende ogen had een knalrode kleur. Te veel lekkere wijn had hem zowat verdoofd en een beentje van een lekker konijnebilletje was in zijn strot blijven steken. Hij was gestikt en had zijn vet lichaam reeds verlaten.

Zo zie je maar dat zelfs de beste wijn te veel kan zijn.

   

Hoe vind je dit bericht? 55 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 00:00 Reageer op dit bericht

Plons het elfje

  

Plons ! ! Druipnat en ietwat verdwaasd probeerde ze uit de vijver

te geraken. Na een aantal glibberige pogingen kreeg ze uiteindelijk

dan toch voet op de bodem en waggelde ze traagjes richting oever.

Ze was niet al te groot van gestalte en er kwam heel wat gewip aan

te pas alvorens ze het gedeelte onder haar onderrug op de oeverkant

kon neerplaatsen. Welke stuntelige manestraalbestuurder had juist

vandaag die manestraal te kort gemaakt ?

Grrr … grolde ze, en liet haar mooie witglanzende tandjes zien.

Tja …. ….. elk elfje is nu eenmaal een schoonheid in ’t klein.

Ze schudde heftig het vijverwater van haar kleine vleugeltjes, wrong

haar hagelwitte kousjes uit en zette zich even op een uit de kluiten

gewassen paddenstoel neer.

De maan keek naar beneden en grinnikte bij het zien van de niet

echt gelukte landing van het elfje.

Moedig stond ze recht en richtte zich naar daar van waar het

geroep kwam. Het was een kinderstemmetje dat haar te hulp riep.

Resoluut stapten haar ietwat magere beentjes links-rechts en langs

de veldwegels ging ze verder. Beetje bij beetje nam haar fijn gehoor

het jammerende meisje waar. Wat ze zei kon ze niet begrijpen, maar

dat het kleine meisje hulp nodig had was duidelijk.

Het elfje luisterde fijntjes en oriënteerde zich zo goed zo kwaad als

ze kon, want de wind floot nogal sterk in haar oortjes.

Eindelijk  bereikte ze een klein huisje en zag een bewegend licht op een kamer

op de eerste en enige verdieping.

Ze zette zich zachtjes op de  vensterbank en keek de kinderkamer binnen.

Een meisje zat met opengesperde oogjes in haar bed, haar rug tegen het hoofdeinde.

Vóór het voeteinde stand een televisietoestel en speelde luid een kinderfilm, voor

zover het elfje kon zien met spoken en draken.  Het meisje zat onophoudelijk te gillen,

deels van pret, deels van schrik, en bij elke gebrul dat de draak maakte trok ze haar

deken over haar hoofdje en gilde om hulp.

Het elfje kon er niet mee lachen en ineens gaf ze een luide gil.

Nu werd het meisje écht

bang en kroop angstig helemaal onder haa  dekens.

Haar gegil overtrof zelfs dat van het boze elfje. Die zette haar toverstok in werking

en het slaapkamertje baadde in een veelkleurig geheimzinnig licht en dito figuren.

Voetstappen kwamen  langs de krakende trap omhoog en een vrouwenstem riep

ongerust wat er scheelde.

Het elfde grijnsde en liet zich zachtjes tot op de grond zakken.

Ze nam een aanloop en sprong op de eerste de beste manestraal die ze passeerde.

Ze keek nog even om en zag dat ik het kamertje het televisietoestel uitgezet was

en het meisje snikkend in de armen van haar moeder lag.

“Die zal me nu wel met rust laten.” gromde het elfje.

Maar opeens schoof een wolk voor de maan en de straal werd onderbroken.

Het elfje gaf een gil en met een plons viel ze in de vijver waar ze voorheen reeds

in terecht gekomen was.

Het spijt me hoor, maar wat het elfje nu boos riep durf ik hier  niet schrijven.

Ook elfen worden gecensureerd.

 

Hoe vind je dit bericht? 50 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 10:58 Reageer op dit bericht

Rond van kont

 

Toen ze zich in bed omdraaide klonk er gekreun gevolgd door een diep puffend geluid dat haar mondholte van tussen haar vergeelde valse tanden verliet. Hij werd nog maar eens wakker en probeerde tevergeefs de slaap terug te pakken te krijgen. Haar licht krakend lichaam deed meer denken aan een zware rubberen pop van een bekend merk dat niets aan de verbeelding over laat en was een terminale uitdaging voor elke vorm van libido.

Op haar zij liggend raakte haar navel de matras en haar twee ooit borsten genoemde overjaarse reeds ietwat licht beschimmelde melkzakken overlapten mekaar. Haar uitgedroogde frigide schoot hunkerde, zoals reeds vele voorbije jaren, naar niets meer.         Alleen haar buikholte werd geneugtes niet ontzegd zodat de overvloeden aan eten en drinken haar karkas stilaan meer en meer een gezwollen vorm hadden doen aannemen dat nu al aan een versleten zich moeizaam voortslepend nijlpaard deed denken. 

De meest galante manier om haar achterwerk bij benadering te beschrijven is : “Pak twee stoelen en zet u.” 

Tja, ik denk dat er mannen zijn die al voor minder homo werden. 

Elke vergelijking van welke aard ook is uiteraard geheel toevallig. 

Trouwens, ze is ondertussen van de trap gevallen.

Hoe vind je dit bericht? 48 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 10:41 Reageer op dit bericht

Recht in Fascististhan

   

“Staat u me toe alstublief, meneer de voorzitter ?” vroeg de oude man bedeesd.

“Neen meneer !” klonk het hard “Mensen die dat zo beleefd vragen menen dat niet. U doet dat om met mij te spotten. Trouwens, kent ge uw rechten ?”

De geschrokken ouderling kleurde en meer dan wat stuntelig gekras kon hij niet door zijn keel krijgen.

“Vergeet ze trouwens maar. Ik ben hier de baas.” klonk het.

“Ja meneer.” kreeg de man dan toch stilletjes over de lippen.

“Kent ge trouwens artikel 9774ab86quater van ons geacht wetboek ? Neen ? Is niet nodig zeker ? Waar haal jij dan het lef vandaan om hier zonder advokaat te verschijnen ? Dat is een belediging voor de rechtbank en smaad aan de magistratuur ! Weet je dat wel ? Dat kan je makkelijk zes maanden cel kosten.”

De niet al te grote grijsaard leek nog kleiner te worden en liet zijn hoofd hangen om niet in die duivelse ogen te moeten kijken. De voor de tegenpartij aanwezige raadsman grinnikte. Hij behoorde tot de beste soort advokaten die er zijn : hij kende de rechter. Hij wist bijgevolg wat het scenario nog te bieden had.

Achter de niet al te vriendelijke persoon die achter de verhoogde toonbank zetelde verscheen vaag een grote zwarte schim. Het leek of die figuur zachtjes glimlachte.

Het werd stil in de zaal.

De rechter zweeg en zijn gelaat kreeg een vuurrode kleur. Zijn mond opende zich en er verscheen een grote gezwollen tong. De ogen puilden uit en hij greep naar zijn keel. Enkele tellen maar. Toen zakte hij voorover en lag met zijn bovenlichaam roerloos op de toonbank waar zijn hoofd met een luide holle klap op terecht gekomen was.

De grote donkere schim loste traagjes op in het niets. Een stil gegrinnik werd even hoorbaar en stierf langzaam uit.

Het vonnis was geveld. En uitgevoerd.

Hoe vind je dit bericht? 56 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 14:30 Reageer op dit bericht

Gerechtigheid

  

“Bek dicht, ouwe !” snauwde de gerechtsdeurwaarder grinnikend vanonder zijn duur regenscherm met een dik lederen handvat.

De grijsaard smeekte om de ingekaderde foto, de enige die hem van zijn vele jaren geleden gestorven echtgenote nog restte, niet in de kontainer te gooien.

“Alles staat opgeschreven en alles gaat dan ook de bak ik. Zo wil de wet het. Had je jouw rekeningen maar op tijd moeten betalen.”

De oude man zweeg. Als weerloze kleine man besefte hij dat zijn rechten nogal beperkt zijn en een advokaat kon hij zich helaas niet veroorloven.

Met luid gekraak kwam nu ook zijn enig nog overgebleven nachtkastje in stukken en brokken in de kontainer terecht.

Twee tranen gleden langzaam van zijn verweerde kaken en vielen op zijn reeds kletsnat tot op de draad versleten te klein vestje.

Met smekende blik keek de ouderling vruchteloos de snel naar de andere kant kijkende hartloze man aan.

Toen de bak zowat halfvol was reed de vrachtwagen weg, en met betraande ogen keek de oude man zijn aangeslagen en zowat kapot geslagen inboedel – of wat er nog van overgebleven was – achterna. Zware regendruppels waren nu nog de enige toeschouwers. Traag ging de man met hangende schouders zijn nu helemaal leeg huurhuisje terug binnen en ging in de keuken zacht kreunend en wenend op de grond zitten, zijn door ouderdom gebogen rug tegen een muur. Beelden van zijn overleden echtgenote begonnen voor zijn ogen te schemeren. Ze keek hem bezorgd aan. Het laatste wat hij zag was haar immer zachte glimlach. Toen wenkte ze hem. Alles werd zwart.

De aanslager reed zijn duur voertuig op zijn oprit en stopte voor zijn gepantserde voleiken voordeur. Haastig opende hij de koffer van zijn zware wagen en nam het oude ingekaderde en met een glasplaat beschermde portret dat hij snel en ongemerkt uit de kontainer had weten te redden. De kader was zeker antiek en zou in zijn salon goed ogen. Op een kleine bonus had hij toch wel recht zeker.

Met de kader in beide handen ging hij de naar de voordeur leidende trap op. Met snelle pas, want het begon nu nog harder pijpestelen te regenen. In zijn haast om met zijn verovering uit de neerpletsende regen te kunnen gaan dacht hij niet aan zijn dure marmeren ingangtrap die bij nat weer verdomd héél glad is.

Hij gleed uit en in een reactie tegen de val stak hij instinktmatig de kader voor zich uit. Die kwam op de harde treden terecht. Het glas brak. Een vlijmscherp stuk glas stak uit de kader.

De man kon zijn val niet meer ongedaan maken en viel met een harde smak met volle borst op het gebroken glas.

Het laatste wat hij nog zag was een wazig beeld van een jonge vrouw die goedkeurend glimlachte.

 

Hoe vind je dit bericht? 52 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 10:28 Reageer op dit bericht

Een goede vriend

 

Ik wist dat hij achter mij stond. Zo een goeie twee meter twintig

groot, gans in het zwart gekleed, van kop tot teen, en schouders

om ‘U’ tegen te zeggen. Eén van de twaalf gevaarlijkste geesten

ter wereld. Hij raakte me aan, zo goed als onvoelbaar. Ik wist

dat hij mijn lumbago zou betasten. Die was enkele jaren geleden

vanwege een aanslag op mijn leven onherroepelijk beschadigd.

Olie op de trap. Sindsdien ben ik kreupel. En als toetje werd ik

door het gerecht verplicht om de bijna-moordenares maandelijks

geld over te maken. Aardse “Rechtvaardigheid” waarschijnlijk.

 

Het was stil in mijn woning. Werkelijk niets was te horen.

Buiten zwegen zelfs de vogeltjes, waarschijnlijk vanwege de

onzichtbare aanwezigheid van iemand die hen niet eens één

pluim zou krenken. Zelfs de wind was gaan liggen.

Gans mijn lichaam ontspande zich. Een warme gloed ging door

mijn onderrug en was voelbaar over gans mijn ruggegraat.

Ware het mogelijk geweest ik had zo kunnen overgaan, naar

het Rijk der Geesten. Maar mijn tijd was nog niet gekomen.

 

Dan begreep ik dat vanwege de contactname van die Geest

mij getoond werd dat heel binnenkort bij enkele anderen hun

levensduur ingekort zou worden. Vier veroordeelden zullen

de eindejaarsfeesten niet meer meemaken.

 

Is er op aarde bitter weinig of geen rechtvaardigheid, in het

hiernamaals is er des te meer. Hemelse gedachte.

 

Arriba la Muerte !

 

Hoe vind je dit bericht? 47 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 10:21 Reageer op dit bericht

De wind loeide ....

 

De wind loeide door de bomen. 

Ja, ik weet ook wel dat dit een cliché is, maar je kan nu eenmaal de wind niet beletten om door de bomen te waaien. Deze zich verplaatsende lucht is nu eenmaal hun basisvoeding.

Een grote dikke ‘voiture’ reed aan hoge snelheid op het smalle baantje dat, enkel door de maan ietwat zuinig verlicht, naar de woning van de bestuurder leidde. De dikke man neuriede een liedje en voelde zich goedgezind. Hij had een leuke avond gehad en dacht vrolijk aan de kinderen met dewelke hij zich in zijn selekte elitaire club zonet had geamuseerd. Onder hoge politieke bescherming natuurlijk, en op financieel verheven niveau.

De motor zoemde op hoge toeren bij het berijden van de nogal smalle maar ietwat bochtige betonnen weg. Hoe het gebeurde zal niemand ooit weten. Lag er lichtjes aangevroren mist op de baan ? Of was het te wijten aan een rukwind ? Maar de zware limousine vergat de bocht te nemen en knalde tegen een uit de kluiten gewassen nogal gespierde boom. De klap was hevig.

De luchtzak plofte open en duwde de autobestuurder brutaal in zijn zetel. De zak bekommerde zich niet om diens bril en onmiddellijk drongen de glassplinters in zijn ogen. Zijn luide gil en het daaropvolgend gekerm waren in deze storm amper hoorbaar. Zijn rechterarm voelde gebroken aan en zijn riem was niet los te krijgen. Hij zag trouwens zo goed als niets meer.

Zijn gekerm veranderde nu in gekreun en een klein beetje maanlicht was het enige wat hij nog kon zien. Bloed vloeide traagjes van zijn gezwollen kaken en besmeurden zijn duur hemd. Hij besefte dat niemand hem kon horen en wachtte machteloos zijn lot af.

Onzichtbaar bewogen vier donkere figuren zich rond de plaats van gebeuren. Wat ze tegen mekaar zegden zullen we nooit weten, maar een feit was dat ze pret hadden. En zo gingen de nachtelijke uren voorbij, één na één. Toen de regenwolken uiteindelijk weg zweefden om plaats voor de dageraad te maken vonden de figuren het stilaan welletjes. Eén van hen trok de linkervoordeur van de wagen open en ruw sleurden ze de man uit zijn luxueus maar zowat tot schroot herleid voertuig. De nog niet overledene begon te beseffen wat er gebeurde en begon stilletjes te smeken. Maar met de vier figuren viel niet te praten. Bijzonder ruw sleurden ze hem recht en lachten van plezier. De kinderbeul zonk op de knieën maar werd terstond recht getrokken. Hij weende en voelde berouw voor alle smeerlapperij die hij tijdens zijn leven had uitgehaald. Maar tevergeefs. Berouw komt immers na de zonde en medeleven kenden ze niet. Vier zwarte zwepen deden waarvoor ze dienden. Om te beginnen.

Ik denk zo dat jullie wel zullen weten wat hem te wachten stond.

En ja, de weg was lang en verschrikkelijk, maar wél rechtvaardig. Hij zou nooit meer terugkomen noch het ooit kunnen voortvertellen.

Daarom vertel ik het hier, genietend van de gedachte van wat komen zou.

Hoe vind je dit bericht? 46 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 15:59 Reageer op dit bericht

Staatshoofd

   

Onrustig draaide hij zich op zijn linkerzij. Hij slaagde er maar niet in om de slaap te vatten. Het zweet liep in straaltjes van zijn blote rug en maakte de lakens nat. Voor de zoveelste keer keek hij naar de klokradio maar zag de tijd maar niet vooruit gaan.   Boos draaide hij zich nog maar eens om en verwenste een tv-uitzending die op een buitenlandse zender vanavond uitgezonden was geworden. Ondertiteld natuurlijk, want een andere taal dan diegene die in zijn land toegelaten was, was hij niet machtig. Maar dat was voor hem dan ook niet nodig. De rest van de wereld moest maar zien dat ze zijn taal begrepen. Zijn grenzen waren voor hem het einde van wat hij de ‘beschaafde wereld’ noemde. Het overige was voor hem en zijn vazallen oorlogsterrein.

Hoe durfden zo’n bende pacifisten op televisie de waarheid verkondigen. En wat nog meer was : hoe durfde die zender dat dan nog uitzenden ook.

Er was voor zijn ‘veiligheidsdiensten’, de officiële benaming van zijn eigen terreurorganisaties, dus weer werk aan de winkel. Wederom moesten enkele tientallen studenten verdwijnen en diende de orde in dat desbetreffende land hersteld te worden. Per slot was het de wapenindustrie die hem en zijn vrienden rijkelijk gespijsd in het zadel hield.

Wat dachten die onnozelaars wel ? Dat ze hém, de grote diktator, ongestraft konden tegenwerken ?

Werd hij niet door de machtigste misdaadorganisatie ter wereld onbeperkt beschermd ?

De zon vulde met haar stralen de gehele open lucht.

De grote diktator stond, omgeven door twaalf tot de tanden bewapende huurmoordenaars, hier ‘lijfwachten’ genoemd, rechtop in de  open paradelimousine en genoot met volle teugen van de door op vooraf bepaalde plaatsen neergedropte gillende ‘bewonderaarsters’.

Een student die de show met lede ogen aanschouwde en mijmerend aan de vele dagelijks stervende onschuldige burgers dacht had geen acht op een geweer dat zo’n tachtigtal meter verder in een ietwat hoger gelegen parkje achter het publiek scrupuleus op zijn hoofd gericht was.

De presidentiële wagen naderde langzaam en gleed rustig tussen de twee rijen luidruchtige toeschouwers.

De schutter had de vinger zenuwachtig op de trekker.

In zijn vuurlijn stond de student en die zag een oud vrouwtje moeizaam van een bank rechtkomen.

Stuntelig gleed haar tasje uit haar handen en viel op de grond. Niemand nam er aanstoot van.

De student ging naar het oudje.

De president passeerde.

De jongen bukte zich om, onder de blijde blik van het oude grijze vrouwtje, haar tasje op te rapen.

De huurmoordenaar drukte af.

De kogel vertrok.

Op dat moment kwam de limousine langs gereden.

Het projektiel vloog met een licht sissend geluid over het hoofd van de onverwacht knielende jongen ….

 …. en plantte zich net onder de schedel van het traag passerende staatshoofd.

Een donker personage grinnikte alvorens in het niets te verdwijnen.

Hoe vind je dit bericht? 46 stemmen
Geschreven door Manneke Maan om 10:55 Reageer op dit bericht

Meer van Verboden verhalen

↑ Terug naar de berichten