|
28/1 De onzichtbare muren van een 15 minuten stad - Niburu
Het begint altijd met een glimlach en een nobel streven. Wie kan er immers tegen "schonere lucht", "minder files" of "alles op loopafstand" zijn? Maar wie verder kijkt dan de marketingpraat van het World Economic Forum en lokale stadsbesturen, ziet de contouren van een heel andere werkelijkheid.
Het begint altijd met een glimlach en een nobel streven. Wie kan er immers tegen "schonere lucht", "minder files" of "alles op loopafstand" zijn? Het klinkt als een utopie uit een glossy brochure van een projectontwikkelaar.
Maar wie verder kijkt dan de marketingpraat van het World Economic Forum en lokale stadsbesturen, ziet de contouren van een heel andere werkelijkheid: de transformatie van de vrije burger naar een gereguleerde gebruiker van zijn eigen leefomgeving.
In Oxford is het experiment begonnen. Wat daar "verkeersfilters" wordt genoemd, is in feite de eerste stap naar de opdeling van de samenleving in districten. Het principe is simpel: je mag overal heen, zolang je het maar vraagt of zolang je maar betaalt. De vrije beweging, ooit een onvervreemdbaar recht, wordt hier veranderd in een privilege dat door een algoritme wordt toegekend.
De vergelijking met de Hunger Games is minder vergezocht dan de voorstanders willen toegeven. We bouwen geen muren van beton, maar muren van data. ANPR-camera’s registreren elke beweging, en wie de onzichtbare lijn overschrijdt zonder de juiste 'permissie' in zijn digitale dossier, krijgt de rekening op de mat. Het is de droom van elke technocraat: een bevolking die zichzelf reguleert uit angst voor de automatische boete.
Het gevaar zit in de gewenning. Vandaag accepteren we dat we een blokje om moeten rijden "voor het klimaat". Morgen vinden we het normaal dat we een digitale pas moeten scannen om een zone te betreden. Overmorgen koppelen we die toegang aan ons 'sociaal gedrag' of onze CO2-voetafdruk.
Het is de klassieke methode van de macht: een crisis (klimaat, gezondheid, congestie) wordt gebruikt als breekijzer om maatregelen in te voeren die in normale tijden nooit geaccepteerd zouden worden. De overheid presenteert zich als de redder, maar de prijs van die redding is altijd hetzelfde: opnieuw een stukje van je vrijheid.
Klaus Schwab en zijn bewondering voor het Chinese model zijn geen geheim. In China zien we de toekomst van dit concept: steden waar gezichtsherkenning en sociale kredietscores bepalen of je de trein mag nemen of je eigen wijk mag verlaten.
De 15-minutenstad zoals die nu in het Westen wordt uitgerold, is de infrastructuur voor een vergelijkbaar systeem. Het legt de basis voor een maatschappij waarin de overheid niet langer de burger dient, maar de burger managet als een datapunt in een spreadsheet.
De geschiedenis leert ons dat vrijheid die eenmaal is ingeleverd, zelden zonder strijd wordt teruggegeven.
De "leefbare stad" van de toekomst dreigt een gouden kooi te worden.
Comfortabel, ja. Alles dichtbij, zeker.
Maar de sleutel van de kooi ligt niet bij jou, maar bij een centraal bestuur dat bepaalt wat "goed" voor je is.
We moeten ons afvragen: is een korter ritje naar de supermarkt ons de prijs van onze fundamentele bewegingsvrijheid waard?
Want als de onzichtbare muren eenmaal staan, is de weg terug sneller afgesloten dan de binnenstad van Oxford.
Het begint altijd met een glimlach en een nobel streven. Wie kan er immers tegen "schonere lucht", "minder files" of "alles op loopafstand" zijn? Maar wie verder kijkt dan de marketingpraat van het World Economic Forum en lokale stadsbesturen, ziet de contouren van een heel andere werkelijkheid.
Het begint altijd met een glimlach en een nobel streven. Wie kan er immers tegen "schonere lucht", "minder files" of "alles op loopafstand" zijn? Het klinkt als een utopie uit een glossy brochure van een projectontwikkelaar.
Maar wie verder kijkt dan de marketingpraat van het World Economic Forum en lokale stadsbesturen, ziet de contouren van een heel andere werkelijkheid: de transformatie van de vrije burger naar een gereguleerde gebruiker van zijn eigen leefomgeving.
In Oxford is het experiment begonnen. Wat daar "verkeersfilters" wordt genoemd, is in feite de eerste stap naar de opdeling van de samenleving in districten. Het principe is simpel: je mag overal heen, zolang je het maar vraagt of zolang je maar betaalt. De vrije beweging, ooit een onvervreemdbaar recht, wordt hier veranderd in een privilege dat door een algoritme wordt toegekend.
De vergelijking met de Hunger Games is minder vergezocht dan de voorstanders willen toegeven. We bouwen geen muren van beton, maar muren van data. ANPR-camera’s registreren elke beweging, en wie de onzichtbare lijn overschrijdt zonder de juiste 'permissie' in zijn digitale dossier, krijgt de rekening op de mat. Het is de droom van elke technocraat: een bevolking die zichzelf reguleert uit angst voor de automatische boete.
Het gevaar zit in de gewenning. Vandaag accepteren we dat we een blokje om moeten rijden "voor het klimaat". Morgen vinden we het normaal dat we een digitale pas moeten scannen om een zone te betreden. Overmorgen koppelen we die toegang aan ons 'sociaal gedrag' of onze CO2-voetafdruk.
Het is de klassieke methode van de macht: een crisis (klimaat, gezondheid, congestie) wordt gebruikt als breekijzer om maatregelen in te voeren die in normale tijden nooit geaccepteerd zouden worden. De overheid presenteert zich als de redder, maar de prijs van die redding is altijd hetzelfde: opnieuw een stukje van je vrijheid.
Klaus Schwab en zijn bewondering voor het Chinese model zijn geen geheim. In China zien we de toekomst van dit concept: steden waar gezichtsherkenning en sociale kredietscores bepalen of je de trein mag nemen of je eigen wijk mag verlaten.
De 15-minutenstad zoals die nu in het Westen wordt uitgerold, is de infrastructuur voor een vergelijkbaar systeem. Het legt de basis voor een maatschappij waarin de overheid niet langer de burger dient, maar de burger managet als een datapunt in een spreadsheet.
De geschiedenis leert ons dat vrijheid die eenmaal is ingeleverd, zelden zonder strijd wordt teruggegeven.
De "leefbare stad" van de toekomst dreigt een gouden kooi te worden.
Comfortabel, ja. Alles dichtbij, zeker.
Maar de sleutel van de kooi ligt niet bij jou, maar bij een centraal bestuur dat bepaalt wat "goed" voor je is.
We moeten ons afvragen: is een korter ritje naar de supermarkt ons de prijs van onze fundamentele bewegingsvrijheid waard?
Want als de onzichtbare muren eenmaal staan, is de weg terug sneller afgesloten dan de binnenstad van Oxford.
|