Berkelhof

Uit de bijdragen tot de geschiedenis van Pervijze door J. Decuyper.
In 1085 sticht onze graaf, Robrecht de Fries, het St.-Pieterskapittel te Kassel op de beroemde Kasselberg (Noord-Frankrijk). Hij begiftigd deze nieuwe stichting mer allerhande goederen. Onder meer schenkt hij zes schapenweiden in de kasselij Veurne gelegen in een plaats "Berkel" genoemd. Berkel, een naam die wellicht afstamt van het latijnse woord "bercaria", dat schapenweide betekent, beduidde aanvankelijk een grote uitgestrektheid schapenweiden, verspreid over delen van Pervijze, Eggewaartskapelle, Ramskapelle en St.-Joris. Over gans dit tgrondgebied ontvingen de proost en het kapittel van Kassel heerlijke rechten. Wat betekent dat de proost en het kapittel de macht ontvingen over gans dit gebied als zelfstandige heer recht te spreken, een eigen bestuur en een eigen rechtbank te hebben. Zo ontstond de heerlijkheid van Berkel, ook genoemd het "Vrije van Kassel". Zo werd de proost en het kapittel van Kassel heer van een groot deel van wat later Pervijze zou worden, dit deel waar later een zelfstandige parochie zou tot stand komen, nl. de St.-Catharinakapelle.
Op de Berkelweiden zou na korte tijd een hoeve ontstaan, die de naam zou dragen van "Berkelhof". Het zou een der grootste en schoonste hoeven van Pervijze worden.
Na de 1ste wereldoorlog werd dit hof in drie hoeven verdeeld, Het oude hof staat nog steeds waar het Berkelhof stond. De brede wallen zijn er nog steeds en een brug geeft toegang tot de boerderij. Ooit maakte een grote poort deel uit van brug.



