VERVOLG VAN DE PARKIES IN HET PARLEMENT NR2
In
het parlement vroeg Vermeir meer aandacht voor de opvang van jonge patiënten.
‘Parkinson is geen ziekte van zielige, oude mensen. Van de 35.000 patiënten is
vijftien procent jonger dan 55 jaar. We zijn actief en capabel. Daarom vragen we
de regering ons te helpen. Houd jonge patiënten aan het werk. Betaal de
psycholoog terug, want velen belanden in een depressie. En creëer specifieke
zorgcentra. Nu worden jonge patiënten nog opgevangen in ziekenhuizen, of erger,
in rusthuizen.’
Vermeir
sloot zijn toespraak af met een verrassende boodschap: ‘Eigenlijk ben ik
dankbaar dat ik aan Parkinson lijd.’ Niet omwille van de ziekte, wel omwille van
de gevolgen. Hij zet zich vrijwillig in voor de Parkinsonliga en kan zo mensen
helpen. ‘Daardoor heeft mijn leven diepgang gekregen. Parkinson is niet het
einde van het leven. Het is een nieuw begin naar een bewust, zinvol en vaak
mooier leven. De fysieke problemen neem ik erbij









